is toegevoegd aan je favorieten.

Handleiding tot de plant- en kruidkunde [...] volgens het zamenstel van C. Linnaeus.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

634 B !i s c ii r ï v i k g van

X. AlDEEL.

11.

Hoofdstuk.

V.

ïïijdnum Paiafitifiint.

Bywasfi-

Pt. CV. Fig. 2.

(5) Stekelzwam, die ongefteeld, bogtig gerimpeld en Wollig is.

Alle deeze hebben de hoofd -eigenfehap van dit Geflagt , naamelyk, dat zy van onderen Stekelig zyn. Men vindtze in de Bosfchen varl Sweeden, uitgenomen de laatfte , die op Bocmen groeit en dus eene Wollige Boomzwam uitmaakt. Be eerfte komt, volgens fl allé i , in alle Bosfchen van Switzerland voor, ook dikwils veelen by elkander en met veele Hoofden. Dezelve is, volgens Michklius, eetbaar en bleek geel van Kleur, in Toslanen ; in Switzerland droog en broofch. De [lollige, aan Sweeden en Lapland alleen, zo 't fchynt, bepaald , is Lederachtig zegt L 1 nm jeus , bruin of Afchgraauw , en dus waarfchynlyk niet eetbaar , zo min als de OorlepeUge, een zeer klein Paddeftoeltje, hoedanig BuxBAuia uit de op den Grorid leggende Dennen Tappen gegroeid gezien heeft en af-

ge-

1100 ,1260. R. Lugdb. 519. Erinacèus parvus hirfutus ex fusco fulvus. Mich. Gen. 132. T. 72. f. 8. Fung. Erinacèus parvus. Buxb. Cent. I. T, 57. f. 1. Echinns Petiólo graciii laterali &c. Hall. uts. p. 149. Schjeif. T. 143. Sled. p. 74. N. ?•

(5) Ihjdnr.m acnu'.e arcuato - rugofum torrentofum. Sp. Plant. N. 5- An Agaricum Squamofum aibum fuperne Villofum. Mich. T 64. f. 3, 4. 5? An Echinus fesfiiis albicans, Squamis ellipricis fuperne viilofis. Hall. uts. p

148?