Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

518 leerreden

Eindelijk volgt 'er nog in onzen text, op dat zij ge, noemd worden eikenboomen der geregtigheid, eene plantinge des Heeren, op dat hij verheerlijkt worde. Letterlijk moest men vertaald hebben , en daar zal tot hen geroepen, of gezegd worden, Eikenboomen der geregtigheid , eene plantinge des Heeren, om verheerlijkt te worden, of om zig te verheerlijken! Men zal als in zegepraal hun dus toejuichen, „ Gij „ zijt eikenboomen der geregtigheid , eene plantinge „ des Heeren"! Het is ruim zo waarfchijnelijk, dat het woord (<?) hier en gemeenlijk door eikenboom men vertaald, de betekenis in het Oosten gehad heeft van Terpentijnboomen, hoedanig de oudue overzet* ters het veeltijds (b) neemen, en welke boomen in het Joodfche land en daaromtrent zeer menigvuldig

zijn,

O) d^n. Zie Ql. Celfii Hierobot. tom. i. p. 34, env. J. d. Michaelis Recueil des Questions. n f44. Th. Shaw Travcls Append. p. 83, in not. neemt het voor eenen i'choonen beslèdraagenden boom, die anders ook Azedaraeb genoemd wordt. (Deeze is bij Munting de witte Lotus-boom, en bij Miller:) Het is dezelve waarfchijnelijk als de 1VJ in de Arabifche woordenboe. ken (fub rad. 1(J' uit. j) bij Golius een groote, fchoone, altijd groene boom; bij Giggcius de boom daar de myrrhe uit koomt, met altijd groene bladeren, Thef. l. Arab tom. i. p. 12,9.

(£)Dezelve hebben het hier dog anders vertaald. De LXX. ytndi s uit het Arab, <J'* (mcd. j) Symmaclms,

Sluiten