Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

U DE BIJBEL EEN WERK DER

ren, en hoe veel brengen wederom de berichten van Ezra en Nehemia bij, tot bevestiging van 't gezag dier beide Propheeten ? 't Is hier de plaats nog niet deze zaak in de bijzonderheden te ontwikkelen, op het einde der tweede afdeeling zal zich de zamenhang eerst volkomener opdoen. Ik heb hier alleen willen wijzen op eenige voornaamere gedeeltens van het Bijbelsch gebouw, bij welke het gemaklijk in 't oog valt, dat zij in elkander fluiten en bij één behooren, en dit is toereikende, om voor als nog de boeken des Bijbels alleen in 't algemeen als een zamenhangend geheel te befchouwen.

En is dit zoo, dan kan ik ook vraagen, welk een oogmerk hebben deze en die aanleggers en bouwlieden van dit geheel daar bij gehad ? wie de aanlegger zij geweest, en of er één of meerdere waren , dit laat ik nu nog onbeflist. Ik vraag alleen, welk een oogmerk had het werk ? Waar toe moest het dienen ?

_ Wil men zeggen : de Bijbel heeft het beste , hij heeft het nut van 't menschdom ten oogmerk; dit is wel, zoo iets verwacht men natuurlijk van een werk, zoo rasch men flechts kan vermoeden,dat hij die het maakte , het niet deed alleen om er mede te fpeelen. Maar zulk eene opgave is te algemeen, te onbepaald, zoo veel als niets. Zegt men: de boeken des Bijbels waren alleen gefchikt voor één enkel volk, de Jooden; zoo is dit gedeeltelijk waar, gedeeltelijk valsch , want gantsch niet zelden wierd zoo wel in de oudere als nieuwere fchrijvers gedoeld op alle volkeren van den aardbodem. Men heeft gezegd: het doelwit van deze boeken , voornaamlijk in zoo verre God de

hand

Sluiten