Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VOORTREFFEN. VAN HET CHRISTENDOM. 14?

val, geene volftrckte noodzaaklijkheid, maar dat een hoogstwijzc en goedertieren God alle onze lotgevallen beftuurt en regeert, die ook in het ftraffen en kastijden een Vader zijner fchepfelen is, en ook uit den dood het leeven, uit de duisternis het licht kan ten voorfchijn brengen, en dat den genen, die Hem lief hebben, alle dingen moeten medewerken ten goede? Waarom zouden wij voor den dood fchrikken? Die is niet meer dc bezoldihg onzer zonden, maar het begin van een beter leeven, in het welk wij met ons hoogfte goed, met God en onzen Heiland zullen vereenigd worden! Is God niet een verzoenbaar God, die,'op ongeveinsd berouw en bekeering, de ftraffen kwijtfcheldt en misdaaden vergeeft, die niet wil het verderf des zondaars, maar zijne gelukzaligheid, en die ons van dezen zijnen wil op zulk eene plcgtige wijze heeft laaten verzekeren, door de gebeurtenis, wier aandenken ons zoo heilig is! Is Jefus Christus, die zich, om onzen wil, heeft vernederd, en voor onze zonden opgeofferd, niet de Middelaar tusfehen God en dc menfchen geworden, die voor ons bij den Vader bidt, en krachtig voor ons intreedt! En waarom zou het uitzicht in de eeuwigheid voor ons verfchrikkelijk zijn? In de eeuwigheid, die, nu niet meer K a don-

Sluiten