ZATERDAG ZONDAG EEN OEFENING IN BESCHEIDENHEID EN NEDERIGHEID door HANS GOSLINGA en MARCEL TEN HOOVEN CDA-fractieleider Enneüs Heerma, een Week na de Algemene Beschouwingen: „Ik heb willen laten zien waar wij voorstaan. De thema's veiligheid, leefbaarheid en sociale zekerheid hebben we bewust gekozen. De veiligheid is bij dit paarse kabinet niet in goede handen. Als wij zelf in het verleden verkeerde keuzen hebben gemaakt, het zij zo. Daardoor laat ik me niet weerhouden nu, anno 1995, mijn verhaal zó neer te zetten." akK, het afgeschermde vak in de .Heede Kamer waar de bewindslieden ch 6-n' rea9eerden ze meewarig en la! eri9 op het pleidooi van CDA-fractieer Heerma voor een minister voor I ns- en familiezaken. Tekent deze Cr> *de veranderde positie van het A in de Nederlandse politiek? I[w ... partij is na het verkiezingsdebacle van '9 jaar vervallen van vanzelfsprekende ... Cntsfactortot krachteloze oppositieparleedvermaak zal niet vreemd zijn gestaan het gelach in vakK. Maarook ! andere redenen verkeerde CDA-f ractie'«er Heerma in het jaarlijkse debat over I loer|ennota en troonrede, vorige week, een weinig benijdenswaardige positie. a9s tevoren had premier Kok zijn gezag n 9educhte knauw gegeven, met de Werking dat de zwakke oppositie van CDA slecht is voor de democratie. Zon Pnierking komt des te harder aan bij een 't'cus die ook in zijn eigen partij nog niet status heeft opgebouwd van vanzelfp I?kend !eider. Om zon politicus lachen itieke tegenstanders eerder dan om een omstreden leider. Is dat de enige reden ar°m zijn pleidooi vooreen nieuwe ge- niet aansloeg en, op premier °k na, bij de coalitiepartijen PvdA, WD en 0 6 hoe9enaamd geen reacties opriep? Of rd reef Heerma met zij n zorgen over het zin en herkende niemand zich in zijn Verhaal? e ernr|aligt niet wakker van het gelach van aantal Kamerleden en bewindslieden, /9t hij. De CDA-fractieleider is ervan over'9d dat velen inde samenleving zijn zortei? °Ver de P°s'tie van het gezin delen. Dat d v°°r hem zwaarder dan dat zijn plei°°' Politiek niet landde en zelfs hilariteit t 0 °kte' "lk wist dat zoiets zou gebeuren, en ik het onderwerp koos." v' en t'Jdje geleden gaf minister Sorgdrager Justitie op de televisie bij Karel van der at hoog op over de betekenis van het 2?21n vo°r de samenleving. Ik had het haar Ur>nen nazeggen. Op een gegeven 9enblik zegt Van der Graaf: voor u is het v- ln dus de hoeksteen van de samenle„9 Opdat moment deinsde ze achteruit, p r°k daaruit de conclusie dat er in de 'tiek gêne bestaat dit onderwerp aan te cia n' Erontstaan kennelijk direct assoj les met de jaren vijftig, met een spruits ucht. Dat is niet terecht. Ik heb ook niet r niets gesproken over het moderne 2lr>. Niettemin, ik vind dat de actie is ge-9d. Ik heb een steen in de vijver . 9°oid. Aan de reacties uit het land merk at het onderwerp vibreert." H r Vlt>reert er dan precies? J et 9evoel dat de politiek ook aandacht et schenken aan wat normaal is in de In dit geval is dat de onverdere behoefte van veel mensen in een Zln> 'n welke vorm dan ook, samen te . en- ik signaleer dat er een debat op gang j 9ekomen over de verbrokkeling van de menleving, over het verlorengaan van de n°nesie- Kijk, om een voorbeeld te ernen, de 5 mei-rede van de koningin er ! aar op na. Dat probleem leeft in Nederd en ook elders. De economisering van samenleving roept in toenemende mate n te9enbeweging op. Levert de econolsering, de ontwikkeling van een 24-uurs°nomie, nu in kwalitatief opzicht op wat Dat vragen mensen zich steeds f er af- Het besef groeit dat kinderen in arnilieverband hun burgerschap het beste ontwikkelen, dat je ze daar het het bMtf kunt bijbrengen dat er 9rer>zen lijn