Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DER. VEREENIGDE NEDERLANDEN. 237

aangaande op te geven. Doch de invordering

bij hoofdgeld voldeed in 't geheel niet aan de verwagting, de taxatiën waren ongelijk, en aan te veel gunst en ongunst onderworpen, wijl intusfchen vreemdelingen niets aan den lande betaalde , ftrijdig tegens dien voornaamen grondregel van.

wel ingerigte belastingen', • naarhentlijk.rfat de

lasten, in evenredigheid van het vermogen der ingezetenen, geheven moeten worden, zoö dat gene der bijzondere [landen daar door benadeeld kunnen worden.—• Want een volmaakte gelijkheid in deezen ftrekt tot verarming van minvermogende. Ja! alle belastingen bij taxatie zijn vooral in een land, dat dagelifks om den koophandel door vreemdelingen bezogt wordt, nadeelig, daar debelastingen geheven wordende op het gene iemand verteert, zoo betaalen deeze vreemdelingen even als de ingezeetenen, ftaande hun verblijf, dezelve imposten. Hierom was er geen andere weg over, die beter naar de gelegendheid onzes lands gefchikt was, dan om de belastingen bij collette te innen, te meer wijl men door welberaamde maatregels 's lands bedienden aan -zoodaanige banden van verpligting konde leggen, dat de ontrouw daar in geweerd, eq alle regenten en andere ingezeetenen zonder oogluiking hun verfchuldigde daar in betaalden. Het is ook van agteren gebleken, aan de afgeloste kapitaalen , dat dit beftuur der finantie van groot voordeel voor den lande geweest is. Wenfchelijk was het maar, dat sommige baatzuchtige in^e-

XXI.

EIOOFDST. VERVAL.

Sluiten