is toegevoegd aan uw favorieten.

Leerredenen over eenige gewigtige leerstukken van den christelyken godsdienst [...]. Eerste [-vierde] drietal.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

den VIII. Zondag. 115

wij zijn, als Christenen, tot den naam des ,, Vaders, des Zoons en desH. Geestes gedoopt, „ en dus voor geheel ons leven, als de ziel van ^ alle onze Christenpligten , tot hunne belijdenis, „ hunne vereering, hunnen dienst, verbonden.—„ En wij mogen deze leere dan niet miskennen , ,, of wij maken onzen Christelijken doop tot leu,, gen, en verzaken ons Christendom."

c. Uit deze beide aanmerkingen vloeit eindelijk nog eene derde voort. „ Wij moeten die lee„ re dus alleen befchouwen, in betrekking tot. de „ weldaad der verlosfing, en tot het door ons „ aangenomen Christendom en deszelfs Gods„ dienst; en er zoo voor ons zeiven mede werk„ zaam zijn" — om in den Fader, onzen Vader — in den Zoon, onzen Coddelijken verlosfer — in den H. Geest, onzen vernieuwer en verbeteraar, te kiezen; en ons zoo door de verlichte en vrugtbare geloofskennisfe van deze hooge leere ten eeuwigen leven te laten brengen — maar ook , om den Vader als den ftigter, den Zoon als den infteller en Heer , den Geest als den bevestiger en begunftiger, van onzen Godsdienst en ons Christendom te erkennen, te aanbidden, en te dienen; en ons zoo als egte Christenen te gedragen. — '— Dan zullen wij ook deze waarheid verdaan, en zij zal ons vrij, en eeuwig zalig, maken!

E. „ Nog een enkel woord over onzen Cate,, chismus, en deszelfs voordragt van dit ftuk II z ',, (vra-