Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

5o<5 P H I L I P P. IV: vs. 2i-23.

wensch der zagtmoedigen. Zij is nuttig voor die beiden: want zij bewaart en verfterkt die wederzijdicbe broederliefde, die de band der volmaaktheid is. Gij ziet, waarde Lezer! hoe zeer in de verklaaring van de gemeinfehap der heiligen ook bepaaldelijk op dit onderwerp behoort gelet te worden, als zijnde niet alleen een onderfcheiden, maar ook een zeer wezenlijk en aangelegen lid in het gemelde hoofd-gedeelte van het lichaam der Christelijke zedenkunde. Zulks is te meer der moeite waardig, vermits er naauwelijks eene werkzaamheid is, die menigvuldiger, doch ook te gelijk naauwelijks eene, die minder na belmorengefchiedt dan deze. Niets is toch gemeener, dan het groeten; doch te gelijk niets ongemeener, dan het wel groeten. In niets vergeten Godskin. deren meer haaren pligt, dan in dit ftuk. Zoo er iets is, het is al mede voornaamelijk dit, waaromtrent zij noodig hebben te bidden: Rei. *ig mij van de verborgene afdwaalingen.

Welaan ! hebt gij ]ust, om daar van gereinigd te worden, bepaalt nog eenige oogenblikken uw verftand en hart bij de aanmerkingen, die wij ten beiluite van onze verhandeling over dit Kap. uit deszelfs ■ laatfte deel, waar meede Paulus zijnen uitmuntenden brief aan de Philippiërs befluit, zullen afleiden. Het geen wij desaangaande nog kortelijk zullen zeggen, zullen wij

voor-

Sluiten