is toegevoegd aan je favorieten.

Verhandelingen ter nasporinge van de wetten en gesteldheid onzes vaderlands [...]. Door een genootschap te Groningen Pro excolendo iure patrio.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VEERTIEN BUTKENS TE WINNEN HET BROUWERSGILD. I93

onder betaaling der geringe zora van veertien huttekens alle de gilden, en binnen een bepaalden tyd tor. den elfden van flagtmaand zelfs het voornaame Brouwersgild konden winnen; dat zy daarenboven meer dan een ampt te gelyk mogten doen , het geen aan anderen by den algemeenen gildebrief verboden wierd; en dat verders het regt op die gilden, waarin zy waaren, erven zoude op hunne wettige kinderen, even gelyk borgerfchap, dog ook op gelyke wyze verloren kon worden. Dan dat bewaaren van borgerfchap wasmoeyëlyk: want, wanneer men met vrou en kinderen zes weeken met de huishouding buiten de Stad was, ontwaarde men het (Stadsb. 6. b; 5 §.); ook, wanneer men zig ten dienll der Ommelanders in eenen ooilog verbond (/.c.§. 6.); of roof, brand, of mandag deed (/. c. §. 8.).

Als men dan daarby in agt neemt, hoe gebrekkig vee» le gildebroeders ingeteekent zyn, als Harm, roode Johan, zwarts Johan, meefler Willem, Mat bias die hoepenbinder, enz., of na de gewoonte der tyden, Florens Johans zoon, Herman Claas zoon, Hugo Dirks zoon, Johan Clauwes zoon, Johan dove Geerdes zoon, enz.* begrypt men ligrelyk: dat na adoop van ettelyke jaaren veele gedagten reeds uitgedorven waaren, of hun regt en borgerfchap verzuimd hadden , of hun gedagtlyd niet meer konden aantoonen. Iets, dat nu voor den laaten nakomeling genoegzaam ondoenlyk is, daar het oudfte burgerboek, hier ter dede inweezen, niet hooger loopt, dan tot het jaar 1544. Weshalven het voor die weimga gedagten, die thans dat voorregt genieten, iets ten uiterften byzonder is , dat zy zedert 1436, niettegenftaande de heevige ftaatsfehokken, die hier geweett zyn, onaf.

N 2 ge.