aan hun gedragsvrijheid. Dat is heel wat anders dan tien jaar geleden, toen de alles moet bunnen-houding van D 66 of het gewoon jezelf zijn van de WD onder Nijpels dominant waren. Die terugtred zie je ook elders. De Amerikaanse filosoof Francis Fukuyama riep eerst de definitieve overwinning van het liberalisme uit en komt nu, in zijn nieuwste boek Trust, alsnog tot het inzicht dat de samenleving, naast de economische dimensie, ook zoiets als een sociaal kapitaal heeft te beheren." Welke rol heeft de politiek in dat verband? „De opgave voor de politiek is de samenleving bijeen te houden. We investeren thans wel in de Riaggs, jeugdgevangenissen en andere vormen van nazorg om de effecten van de verbrokkeling en de desintegratie op te vangen, maar niet in de preventie. De politiek moet meer investeren in de bescherming en, zo nodig, het herstel van het familieverband. En dan doel ik ook op moderne verbanden tussen mensen, niet alleen op het traditionele gezin. We hebben een periode achter de rug waarin we vooral oog hadden voor het individualisme. Dat juich ik toe. In een modern gezin moeten we de ambities van elk individu respecteren, zonder voorbij te gaan aan de samenbindende functie van dat gezin. Het gezin is nog altijd de meest voorkomende vorm van samenleven. Het is de bakermat van het burgerschap en biedt de omgeving waarin een waarde als respect voor de ander tot ontwikkeling komt. Dat is van groot belang voor het functioneren van de samenleving. Ik ben blij dat premier Kok dat vorige week, inde Algemene Beschouwingen, heeft erkend. D66-fractieleider Wolffensperger daarentegen smaalde over spruitjesgeur en jaren vijftig. Dat is het dus beslist niet. Ik spreek over moderne gezinnen. Het verschil met vroeger zit in de vorm, niet in de essentie. Het gezin is, los van de vorm, een duurzaam samenlevingsverband waarin verantwoordelijkheid voor elkaar zwaar weegt." Maar waar ziet u nu zelf die verbrokkeling? Waarom zo 'n sombere toon en zo 'n somber verhaal? Het CDA is geneigd alleen de negatieve kanten van de ontzuiling en individualisering te beklemtonen. Dan heet het al snel verbrokkeling, atomisering en egoïsme. Van een CDA-bijeenkomst kom je tegenwoordig depressief terug. „Nee, nee, het is nadrukkelijk niet de bedoeling dat we nu een cultuurpessimistische kant uitgaan. We hebben een probleem met de beeldvorming, als het zo overkomt. Ik geef toe, erzittten cultuurpessimistische kanten aan ons verhaal, maar de kern is dat we willen bijdragen aan het bijeenhouden van de samenleving. Het bestuurmoet besturen, perspectief en oriëntatie bieden." Uw verhaal zou aan kracht winnen als we, figuurlijk gesproken, achter uw rug duizenden benarde gezinnen zouden zien. „Het CDA moet ook kritisch naar zichzelf kijken. We dragen medeverantwoordelijkheid voor ontwikkelingen waarvan we nu de schaduwzijde ontwaren, zoals de schaalvergroting in het onderwijs. De ouders, de leerlingen en de docenten hebben grote weerstand tegen de doorgeschoten schaalvergroting, die de anonimisering op scholen in de hand heeft gewerkt. Dat is een ontwikkkeling die we alsnog een halt moeten toeroepen. We moeten terug naar een schaal op menselijke maat." „Maar daarnaast constateer ik dat het kabinet buitensporig heeft gesneden in de kinderbijslag, waarmee het heeft ingegrepen in de draagkracht van gezinnen. Gezinnen met kinderen die langere tijd van de bijstand leven hebben het buitengewoon moeilijk. Die kinderen dreigen in een sociaal isolement terecht te komen. Daarom hebben wij voorgesteld extra bijzondere bijstand voor zulke gezinnen uit te trekken." „Van sommige beleidsvoornemens van het kabinet vraag ik me bovendien af of ze een ruggesteun