Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

2.0°

het LEVEN

omenes, wanneer die te velde trekken wilde, tegen Honden. Deze wierd nu bedacht, om den Broeder van agis, archidamus , uit Mesfene te ontbieden, als aan wien het recht toekwam, om uit het ander Koninklyk huis te Sparta als Koning te regeeren. Want hy liet zich voorilaan, dat de macht der Ephoren zou verminderen, wanneer die der Koningen daar tegen in de waagfchaal wierd gelegd, na dat derzelver oud getal weder vol was gemaakt. Die genen, hierop, welke agis voormaals hadden omgebracht, daar de lucht van krygende, en vreezende, dat zy hunne misdaad zouden moeten boeten, byaldien ar chidamus te rug kwam en Koning wierd, ontvingen hem wel, toen hy bedektelyk zich naar Sparte begaf, en begunftigden, in fchyn, zyne terugkomst, maar brachten hem voort daarna om, het zy dan tegen wil en dank van cleomenes, gelyk phylarchus meent: of, dat hy, op aandrang zyner Vrienden, den

Man

de: „ Cum oh haec Lacedamonii fententiam prei'' fus rautarent."

Sluiten