is toegevoegd aan uw favorieten.

De Nederlandsche stad- en dorp-beschrijver [...]. IV. deel. (Kennemerland.).

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DORP-BESCHRIJVER. (Aalsmeer.-) ?

De kerkenraad beftaat, behalven den Predikant, uit vier Dia. conen, en een gelijk getal Ouderlingen.

In is86 werd alhier de eerfte eigen Predikant beroepen; waaruit te befluiten is, dat het vóór dien tijd , in het kerklijke met een ander dorp gecombineerd moet geweest zijn: gemelde eerfte Predikant was, volgends oude gefchriftcn , engelbebtus

EGMONDANUS. Luie,,,

Het fchoolhuis voldoet mede aan het oogmerk behalven

dit eigenlijke dorpfchool, zijn er nog twee op de wegen, een op den Uiterweg, en de andere in het oosteinde, mede onder het Ambacht behoorende. • Het Diaconie- Wees - en Oude-vrouwen- en Mannen-huis is zeer groot, en in alle deelen aan het oogmerk voldoend gebouw; het heeft zijne eigen bakkerij, en dc tuin achter het gebouw is van eene ongemeene grootte, en zodanig aangelegd dat het gantfche gezin er een goed gedeelte van het jaar zijn onder, houd uit trekt: hetzelve is in den jaare !76i voor rekening van het dorp gekocht, door den Predikant in der tijd, 0°»^' ïus roos,) en verdere Kerkenraadsleden, uitmaakende de Reeenten van dit huis : de kinderen , in dat huis opgenomen wordende , gaan bij den Dorpmeestcr ter fchoole: des zondags avonds worden zij, zo wel als het geheele huisgezin, door den vader in een daartoe expresfe aangelegde kamer, gecatechifeerd _ het geheele gezin beftaat thans uit een getal van vijf-en twintig leden, of daaromtrent; en het geen men van deeze in» ftclline lofliikst mag noemen, is voornaamlijk, dat noch de kinderen noch'de oude lieden eenig teken draagen van in het huis opgenomen te zijn , 't welk zekerlijk de menschlijkheid eere aandoet: Aalsmeer kan roemen, dat het in dit huis een geheel huishouden , uit man, vrouw en eenige kinderen beftaande, opgenomen heeft; en hoe veel grooter en menschvereerender is deeze daad , daar dat zelfde huishouden m de wereld blijft verkeeren als lieden die *un eigen brood rog winnen, en derhalven niemand ten laste zijn ; dit is m zeker opzicht weldoen in 't verborgen, en alleenlijk voor de oogen van God, die zulke weldaaden in 't openbaar vergeldt - Na het befchouwen van deeze inrichting viel mij eene gedachte in, die ik oogenbliklijk daarna in deeze weinige regelen bevattede:

A 4