Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

494 CONSULTATTEN, ADVYSEN

Grond des ouden Lehns of Saelwehr des ouden Heerengoeds aangelegt zyn.

In welken eerften gevalle zodane accejjoria ipfius Feudi aut Trcedii Dominici antiqui, cujus pars f 'acta funt, met het principale Goed zelve , op den outften op der Straten, alleenlyk tegens den laft van afdeilinge van, of veroorfatinge voor den derden voet uit de oude Lehnen, en filiale quoten uit de parcelen der oude Heerengoederen buiten den Saelwehr, te doen, koomen te vererven.

Edog in welken laatften gevalle, die zelve accefforia, als noch nieuw Lehen of nieuw Heerengoed, wezende, in de afgaande Linie tuffchen de gezamentlyke Kinderen voor de eerfte maal, maar verder niet, deilbaar zyn.

In dier voegen, dat in cas den Lehnvolger of SaelwehrsBezitter, die met het principale Goed geheel aan zig wil behouden , daar tegens dientwegen ifto primo cafiu in eguale verdeelinge moet brengen zo veel als het patrimonium allodiale van den Vader of Moeder, ter oorzake van het doen van zodane verbeteringen, is vermindert.

Dat is, dat gene, 't welk die zelve Melioratien den Vader of Moeder van tyd tot tyd hebben gekoft:

Vermits dat dusdane verbeteringen, als men aan een Lehn of Heerengoed, door het aanwenden van koften, of debourferen van penningen, acquireert, gelyk zyn met een aangekoft Lehn of Heerengoed zelfs, waar voor den Lehnvolger of Saelwehrs-Bezitter, het geheele Goed behouden willende , in Linea Defcendenti onder de Kinderen voor de eerfte reize moet in deilinge brengen de koopspenningen, die het aangekoft Lehn of Heerengoed heeft gekoft.

■ En dat vorders, voor zo veel de nieuwe Heerengoederen , die 'er in den Boedel wezen mogten, concern eert, den Saelwehrs-Bezitter, in den cas wanneer den Vader of Moeder die by koopinge aan zig geworven heeft, en hy die in 't geheel aan zig behouden wil,

Daar

Sluiten