Enorme kloof scheidt stad en platteland in Indonesië Religie, nationalisme en armoede beslissend (Van onze reisredacteur) «Er is in Indonesië niet alleen een kloof tussen de kleine intellectuele top en de massa, er is ook — en dat houdt daarmee gedeeltelijk verband — een enorme kloof tussen stad en platteland. Een econoom die veel tijd aan dat verschijnsel besteed had, deed me het volgende verhaal. In 1954 groeide de geldcirculatie in Indonesië met 40 %. Veertig procent in een jaar: het zou in elk land voldoende zijn geweest om er een voorthollende inflatie te veroorzaken. Maar dit gebeurde niet en het optreden van het kabinet Harahap een jaar later was al voldoende om een tegenbeweging in te luiden: de zwarte koers van de roepiah daalde onmiddellijk. Niettemin waren de strijdmiddelen van minister Soemitro beperkt: hij erfde een gezwollen staatsapparaat, dat breed was uitgedijd in de tijd van de Korea-boom en dat niet gemakkelijk en zeker niet snel kon worden gereduceerd. Waaruit is de veerkracht van de Indonesische economie, vooral op monetair gebied dan te verklaren? Uit de kloof tussen stad en platteland. De inflatie is een stadsverschijnsel: het zijn de stadsmensen die het eerst de verschijnselen van de geldontwaarding bespeuren, daarop regeren met een vlucht in de goederen en die aldus de voorthollende inflatie veroorzaken. Maar het dorp heeft geen contact met de stad: het neemt de economische gewoonten van de stad niet over. En zo kon men aien dat op het ogenblik dat de stedelingen hun geld op de stamdsmarkt gooiden teneinde het zoveel mogelijk in goederen om te zetten, de dorpelingen voort gingen met sparen. Zij legden kleine geldbedragjes op zij voor de belasting, voor de aankoop van zaad en voor 'n re«erve-fondsje dat hen door moeilijke tijden, na misoogsten heen zou kunne nheipen. Zoals gezegd de bedragjes konden niet anders dan miniem zijn, maar aanfezien Indonesië een land van keuteroertjes is, waren bij dit proces tientallen millioenen spaardertjes betrokken. Het eindbedrag was dus enorm. Het is dit dorpsspaarfonds dat de Indonesische financiën heeft gered. We kregen het merkwaardig verse ijnsel dat in de steden de prijzen aanzienlijk hoger lagen dan in de dorpen en we kregen zelfs verschillen tussen de grote steden aan de kust en de provinciale hoofdsteden. In Djokjakarta taxeerde men de kosten van het levensonderhoud op 60 pet van de levenskosten in Djakarta. De artikelen die in de stad werden gemaakt, stegen in prijs: eensdeels omdat de lonen verhoogd moesten worden andersdeels omdat de inflatie een toenemende vraag naar fabrikaten schiep. Maar de dorpen van Indonesië zijn te arm om zich veel stadsartikelen aan te schaffen en zo kwam het dat die stedelijke prijsstijging zich niet op het overplantte. --- P.N.I. DIT verschijnsel kan waarschijnlijk meer opheldering verschaften over de verkiezingen dan welke geestelijke verklaring ook. We hebben er ons over verbaasd dat de PNI zoveel stemmen kreeg ondanks het feit dat die partij ten nauwste bij de corruptie was betrokken. Men had gedacht dat Soekarno aanmerkelijk aan Invloed had ingeboet mede ook als gevolg van zijn tweede huwelijk dat zovele vooraanstaande Indonesische vrouwen tot een militante tegenactie bewoog. Maar wat wist het dorp van de corruptie af, behalve dan dat ze bestond? Hoe kon ze weten dat de PNI verantwoordelük was? De boer leest niet; hü is aangewezen op de geruchten en op de voorlichting van zün dorpshoofd. Welnu, de geruchten van de stad dringen niet tot zün dorp door. „Hü kent", zei me een Javaans politicus, „niet eens de inwoners van zijn naburig dorp. Hij kent alleen zün eigen dorp." En wat Soekarno betreft: de strijd tegen de polygamie was een zaak van een handjevol vooraanstaande moderne vrouwen. In het dorp was de polygamie geen probleem aangezien de arme boertjes zich toch geen tweede vrouw kunnen aanschaffen. Vermoedelijk is het feit dat er ruzie over Hartini was, niet eens tot het dorp doorgedrongen. Tweederde van de Indonesische bevolking woont op Java, tweederde daarvan is