Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

sut VOORREDE over de

toe koomen, en zegt van hem: Zie daar! Li waarheid een Israëliër, waarin gééne valfchheii

is, . Van waar kent gy my, fprak Natha-

mëlm — Jezus amwoorde: eer Philippus u

riep, toen gy noch onder den Vygehoom waart,

zag ik u. Nathanaël hervatte: Rabbi!

Gy zyt de Zoon van Godl Gy zyt de Koning van Israël (li).

m *

Zy waren op weg, en trokken na Jerufalem. En Jezus ging voor heenen; maar zy begondtn zich te ontzetten, en volgden Hem fchroomm achtig agternaa (v).

Hoe duidelyk zien wy hier den indruk, denwelken fommige noch onduidelyke denkbeelden van hec geene te Jeruzalem op hen wachtte, op hunne gemoederen maakten.

* * *

En de Heer keerde zich om, en zag Petrus aan. En Petrus herinnerde zich het woord van den Heere, dat hy tot hem gezegd hadi eer de Haan kraait, zult gy driemaalen loc benen, dat

gy

(ü) Joann. I.

(v) Markus X. vs. 32.

Sluiten