Wetenschappen Een raket voor de stratosfeer. Op het oogenblik wordt te Moskou, naar het Tass-agentschap meldt, een meteorologisch raket gebouwd volgens de plannen van den uitvinder Parajew. Deze raket welke zal worden gebezigd voor het stratosfeeronderzoek zal begin April gereed zijn. Het gewicht bedraagt 15 Kg. De reactiemotor van het toestel wordt met benzine en zuurstof gedreven. De raket voert toestellen voor het registreeren van den druk, de temperatuur en de snelheid van de vlucht mede. Glycerine tegen mosterdgas, EEN EENVOUDIG BESTRIJDINGSMIDDEL. Prof. Klarenbeek te Utrecht heeft vastgesteld, dat het mogelijk is de huid van mensch en dier tegen de inwerking van mosterdgas te beschermen door gebruik te maken van glycerine, dus een zeer eenvoudige en goedkoope methode, die tot dusver in de gasbeschermingsliteratuur nog niet bekend was. Wel had men voor dit doel antiphlogistine en mengsels van glycerine en gelatine gebezigd, maar men was nog niet tot de slotsom gekomen, dat het werkzame bestanddeel glycerine was. Door weefsels en verbandstoffen in glycerine te drenken, kan men dus de gevaren van mosterdgasbesmetting belangrijk verminderen. Kieren en naden in verblijven kunnen worden afgesloten door een mengsel van houtlijm of gelatine en glycerine. Op deze wijze kan de strijd tegen nadeelige gevolgen van het mosterdgas, ook voor de burgerbevolking, belangrijk worden vereenvoudigd. Aardverschuiving bij Soemedang, De aardbeving in den weg tusschen Kadhipaten en Soemedang in den Preanger, is in omvang verergerd; een helling met een oppervlakte van ongeveer 10.000M2 is rustig aan het afglijden. Over een lengte van 60 meter zakt de weg in het ravijn. De oorzaak is dat de weg rust op een kleilaag, welke door het water is onderspoeld. Overal ontstaan kloven ter breedte van een voet en ter diepte van vijf meter. --- DE BRABANTER. Meer belangstelling voor een oud Nederlandsch hoenderras. De Pluimvee- en Sierduivenvereeniging 's-Hertogenbosch en Omstreken en het jubeljaar 1935, Dat wij in een eigenaardigen tijd leven, die naast nieuwe scheppingen, oude ziet verdwijnen, op veler gebied nivelleerend werken, zal ieder moeten toegeven. Er heeft verlies plaats van oude zeden, gebruiken en vormen, die snel tempo versmelten in de gelijkmakingskroes van dezen tijd. Natuurschoon maakt plaats voor den opdringenden mensch, die met steeds nieuwere middelen den moeilijken strijd om het bestaan tracht vol te houden. Begrijpelijk dat dit door velen met leede oogen wordt aangezien, en door hen getracht wordt voor het nageslacht te redden wat te redden is. Het is bovendien een natuurlijke reactie op het alles vervlakkende gelijkmakende streven van dezen tijd, waarbij maar al te vaak veel valt, dat met eenige moeite overeind kon blijven staan. En zoo heeft men vereenigingen tot behoud van natuurmonumenten van streekeigen, van uitstervende diersoorten en meerdere in dezen geest zien geboren worden. Het Openlucht Museum, waarvan de gedachte het eerst te Skansen bij Stockholm in tastbare vorm werd omgezet, is er ook eene uiting van. Naast het bewaren in parkomgeving van oude boerderijen en andere gebouwen in hunne volledige in- en uitwendige gebruiksuitrusting is daar ook een plaats ingeruimd aan de eertijds, of nog, in het wild levende dieren van Zweden. Maar wat men daar niet ziet en er toch ook wel een plaatsje mocht hebben, zijn de huisdieren en daaronder wel in het bijzonder de hoendersoorten. In den loop der tijden — en wel vooral in de laatste tientallen jaren, waarbij de wereldoorlog van 1914—1918 een grooten rol speelde — heeft het pluimvee zich aan de tijdgeest der gelijkmakende uitbuitende economie moeten aanpassen. En zoo