is toegevoegd aan uw favorieten.

De Republiek der Vereenigde Nederlanden, zinds de Noord-Americaansche onlusten.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

BLADWYZER.

tegenwerkt, 301. Memorie door hem ingediend tegen de Exercitiegenootfchappen, 302. Geeft zyn gevoelen op om de woelingen in de Generaliteits Landen te ftuiten, 303. Tunis (Onaangenaamheden met de Dey van) 423.

v v-

valckenaar (j.) Hooglee-

raar te Franeker door Curatoren befchuldigd, 21. Byzonderheden hem ten laste gelegd, 23. Uitlooving door hem gedaan, ingevalle men tegen hem ingebragte befchuldigingen regtens bewees, 28. Villa Franca (Verfchil over de betaaling der Tol te)

413. Voorftel daar tegen ,

414. Hoe men het wil uit den weg ruimen, 415.

Vugt (Het voorgevallene te) tusfchen de Soldaaten en de '.f Hertogenboschenaaren, 309.

W.

Waldek (Prins Lodewyk van) hervat den aanval op Stiens, 143.

West-Indien ( Schikkingen reeds gemaakt om den Sluikhandel in de) te beletten , 399.

Wieringa (H. I.) Rigter van Appingadam blyft te Graningen, terwyl de oproerigheden in zyn Richterampt woeden, 247. Wordt in zyne post gefchorst, en Hoving in zyna plaats aangefteld, 249, Zie Hoving. Rede waarom hy zich zo

gereed onderwerpt, 253, Weder tot Regter aangefield, 283. Willem de V. diens invloed op de Ommelanden, 197. Leevert een TegenverkUaring in op bet opfcboiten van de Regeeringsbeftelfing in de Stad Graningen, 201. De Meerderheid der Appingaclamfche Regeering befluitom niets, de Regeeringsverandering betreffende, aan zyne Hoogheid te zenden , 201. Een Verzóekfchrift ten tegcndeeie, 202.

Willemflad zeer Prinsgezind, 361. , Voorzorgen tegen balddaadigheden, 362. Oproer aldaar door het Krygsvolk beteugeld, 362. Slapheid der Regeeringe, 363. Een Uitlegger aldaar genoodzaakt van legplaats te veranderen , 364.

Wïma, Collonel der Harlinger Schutterye, diens gedrag omtrent de verdeediging dier Stad, 97. I02. fa het met den Commandant der Krygsbezetting eens, 108.

7 Z.

Zeeland (Gefteldheidder Admiraliteit in) 373.

—; (Het verfchil metde

Kamer) over het nieuwe Plan van beftuur der O, I. Maatfchappye naden tot bylegging,

Zeemagt ('s Lands) voorflag tot inftandhouding van dezelve, 378. Zy neigt ten val, 382,