zijn voor de opvoeders. Het kabinet heeft in de Prinsjesdagstukken een appèl op de opvoeders gedaan de kinderen deugden bij te brengen. Bolkestein heeft ouders opgeroepen de kinderen tot fatsoenlijke burgers op te voeden. Maar tegelijkertijd kondigt het kabinet in zijn drugsnota aan dat niet meer opgetreden zal worden tegen mensen die in hun badkamer of op hun balkonnetje nederwiet telen. Het mag wettelijk niet, maar het kan nu wel zonder dat de politie zal optreden. Dat ondermijnt het respect voor de wetgever en geeft geen ruggesteun aan de opvoeder." Zegt u met uw zelfkritiek dat het CDA het sociale kapitaal heeft verwaarloosd? Of vindt u vooral dat het sociale kapitaal bij paars niet in veilige handen is? „Ik steek de hand in eigen boezem. Het is niet zo dat al het kwade van paars komt en al het goede van het CDA. Het is niet zo dat sinds 22 augustus 1994, de dag dat dit kabinet aantrad, het sociale kapitaal wordt bedreigd. Maar ik signaleer wel dat het kabinet met zijn voornemen om in de belastingheffing geen rekening meer te houden met de draagkracht van gezinnen, zijn ingreep in de kinderbijslag, zijn arbeidstijdenwet en zij nwinkelsluitingswet.de weg inslaat naar een 24-uurseconomie die ontwrichtend zal werken in gezinnen." Op al die punten valt wel iets af te dingen. Tsja, zegt bijvoorbeeld de Groenlinkser Lankhorst in zijn column in Trouw, Heerma kan nu wel klagen over de benarde financiële positie van mensen in de bijstand, maar hij was als staatssecretaris van volkshuisvesting verantwoordelijk voorde forse huurverhogingen die nodig waren om de corporaties op eigen benen te laten staan. „Wie was nu de man die de individuele huursubsidie overeind heeft gehouden? Die kritiek van Lankhorst is mij te gemakkelijk. Ik heb als staatssecretaris een beleid gevoerd dat brede steun in de Tweede Kamer ondervond. Het resultaat van de verzelfstandiging van de corporaties is dat de gemiddelde huurverhoging in het jaar 2000, voor het eerst sinds de oorlog, gelijk zal zijn aan de inflatie. Dat is niet gering. We hebben altijd op de pof gebouwd. De huurverhogingen van dit moment zijn de tijdelijke prijs die we daarvoor betalen. Dat is straks voorbij. Daarnaast heb ik de individuele huursubsidie, een belangrijk instrument in het sociaal woningbeleid, overeind gehouden. Een gezaghebbend man als professor Priemus heeft mij daarvoor geprezen." De kinderbijslag was blijkens het verkiezingsprogram ook voor het CDA niet onaantastbaar. „Maar wij hebben niet gepleit voor een bezuiniging van ruim anderhalf miljard gulden, zoals in het paarse regeerakoord is afgesproken. Geen van de partijen trouwens. De WD zat het hoogste inde boom met één miljard. Het effect van het kabinetsbeleid is dat een gezin in 1998 vergeleken meteen gezin in 1994 er een paar duizend gulden op achteruit zal zijn gegaan." Een ander punt. Alsslecht voorhet gezin hekelt u de afschaffing het kostwinnersvoordeel in de belastingen. Uw partij is daar steeds verdeeld over geweest. In de vorige periode was Brinkman nu eens voor, dan weer tegen. „We krijgen nu de kans een rechte koers te varen. Essentieel voor ons is dat met de draagkracht van gezinnen met één inkomen rekening wordt gehouden. Dat kan door die gezinnen de mogelijkheid te bieden het ene inkomen te splitsen, waardoor de gesplitse inkomens in een gunstiger tarief vallen." Tenslotte, uw heftige kritiek op het gedogen van thuiskweken van nederwiet. De scheiding tussen soft en hard drugs is al in 1976 gemaakt. Voor het gedoogbeleid is het CDA jarenlang medeverantwoordelijk geweest. „Ik ontken dat niet. Maar ik zeg nu, met het gemeentebestuur van mijn stad, Amsterdam: dat gaat zo niet langer. Hoe kun