weer geconcentreerd in Midden- en Oost-Java, het dichtstbevolkte, het armste deel van Indonesië: en deze tweederde bestaat voor het overgrote deel uit dorpsbewoners die door de revolutie slechts oppervlakkig bewogen zün. Dit wil niet zeggen dat ze terugverlangen naar het Nederlandse bewind. Integendeel ze kunnen al tyd door een troep fanatieke redenaars voor een moment tegen Nederland opgezweep worden, mits die redenaars maar een beroep doen op alle vooroordelen die in het dorp leven. Maat het betekent wel, dat de revolutie bitter weinig veranderd heeft aan de levensgewoonten, de denkgewoonten en de gevoelens van het dorp. let grootste succes was dan ook weggelegd voor de partüen die hun propaganda aan de primitieve gevoelens der dorpelingen hadden aangepast. Het algemeen kiesrecht legde de grootste macht in de handen der armste provincies en achterlijkste; want zh' waren het meest bevolkt en daar moesten dus de meeste zetels vandaan komen. Dit betekent dat achterlijkheid cri armoede een groot deel van de verkiezingsuitslag verklaren. „We zijn een achterlijk volk", zei me een Indonesiër, en we worden dus veel i eer dan anderen beheerst door sentimenten." Er zijn drie sentimentsstromingen: de religie, het nationalisme en de ontevredenheid die uit de armoede voortkomt: deze drie verklaren in hoofdzaak de verkiezingsuitslag. Het is ongetwijfeld waar: van de vier grote partijen die thans het toneel beheersen, zijn er twee islamietisch, een is nationalistisch; de vierde is de communistische partij, de exploitant van de armoede. Maar waarom zou het nationalisme de dorpelingen zo diepgaand beïnvloeden? Waarom moest de islamietische partij in tweeën vallen? --- Java DE PNI heeft de meeste aanhang in Midden- en Oost-Java. In deze provincies kreeg ook de PKI een zeer grote aanhang; Oost-Java is daarnaast het bolwerk van de Nahdatul Ulama de meest bekrompen, meest ouderwetse islamietische partö. De N.U. had zich van de Masjoemi afgescheiden, omdat de Masjoemi naar de smaak der dorpse godsdienstleraren te modern was. Men kan moeilijk het verschil tussen Masjoemi en N.U. karakteriseren als dat tussen modern of orthodox. Want in vergelijking tot de N.U. is de Masjoemi niet alleen modern maar ook orthodox: ze verdedigt een zuiverder Islam dan de dorpsgeleerden. Het beste kan men nog het verschil kwalificeren als dat tussen stads- en dorpsgeloof, waarbij men dan moet bedenken dat het dorpsgeloof cultureel zeer laagstand is en een enorme hinderpaal is voor iedereen die de Javanen cultureel zou willen ontwikkelen. Men kan het verschil ook niet kwalificeren als dat tussen links en rechts. Da Masjoemi heeft een reactionnaire, maar ook een socialistische vleugel en tot die vleugel behoort de jeugd en eigenlijk alles wat in de Masjoemi veelbelovend is. Maar de N.U. moge dan al in cultureel opzicht reactionnair zijn, ze is de partij van de armste massa en deze mensen zouden voor iedere revolutionnaire actie te vinden zijn, indien het door hun dorpsleiders voldoende met religie werd versierd. Wat Java zijn speciale karakter geeft is niet alleen het hindoeïstische element; het is ook het feit dat Java langer dan enig ander eiland onder feodale heerschappij heeft gestaan. Het Midden- en Oostjavaanse volk heeft daardoor een onderdanige trek gekregen die men elders in Indonesië mist. aardoor kon de Islam er zich zo snel verspreiden; daardoor kon het koloniale regime er zich zo gemakkelijk vestigen. En in drie eeuwen koloniaal bewind ls deze trek alleen maar sterker geworden. Deze mensen hebben altijd hun overheid blindelings gehoorzaamd: eerst hun feodale meester, toen de Nederlandse bestuurder en nu: de republiek. --- Bestuursposten WELKE partij is op Java de partij van de overheid? Het is de P.N.1.: zij heeft er alle bestuursposten in handen: de gouverneurs, de wedana's, de assistent-wedana's. Onder de regering-Ali zijn zovele bestuursposten door de P.N.I. overgenomen dat men bijna kon spreken van het verzetten van de wet. Op brutale wijze werden de niet- PNI-ers uit hun posities verwijderd en