is ook op dit terrein veel verloren gegaan. Maar ook door doelbewust en taai volhouden van eenige kippen-enthousiasten nog behouden of weer teruggekregen wat op het punt stond te verdwijnen of reeds verdwenen was. En dit werd ten slotte door aansluiting der enkelingen weer het best bereikt en bevestigd. Zoo werd o.a. de Nederlandsche Hoenderclub in 1900 het aanzien gegeven. Dit is de Vereeniging die hare beschermende hand uitstrekt over de uitstervende Oud Hollandsche hoenderrassen — waaronder de Brabanters gerekend moeten worden — en nog steeds met teedere zorgen blijft koesteren en volmaken. Later zijn de nieuwgevormde nationale soorten als de Barnevelders, Welsummers, Groninger Meeuwen, Twentsche Grijzen en Noord-Hollandsche Blauwen in die belangstelling mogen gaan deelen. De Brabanters zijn een ras uit lang vervlogen tijden. In vorige eeuwen werden zij gefokt waarschijnlijk gelijktijdig met de kuif hoenders; maar wanneer, op welke wijze en door wie dat is bezwaarlijk na te gaan. Het was in een tijd van groote welvaart toen aan versiering van huis en hof gedacht kon worden. Toen onze schilderkunst op zulk een hoog peil stond, dat hare voortbrengselen thans nog internationale bekendheid bezitten en kapitalen voor verwerving vereischen. Het zijn de gestoffeerde landschaptafereelen van den beroemden pluimveeschilder M. Hondecoeter — in 1636 te Utrecht geboren en 1695 te Amsterdam gestorven — o.a. die de hoenderscheppingen van dien tijd voor het nageslacht bewaard hebben. En daaronder vinden wij ook de Brabanters, een hoendertype, slank van vorm met opstaande gesloten kleine kuif en baard. Maar het heeft lang moeten duren en de 20ste eeuw moest aanbreken, alvorens doelbewust de pluimveefokkerij ter hand genomen werd. Doch toen was ook het oogenblik daar, dat wat nog in rustige omgeving aan ondergang had weten te ontkomen, ten doode gedoemd werd, doch het is aan de Nederlandsche Hoenderclub te danken dat weer belangstelling voor oude inheemsche hoenderrassen werd aangekweekt en deze, in meerdere of mindere mate, in stand konden worden gehouden en tot schoonere en practischere vormen werden en worden gefokt. Behalve het brengen op tentoonstellingen door het uitloven van prijzen, zal de eind 1933 gereed gekomen samenstelling van de standaards van alle Nederlandsche Hoenderrassen daar niet weinig toe bijgedragen hebben. Van de Brabanter wordt in dat werk o.a. gezegd, naast de gestelde eischen, als algemeene eigenschappen : „De Brabanter is een sierhoen, doch onderscheidt zich bovendien door een goede productie van voldoende groote eieren. Het is een hoen dat goed bestand is tegen het klimaat; in beperkte ruimte kan worden gehouden en door den kleinen gesloten vorm van de kuif daarvan geen last ondervindt. In bouw, gewicht en bedrijvigheid verraadt de Brabanter het landhoentype, dat door de boven aangegeven eigenschappen meer aandacht en meer verspreiding verdient dan tot heden het geval is. Het is een hoen dat de sport- zoowel als de nutfokker vreugde en voordeel kan opleveren. Noodig is echter dat met zorg en doelbewust aan hare verdere doorfok wordt gewerkt. Dan kan dit oude vaderlandsche ras, dat zijn naam aan deze provincie onïlsent, weer in vorm en nut een sieraad er van worden. Daartoe mede te werken moet een rangenaam en historisch voorrecht zijn v or ons Brabanders en voor ons Bosschenaren in het bijzonder, als bewoners van de plaats waar alle Provinciale gezag zetelt. Het is maar voor enkele provincie's en streken weggelegd een hoenderras, dat haar naam draagt, te bezitten. En waar we in de Brabanters een zeer oud ras hebben, met zulke goede eigenschappen, daar is het een dure plicht door verbreidingsmogelijkheden