Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

XVII.

HOOFDST, VERVAL.

Verdrag met de keurvorst van Munster.

i

3

3

3 3 3 3 3

3 3: 33

ter. i*u*«ii . n , , ~° ° ' 1JCL

H OPKOMST, VERVAL EN Ï3ERSTEL

tot de opvoeding gefchikt, veranderden debediendens van den prins , en ontfloegen alle de Engelschgezinden uit 's prinfen dienst, het geene de jonge prins gansch niet aangenaam was. • §. DCCI. De ftroperijen der Munsterfche troepen bragten onze aangrenzende landen groote fchadens toe, doch de keurvorst het aan geld beginnende te mangelen, om zijn krijgsvolk te betalen, zoo werd te Kleeve het volgende verdrag geflooten: „ De bisfchop beloofde den ftaaten te ,3 zullen te rug geeven, alle plaatzen, door hem " in deezen oor]°g bemagtigd', met naame het „ kasteel van Borkelo. De ftaaten zouden, naa „ den 27. van Grasmaand geen vijandlijkheden „ pleegen tegen den bisfchop. En deeze beloof» de^afftand te zullen doen van alle verbonden, , ftrijdig met de tegenwoordige vreede. Ook zou , hij nimmer eenig verbond fluiten tegen de ftaa, ten; die gelijke beloften deeden, metopzigtop , den bisfchop. De wederzijdfche bondgenooten , werden in 't verdrag begreepen. De bisfchop , deed afftand van het regt van opperde magt , over Borkelo, zonder egter het regt van het , Duitfche Rijk te willen verkorten. Omtrent , het regt van regtftreekfche of voordeelige heer, lijkheid, bleeven de zaaken als voor den oorlog. , De keizer, de koning van Frankrijk, de keur, vorsten van Ments, Keulen en Brandenburg, de , bisfchop van Paderborn, de paltsgraaf van Nieuwburg en de hertogen van Brunswijk Lunenburg,

Sluiten