Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

27

tot elk werk, 't welk God ons eerlang optedraagen waardig keuren zal; tot elke fpoedigc volbrenging van zijnen wil; tot eiken arbeid, waarvan de vruchten mogelijk eerst in laatere eeuwen óntfpruiten, bij uitftek bekwaam gemaakt worden; en wanneer ik eindelijk

zie op de uitdrukkelijke verzeekering, dat de Eerstgebooren voor alle fchepfelen, de Stichter van onzen Godsdienst en van alle onze gelukzaligheid , langs de duistere paden van het bitterste lijden zelf eerst tot den verheevenften trap van volmaakte heerlijkheid zich moest verheffen : dan vind ik telkens minder zwaarighedcn, niet Hechts te vermoeden, maar te hoopen, dat zo 'er willekeurige geneugten des hemels zijn .—• de ellenden en wederwaardigheden alsdan alle mijne broederen zullen aanprijzen tot het genot van eene grooter maat deezer geneugten, en ook in dit opzicht vruchtbaare bronnen zijn zullen van zulke verheevene voorrechten en zaligheden, welke zij op meer geruster, gemakkelijker en aangenaamer wegen, en aan de hand van een onafgebrooken geluk, nooit in dien graad zouden hebben kunnen bereiken.

Alle deeze enkele gedachten zijn voor mij zulke zekere voortekenen van de vervulling mijner hoop, als de ftraalen ces dageraads voorboden zijn van de opgaande zon. Met

ver-

Sluiten