te scheppen aan hare wederopbouw mede te werken en dit ras tot een echt Provinciaal ras te maken dat tot ver over de grenzen van dit gewest zijn goeden naam van nut- en sierhoen moge uitdragen. Naast andere middelen van algemeene toepassing zou daartoe een instituut in het leven te roepen zijn van soortgelijke strekking als het stamboek bij het wol- en haarvee. Wel heeft men in de Nederlandsche Hoenderclub een goede beschermster van dit ras, maar het is toch altijd nog een verre vriend, die zijn liefde over grooter terrein moet verdeelen. Daarom zal het Brabanterras het best gediend zijn door een instantie die in de Brabantsche Provincie zetelt. En het allerbest zou hiervoor de hoofdplaats 's Hertogenbosch worden gekozen, waar een levenskrachtige Pluimveevereeniging bestaat. Daartoe wordt een „Boschkeur" ingesteld voor de Brabanters en wordt een keurboek aangelegd. In dit „Bosch-Keur-Brabanterboek" — B. K. B.-boek — worden de elite exemplaren onder de Brabanters opgenomen onder bijvoeging van datum en jaar van geboorte, merken van vader- en moederdier, naam van den fokker en foto van het ingeschreven dier. Alleen zelf gefokte dieren mogen ter inschrijving aangeboden worden. Zoo zal de geschiedenis van het keurtype Brabanter in beeld en omschrijving voor volgende geslachten worden vastgesteld en bewaard. Wordt door de daartoe aangestelde keurmeester c.q. Commissie van keurmeesters, een aangeboden dier waardig bevonden opgenomen te worden in het Keurboek, dan zal hiervan onder meer blijken door bevestiging van een speciale genummerde ring. De Bossche Pluimveevereeniging c. q. Commissie, eigenaresse van het Bossche-KeurBrabanterboek" en belast met de bijhouding daarvan, stelt een Zilveren Sierbeker in, telken jare uit te loven op nader aan te geven plaats en wijze voor de beste in het Keurboek ingeschreven Brabanter. Deze beker blijft echter steeds het eigendom van de vereeniging ,,'s-Hertogenbosch en Omstreken", en wordt ook niet uit handen gegeven. Het nummer van het (de) winnend(e) dier (en) met naam van den eigenaar-fokker plus jaartal en plaats der uitloving wordt op den beker gegraveerd. De winnaar wordt een afbeelding van den beker waarop het bovenstaande voorkomt — al of niet met een geldprijs — ter hand gesteld. Keurboek en Beker vormen een onafscheidelijk geheel van historische waarde en zijn ingesteld tot het omschreven doel, ter gelegenheid van de Herdenking van het 750-jarig bestaan der Stad 's-Hertogenbosch in 1935, zooals op de beker ook aangegeven wordt. Op de door de pluimvee- en sierduivenvereeniging ,,'s-Hertogenbosch en Omstreken" op 23 en 24 November 1935 te houden Intern. Tentoonstelling zal deze beker voor het eerst worden uitgeloofd. Een vast te stellen reglement regelt de inschrijving in het Keurboek en bevat tevens bepalingen waaronder toekenning van den beker kan plaats hebben, zoomede de noodige voorschriften tot instandhouding van dit instituut. Tevens kunnen wij u mededeelen, dat thans reeds de gelegenheid is geopend gelden te storten voor de verandering van den grooten Sierbeker. De secretaris der Pluimvee- en Sierduivenvereeniging ,,'s-Hertogenbosch en Omstreken" J. van Bergen Jr., Vughterweg 18 te '-Hertogenbosch, zal gaarne deze bijdragen in ontvangst nemen of kunnen gestort worden op postrekening 111546, 's-Hertogenbosch. Het ligt in de bedoeling in Juli a.s. een en ander gereed te doen zijn, waardoor een gelegenheid wordt geschapen de instelling van Beker en Keurboek eenigszins officieel, b.v. op oud-'s-Hertogenbosch te doen plaats hebben. --- Naar een algemeene wegverkeerswet. Ontwerp door de K.N.A. C. aan de Tweede Kamer aangeboden. De Koninklijke Nederlandsche