is toegevoegd aan uw favorieten.

Handleiding tot de plant- en kruidkunde [...] volgens het zamenstel van C. Linnaeus.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Grasplanten. 42(7

Deeze komt aan de Kanker het naafle, als VP. door welke dikwils de Graanen grootelyks A^°^ht uitzwellen; weshalve de Heer du Hamel Hoofd» die Kwaal la Bosfe noemde , dat is de Bult. j'aïW^ Gemakkelykst neemt men deeze waar in de Graanen van Turks Koorn, zo de Heer Bonnet aantekent, als welken hy daar door hadt uitgezet gezien tot de grootte van een Hoender-Ey, vol van eenzwatt, Hinkend , Etterig Poeijer en als in Plaatjes gefpleeten (*).

In hoe verre, nu, de gedagte Kwaaien in Bewast* trappen verfchillen, en of zy alleen van War. Grtanettf diertjes, die met de Schimmel naverwant zyn, voortkomen, en of deeze Diertjes ook eenige gemeenfchap met de Aaltjes in Verzengde Tarwe, (die tot de Kanker of Brand (Charbori) in 't Graan behooren zou), of ook met de Styfzel-Aaltjes (f) hebben; laat ik onbeflist. Ook weet ik niet, of hier toe betrekkelyk;zy, dat lang gedroogde, verfchrompelde Tarwe-Graantjes, in laauw Water gelegd, als een wit Wormpje uitgeeven. Zekerer is 't, dat de Graanen zelf, ingeoogst, gedorfcht, en door de Wan van Kaf gezuiverd zynde, nog een goede Bewaarplaats noodig hebben, en door Verfchieten behoed worden voor de vermenigvuldi.

ging

(*) P/iil. Traiifaiï.V01*. LV« p. 109. Bonnet. Reclierch, fttrtufage des Feuilles. pag. 327. Fig. 10. PI. XXXI.

(f) Zie Baker over 't Mikroskoop , Ledermu!.i,er, en , «eeze Nat. Hift. I. D. XVIII. Stuk, bladz. 194.

ZL Deei.. XIII. Stuk,