meteen begon het bestuursapparaat druk uit te oefenen op het dorp. Het ministerie van voorlichting is vrijwel een bolwerk van de PNI geworden, wat niemand kan ontgaan die er even dieper in doordringt. Dit ministerie nam al te snel de gewoonte aan om regeringspropaganda gelijk te schakelen met propaganda voor de PNI. Ingewijden hebben mn' verteld ..dat het ministerie over een speciaal verkiezingsfonds beschikte, bestemd om het volk over de verkiezingen voor de lichten. De gelden van dit fonds hoefden niet verantwoord te worden. Men kan dus begrijpen hoe we werden gebruikt. „Wie het dorpshoofd heeft, heeft het dorp", zei me een agrarische specialist van de PSI. Dat begreep de PNI ook. Terwijl andere partijen openbare vergaderingen belegden, gingen PNI-bestuurders naar de dorpen; ze confereerden er met de loerahs, de dorpshoofden. Soms kochten ze de loerahs om: elders weer werkten ze met bedreigingen. Want de loerahs moeten per saldo in hun functie bevestigd worden door het departement van Binnenlandse Zaken. Maar dikwijls was zelfs geen bedreiging nodig. Want de loerah had zeer veel belangen met de regeringsfunctionarissen gemeen: ze zijn de dictators van het dorp en ze hebben dus geen bezwaar tegen het straffe regime dat de regering-Ali poogde in te voeren. Ze hadden nog minder bezwaar tegen de sombere corruptiepractijken. Integendeel: ze vonden het heel gewoon dat de machtshebbers van hun macht profiteerden. Ze deden dat zelf op dorpse schaal ook. --- Nieuwe sultan OM eerlijk te zijn, ook hun dorpelingen vonden die corruptie dikwüls minder erg. Ze waren aan zware schattingen gewend; ze hadden altijd gezien dat hun regenten rijk, prachtlievend en dictatoriaal waren en ze hadden dikwijls genoeg onder sultans gezeten die hun glorie onder meer uitdrukten in het aantal hunner vrouwen. Waarom zouden ze Soekarno kwalijk nemen dat hij polygaam werd: het bewees te meer dat deze republiek een Javaanse republiek was en Soekarno de nieuwe Sultan, de Sultan van de twintigste eeuw. De PNI heeft van haar machtsmisbruik enorm profijt getrokken. Direct na de verkiezingen kwamen al berichten binnen over intimidatie, over lasterlijke fluistercampagnes, die hele dorpscomplexen meegesleept hadden, over leugenachtige bedreigingen, die gehele bevolkingsgroepen van de stembus hadden weggehouden. Dat heeft zijn gevolgen gehad. Maar men moet zich daar niet door van de wijs laten brengen. Het is twijfelachtig of herstel van deze corrupte uitslagen iets principieels zou wüzigen aan het beeld dat thans in grote trekken voor ons ligt. En het blijft dan toch maar merkwaardig, dat zulke intimidaties, fluistercampagnes, lastercampagnes, een zo snelle en ingrijpende invloed op hele dorpsgemeenschappen konden hebben. ~In onze dorpen," zei me dezelfde specialist nog, „kent men niemand die van buiten komt, zelfs niet de gouverneur. Maar men gehoorzaamt iedereen die epauletten draagt. Soekarno heeft hier een groot succes behaald: maar hij was de president; de PNI was de presidentspartij. Als Soekarno niet staatshoofd was gel weest, zou het succes vermoedelijk belangrijk minder zh'n geweest. --- Tegenstelling was een belangrijke factor bij de verkiezingen WIET alleen uiterlijk, maar ook ' innerlijk bestaat er een grote kloof tussen de stadsbevolking in Indonesië (links) en de bevolking van het platteland. --- Communisten Ook de PKI, de communistische partij, heeft van die Javaanse trek geprofiteerd. Ze is ongetwijfeld de partij van de demagogie die zonder enige rem de gevoelens van nood, wrok en jalouzie der allerarmsten exploiteert. Ik heb dorpen bezocht waar men bij de verkiezings uitslag op de man af kon narekenen: de PNI stemmen kwamen van de vaders die een stukje land hadden: de PKlstemmen van de zoon die niet aan land toekwamen; dat waren er driemaal zoveel. En in sommige stadswijken hoefde men slechts de mannen en vrouwen te tellen die in de stinkende batikfa%rieken werkten. Ze was de partij voor een massa die nog geen eigen discipline had ontwikkeld maar bereid was zich in een harde discipline van