Automobiel Club heeft doen verschijnen een ontwerp voor een Algemeene Verkeerswet, hetwelk gebaseerd is op het thans bij de Staten Generaal aanhangige ontwerp van wet houdende regelen in verband met het gebruik van motorrijtuigen en rijwielen, nopens het verkeer op de wegen en de rijwielpaden. In de Memorie van Toelichting, behoorende bij het Regeeringsontwerp komt een paragraaf no. 2 voor, welke gewijd is aan de vraag langs welken weg het verkeersvraagstuk wettelijke voorziening behoort te vinden. Daarin wordt uiteengezet, dat de nieuwe regeling, welke door de ontwikkeling van het snelverkeer wordt geëischt op tweeërlei wijze kan worden bereikt. In de eerste plaats zou men kunnen denken aan het totstandbrengen van een Algemeene Verkeerswet, welke het verkeer in zijn ganschen omvang regelt. Het aantrekkelijke van een zoodanige regeling zou volgens genoemde Memorie van Toelichting zijn, dat men bij en krachtens één enkele wet meer algemeen de regelen van het verkeer zou hebben samen gebracht, hetwelk voor de eenheid van de regeling en de overzichtelijkheid voor hen wien de regeling aangaat zeker een groot voordeel zou zijn. Hoewel de wenschen van den Minister van Waterstaat dan ook in het algemeen wel zouden uitgaan naar een zoodanige Algemeene Verkeerswet, heeft hij niettemin om twee redenen gemeend niet met een voorstel voor zoodanige wet te moeten komen. Ten eerste zou de voorbereiding van een zoodanige Algemeene wet, waarbij mede gedacht zou moeten worden aan de tegenwoordige provinciale en gemeentelijke regelingen, te dezen Opzichte nog geruimen tijd in beslag nemen, indien men wettelijk tot een meer eenvormige volledige regeling zou willen komen, terwijl de noodzakelijkheid van een spoedige regeling van het motor- en rijwielverkeer steeds meer dringt. Ten tweede geeft volgens de genoemde Memorie de tegenwoordige Motor- en Rijwielwet en bij de considerans van het aanhangige ontwerp ook dat ontwerp in nog grootere mate gelegenheid om in de wet en de daarop steunende voorschriften niet alleen het motor- en rijwielverkeer, maar ook het overige verkeer voldoende te regelen. Immers ook dat overige verkeer kan in en krachtens de Motor- en Rijwielwet worden geregeld, mits er slechts verband bestaat met het gebruik van motorrijtuigen en rijwielen. De Minister is dan ook te rade geworden om op de tweede daarvoor in aanmerking komende wijze aan het verlangen naar een nieuwe regeling te voldoen en wel door wijziging van de tegenwoordige Motor- en Rijwielwet, welke wijziging dan ook is opgenomen in een ontwerp van een geheel nieuwe Motor- en Rijwielwet. De Koninklijke Nederlandsche Automobiel Club meent, dat in bovengenoemde Memorie, waar de voordeelen van een Algemeene Verkeerswet zijn uiteengezet, de bezwaren van de totstandkoming van zulk een wet te breed zijn uitgemeten. Ten eerste kan de groote hoeveelheid werk, welke bij het vervaardigen van een ontwerp van wet noodzakelijk is, door geconcentreerden arbeid in betrekkelijk korten tijd worden verzet, ook wanneer aandacht moet worden besteed aan de tegenwoordige provinciale en gemeentelijke regelingen te dezen opzichte. Ten tweede moge het aanhagige ontwerp gelegenheid bieden om in de wet en de daarop steunende voorschriften het geheele wegverkeer te regelen, doch zulks zal blijkens de eigen woorden der genoemde Memorie slechts in zoover kunnen geschieden, als verband bestaat met het gebruik van motorrijtuigen en rijwielen, terwijl bovendien de meening van genoemde Memorie, dat het geheele wegverkeer in de voorgestelde wet en de daarop steunende voorschriften voldoende kan worden geregeld, strijdt met het eerder genoemde bezwaar, dat de voorbereiding te veel tijd