is toegevoegd aan uw favorieten.

Onderwys in de christelyke zedenleer vraagswyze opgestelt.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Zedenleer. IX. Hoofdstuk. 90

en den rechtvaerdigen kwalykgaat, maar dat zou met Gods rechtvaerdigheid niet kunnen over een gebragt worden, indien er na dit leven geen volkoome vergelding plaats vond, welke zeker eeuwig moet zyn, en zonder einde wegens het bovengemelde.

V. Word hier tegen echter niet 't een of ander ingebragt?

A. Alles wat hier tegen ingebragt word-, fteundt op ongegronde redeneeringen en verkeerde uitleggingen der H. Schrift,-waar van de wederlegging elders te vinden is.

V. Welke aanmerking is hier echter nog nodig ?

A. Dat, gelyk des menfchen zedelyke onge. fteldheid haare onderfcheide trappen heeft (zo als in 't vervolg blyken zal) ook zo de eeuwige ftraf haare trappen zal hebben; daar God eenen yder vergelden zal naar zyne werken.

X. HOOFDSTUK.

Algemeenheid van des Menfchen Zedelyke ongefteldheid.

Vrage "W"At komt omtrend des menfchen zedelyke ongefteldheid vervolgens in aanmerking ?

Antw. Derzelver Algemeenheid, zo als die G 2 zich