buiten te schikken. Ze was de best georganiseerde partij en de meest actieve, maar ze beschikte ook over het grootste aantal bezoldigde propagandisten. Er zijn plaatsen waar ze op iedere 300 leden een volledig bezoldigde kracht hadden. Ze beschikten over enorme bedragen, waarvan de herkomst geenszins geheim was. Een politieke groep die de Chinese ambassade schaduwde, constateerde dat alle leiders der PKI op tourbeurt naar die ambassade gingen. Daar kregen ze geld fn En dit is niet gering, want de Chinezen zijn in dit opzicht niet geheel gelijk aan de Russen. De Russen hebben telkens en telkens weer de communistische partijen van het buitenland in de soep gereden, doordat ze die partijen dwongen een liin te volgen die in Rusland uitgedacht en alleen daar uitvoerbaar was. Maar de Chinezen hebben daar zelf last van gehad en ze hebben die les geleerd. Die springen zuiniger om met de communistische partijen en ze leiden ze met meer locaal begrip en meer realisme. Niettemin: ook de PKI had niet zon succes kunnen hebben als de Javaanse massa niet zo vatbaar was voor intimidatie. Geen enkele partij heeft intimidatie met zoveel consequentie toegepast als de communisï.nv£?rstreefden daarin de PNI voorbij. De PNI dreigde met broodroof en met de politie: de communisten hadden hun eigen gangsterbenden om hun bedreigingen kracht bij te zetten. En nergens lukte dat zo goed als met Javanen. Ik be zocht een onderneming op Sumatra waar van de 1400 arbeiders 1200 op de PKI hadden gestemd. „Het zh'n allemaal Javaanse immigranten," vertelde me de administrateur. In dit licht beschouwd is het succes der communisten niet eens overweldigend. --- Socialisten Ti. e* "en* van deze ervaringen is X het geringe resultaat van de PSI niet _ verwonderlijk. De PSI is de meest westerse, de meest redelijke party van Indonesië. Ze doet een beroep op het socialistische gevoel, een nobel gevoel, dat millioenen mensen al in beweging heeft gebracht. Maar het is een ideaal dat een stevige vooropleiding veronder- Ook in Nederland was de SDAP zwak, zo lang de hongerinstincten der massa zich op het anarchisme richtten. De partij had een kader: ze had geen massagroepen achter zich. Ze had een leider, en dat is veel in Indonesië, maar deze man, Sjahrir, had jaren lang vrüwel ieder openbaar optreden verwaarloosd, ioen hij de verkiezingscampagne voor znn partij opende, was het te laat. Znn naam was verbleekt; zijn grote verdiensten vergeten, want er was nooit agitatie mee gevoerd. En hij had geen enkele functie, die aan zijn naam glorie had kunnen verlenen. Deze handicap had gedeeltelijk opgeheven kunnen worden indien de leden van zün partij zich ook inderdaad als kader hadden gedragen, d.w.z. overal in hun omgeving aan het werk waren gegaan om hun kennis en hun persoonlijke prestige in organisatorisch houvast om te zetten. Sommigen hebben dat gedaan. Tauchid, een bekwame organisator, heeft een boeren-organisatie opgericht die stellig iets belooft en die in elk gffval, er in is geslaagd, overal waar ze werkt, de dorpselite in de echte zin van dat woord, tot zich te trekken. Andere jongens hebben een vakbond opgericht, die de strn'd tegen de communistische centrale, de Sobsi, opneemt. --- Ongeldig "~ET is duidelijk dat boerenbond en A-l >nd de twee voeten zyn waarop Je PSI moet leren lopen. Maar vele anderen, intellectuelen, hebben verstek laten gaan en zich bepaald tot het houden van lezingen voor andere houders van lezingen. „Weet je wie de meeste ongeldige stemmen heeft" vroeg me een PSI-lid, dat talent met humor verbindt. „Onze PSI. Want onze intellectuelen wilden vooral laten zien dat ze geen analfabeten waren. Ze wilden dus niet alleen het symbool van onze partij doorprikken, maar ook nog de naam van lijsttrekker er bij schrijven. En aangezien men slechts een van tweeën mocht doen, maakten ze daarmee hun stem ongeldig." Er ligt in deze boutade veel waars. En dat viel me nog meer op toen ik Bali bezocht. Daar wachtte me een verrassing: op dit eiland is de PSI doorslaggevende partij. Haar symbolen waren overal: hun