zou moeten kosten. Ook heeft men blijkbaar te veel over het hoofd gezien, dat de samenleving een zoo eenvoudig mogelijke wetgeving eischt, en dat het geheele wegverkeer, dat toch zeker technisch als een eenheid moet worden be schouwd, beter en deugdelijker kan worden geleid door voorschriften van den wetgever welke in gemakkelijk bevattelijken vorm den grondslag voor verdere uitwerking geven, dan door een wet, die ook blijkens de considerans zich instelt geheel of voornamelijk op het verkeer van motorrijtuigen en rijwielen. Vooral bij de groote belangstelling welke tegenwoordig bestaat voor de algemeene verkeersveiligheid welke ook bij politie en onderwijs steeds groeiende is, mag deze psychologische facto'r niet worden verwaarloosd. Het heeft de K.N. A.C. dan ook verheugd, dat toen bij de mon delinge behandeling van de begrooting van Waterstaat in de Eerste Kamer der Staten Generaal (handelingen blz. 372) door een der afgevaardigden de wenschelijkheid van een Algemeene Weg verkeerswet andermaal met klem werd betoogd, de Minister van Waterstaat a.i. verklaarde: „Wat de Algemeene Ver keerswet betreft, waarom gevraagd is, geloof ik, dat, als men straks in deze Kamer de geheel herziene Motor- en Rijwielwet te behandelen krijgt, dan zal blijken, dat het ontwerp tijdens de behandeling aan de overzijde, die door een speciale commissie geschietd, zoodanige wijzigingen heeft ondergaan, dat die Motor- en Rijwielwet van een Algemeene Verkeerswet slechts weinig zal verschillen. Ik geloof niet, voor zoover ik den stand van zaken op het oogenblik ken, dat de Motor- en Rijwielwet dan veel zal verschillen van de bekende Code de la Route in Frankrijk". (Handelingen bl. 399). Met groote belangstelling en voldoening heeft de K.N.A.C. van deze woorden kennis genomen, te meer omdat zij zich sedert vele maanden heeft beijverd het vraagstuk van een neiuwe Algemeene Weg verkeerswet in eigen boezem aan een ernstige studie te onderwerpen. Zij heeft zich daarbij niet tot critiek, zij het dan opbouwende critiek willen beperken, doch zij heeft, (naar thans blijkt nagenoeg gelijktijdig met de betrokken vaste Commissie uit de Tweede Kamer) nagegaan in hoever op de basis van het aanhangige ontwerp nog verder in bedoelde richting kan worden voortgewerkt. Ook zij is daarbij tot de conclusie gekomen, dat het thans aanhangige ontwerp zonder groote bezwaren door toevoeging van verschillende bepalingen en door aanbrenging van een aantal wijzigingen den grondslag kan vormen voor de door haar en door het geheele wegverkeer zoo zeer gewenschte wegverkeersregeling, hoewel zij daar bij natuurlijk niet mag ontkennen, dat een geheel nieuwe opzet in een ander schema voor haar meer aantrekkelijkheid zou hebben gehad. Zoo is het, dat de K.N.A.C. thans haar denkbeelden heeft neergelegd in een aan de leden der Tweede Kamer toegezonden concept voor een wetsontwerp, waarin op grond van het bovenstaande, de indeeling van het aanhangige ontwerp is gevolgd. De K.N.A.C. heeft gemeend in dit concept duidelijk te moeten doen uitkomen, dat de nieuwe wettelijke regelingen, welke te noemen waren „Algemeene Wegverkeerswet", meer omvatten dan het thans aanhangige ontwerp en dat met name daarin moet worden tot uitdrukking gebracht dat zij niet slechts bevat een regeling in verband met het gebruik van motorrijtuigen en rijwielen, doch dat zij bevat een algemeen wettelijke basis, waarop op eenvoudige wijze de noodige algemeene voorzieningen voor elk onderdeel van het wegverkeer kunnen worden opgebouwd en wel in een wegverkeersreglement, dat het bestaande „Motor- en Rijwielreglement" zal dienen te vervangen. Met het oog op de urgentie van de tot standkoming van een Algemeene