DE VERDEELING VAN BREDA IN 1287.
ja den dood van den ach tienjarigen Hendrik van Breda in het najaar 1268, werd zijne zuster
IMisabeth oi Isabella vrouwe over het land van Breda. Met haren gemaal, Arnoud van Leuven verdiende zij door de talrijke schenkingen aan kerken en kloosters van mr. Kleyn den bijnaam van liberale en pieuse. Kort voor Kerstmis 1280 schonken zij tesamen nog een aantal goederen aan het gasthuis van Antwerpen,') maar kort nadien moet Elisabeth overleden zijn, daar uit eene oorkonde van 1 April 1281 met zekerheid blijkt, dat zij niet meer onder de levenden was. *)
Slaan wij nu de Necrologia der kloosters na, welke door haar begunstigd werden, dan zien wij, dat in de abdij van St. Bernard aan de Schelde hare nagedachtenis werd gehouden op 10 Februari') en in Tongerloo op volgenden dag.4) Het is dus niet vermetel haar sterfdag op een van beide dagen te bepalen.
Maar nog moet eene moeilijkheid worden opgehelderd ! Op 11 Februari, op den dag dus, dien wij voor den sterfdag van Elisabeth houden, geven de pastoors van Schoten en Merxem, en 29 April ook de bisschop van Kamerijk, hunne toestemming tot den aan- en verkoop der tienden in gezegde parochiƫn. In beide akten wordt over Elisabeth gesproken, alsof zij nog in leven is.
1) Dier cxse ns, Antoerpia Christo nascens et ctescens (i.749) 1:212; uit de Raadt, Sceaux ArmoriƩs 1:324 blijkt, dat dit charter nog in originali bestaat.
2) J. Goet schal ck Bijdragen : XIII (19141:262.
3) B. van Doninck, Obitaarium monasterii loeisancti Hernar di (1901) bl. 23.
4) W. van Spilbeeck, Necrologium ecclesiae B. M. V. de Tongerloo (1902) bl. 29.
5) Bijdragen enz. IV (1905) bl. 198 en 199.