activiteit bleek op ieder terrein. De vakbond was er van betekenis: de boerenbond was er sterk: De PSI heeft er de meest en zeker de mooiste scholen laten bouwen en beheerst er overigens het gehele onderwijs. Maar Bali is een bijzonder eiland: de kinderen zijn er een lust voor het oog: het vee ziet er verzorgd uit: het analfabetisme is er veel lager dan op Java. Het eiland is rustiger en eigenlijk beschaafder dan midden-Java — ziedaar een onmisbare voorwaarde voor het succes van een partij als de PSI. En dan is er ten slotte nog een detail dat veel verheldert: de PSI heeft niet alleen alle economische leiders van het eiland in haar rijen, maar ook alle religieuze leiders. De voornaamste priesters van hun hindoeïstische religie zn'n lid of sympathisanten. De partij zelf is veeleer religieus-socialistisch; en op haar scholen wordende kinderen opgevoed in een religieus-socialistische ethiek. Men kan dus zeggen dat op dit eiland de PSI alle gevoelsstromingen van het volk naar zich toe wist te trekken en dit verklaart dat de partij er een zo populair karakter draagt. Ze is de afspiegeling van het volk daar en het spreekt dus vanzelf dat de werkzaamheden van de party zich in constructieve arbeid op - ieder gebied uitleven. Eenmaal op dat peil aangeland, was het niet moeilijk alle dynamische elementen naar zich toe te trekken: de hele Verzetsbeweging van Bali is en bloc naar de PSI overgekomen — waar ze overigens een jaar in quarantaine is gehouden om de guerrilla kt en de vreedzame opbouwarbeid aan te leren.... Niettemin, ook op dat eiland is de PNI er in geslaagd — door intimidatie, door omkoperij — in stemmen de PSI voorbij te streven, al moet worden gezegd dat de PSI er onmiddellijk achter komt. Ook in zijn sterkste burcht mist deze partij dus de bijtkracht die haar in staat stelt de strn'd tegen demagogie en corruptie met voldoende succes te voeren. Op Bali is in ieder geval de PSI gespaard voor het noodlot dat de Saragatpartij van Italië vervolgt. Maar daarvoor waren drie factoren nodig: een beetje meer welvaart, een beetje meer belezenheid en een vermenging van religie met de partijpolitiek. Waar de laatste factor ontbrak — zoals op Sumatra — bleef de PSI toch onbelangrijk. Het is duidelijk, dat de socialisten alleen kans hebben indien ze een van de traditionele gevoelsbedding van het volk gebruiken. (In dit verband is het interessant, dat de leider der Socialistische Partij van Burma, die er een grote regeringspartij is, tevens leider is van de nationale religie). Het is de vraag of er voor het socialisme op den duur niet meer te verwachten is van de socialistische vleugels van PNI en Masjoeni, vooral op de eilanden buiten Java. Want voordat Java aan de eerste twee voorwaarden voldoet — meer welvaart en meer ontwikkeling — zal nog wel enige tijd voorbij gaan. --- Rijken van deze eeuw (I) door EGON JAMESON en G.L. SCHWILL rI_ENT, toeval, energie of atkomst? Waaraan danken de millionnairs en multi-millionnairs van deze tOd hun fabelachtige rijkdommen? In de wekelijkse serie „Rijken van deze eeuw" geschreven door Eugen Jameson en G. J_. Sehwill, die wjj vandaag beginnen, zullen wij trachten een antwoord op deze vraag te geven, een antwoord dat in vele gevallen bestaat uit de beknopte beschrijving van een boeiende levensloop van deze rüksten-aller-rüken. Een brokje moderne romantiek, in een verhaaltje verweven, een uittreksel uit dat grote verhaal dat het menselük leven is, dat is het kenmerk van deze serie. jj Beslist niet meer. WH geven jj deze biografieën zonder enige l* tendentie ten goede of ten kwade. ? Geen andere bedoeling hebben wij f dan het op schrift stellen van de lf feiten. I Mocht de lezer niettemin willen t pogen een „moraal" te putten uit C hetgeen in deie serie wordt be- C schreven, het staat hem vrü. ', Uitsluitend waar het betreft de \ veel gehoorde wijsheid dat geld \ niet altijd gelukkig maakt, willen JC wij bü voorbaat delen in lijn 't mening. t --- OPNIEUW r Maar Kokichi Het zich niet uit z het veld slaan. Opnieuw begon hn'. I Dit keer probeerde