Wegverkeerswet is de K.N.A.C. van meening, dat hoe noodig en belangrijk overigens het opne men van bepalingen nopens het verkeer langs spoorstaven in deze Wet ook moge zijn, daar op thans niet kan worden gewacht, omdat daarmede in verband zou staan het wijzigen van andere Wetten en Reglementen. Met nadruk wil de K.N.A.C. er op wijzen dat zij tot dezen arbeid is gekomen, omdat haar niet bekend kon zijn, dat de Tweede Kamer in overleg met de Regeering aan een ingrijpende omwerking van de ingediende nieuwe „Motor- en Rijwielwet" zoodanig dat deze wordt omgevormd tot een Algemeene Verkeerswet, heeft gewerkt. In verband hiermede heeft zij ernstig overwogen haar ontwerp, dat reeds voor 29 Februari gereed was, onder zich te houden. In het vertrouwen echter, dat de door haar verrichte werkzaamheden op het gebied van de zoo moeilijke wetgeving op verkeersgebied zullen kunnen dienen voor de verdere behan deling van de gewijzigde Motor- en Rijwiel wet, heeft-de K.N.A.C. na ernstig beraad, ge meend, de door haar voorgestelde wijiziging ter kennisneming en beoordeeling aan de le den van de Tweede Kamer te mogen voor leggen. Zij is overtuigd dat haar werken in deze niet kan worden uitgelegd als bemoeizucht, doch wel als blijk van welgemeende belangstelling in iets, wat bij de enorme technische ontwikkeling van de huidige samenleving ieders belangstelling ten volle verdient. Met alle erkentelijkheid voor hetgeen de Over heid in deze reeds gegeven en nog steeds geeft, meent zij dat na de indiening van het Ontwerp Motor- en Rijwielwet een uiting uit de kringen van hen, die hierin dagelijks leven en werken, niet mocht achterwege blijven. De belangrijkste bepalingen van de door de K.N. A.C. ontworpen Algemeene Wegverkeerswet hopen wij dezer dagen nader in het kort te bespreken. --- Rechtszaken RECHTBANK TE ROERMOND. ZITTING VAN DEN POLITIERECHTER VAN WOENSDAG 27 MAART. G. M. J. 46 jaar, arbeider te Blerick, verdacht van mishandeling van J. Joosten te Grubbenvorst; eisch en vonnis 3 w. gev.st. Verdediger Mr. Adriaanse. S. W. J. 42 jaar, werkman te Weert, verdacht van beleediging van den voorzitter van het Woonwagenliefdewerk aldaar op 9 Febr. j.1.; eisch en vonnis f 15 boete of 15 d.h.; G. A. N. 30 j,, hvr. W. te Venlo, verdacht van beleediging van Johanna Jacobs te Venlo op 5 Febr. j.1.; zaak uitgesteld. J. H. H. H. 30 jaar, arbeider te Maasniel, verdacht van verboden terugkeer in het grensgebied te Buggenum; eisch en vonnis 14 d. gev.str. G. H. v. d. K., 36 jaar, bierbottelaar te Keiden, verdacht van overtreding der wet op de openbare vermakelijkheden te Helden, door het geven van ongestempelde entréekaarten voor bioscoopvoorstellingen; eisch en vonnis ƒ 30 boete of 30 d.h. Verdediger Mr. P. Tripels. J. J. H. C., 20 jaar, bakker te Heythuizen, verdacht van het stukgooien van een glasruit in de woning van W. Giesbers aldaar op 17 Febr. j.1.; eisch en vonnis ƒ20 boete of IQ. d.h. J. B. van D., 31 jaar, koperslager te Roermond, verdacht van beschadiging van een overjas van C. L. Soentjes te Roermond op 20 Febr. j.1.; eisch en vonnis ƒ 20 boete of 20 d.h. L. H. G., 22 jaar, arbeider te Echt, verdac.'t van het stuk trappen van een aan G. van Engelen toebehoorende deur ot> 9 Febr. j.1.; eisch ƒ 15, vonnis ƒ 10 boete of 10 d.h. L. L. S. 36 jaar, zwervend koopman, verdacht van wederspannieheid tegen een Inspecteur van Politie te Roermond oo 5 Febr. j.1.; eisch en vonnis 3 mnd. gev.str. A. v. V., 52 iaar, tuinier te Venlo, verdacht van wedersBannigheid tegen een a£^ van Politie te Venl". toen deze hem cd 1 Febr. j.1. wegens dronkenschan in arrest wilde stellen: eisch ƒ 60, vonnis ƒ30 boete of 10 d.h. M. v. H.. 59 jaar, afkomstig