is toegevoegd aan uw favorieten.

Alle de werken.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

JOODSCHE WETTEN. 217

gebruik daarvan toe, verbiedende ons de zodanigen, die tot ons huis, als ware 't, om verfchoond te worden, haare toeviugt neemen, te dooden; ook de ouden met de jongen uit het nest te neemen. (V) Hy wil ook, dat men de beesten, die in 's vyands land zyn, verfchoone, en vooral de werkdieren niet doode. Dus

ziet men, dat zyne wysheid zich uitftrekt tot alles, dat ons goedaartig maaken kan. En hy heeft tegen de geenen, die deeze Wetten zouden overtreeden, ftraffen ingefteld, die in fommige gevallen niet minder zyn, dan de dood: want deeze ftraf heeft hy gefield op overfpel, maagdefchennis, en fchandelyke vermenging tegen de natuur; 't welk zo wel opzigt heeft op

de vryen, als op de flaaven. Hy

heeft ook ftraffen gefield tegen zulken, die valsch gewigt, en eene valfche maat gebruiken, of zich anderszins met bedrog behelpen; en deeze ftraffen zyn by ons veel zwaarder, dan by andere volken.— Zodanigen, welke zich heilloos tegens god aanftellen, of hunne Ouders beieedigen, worden op ' ftaandevoet gedood. Doch die alle deeze Wetten godsdienstiglyk onderhouden, ontvangen, tot belooninge hunner deugd, geen goud, zilver,

of

(O Wy hebben te vooren nog eene andere reden van deeze Wet opgegeeven.naamelyk.om de geflagten der vogelen niet uit te roeien, of al te zeer ee verminderen door het wegneemen der oude vogelen met de jongen.

O 5

TT.

BOEK.

vn.

Hoofdft.