is toegevoegd aan je favorieten.

Handleiding tot de plant- en kruidkunde [...] volgens het zamenstel van C. Linnaeus.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

n;

Afde

XV]

Hoof

STUK.

III. Theobr augujl*

i. Citrus Jlledica.

Citroei boom.

192 Veelbróederige E00Mén.

ken, ook wel van de Menfchen gegeten. Dc LL* Ingezetenen noemen hem Basterd Cederboom. >

(3) Theobroma met Hartvormige zevenhoeks ge Bladen.

ma

Ik vind geen reden aangetekend voor den Bynaam van deeze , wier Vrugt tot nog toe onbekend is.

C 1 t r u s. Citroenboom.

De Kenmerken van dit Geflagt zyn , een vyfbladige Kelk, vyf langwerpige Bloemblaadjes: twintig Meeldraadjes, tot verfcheide Lighaamen famengegroeid : de Vrugt Sappig met negen Holligheden.

Drie Soorten vind ik in hetzelve opgetekend.

(1) Citroenboom met ongevleugelde Bladfteelert.

Deeze plagt Malus Mediea genoemd te worden,

(3) Theobr ma Foliis Cordatis feptern- angularibus. Syst. Nat. Veg. XIII. p. 580. Syst. Nat. III. p. 233.

(1) Citrus Feiiolis linearibus. Syst. Kat. XII. Gen. 901. p, 508. Hart. Cliff. 379. Hart. Ups. zió. Mat. Mei. 355. royen Lugdbat. 266. Malus Medica. C. b. Pin. 435. £ Limon vulgaris. Ferk. Hesp. 193. Malus Limonia acida. C. e. Pin. 436. Burm. Fl. lr.i. ïyi. Citreum & Limon. Tournf. Infi. 420, «21.