uit Venray, en A. H. L., 62 jaar, afkomstig uit Venlo, beiden verdacht van landlooperij te Belfeld; eisch en vonnis voor ieder 1 d.h. en 3 jaar opsluiting Veenhuizen. KANTONGERECHT TE VENLO. UITSPRAKEN DER STRAFZITTING VAN HET KANTONGERECHT VENLO. MOTOR- EN RIJWIELWET. — H. B. te Keulen ƒ4 of 2 d.; P. J. K. te Tegelen ƒ25 of 10 d.; Th. J. N. K. te Venlo ƒ 5 of 5 d.; Th. S. te Venlo ƒ 5 of 5 d.; W. S. te Reoklinghausen ƒ 8 of 5 d.; Th. M. van Th. te Venlo ƒ 0.50 of 1 d.; M. K. te Venlo 2xƒ 1 of 2x1 d; H. W. J. N. te Venlo ƒ 3 of 3 d.; WOONWAGENWET. — P. P. K„ zonder woonplaats, ƒ 3 of 3 d.; J. S., idem, ƒ5 of 5 d. PROVINCIALE VERORDENING VAN LIMBURG. — P. P. K. zonder woonplaats, 3x/2 of 3x1 d.; A. S., idem, ƒ 3 of 2 d.; WET OPENBARE MIDDELEN VAN VERVOER. — G. J. te Blerick ƒ 12 of 6 d.; LEERPLICHTWET. — A. V. te Velden ƒ6 of 3 d.; TREKHONDENWET. — P. W., zonder woon plaats 3 en 2xƒ 1 of 3x1 d.; REGLEMENT SPRINGSTTEREN. — A. v. d. W. te Venray ƒ30 of 15 d.; WAPENWET. — M. F. te Nurnberg, ƒ 5 of 7 d.ts. met verbeurdverklaring en vernietiging van het in beslag genomen dolkmes; ALGEMEENE POLITIE-VERORDENING VAN VENLO. — H. F. W. te Venlo berispt; Th. M. R. te Venlo, berispt; M. J. S. te Venlo berisDt: L. L. S.. zonder woonDlaais. 2xi 2.50 of 2 d.; T. W. G. te Venlo ƒ3 of 2 d.; H. J. B., zonder woonplaats, ƒ2.50 of 2 d.; ALGEMEENE POLITIE-VERORDENING VAN GRUBBENVORST. — P. J. D. te Blerick ƒ2.50 of 2 d.; ALGEMEENE POLITIE-VERORDENING VAN ARCEN EN VELDEN. — M. J. A. S. te Venlo ƒ2 of 2 d.; M. J. te Tegelen, schuldig zonder straf; ALGEMEENE POLITIE-VERORDENING VAN VENRAY. — R. C., zonder woonplaats, ƒ4 of 2 d.; ALGEMEENE POLITIE-VERORDENING VAN MAASBREE. — Th. O. te Venlo ƒ2.50 of 2 d.; MOTOR- EN RIJWIELREGLEMENT. — P. C. te Venlo ƒ4 of 2 d.; P. J. G. T. te Tienray ƒ 6 of 3 d.; P. A. R. te Utrecht 3xƒ 2 of 2x2 d.: A. K. te Venlo 4xf 4 of 2x2 d.; J. v. H. t, Weert 2xƒ 5 of 2x5 d.; H. H. J. te Venlo ontslag van rechtsvervolging; H. R. te Venlo, ƒ4 of 4 d.; A. G. E. te Venlo ƒ 3 of 3 d.; F. Th. G. te Nijmegen vrijspraak; F. J. J. P. te Tegelen 6xƒ7 of 2x3 d.; W. A. M. de G. te Venlo ƒ25 of 10 d.; E. B., zonder woonplaats, schuldig zonder straf; G. H. H. P. te Venlo, berisping; P. J. H. T. te Venlo ƒ 4 of 2 d.; J. G. K. te Hoensbroek ƒ 6 of 3 d.; J. J. te Venlo 2xƒ 1 of 2x1 d.; H. M. B. te Langchois ƒ3 of 2 d.; J. R. J. L. W. te Venlo 2xƒ2.50 of 2x2 d.; J. A. M. v. d. H. te Horst berispt; A. G. J. te Venray ƒ20 of 10 d.; A. S., zonder woonplaats ƒ 5 of 3 d.; M. M. S. te Venlo, ƒ 4 of 2 d.; H. J. S. te Tegelen 3 en 1 en 1 gld. of 3x7 d. ts.; J. S. te Venlo ƒ 3 of 1 w. ts.; Th. W. te Venlo ƒ 3 of 1 w. ts.; J. M. M. v. N. te Weert ƒ 3 of 3 d.; J. P. te Straelen 2xƒ 2.50 of 2x2 d.; P. H. S. te Panningen ƒ5 of 5 d.; CRISISTARWEWET. — H. J. S. H. te Venlo ƒ 8 of 5 d.; Th. M. te Venlo ƒ 6 of 3 d. met verbeurdverklaring in beslag genomen waar met verpakking; WETBOEK VAN STRAFRECHT. — M. G. H. H. te Horst ƒ 1 of 1 d.; JACHTWET. — P. J. V. te Sevenum ƒ30 of 15 d.; VISSCHERIJWET. — J. M. én N. M. te Venray ieder ƒ 1 of 1 d.; P. J. R. P. te Weert ƒ 3 of 1 d.; OPENBARE DRONKENSCHAP. — H. B. te Venlo ƒ12 of 10 d.; H. B. te Tegelen 3 d.h. en plaatsing in een Rijkswerkinrichting voor den tijd van 6 maanden. GERECHTSHOF DEN BOSCH. Een eed voor een kop koffie ! Men meldt ons uit Den Bosch: Natuurlijk ontbraken op de laatste zitting van den Bosschen Politierechter ook de twistende „dames" niet! Ditmaal was het A. C. Br. uit Bergen, die in conflict was gekomen met haar „vriendin" en haar op de onder dames van haar stand gebruikelijke manier de „waarheid" had gezegd. Voor den strenge rechter staande schrok ze wel wat van haar eigen woorden, en