hü de irritatie c tot stand te brengen met paraffine- r kogeltjes, met stukjes koper cii 1 met glassplinters. Nu eens bracht P hü deze voorwerpen van boven, dan ° weer van onder en soms ook via de B zükant in het binnenste van de schaal, waar zij de weke huid van r de oester moesten prikkelen. » Intussen leed zijn familie hon- P ger. Zijn laatste spaargeld spen- ~ deerde hij aan de duikers, die hem j. voorzagen van de oesters die voor n zg'n proeven nodig waren. Meer geld leende hü tegen woekerrente. . Een jaar ging voorbij, twee « jaar... Zou het in het derde jaar t( Hfc er misschien van komen? Weer MÊ- mislukte al.es, want reusachtige hoeveelheden plankton vernietigden zijn teelt. Gelovige Japanners deden een overval op zijn hut en zij dreven de spot met zijn hardnekkige trots. Kokichi moest voor hen vluchten om zich ir veiligheid te stellen. Toch zag hij kans om voor de laatste maal een lening al te sluiten. En in een kleine inham van de baai ontdekte Kokichi ten slotte een paar oesters die er het leven hadden afgebracht. Hn' opende ze en, ziet, er kwam een parel te voorschün, de eerste die kunstmatig werd gevormd. De parel was weliswaar niet rond, maar het was een parel. Zijn vasthoudendheid had het gewonnen. Hü had de natuur haar geheim ontrukt. --- MAAR MENÉÉR... Het opnemen van brieven in deze rubriek betekent mef dat de redact.it instemt met de meningen die daarin tot uitdrukking komen doch dat z%t deze belangwekkend genoeg vindt om ze ter kennis van de lezers te brengen. Brieven zonder volledige naam en adres worden terzijde gelegd. --- Alimentatie MET grote vreugde dank ik prof. Langemeijer voor de wijze waarop hij het onderwerp alimentatie behandelde. Ik geloof, dat er met mij duizenden zuchten onder dit juk. Ik ben achttien jaar getrouwd en heb ook al achttien jaar alimentatie betaald. Wat dat wil zeggen in een gewoon arbeidersgezin hoef ik niet te vertellen. Je moet je er een hoop andere dingen voor ontzeggen. Nogmaals ik spreek uit naam van duizenden mensen als hier wat meer aandacht aan wordt besteed en er een beetje spoed achter wordt gezet. Het zijn inderdaad de minst draagkrachtigen die hun tol moeten betalen. Amsterdam. MEVROUW K.—D. --- Fuifje rR bestaat m.i. niet het minste be_L_ .zwaar, dat ook scholieren zo nu en dan eens een fuifje hebben, maar het fuiven" in Den Haag — en vermoedelijk soortgelijke fuifjes ook wel in andere plaatsen — is geen fuiven [T.eer- at zijn drinkgelagen met mogelijke dubieuze sexuele tendenzen, waarbij de morele remmen niet of zeer onvoldoende werken. Het behoeft geen nader betoog, dat dit euvel met kracht bestreden moet worden en dat de kinderen duidelijk moet worden gemaakt, althans zoveel mogelijk, dat uitspattingen niets te maken hebben met feestvieren, dat ontspanning betekent in een vrolijke, opgewekte sfeer. Ben welkome afleiding ook voor de studie van alle dag. Een studie bovendien, die niet in alle opzichten de belangstelling van de kinderen heeft, niet kan hebben. En ook niet behoeft te hebben. Een vernieuwing, een verfrissing in deze hoek zal de kinderen zeker in menig opzicht ten goede komen Ook in menig gezin zal men zich moeten bezinnen op de vraag, of de kinderen thuis wel een behoorlijk tegenwicht vinden in een wereld, waar het moreel niveau ongetwijfeld aan de lage kant ligt. De gedragingen van een kind houden altijd min of meer verband met de mentaliteit van het gezin, waarin zij leven en opgroeien. Is het gezin defect dan zal de overgebleven ouder voor een zware taak staan en misschien wat meer overleg moeten plegen met een ander. Is het gezin intact, dan hopen we ■— en niet in de laatste plaats voor de kinderen, —■ dat vader en moeder zoveel mogelijk samen voorkomende problemen en kwesties trachten op te lossen en bij verschil van mening die nooit uitvechten in het bijzijn van hun spruiten. Een kind is gauw geneigd te luisteren naar die ouder, die volgens hem het dichtst bij hem staat. Dus naar de niet strenge vader of de niet strenge moeder. Het contact tussen school en huis is beslist onvoldoende