is toegevoegd aan uw favorieten.

Lessen, over de redekunst en fraaie weetenschappen.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

en Voortgans, Aard der Verzen, ii£

Deze voeten in Engelfche verzen te willen invoeren, zoude ongerijmd zijn ; want de aard van onze taal komt in dit opzicht met de Griekfché en Latijnfche in 'c geheel niet overeen. Ik wil niet zeggen , , dat wij in de uitfpraak op de Quantiteit, of de langheid en kortheid der fyliaben, in 't geheel*geen' acht geeven : wij hebben verfcheiden woorden, welker Quantiteit vast ftaat: maar wij hebben ook een groot aantal , waarvan de quantiteit geheel onzeker is. Dit laatfte is het geval in zeer veele van onze woorden van twee Lettergreepen, en vast in alle éénfylbige woorden. In 't gemeen is het onderfcheid tusfehen lange en korte fyliaben , in onze manier van uitfpreeken , zo gering, en de vrijheid , om dezelve naar welgevallen lang of kort te maaken, zo groot, dat de hloote Quantiteit in de Engelfche Verzen van zeer geringe uitwerking zoude zijn. Het eenige merkelijke onderfcheid tusfehen onze fyliaben ontftaat daar H 2 uit

dat fommige foorten van Verzen op verfchillende wijzen konden gefcandeerd worden. Tot de afmeeting van het Hexameter heeft meir geene voeten zo gepast bevonden als den Daöyl-us en Spondasus , en da'af» Van wordt hetzelve ook altoos door deze gefcandeerd. Maar niemand is in ftaat om bij het leezen van eenen Hexameter het einde van ieder voet te hooren. MisverftanH hieromtrent heeft , naar 't r. ij toefchijnt , do Schrijvers , welke over de Pröfodie der Latijnfebe en Engelfche verzen geMreeven iKb. ben, in verwarring gebracht.