is toegevoegd aan uw favorieten.

Grondbeginzels der hoogere meetkunde [...]. Kunnende dienen tot een vervolg [...] op de Grondbeginzels der meetkunst van den heer Pibo Steenstra.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ELLIPS. 59

Ellips allengs ronder worden; en als eindelyk deeze beide punten H en I in het middelpunt C te zaamen komen , wordt overal HM~ MI—AC of CB; dat is de Ellips zal veranderen in een Cirkel, waar van C het middelpunt en AB de middellyn is.

En als de punten A en H dezelfde blyvende, het ander brandpunt I meer en meer van H afwykt, zal de Ellips allengskens langwerpiger worden; en op een oneindigen afftand alle de lynen GI evenwydig aan elkander en aan AB, wanneer de omtrek des Cirkels G,G,G enz. in eene regte lyn en de Ellips in eene Parabola zal veranderen; waar van deeze regte lyn GG de lyn van richting is. § 20 en 21.

VIII. DEFINITIE.

§. 122. Als men in de verlengde as AB neemt bet punt Q, zodaanig dat AQ: AH = AC: HC is, en door Q trekt de onbepaalde perpendiculaar ZZ wordt deeze Dire&rix of Lyn van Richting genoemd.

I. GEVOLG.

§.123. Dewyl AQ: AHjuAC : HC is, onderji. heeft men AQ+ 'VGAH+HC^ACiHCi5pr.5 b.

of QC : AC =AGHC en □ QC, CH =AC ■■■ 6pr. 5 b.

Dat is: de halve groote As is middenevenredig tusfchen de af/landen der lyn van richting en van het brandpunt tot aan het middelpunt.

II. GE-

Fig. 22.

21.