is toegevoegd aan uw favorieten.

De invloed en uitwerking van het christendom, op de vorming en den toestand der volkeren van Europa.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Gregorius de zevende 40Q

tesfe; doch het duurde niet lang, of de aanzienlijken en magngen begonnen onlusten: zij wilden zeiven regeeren; maar Aönes was even zoo loos als trotsch: daarop vereenigden zich deze magtigen en ontnamen den jongen Koning aan zijne moeder] welke, daar door, haar aanzien veiloor, en zich naderhand in een Klooster begaf. Nu beïlobt men dat de Bisfchop, in wiens Bigt de jonge Koning z'cii bevond , het RijksbeBuur zou in Mén hebben; maar al fpoedig deelden Hanno, Aartsbisfchop van Keulen, en Otto, Hertog van Beijeren, alle magt onder zich: naderhand kwam Xdeebertüs, Aartsbisfchop van Bremen, tusfchen beide en wierd de voornaamfte, zoo als hij ook, in het vervolg een van Hendrik's voornaamfte Raaden wierd (*). '

Nu aanvaardt Hendrik zelve de regeering; maar, hij had eene flegte opvoeding genooten (f); zjjnê vijanden warén magtig, en hij handelde zeer onvoorzigtig in het verkiezen zijner Raadslieden. In het . algemeen was men zeer onvergenoegd over Adelberius, en Hendrik moest de vernedering ondergaan, dat hij gedwongen wierd, dezen van'zich te verwijderen (§). Naderhand gaf hij zich over aan Siegfridus, Aartsbisfchop van Mentz, die, daar door, dat hij op de tienden van Thuringen, welken Hendrik hem gegeeveq had, aandrong, de DuitJchers tegens den Koning gaande maakte (**), Nn

berst-

f*) Lnmb. Schafnab. ad A. 1063. (f) Brmio de Bello Saxon. ap Freher. T. I. p i74 (§) Lamb. Scbafn. ad A. 1065. (**) L:mb. Schafn. ad An. 1060 et 1073. apud Frehé* Cc <