is toegevoegd aan uw favorieten.

Brieven over de voornaamste onderwerpen der natuurkunde en wysbegeerte.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DUIT SC Hl P RIN CES. 437

wel te binnen brengen, dat ons oordeel nopens de grootte der zaaken altoos zeernaauw verbonden is met die van den afftand, zoo dat, indien wy ons bedriegen in de gisfing van dén afftand, ons oordeel nopens de grootte noodwendig valsch moet worden.

II. Om dit te beter op te helderen, het gebeurt menigmaal dat er een vlieg, fchielyk voor by onze oogen heen fnellende, zonder dat wy daar op denken, zoo ons gezicht bepaald is op verafgeleegene voorwerpen, wy ons in 't eerst verbeelden dat de vlieg zeer ver van ons af is, en daar die ons voorkomt onder een aanmerkelyken grooten hoek, zoo neemen wy die in het eerfte oogenblik voor een grooten vogel, welke ons m het verfchiet onder den zelvden hoek zoude toefchynen. Het is dan onbetwistbaar, dat ons oordeel nopens de grootte der voorwerpen zig niet fchikt na den gezichts hoek, waar onder zy gezien worden, en dat er een zeer groot onderfcheid is tusfchen de fchynbaare grootte der voorwerpen , en de gegiste grootte: de eerfte regeltzig na den gezichtshoek, en de andere hangt af van den afftand, die wy oordeelen van de voorwerpen af te zyn.

IK. Om zig van deze aanmerkingen te E e 3 ber