Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Aut. H. Rechtsgeleerdheid. g

doet hemvanfchaamte wegzinken; zy vervult hem met beroering en fchrik,dan zelfs, wanneer hy het meest in zekerheid is van den kant zyner medemenfchen.

Zulk een flryd, tusfchen de wet en de hartstochten, is voor den menfch eene te hevige toeftand en kan van geen duur zyn. Het hart, waar een zoo afmattend tooneel voorvalt, wordt, opdewreedftewyze,verfcheurd. Deze huischlyke twisten worden hem wel ras ondraagelyk. Hy haast zich derhalven, om uit een zo fmertlyken toeftan d te geraaken, en met zich zeiven in vrede te zyn. Indien hy geene verheffing van ziel of geen moeds genoeg hebbe,om zyne ondeugende neigingen aan zyne plichten op te offeren, veracht hy zyne plichten, als een ydel vooroordeel, om zich, zonder knaagingen, aan zyne neigingen overtegeeven. Hy befchouwt de rechtvaar* digheid als eene harsfenfchim , om aan zyne reden de moeite, van zyne hartstochten te beftryden, of de fchaamtc, van zich door zyne driften te laaten regeeren, te befpaaren. Hy befchuldigt de wet, uit vreeze, dat zy hem veroordeele ; hy ontvlucht derzelver oogen, en zou verre uit haare tegenswoordigheid willen leeven. Gewillig leent hy derhalven het oor aan hen, die hem toeroepen, dat zy flechts een vooroordeel of het gevolg is onzer overeenkomften. Door het menigvuldig en ge„ duurig herhaalen, aan zich zeiven en aan anderen , dat het onderfcheid tusfchen deugd en ondeugd het werk der menfchen is , begint hy dit ook allengskens te gelooven.

Uit deze bedorvenheid zyn alle die ongerymde za« Bienftelzels 5 alle die verfoeilyke grondregels, welken A 3 {trek-

Sluiten