is toegevoegd aan uw favorieten.

Hedendaagsche historie; of, Tegenwoordige staat van Groenland, en Straat Davids.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

S20 Groenlandfche Hiftorie VI. B.

lands handen. By deze gelegenheid waren Anna de vrouw van den overledenen, en deszelfs broeder Kujajak, tegen de gewoonte der Groenlanderen , zeer bedaard en zeiden : dat wy 't met de begraffenis maken zouden, zo als'tonder de gelovigen gebruikelyk is. Wy bragten derhalven het lyk in ons huis, en leiden het in 't wit gekleed in een dood-kift. Den aSften kwamen de Miffiönariffen en Kooplieden, als mede de Bootsgezellen en Groenlanderen van de volkplanting , mitsgaders de onzen , ter begraffenis Wy zongen eerft enige liederen, die op het hart van den overledenen een byzonder indruk gehad hadden. Na ene redenvoering over Joh. V. 24-29. droegen vier Groenlandfche jongelingen het lyk naar onze nieuwe begraafplaats, dewelke tevens by deze gelegenheid ingewyd werd. Een der Deenfche Heren Miffionariffen hield nog by 't graf ene korte vermaning aan de byftanders, over de woorden: Iii hen de opflandinge en het leven enz in welke hy hen aantoonde, hoe «en gelovige niet fterft, maar dervende eerft regt begmt te leven, en eeuwig leeft.. Deze aanfpraak geëindigd zynde knielden wy voor den Heiland neder,en gaven hem deze onze eerfte vrugt over met verfchuldigde dankerkentenis voorde genade ,die hy onsen onzen zaligen broeder gefchonken heeft, zo lang wy met eikanderen verkeerd hebben. De Groenlanders verwonderden zig over al't geen zy zagen en hoorden, alzo het ten enemaal tegen hunne gewoonte is, lieden, die des overledenen naaste bluedsverwanten niet zyn, een lyk zo dienftvaardig en vergenoegt te zien geleiden.

Gy zultligtelyk bevroeden, geliefde Broeders, hoe ons by deze gebeurtenis te moede zal geweeft zyn. Indien wy met ons vernuft wilden raad plegen, wy zouden niet weten, wat 'er van te denken. Want wy weten beft , wat wy aan dezen onzen zaligen broeder verloren hebben, voor al ten aanzien van de overzettinge, waarby wy hem flegtg met halve groenlandfche woorden een vers behoefden te zeggen, dan wift hy *t naar de groenlandfche fpreekwyze aaneen te fchakelcn. Wy hebben dezen winterzeer klaar aan hem befpeurd, dat dé Heiland haaft maakte met hem tot de voleindi'nge van zynen loop te bereiden. Hy was een moedig getuige der waarheid onder zyne landsgenoten , en in zyne redevoeringen zo wel als in zyne gebeden belpeurde men ernft. orde, én zalvinge des geeftes. Wy hebben gezien,dat zyn getuigenis van zegen is geweeft by

velg