Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

LEVEN VAN XI. BOEK.

het kruis zich zoo te gedraagen , dat de gedachte: i Dit is Gods Zoon J al eerder in den Hoofdman ware : opgekomen , en dan zoo veele uitjouwingen der Sol- : daaten waren agtergebleeven. Gemaklyk , om met J weinige woorden de droefenis en beklemdheid zyner; Aanhangeren tot zulk eenen trap van hitte aanteblaazen , dat zy niet meerder Zyn lyden zoo ftilzwygén- ] de zouden aangezien hebben , maar zich tegen dei fpotternyen verzet, of ten minften Zyne onfchuld ge- ■ tuigenis zouden hebben gegeeven. Maar dit behoorde thans niet tot zyn karakter en werk. Hy moest: den bitteren kelk geheel uitdrinken; en dan was de \ fmaadheid niet van Zyn lyden aftezonderen. Hy moest ook Jmaadheid leeren verachten ; niet alleen die laage van Soldaaten en van het gemeene Volk, maar 1 ook den daadlyken fchyn van bedrog, die zich tegenwoordig over Zyn voorgaande leven daar door, dat Hy zoodanig een einde nam , verfpreidde. Hy , die altoos, als het de eere der Godheid betrof, zich zoo ftandvastig tegen het vooroordeel en tegen alle valfche uitleggingen van Zyne daaden had verzet , liet thans eenen iegelyken , die het gaarne gelooven wilde , gelooven , dat hy eenen Misdaadiger en Bedrieger aan het kruishout zag hangen.

DERDE

Sluiten