is toegevoegd aan uw favorieten.

Geneeskundige verhandeling over de Engelsche ziekte.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C 107 )

Been, dat het echter nimmer bereikt, vermits het midden des Beens, uit hoofde der meer gevorderde Beenwording, harder en vaster is. Door dit flijmig Vlies zijn de Beenderen nog meer gezwollen, en ik bewaar een Voorhoofds - Been in Btandewijn, dat ter plaatfe, waar het met de andere helft door de Voorhoofds Naad vereenigd word, bijna een halven duim dik is.

Daar de Beenderen, die het gewelf van het Bekkeneel uitmaken, ra verloop van het eerfte jaar, met tandjes en beenige kerfjes zeer nauw vereenigd worden, vind men bij Kinderen, die de Engelfche Ziekte hebben, dat zij een weinig van den anderen afïtaan, en als dunne fchubbetjes op den anderen liggen.

Daar en boven hangt de geheele onregelmatige gedaante des Hoofds eeniglijk af van de mismaaktheid der Beenderen, die het Bekkeneel uitmaken, welke zomwerf zo verre van den anderen geweken zijn, dat de Naden door afzonderlijke Beentjes gefloten worden. ■— Waarom men dezelve in alle de Naden van de Mersfenpan deezer Lijdcren vind, offchoon ze in getal en gedaante bij onderfcheiden voorwerpen zeer verfchillende zijn.

Zomwerf gebeurd het, vooral, wanneer de Ziekte reeds verouderd is, dat de Bodem van het Bekkeneel door zijne eigene zwaarte word ingedrukt, en de

Pro-