is toegevoegd aan je favorieten.

Grondbeginselen der natuurkunde van den mensch.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ÏJA. OVER HET GEWAAR WORDINGS-

elke draad uit dezelve wederom uitgaande gemeenfchap heeft met alle de draaden die afzon, derlijk te vooren in de knoop intraden *),

§. 208.

Ën niet veel verfchillend fchijnt het tiüt te zijn der zenuwvlechten (plexus) ontftaai de uit eeneri foortgelyken te zaamenloop cn necswyze verbinding van verfcheiden zenuwen, en uit een diergelijk weeffel van draaden, waarin de verdeelde ze* touwen dan uitloopen.

§• 2op.

Maar, gelijk de allereerfte beginfelen der ze* touwen, zo liggen ook byna alle e uiterfte einden, waarmede de klemfte takjens van dezelve eindigen, tot nog toe in het duifter. Want indien men eenige weinige van die zenuwen uitzondert, die als het ware in een mergachtig vlies overgaan, gelijk de gezichtszenuwen het netvlies

*) Vergelijk behalven andere, die opzettelijk over de zenuwknoopen handelen,uaase De gangliis disfertat. Lipf. J772. po.

j. caverhiïx Tr. of Ganglion*. Lond. eod. 8v». scarpa Anatom. annot. L. i. De nervorum gangliis:! pexitbus. Mutin. 1779. po.

_^ prochaska De flructura nervonnti. Vindob. 1780, 8v#* mokro l. e.