je als regering aan de ene kant iets verbieden en tegelijk zeggen datje er niks tegen doet? Hoe is dat te rijmen met de oproep aan ouders hun kinderen te wijzen op de grenzen van hun gedragsvrijheid? Daar zit een grote spanning tussen. De overheid ondergraaft haar pedagogische taak als ze haar eigen wetten niet serieus neemt. Er zit trouwens wat kabouterachtigs in de argumenten van het kabinet. Nederwiet voor eigen gebruik, niet voor de export. Is het de bedoeling dat kinderen er een vakantiecentje aan verdienen?" Is dit van het CDA, nu alle partijen gezien het wisselvallige electoraat angstvallig het midden houden, een krampachtige poging tot profilering? „Nee, ik heb vorige week willen laten zien waar wij voorstaan. De thema's veiligheid, leefbaarheid en sociale zekerheid hebben we bewust gekozen. De veiligheid is bij dit paarse kabinet niet in goede handen. Ik heb sterke aanwijzingen dat er aan het einde van deze regeerperiode minder blauw op straat zal zijn dan bij het aantreden van het kabinet, in plaats van enkele duizenden agenten meer. Die bal houd ik in de lucht. Als oppositiepartij heb je dat te signaleren. Als wij zelf in het verleden verkeerde keuzen hebben gemaakt, het zij zo. Daardoor laat ik me niet weerhouden nu, anno 1995, mijn verhaal zó neer te zetten." Herkent u zich in deze vergelijking: in de jaren was het CDA machtig, optimistisch en zelfverzekerd, nu is de partij onmachtig, pessimistisch en onzeker? „Als u zou vragen of wij een oefening doormaken in bescheidenheid en nederigheid, dan zou ik dat niet ontkennen. Deze omstandigheid daagt tegelijk uit tot een heroverweging van ons gedachtengoed: hoe behouden we in een snel veranderende samenleving het waardevolle?" Een van de WD-ideologen, Van der List, heeft het CDA uitgenodigd vooreen conservatief akkoord met zijn partij op basis van burgermansfatsoen. „De WD worstelt al langer met de spanning tussen vrijheid en moraal. Bolkestein opperde anderhalfjaar geleden christelijkjoodse waarden in het beginselprogram van zijn partij op te nemen. Het probleem van de liberalen is dat zij oplopen tegen de grenzen van hun vooruitgangsgeloof. In de vorige eeuw riepen ze: bouw scholen, dan kunnen we de gevangenissen afbreken. Helaas, ondanks de vele scholen moeten we er nog altijd gevangenissen bij bouwen. Ons gedachtengoed is meer in balans. We zien de markt als middel, niet als doel. Tussen markt en overheid kennen wij bovendien een belangrijke rol toe aan de kringen indesamenleving, scholen, verenigingen en, als bakermat voor de waardenoverdracht, het gezin. Het is winst als de WD daar het belang van inziet. Bij die waarden gaat het ons overigens om meer dan fatsoen." „Het punt is dat we in een hele pluriforme samenleving leven, leder zal dus op eigen wijze inhoud moeten geven aan die waardenoverdracht. Die zal veelkleurig zijn. De uitnodiging van Van der List toont aan dat er debat is. Dat is goed. Als de spruitjeslucht er maar niet overheen gaat." Wat is er toch gebeurd met al die tranen van hoop die iedereen toen de vrije loop liet? Of waren het tranen van vermoeidheid, van opluchting, van de ontlading na alle spanning die aan de verkiezingen vooraf was gegaan? Misschien is het allemaal wel veel te snel gegaan. Voor iedereen. Ook terug in Nederland blijkt het onmogelijk om de wervelwind van gebeurtenissen in Zuid-Afrika objectief te zien, laat staan beschrijven. Alles kleurt de perceptie. Goed en kwaad zijn onontwarbaar. Vanaf mijn eerste dag in Pretoria, driejaargeleden. De verbijstering dat een zwarte die toen in een café aan mijn tafeltje kwam zitten, werd weggestuurd. Misschien was het gewoon een lastige gek. Misschien was het omdat hij zwart