voogd van J01" Lambert Millinck van Gerwen1)

het huis Ter Aa (ook wel het Huis te Berlicum genaamd), dat in de daarvan opgemaakte akte aldus omschreven werd: seeckere edelmanshuysinge ofte woeninge, liggende rontsom in zyne gracht, met een

Miiiinck v. Gerwen optreckende brug ende de neerhuysinge ofte wooninge daerby staende, enz., met 't recht van den geweer ende visserye in de riviere de Aa, staende te Berlicum by de kercke, welk huis aan voornoemden Lambert, die de zoon was van Lambert Millinck van Gerwen en Adriana van Honsselaer, voor de helft was aangekomen krachtens testament van Jor Herman van Middegaelen voor de wederhelft bij transport van Heylwich van Gerwen2).

In 1687 verkocht Arend van Thienen de heerlijkheid Berlicum en Middelrode aan Thomas van Beresteyn, ontvanger in het Kwartier van

Kempenland, doch Godert van lhienen vernaderde in 1688 dezen koop en zoo bleef deze heerlijkheid in het bezit van zijn geslacht. Laatstgenoemde werd daarin in 1689 opgevolgd door zijnen broeder Philip van Thienen, oud-schepen en

raad van 's-Hertogenbosch.

Tot dusverre blijkt niet, dat de van Thienen's tegenover de inwoners hunner heerlijkheid slechte landheeren waren geweest.

Met laatstgenoemden Philip van Thienen was dit evenwel geheel anders het geval.

Dit blijkt toch uit een request, dat in het jaar 1699

v. Beresteyn

') H\j stierf in 1722, oud omstreeks 88 jaren en was gehuwd met Catharina van Erp, dochter van J o h a n, heer van Frisselsteyn en Maria van Yladeracken.

2) In eene Bossche Schepenakte van 1675 wordt vermeld, dat zij de dochter was van Lambert Millinck van Gerwen den ouden. Zij zal dan de tante geweest zijn van den minderjarige Lambert Millinck van Gerwen („Taxandria", V, p. 190).