ze ontkende dus maar. Met Eva's listigheid profiteerde de booze juf frouw er van, dat de vrouwelijke getuigen elkaar tegen spraken, en voor meineed ge waarschuwd werden: „Ja meneer, in Bergen en Siebengewald is 't al "et als in Oss: ze geven er niks om een eed" Een van deze getuigen — en die moet binnenkort wegens meineed voorkomen — heeft gezegd: „Voor een fijne kop koffie steek ik m'n vingers op !" Maar de Officier wist al genoeg, en eischte ƒ 10 boete. Smokkelaar en helpers. Het Gerechtshof te Den Bosch behandelde in hooger beroep de strafzaak tegen P. J. Ch. chauffeur te Geleen, die op 3 Febr. 1934 was betrapt op frauduleus vervoer van 147 K.G. suiker. Chr. zeide, gehandeld te hebben in oprdacht van Kr. uit Heerlen. Met vernietiging van het vonnis der Rechtbank te Maastricht luidde de eisch in hooger beroep ƒ 50 boete subs. 25 d.h. Mr. Swane pleitte op juridische gronden ontslag van rechtsvervolging. Vervolgens stond terecht J. B. K. uit Heerlen, de opdrachtgever van den vorige verd. Door de verbalisanten werd hij afgeschilderd als een beroepssmokkelaar, die zorgt, dat hij zelf buiten schot blijft en de gevaarlijke karweitjes laat opknappen door werklooze jongens, die zulke opdrachten voor een geringe belooning uitvoeren. Toen zijn chauffeur Cr. betrapt werd, was hij hevig te keer gegaan, omdat de jongen aan de sommatie der ambtenaren om te stoppen, had voldaan, nadat zij hem zijn banden op een eg hadden laten stuk rijden. „Als ik zelf gereden had, hadden ze me, ondanks kapotte banden, niet gekregen ! Schieten ze, dan moet je terugknallen ! Ik heb je toch niet genomen om stil te staan, maar om te rijden. Maar 't is zoo erg niet, want ik heb in 30 dagen ƒ 2100.— verdiend !" De eisch luidde bevestiging van het vonnis: 3 maanden gevangenisstraf. KANTONGERECHT BOXMEER. UITGESPROKEN VONNISSEN. CRISISZUIVELWET. — A. M. v. D. te Cuyk ƒ 25 of 25 d., verbeurd olie; CRISISTARWEWET. — A. M. v. D. te Cuyk vrijspraak; VLEESCHKEURINGSDIENST. — H. D. te Wanroy ƒ 20 of 20 d.; ARBEIDSWET. — A. M. F. v. d. H. te Boxmeer ƒ 8 of 8 d.; A. M. F. v. d. H. te Boxmeer ƒ 6 of 6 d.; L. H. P. te Ayen en H. D. te Wanroy ƒ 4 of 4 d.; SPOORWEGWET. — H. V. te Ottersum ƒ 20 of 20 d.; P. W. v. W. te Sambeek ƒ 4 of 4 d.; W. V. te Gennep berisping; MOTOR- & RIJWIELWET. — W. H. te Nijmegen ƒ 35 of 35 d.; L. N. te Amsterdam ƒ 30 of 30 d.; A. G. te Nijmegen ƒ15 of 15 d.; J. M. P. te Ayen ƒ10 of 10 d.; A. G. M. E. te Nijmegen ƒ 8 of 8 d.; A. J. H. te Mill, M. J. H. D. te Maastricht en G. E. te Wanroy, ƒ 5 of 5 d.; J. F. H. te Katwijk aan den Rijn, ƒ 4 of 4 d.; Th. H. W. T. te Boxmeer, N. A. M. te Appeltern, J. V. te St. Hubert, J. D., zwervende. Th. F. K. te Sambeek, M. N. te Mill, ƒ 3 of 3 d.; G. A. M. d. B. te Gennep, ƒ2 of 2 d.; W. M. A. te Mill, ƒ 3 of 1 w.ts.; J. F. v. B. te Venlo en J. M. Ph. W. d. M. te Apeldoorn, vrijspraak; J. H. J. te Venray, berisping; WET OPENBARE MIDDELEN VERVOER. H. J. A. te Grave f 40 of 40 d.; ALGEMEENE POLITIEVERORDENING. — W. J. R. en Th. J. te Afferden, P. R. J. en K. E. te Hulm, H. C. M. J. te Boxmeer ƒ 3 of 3 d.; J. H. A., P. D. G. J„ G. K. en A. N. te Gennep, H. G. V. te Ottersum ƒ 0.50 of 1 d.; LOOPEN OVER EEN ANDERS GROND. — M ,S. te Echaren ƒ 6 of 6 d.; W. H. en T. V. V. te Helmond ƒ 5 of 5 d.; KIPPEN LATEN LOOPEN OP EENS ANDERS GROND. — M. S. te Wellerlooi 4xƒ 10 of 4x10 d.; DRONKENSCHAP. — P. A., W. B. B. te Gennp, en J. H. R. te Beugen, ƒ 15 of 15 d.; J. V. te Den Bosch en A. N. M. v. B. te Grave ƒ 10 of 10 d. DIER ARBEID DOEN VERRICHTEN OP PIJNLIJKE WIJZE. — P. J. G. te Cuyk ƒ 15 of 15 d. --- Advertentie WASOIMACUINES ^^^^" WRINGMACHINES • lange levensduur • laqe prijs • gratis proefwasch • ---