is toegevoegd aan uw favorieten.

Historie der wiskunde.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

WISKUNDE. III. Dèel. II. Boek. 177

de tegenwerping aan Defcartes vernieuwen (k). In den zelfden tyd maakte by nog eene nieuwe over de natuur der Vergelykingen. Hy bepaalde zich niet meer tot liet voorwendzel, 7.0 als hy in 't eerst gedaan hadt (l), dat Defcartes gefeild hadt in zynen Regel om de pnfidve en negative Wortelen van elkander te onderfcheiden , vermits dezelve geen plaats heeft als 'er ingebeelde Wortelen zyn. Hy wilde dat dezelve valsch was, zelfs als 'er geen ingebeelde Wortelen zyn. De Vergelyking, welke hy tot een voorbeeld opgaf, was deeze , *3 —-

4.x* -h 4« 4==o, waar in, zo hy zeide,

geen ingebeelde Wortel is , en die. nogthans geen drie pofitive Wortelen heeft: men hadt gaerne gezien , dat hy die drie Wortelen, welke den Regel van Dejcartes als ongegrond zouden doen aanmerken, getoond hadt; doch hy doet zulks niet: en in de daad, deeze Vergelyking heeft flegts eene weezenlyke Wortel, die men op zeer weinig na bevindt te zyn 3. 13, en de beide andere, zynde ingebeelde Wortelen, zyn o. 43 -1- V (— 1.0930).

Frankryk zou byna de fchande op zich geladen hebben, van de laatfte te zyn geweest om de Meetkuust van Defcartes met goedkeuring te vereeren, zo niet de Heer de Beaune daar voor gezorgd hadt («O, Deeze geleerde Analist was de

eer-

(J) Lettres de Defcartes. T. IH. p. 454(l) Deeze tegenwerping wordt den Heer de Fermat toegefebreeven in eene uitmuntende Memorie van den Heer Abt de Gua, (Mém. de PAcad. 1743). Hetgeen dien Analist in dooling heeft kunnen brengen, is dat Roberval in. den Brief, waarop hy zich beroept, niet genoemd wordt 1 doch het is zekerlyk van hem, dat in dien Brief gefproken wordt. . .

(m) De Heer d Beaune was Raadsheer in het Regfsgebièd van Bhis. Hy was in 't Jaar ióoi gebooren, enflieif Jn 't Jaar 1651.

MS