Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

24 VERKLAARING VAN DB

mankende voor z'chzelV2n geloofd had. Men kan de zaak dus begrijpende, naar mijne gedachten * eene juiste verklaaring geeven van alle de apostohfche Brieven, aan de Gemeenten , zoo als ze waarlijk beftonden uit goeden en kwaaden; hoewel zij alle geloof belijders waren. De Brieven in dit licht befchouwd zijnde, hoe klaar wordt ons dan onder anderen, het geen Paulus zegt, in Rom. VI: 4" 8; XII: i, 2; Gal. V: 24; Eph. IV: 20-24;

Kol. III: 10, n. en Petrus, 1 Pet. I: 2 9; en

elders. En dit hebben de Opltellers van o'nze Formulieren1 en Liturgien billijk nagevolgd, en elk eenen geleerd, daar ze voor geloofsbelijders in mze Kerk opgefteld werden, hoedaanig elk een zich, in alle gévallen, als zulk een te gedraager had' en hoe hij daar in, gelijk betaamde, moest toonen en blijkbaar doen worden, dat hij een waar zaligmaakend geloof'bezat, en geen natuurlijk geloof, en dat hij geen huichelaar was. Hoe treffelijk worden nu onze Formulieren en Liturgien, in dit licht befchouwd ! hoe nuttig en leerzaam voor de gcheele Gemeente! Hoe klaar kan iemand, die zich niet moedwillig bedriegt, hier uit leeren, hoedaanig hij

is hij een oprecht geloofsbelijder van een

waar zaligmaakend geloof in Jefus Christus

moet gefield zijn voor den Heere in zijn gemoed, en hoe hij zich zeiven moet aanmerken, Gode en Christus verpligt te zijn, om in waare godzaligheid des geloofs, voor God en Christus te leeven^ tot 'sHeeren eer, en als deze dingen bij hem'niet zijn, hij dan ook noch, lot noch deel heeft in ciat woord!

Wil

Sluiten