was. Enkele dagen later toonde de televisie de beelden van de slachting bij Bisho, die volgde op de slachting bij Boipatong, die volgde op de slachting van... Natuuriijk kregen we een gecensureerde versie voorgeschoteld. Destaatsomroep SABC was toen nog een instrument van de Nationale Partij. Maar de beelden waren onthutsend genoeg. Daarna ging alles in duizelingwekkend tempo. Codesa, de meerpartijenonderhandelingen, kwam weer op gang, afwisselend mèt, zonderen mèt Inkatha. De communistenleider Chris Hani werd voor zijn huis doodgeschoten door een Poolse anti-communistische migrant. Ziedende massa's trokken plunderend door de steden, maar de verwachte burgeroorlog bleef uit. Of bleef in elk geval beperkt tot de townships in de Oost-Rand. Elke dag was het daar de vraag hoeveel lijken er nu weer langs de weg of in de dorre velden zouden liggen. Vaak waren de overwerkte en overspannen mensen van Peace Action en het National Peace Secretariat bereid ons mee te nemen om samen de verhalen van de nabestaanden op te tekenen - verhalen die nu ergens verstoften. Lijken die we tegenkwamen, werden toegedekt. Cijfers verloren alle betekenis. „Bij politiek geweld zijn het afgelopen weekend in Katlehong veertig doden gevallen", klonk het over de radio. En wij maakten een grimas, alsof de impact van de berichten kon worden afgeschud als roos van de schouders. Dag in dag uit. De fascistische Afrikaner Weerstandsbeweging stormde Codesa binnen met een pantserwagen en probeerde daarna het thuisland Bophutatswana te bezetten, hetgeen resulteerde in tientallen doden en de onthutsende televisiebeelden van de executie van drie AWB'ers die eerder wild om zich heen schietend door de stad waren gereden. Moord of gerechtigheid? En in KwaZulu/Natal bleef het moorden maar doorgaan. Inkatha-doodseskaders konden hier ongehinderd opereren. De ANC-jeugd raakte dankzij de training door teruggekeerde ANCguerrilla's netzo bedreven in het gebruik van machinegeweren en vocht en moordde verbitterd terug. Een gelaagde oorlog met wortels in de Zulutradities. Een oorlog waar armoede, onwetendheid, wraakzucht, vetes in hostels in Johannesburg en hekserij een minstens even belangrijke rol spelen als politieke geschillen. Een niet te ontrafelen oorlog, die ook na de verkiezingen na een korte adempauze weer gewoon voortging, inmiddels al weerzo hevig dat de regering troepen naarde provincie heeft gestuurd. Zon niet aflatende opeenstapeling van spanning en geweld laat niemand onaangetast. Elke Zuidafrikaan is een beetje getikt. Fotograaf Kevin Carter maakte wel eens foto's voor mij. Carterwas, zoals vele Zuidafrikanen, verslaafd aan de adrenaline. „Als hij ruzie met zijn vriendin heeft, gaat hij naar de meest gewelddadige townships om daar te fotograferen", vertelde een collega. Kort na de verkiezingen, toen de rust in de Oost Rand townships eindelijk was terugekeerd, kreeg Carter een prestigieuze internationale prijs voor zijn foto's. Niet lang daarna verscheen er een kort berichtje in de kranten. Carter had zelfmoord gepleegd. Alleen een bekend Amerikaans opinieblad besteedde ruime aandacht aan Carters tragedie. Zuid- Afrika hield zich akelig stil. De fotografen hebben het überhaupt niet best gedaan. Kevins collega Steve Hilton-Barber zocht zijn toevlucht tot heroïne en cocaïne. En hun vriend Ken Oosterbroek werd vlak voor de verkiezingen bij het geweld in de Oost-Rand doodgeschoten. En dan zijn er al die andere getalenteerden dat het tegen apartheid, het conservatisme en het geweld moesten afleggen. Zij die net als Carter in Zuid- Afrika veel te weinig erkenning kregen. Onbeduidende namen zijn het, die nooit de annalen zullen halen. Journaliste