is toegevoegd aan uw favorieten.

Karel van Karelsberg of Tafereel van de menschelyke ellende.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

K A R É L S B E R 0. Ï7<j

te komen. Zeer veelen hadden op ver. re na niet de gewoone grootte van eerl man. De voeten, handen en nek van de meesten waren zodanig gegroeid naar het gereedfchap van hun ambacht, waarmedén zy werken, dat ik byna zoude durven onderneemen, by elk te zeggen* van wat ambacht hy was. Onder de tweehonderd man, die optrokken, zoude ik naauwlyks veertig hebben kunnen vinden, die verdienden mannen genoemd te worden. Zo als de menfchen waren, was ook hunne kleeding en hun geweer. De kleederen van veelen waren vol vlakken, gefcheurd , en hadden wel.de helft van de knoopen verlooren; de overigen ontbrak het ten minden aan zuiverheid en gereegeldheid in hunne kleeding. Het zydgeweer was by den éénen zonder gevest, by den anderen orttbrak de halve fcheede, en verroest was het by de meesten. Het fchietgeweer fcheen gehaald te zyn uit een wapenhuis, waarin eene verzameling van fchietgeweereri van verfcheiden eeuwen en verfchillende Natiën bewaard word.

Ma