althans in bepaalde gevallen. Ouderavonden en spreekuren geven geen gelegenheid tot het behandelen van allerlei moeilijkheden. Vaak voelen de ouders zich thuis ook beter op hun gemak. Niet ieder leraar is trouwens een goed psycholoog. Het lijkt mij daarom van groot belang — en dit zou ik de conclusie willen noemen van dit uiteraard zeer summiere stukje — dat er een schakel wordt gevormd tussen school en huis, zoals dat bv. in Amsterdam gebeurt. Een tussenpersoon — een maatschappelijk werker bv. — die een levendig contact onderhoudt tussen leerkrachten en ouders. Deze „vertrouwensman" van leerkrachten, ouders en ook van de kinderen zal, naar het mij voorkomt, goed werk kunnen verrichten. Hij zal natuurlijk psychologisch geschoold moeten zijn hij zal tactvol en met veel beleid té werk moeten gaan en hij zal een gezonde kijk op het leven moeten hebben. Wij kunnen lang en breed babbelen of praten over de schuld van de ouders of die van de school of die van de kinderen, maar wij komen er tenslotte geen stap verder mee. Het zover van elkaar verwijderd zijn — en ik bedoel hiermee dus school en huis — is ongezond, werkt allerlei moeilijkheden in de hand. Het is toch eigenlijk een grote dwaasheid, dat een kind in de moeilijke jaren van zijn leven niet de zo hoog nodige steun ondervindt, welke kan uitgaan van een innige samenwerking tussen ouders en onderwijzers. En daarvan is tot heden geen sprake, de gunstige uitzonderingen daargelaten. Nu zweeft het kind als het ware tussen de school en zijn eigenlijk tehuis. I.aten wij hopen dat van Overheidswege zo spoedig mogelijk maatregelen worden getroffen in de zin als boven aangegeven. Bloemendaal w. BEIBOER --- Parelkoning Kokichi Mikimoto HOE TREITERT MEN OESTERS? TREK de zijden japon van je moeder aan en ga met me mee naar Jokohama." Deze woorden sprak Kokichi Mikimoto op een dag tot zijn vrouw Urne, nadat hij zijn etensschalen met doeken had afgedekt. Het echtpaar nam afscheid van de vijf kinderen en trok over een afstand van 60 km Oostwaarts langs de Japanse Oceaankust naar de grote stad. Mikimoto stelde veel belang in de diepzeetentoonstelling die daar werd gehouden. Hij was 33 jaar. oud en koesterde nog allerlei plannen voor de. toekomst. Voor een vitrine met parels bleef hij urenlang staan. Hij had al zo veel van deze geheimzinnige kostbaarheden gehoord. Nu kon hij zien hoe ze ontstonden en groeiden; De parel wordt geboren wanneer de oester nijn lijdt en huilt. Het een of andere zandkorreltje is naar binnen gedrongen en prikkelt de uiterst gevoelige slijmhuid. De tranen van de oester, die bestaan uit koolzuurhouden- : de kalk, kristalliseren. Een het wonder : is gebeurd — een parel is geboren. Op een nacht in het hotel toen Kokichi de slaap niet kon vatten, maakte \ hij zijn vrouw wakker. „Ik ga oesters treiteren!" Urne dacht nog dat zij i droomde, maar ze vergiste zich niet. ] Haar man wilde de oesters op kunst- 1 matige wijze irriteren, zodat ze zouden gaan huilen. j „We zullen dan parels hebben zoveel • als we maar willen!" < „Maar hoe wil je dat doen, Kokichi?" I „Ik doe de schelp een beetje open < en schuif tussen de oester en de schaal ' een stukje schelp. Dat doet pijn, de oes- I ter begint te huilen — en de parel is ! er!" ! Kokichi Mikimoto was bezeten van dit ' denkbeeld. Weer thuisgekomen verkocht 1 hij zijn schelpenwinkel en trok met ziin j vrouw en kinderen langs de Oceaan. Na ' wekenlang zoeken ontdekte hü een klei- < ne baai, waarin geen roofzuchtige vis- < sen voorkwamen, de Ago-baai. Op het < strand bij de baai bouwde de familie ] Mikimoto een hut. Kokichi zette tienduizend „getreiterde" oesters in het stille water uit. Steeds drie op elke Vierkante meter. Toen wachtte hij af. • Drie maanden later haalde hij de uit- { gezette oesters weer op. Niets... maar dan ook niets... --- Rode Kruis ABONNé te Amsterdam (Parool 27 October) kan zich begrijpelijkerwijs het enorme werk van de registratie der krijgsgevangenen niet voorstellen en weet, dus blijkbaar niet, dat de terugkerende Duitse krijgsgevangenen allen