ACHTERSTELLING VAN NOORDBRABANT'S KATHOLIEKEN IN DE TWEEDE HELFT DER 18e EEUW.

oen ingevolge het traktaat van den Vrede van Munster van 1648 het Brabantsch deel van Noord-

Brabant voorgoed aan de Souvereiniteit der Staten Generaal van de Republiek der Vereenigde Nederlanden was onderworpen geworden, was het daar gedaan met de bevoegdheid der Katholieken om eenig openbaar ambt te bekleeden ol daartoe te worden benoemd, voor zooverre althans Hervormden daarvoor beschikbaar waren.

Dit werd door de genoemde Staten Generaal gesanctioneerd bij hun berucht Reglement op de politycque reformatie in de Meyerye van 's Hertogenbosch en andere Quartieren van gelycke nature, onder de Generaliteyt behoorende, van 1 April 1660, waarvan de aanhef luidde als volgt:

„De Staaten Generaal der Vereenighde Nederlanden, allen den geenen die deesen sullen sien of hooren leesen, salut. Doen te weeten, alsoo tot de kerckelycke reformatie noodtsaackelijck van nooden is de politycque maght om te meer Ohristelycke Gereformeerde Religie voort te setten, de Dienaars des Goddelycken Woordts, Rectooren en Schoolmeesters, elcks in haare ampten en' functiën de handt te bieden ende contraventien en contraventeurs na den inhouden van deesen te straffen. Soo ordineeren en statueeren Wy by deesen, dat alle salutaire Resolutien en Decreeten by Ons hier bevoorens genoomen op de invoeringe, bevorderinge en voortsettinge van de Politycque reformatie in de Meyerye van 's Hertogenbosch en de andere Quartieren van gelycke nature m alle haare poincten en articulen voor altijdts sullen plaatse grypen en effective werden geexecuteert, voor soo veel deselve deesen niet en contrarieeren."