AlexDodd bedreef participerende journalistiek in extremo, hield het niet vol en verdween als opgebrande en gedesillusioneerde twintiger naar Londen. Dit burn out syndroom ontnam ontelbare journalisten de muze. Soweto'sdub-dichter Lesego Rampolokeng schreef prachtige, zwartgallige teksten die eerst buiten het ANC-fiat van de politiek correcte kv nst vielen en later buiten de euforie van het 'NieuweZuid-Afrika'. Lesego is nu populairder in Duitsland dan in Zuid-Afrika. James Phillips maakte al sinds eindjaren zeventig muziektegen de onderdrukkers, eerst met de punkband Corporal Punishment, later als Bernoldus Niemand en weer later met The Lurchers. Eindjaren tachtig klampte heel alternatief Johannesburg zich vast aan zijn optredens. Onder apartheid was James natuurlijk nooit op de radio te horen. Na de verkiezingen had hij de verkeerde kleur. Van zijn platen en CD's, hoe goed ze ook waren, werden nooit meer dan een paar honderd verkocht. James verdween naar een afkickcentrum voor alcoholisten. Kort geleden reed hij zich te pletter. Toen draaide de radio zijn muziek opeens wel. Kendell Geers, Wayne Barker, Belinda Blignaut en Paul Riekert zijn avantgardistische kunstenaars, wars van alles wat politiek correct is, geïnspireerd door de unieke Zuidaf rikaanse combinatie van peilloze armoede, bruut geweld en groteske rijkdom. Maar de hyperconservatieve Zuidaf rikaanse bourgeoisie, zij die dankzij hun huidskleur snel rijk zijn geworden, is bang voor die spiegel en beschimpt de kunstenaars. Geers zit nu in Frankrijk. Blignaut gaat naar New Vork. Barker is alcoholist. En Riekert leeft op marihuana en steeds meer LSD. Het is een lijst zonder einde. Zuid-Afrika geeft weinig om zijn mensen. Het land zit vol Hans Koks en Rob Scholtens. In Zuid-Afrika heb je niets aan talent alleen. Je ontkomt niet aan kleur, aan de politiek correcte brigade, of de zich steeds luider uitende 'moral majority', de 'rechtschapen' Christenen die autokapers het liefst zouden ophangen en homoseksuelen in gestichten willen stoppen, en die dankzij de volledig uit de hand gelopen criminaliteit en de nu alom verkrijgbare porno steeds meer gewicht in de schaal leggen. Vlak voordat we terugkeren naar Nederland, worden we nog een keer bij Christine uitgenodigd. Stef woont er niet meer. Hij werd onhandelbaar, vertelt Christine. Hij is nu zieken depressief. Post-traumatische stress heet dat in het jargon. Hij mag niet meer drinken, een geluk bij een ongeluk. Al die slachtpartijen in de townships die hij moest verslaan, al die lijken, al die stress, hebben ook bij hem hun tol geëist. Andrea is er wel. Officieel is zij drie maanden op studieverlof. In werkelijkheid is zij overspannen, posteuforie stress. Alleen met Paddy gaat het goed. Het bedrijfsleven vaart wel bij het nieuwe Zuid-Afrika. Er wordt deze keer wat minder gedronken. De gesprekken gaan over de nieuwe namen in de regering en NGO's, en hoezeer zij in dezelfde val duvelen als al dieanderen voor hen. Hoe zij de nieuwste modellen auto's eisen, hoe ze alleen nog maar eerste klas willen vliegen, hoe zij alleen nog consultancies willen doen voor drieduizend gulden per dag. Hoe macht corrumpeert. „We moeten ons ertegen uitspreken", zegt iemand fel. De glimlach van het déja vu. Zuid-Afrika is hard, verdrietigmakend, ontroerend, spannend, meedogenloos, in zichzelf gekeerd, oerconservatief, Lagos, Melbourne, Blackpool en Staphorstin één. Oppervlakkig, materialistisch, prachtig, opwindend, niet te begrijpen, haat en liefde. Maar nooit saai. „Je zult Zuid-Afrika missen", fluistert Christine tussen twee afscheidszoenen door. FRED DE VRIES Sommige namen zijn om privacyreden veranderd. FOTO WERRY CRONE, TROUW ---