is toegevoegd aan je favorieten.

De geestenziener; eene geschiedenis, getrokken uit de gedenkschriften van den graaf van O**.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE GEESTENZIENER.

93

was de Godsdienst in drijd; hij leerde dien nooit als eene weldaad kennen, maar enkel als eenen ftrengen geefel zijner hartstogten. Hier door werd zijn gemoed allengs in eene dille verontwaardiging tegen denzelven ontvonkt, die, met een eerbiedig geloof en eene blinde vrees in zijn brein en hart, het zonderjingde mengfel uitmaakte — tegenzin naamlijk tegen, en afkeer van eenen Heer en meester, voor wien hij fidderde.

Geen wonder dus, dat hij de eerde de beste gelegenheid aangreep, om een zoo hard juk te ontvlugten ■— hij ontliep echter, zoo als een lijfeigen ilaaf zijnen wreeden meester ontloopt, terwijl hij, te midden der vrijheid zelfs , het gevoel zijner dienstbaarheid met zich omdraagt. Juist daarom, dewijl hij het geloof zijner jeugd niet, na eene bedaarde keus, had ontzegd, naardien hij niet gewacht had, tot dat het rijp en gezuiverd verdand het allengs en op zijn gemak had laten varen, vermids hij hem als een vlugtling was ontfprongen, op wien zijns Heeren regt van eigendom nog deeds bleef voordduren — moest hij ook, hoe ver zich nu en dan verwijderende, telkens weer tot hem terug keeren. Hij was, met den keten, ontloopen, en juist daarom moest hij een prooi van eiken bedrieger worden, die dezen keten zag en er zich van wist te bedienen. Dat er zich zooriemand opdeed 3 zal, heeft men het nog niet geraden, het vervolg dezer gefchiedenïs leeren.

De bekendtenis van den Siciliaan liet, in zijn gemoed , diepere indrukfelen na en had voor het zelve

ge-