Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VAN GEHEELE ZlNNEN.

347

«Sen meesten nadruk en de grootfte bevalligheid bijzet. Spreekende van de ellenden der ondeugd zegt hij: „ Dat dit ten opzichte van de

hoogfte Zedelijke verdorvenheid plaatze heeft, „ is iets, 't welk men uit eigene ondervinding s, gereedelijk zal toeftemmen. Zo dra ergens

eene volftrekte verbastering der natuur, eene ,, geheele afwijking van alle oprechtheid, waar0 heid en rechtvaardigheid wordt gevonden, „ zullen er wemige menfchen zijn, die de el„ lende, welke daarvan een gevolg is, niet zien „ en erkennen. Zelden zal men in zulk een „ geval, waar het kwaad op zijn hoogst is geko,3 men, een verkeerd oordeel vellen. Het is maar 3, ongelukkig, dat wij hetzelve, wanneer het 3, in een minder graad is, niet zien, of deszelfs ,, waaren toeftand recht opmerken ; even als of ,, eene volflagene bedorvenheid alleen hoogst

rampzalig maakte, maar een minder graad van 3, dezelve in 't geheel geen ongeluk ware, of ,, iets te beduiden hadde. Maar is zodanig eene ,, beoordeeling wel verftandiger, dan of men s, ftelde, dat in den hoogften trap verminkt of a, verdraaid te zijn voor het lichaam het groot-

fte ongeluk ware, maar dat het gebruik van ,, een der ledemaaten te verliezen , of aan een 3, enkeld lid of zintuig ongemak te krijgen, eene 3, zaak van geen aanbelang ware." Deze plaats heeft verfcheidene omzettingen, zonder dat aan de taal eenig geweld is aangedaan. Alles is deftig*

Sluiten