Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ZEDELIJK GOED en KWAAD. 27

beid, daar rede, daar vrijheid ontbreekt

Ook heeft zij dan geen plaats, als redelijke wezens overeenkomftig hunne betrekkingen handelen, ten zij zij het vrijwillig en met oog- « merk doen, om zo aan hunne beftemming te $ beantwoorden, en zij daar in een welgevallen^ hebben, i

Ten derden. Wij noemen die zedelijke volmaaktheid eene overeenkomst van het geen ineen redelijk'wezen is, met zijne betrekkingen, en juist niet bepaaldelijk*,'gelijk die be-1 fchrijving meer gewoon is, eene overeenkomst ■ met Gods wetten. ^ Trouwens wij geven hier, voor als nog,2 eene algemeens befchrijving van zedelijkheid, .die, zo wel aan den hogen God, als aan het Ifchepfel wordt toegekend. Wijl nu Gods zedelijkheid niét] wel gezegd kan worden, te beftaan, in zijne overeenkomst met zijne eigene wetten, maar wel met zijne betrekkingen op zijne fchepfelen, en de reden , waarom de overeenkomst met Gods wetten ons zedelijk volmaakt doet zijn, hier in gelegen is, dat wij daar door aan onze betrekkingen op Hem beantwoorden, verdient de gegevenebefchrijving voor als nog de voorkeur ( c).

i

$.11.

Sluiten