Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

4a het LEVEN

best zouden doen, met de fchatten van apollo aan hem over te zenden: want, of dezelve zouden beter by hem bewaard zyn, of zo zy door hem verbruikt mogten worden , zou hy de volle waarde daar van terug geven, Hy zond vervolgens eenen zyner vrienden, caphis, een Phocenfer van afkomst, derwaards, met last om die fchatten by het gewigt over te nemen. Caphis kwam te Delphen; maar daar zynde , durfde hy die heiligdommen niet aanraken, en als de Amphictyonen 'er op ftonden, dat hy dezelve zoude nemen, fchreide hy, omdat hem die nood was opgelegd. Daarop zeiden eenigen van die daarby itonden, dat zy uit het binnenfte des Tempels op de citer van apollo hoorden fpeelen; en caphis, 't zy dat hy zulks geloofde, of dat hy aan sulla een godsdienftige vrees dacht in te boezemen, zond bericht hiervan over. Doch sulla, hiermede den fpot dryvende , betuigde in zyn antwoord zyne verwondering daarover, dat caphis niet begreep, dat zang en fpel een teken van blydfchap was, en niet van toorn: hy had dus, fchreef hy hem, geene zwaarigheid te maaken om die fchatten te nemen, daar apollo zelf dit met genoegen zag, en dezelve gereedelyk liet volgen. Het wegzenden van alle de overige fchatten»

Sluiten