z.g. „Postschreiber" zün, d.w.z. zij hadden reeds schriftelijk contact met hun familie. De Suchdienst van het Duitse Rode Kruis werkt regelmatig aan de liist van vermisten en gevangenen, die riu nog een kleine millioen bedragen. Het aantal vermisten in Nederland omvat ongeveer 1500 personen. Vermisten zijn lieden, omtrent wier lot niets vaststaat. Deze mensen zijn het laatst, gezien in de omgeving van de Russische linies en als zodanig gesignaleerd door inmiddels teruggekomen kameraden. Door getuigenverklaringen van terugkerenden wordt deze lijst langzamerhand kleiner, dat geldt voor Nederlanders zowel als voor Duitsers. De overgrote meerderheid der vermisten blijkt omgekomen te zijn, hetzij tijdens de oorlogshandelingen in '44-45, hetzij nadien in gevangenschap. Het aantal dergenen, die doodgewaand zün en die nu terugkeren, is zeer klein. De bron van leed, waarover de abonné schrijft, komt voort uit het feit, dat de nabestaanden niet kunnen geloven, dat het uitgesproken vermoeden van overlijden juist kan zijn. Zowel het Internationale Rode Kruis in Genève als de Suchdienst van het Duitse Rode Kruis en het Informatie- Bureau van het Nederlandse Rode Kruis werken zeer nauw samen. Gegevens en portretten zijn verzameld, die aan de terugkerende worden getoond. Bij ieder terugkerende wordt naar lotgenoten geïnformeerd en alles wordt door deze instanties in het werk gesteld om het leed, dat de nasleep van de oorlog vormt, te verminderen. Den Haag MEJ. T. LEPOUTRE (Perschef Ned. Rode Kruis). --- MONSTER-BEDRIJF Hiermede eindigt dit hoofdstuk van het millioenen-succes. Wat nu volgt kan ieder zich gemakkelijk voorstellen: op zijn vinding werd patent genomen, zrj werd verbeterd. Het lemen kogeltje dat de tranen opwekt werd nu van tevoren in het vlees van de oester aangebracht. Het eenmansbedrijfje groeide uit tot een geweldige onderneming met eigen schepen, laboratoria en met duizenden duikers en pareldeskundigen. Mikimoto's wonderen kostten slechts een vierde van de oorspronkelijke prijs. Maar de juweliers in Parijs deden hem een proces aan. Mikimoto had niet het recht om zijn producten als echt op de markt te brengen, zo zeiden zij. De rechters kwamen na onderzoekingen met röntgenapparaten tot de slotsom, dat men geen onderscheid kon vaststellen. Slechts het middel dat diende om de tranen van de oester op te wekken leek niet op het natuurlijke product. De justitie moest erkennen dat de producten van Mikimoto echt waren. Ondanks deze overwinning bracht Mikimoto ze onder de naam „gekweekte parels" op de markt. En van millionnair werd h§ milliardair. --- CONCURRENTIE uL'/ïui/nnii/vi /___■ In de zomer van 1923 liep echter zijn patent af. ledereen mocht nu van Mikimoto's ontdekking gebruik maken en velen van zijn voormalige medewerkers werden zün concurrenten. Maar zij zagen toch geen kans het product van Mikimoto te .evenaren, want de Japanner was verstandig genoeg geweest om zün laatste geheim niet prüs te geven. Door minderwaardige producten van zijn concurrenten raakte de gekweekte parel in discrediet. Om de wereld duidelijk te maken, dat slechts hij de beste parels leverde, liet Mikimoto alle minderwaardige parels in het openbaar verbranden. In de tweede wereldoorlog werd Mikimoto door de Japanse regering gedwongen zijn bedrijf in te krimpen. Immers parels waren van geen belan°- meer voor de oorlogseconomie. Na de nederlaag vanzijn land bouwde de nu bijna honderdjarige zijn zaak weer op en maakte er een belangrijk exportbedrijf van. Kort voor zün honderdste verjaardag stierf hij. Zijn nakomelingen zetten echter het werk in zijn geest voort. (Copyright HET PAROOL) --- (Advertentie) ___H-&' ___j_____tB§Bl_ Lederen herenhandschoen gepecariseerd (pigskin effect), met flanel gevoerd. Drukknoopsluiting of slip-on model. In bruin en grijs Lederen dameshandschoen \ eveneens gepecariseerd en met flanel gevoerd. Zwart, cerise, bruin of grjjs 8.50 .gg|_. _jeoÊmjÊk |||P||^; ' Wollen (%#j^: dameshandschoen in 7 verschillende mooie tinten --- (Advertentie) v ~ . k _____.^__q___a_____________9 ---