is toegevoegd aan uw favorieten.

Verhandelingen over de goddelyke eigenschappen.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Derde klajje.

238 OVER GODS

gebruikt, aanwyzen, wanneer het namelyk beteken: zulke eene waarheid, of Stelling, die voof etn eindig verftand onbegrypelyk is, Waarvan men weet, of weeten kan, dat het zoo is, maar tot' het hoe niet kan doordringen: eene waarheid overzulks, die boven het redenlieht gaat. In deezen zin moeten de Goddelyke Volmaaktheden, wegens derzelver Oneindigheid , van ons , wegens het eindige van ons verftand, voor Verborgenheden gehouden worden: gelyk wy (§. 20 - 24.) getoond hebben. Ook moeten 'er in dien zin veele dingen in de natuur , die Wy ons niet duidelyk Voorftellen , en waarvan wy de wyze, en het hoe, niet uitvinden of peilen konnen, als Verborgenheden aangemerkt worden: waarvan we eenige (taaltjes CS- 25-)hebben aangehaald. De eerfte zoort van' deeze klafTe zou men de Verborgenheden van Gods IVeezen of Natuur konnen noemen ; en de laatfte zoort, in onderfcheiding van de eerfte , met den naam van Verborgenheden der Natuur , of der gefchapene dingen konnen teekenen. Beide zoorten van deeze tweede klaflè zyn Verborgenheden in eenen naauweren zin, te weeten, ter onderfcheiding van die der eerfte klafTe; voor zoo veel de geene, die wy tot de tweede klaflè brengen, niet opzichtelyk zyn op eenigc-n trap of maate van kennis, maar in 't gemeen het eindig verftand van ons menfchen te boven gaan. En hier op paft de aanmerking, die wy hier voor (§. 19. N°. 4.) gemaakt hebben.

§. XXIX. Behalven deezen moet men nog eene derde klaflè van Verborgenheden ftellen , die in

eenen