De Lente komt toch We hebben het vroolijk-repeteerende lied van de boekvink gehoord en de schaterend-blije wildwisselende modulaties van de basterdnachtegaal. De winter was hard en lang, maar de lente komt toch. Nu komt ook de groote aanval, zeggen Strategen èn de bangen. Maar daarna volgt vrede weer. Het steeds nieuwe leven en Jeugd — die het zoo moeilijk heeft doch moedig is — roepen het ons toe. In de Zweedsche machtige film „Laila" moet de jeugd door een wondere witte wereld van sneeuw en een woestijn van wanbegrip, maar het Lappen-ras blijft en de jonge zuivere liefde wint, tegen de verdrukking in. De wereld moet nu door een zee van bloed, ze heeft het zelf gewild: er zal nog veel leed geleden worden, maar het wordt weer beter. Het Leven en de Geest, die van God zijn, winnen, ook al schijnt het verlies zeker en al is het er tijdelijk. Het is zekerheid die zoo doet schrijven, ook hoop en enthousiasme. Maar wij kunnen nog niet jubelen, gelijk dat eenvoudige grasmuschje bij de eerste zonnestraal. Wij dichten dus nog geen lentelied. Doch we lazen er gisteren een dat we hier even willen weergeven: wat i: beter dan nu iets schoons en goeds aan de menschen te schenken uit het allerbeste: wat is het andere in vergelijking daarmee? v De bloemen zijn op ons land verschenen de tijd is gekomen om den wijngaard te snoeien; 't gekir der tortelduif laat zich hooren in ons land. Sta op, mijne vriendin, mijne schoone en kom: mijne duif in de holen der rotsen, in de krochten van den muur. Laat mij uw aangezicht zien, laat uwe stem in mijn ooren klinken; Want uw stem is zoet en uw gelaat is bevallig. Zulke schoone taal gebruiken Sinte Mechtilde en de goede auteurs er over, zooals Pater Molenaar en Mevr. Erens-Bouvy; zoo zingt Pieter van der Meer de Walcheren in zijn dagboek met de sereene rust van de Eeuwige Zekerheid, die we nu vooral noodig hebben en zonder welke de wereld niet beter wordt: niet het geraamte van de nieuwe tijd beslist, doch de geest. De schrijvers krijgen deze sublieme taal met de heiligen van het eeuwige ritme der liturgi sche gebeden, waaraan we nu bovenstaande Oostersch-dichterlijk taal ontleenen aan de H. Mis van gisteren op het feest der verschij ning van de Onbevlekte Maagd te Lourdes. We dachten toen ook aan een stuk van Pater dr. Th. Piket S.J. in „Het Schild", omtrent een protestantsch getuigenis over Maria. „Kort geleden kwam er in de „Libellen serie" een klein boekje uit, geschreven door „Wilma", met den titel „Maria" en den ondertitel: ,,Ds Moeder van onzen Heer en haar be teekenis voor dezen tijd". Bij het doorlezen er van heeft de protestantsche schrijfster ons voortdurend geboeid door haar fijn aanvoelen van het Maria-mysterie en haar innige, zoo schoon-uitgezegde devotie voor de „Moeder des Heeren". Beter dan vele omschrijvingen zullen enkele citaten ons oordeel illustreeren. Zij begint met een aanhaling uit een van Ri'kes „Marienlieder", een strophe uit de aankondiging van Maria's geboorte: „O, was musz es die Engel gekostet haben, Nicht auf zu singen, plötzlich, wie man [aufw'eint, da sie doch wuszten: in dieser Nacht wird [dem-Knaben die M u 11 e r geboren, dem Einen, der bald [erscheint". En dan gaat zij voort: „Is dat niet merkwaardig goed gezien? Als er een kind geboren wordt, zijn wij gewoon over de moeder te spreken en te zeggen: „Haar is een zoon of dochter geboren"; en we vinden het vanzelfsprekend, dat het wezen van het kind zoodanig door het wezen van den vader en de moeder wordt bepaald, dat uit de samenverbinding van die twee een geheel nieuwe persoonlijkheid ontstaat met nieuwe mogelijkheden voor het leven, dat, als het kind groot ge worden is, aan dien nieuwen mensch ook weer geheel andere eischen zal stellen dan aan de ouders. Dat figuurlijke gang van ons denken. Rilke keert het om en zegt, van het Kind sprekend, waarop de wereld wacht: „Voor dat Kind is in. dezen nacht de moeder geboren" en hij meent, dat de engelen nauwelijks hun vreugdezangen konden inhouden bij dit groot gebeuren". De greep is zuiver! Want hier zijn het niet de ouders, is het niet de moeder, die het wezen van den zoon bepaalt, neen, hier wordt de waarde en de beteekenis van het weZen der moeder bepaald door den Zoon. Onze waardeering van Maria hangt af van de waardeering voor den Zoon. Het lijkt daarom volkomen in tegenspraak met de werkelijkheid, om te zeggen: Hoe grooter wij Christus zien, hoe kleiner Maria voor ons wordt. We moeten het, dunkt mij, omkeeren en neggen: Hoe grooter Christus voor ons wordt, hoe grooter voor onze jonge meisjes en jonge vrouwen de beteekenis wordt van de uitverkoren vrouw, die Hem onder haar hart mocht dragen, Maria is een der onzen!" Even verder lezen wij: „Er bestaat waarachtige bloedverwantschap tusschen dezen schoonsten van alle menschenkinderen en Zijn moeder en het is een natuurwet, dat de grootheid van een kind weerglans legt op de moeder, die hem droeg. — Maria draagt weerglans van Jezus. Maar ook alleen voor dengene, die Jezus Christus ziet als Verlosser der wereld, kan de figuur van Maria nog iets beteekenen voor dezen, onzen tijd". Vervolgens richt ze zich dapper tot haar eigen geloofsgenooten, wanneer ze zegt: „Jammer is het, dat wij, Protestanten, uit reactie tegen Rome, nooit iets met Maria hebben gedaan, of, wat misschien nog erger is, haar practisch hebben teruggeschoven naast de-vrouw-als-ieder-ander, al geven we theoretisch nog wel toe, dat ze de meest begenadigde Is onder de vrouwen: het staat eenmaal in den Bijbel. Ik kan er niet genoeg den nadruk op leggen, dat ,,uit de reactie leven" hetzelfde beteekent Ris: bij de onwaarheid uitkomen We hebben Maria genegeerd tot groote schade voor ons, protestantsche christenen..." En ze eindigt aldus: „We zijn zoo bang uitgevallen. Laten we toch niet bang zijn, Maria de plaats te geven, die haar van Godswege toekomt. Want de engelgroet heeft nog zijn beteekenis. Wij groeten Maria ,zooals de engel deed, omdat zij onder haar hart het Kind mocht dragen, dat eens de gansche verloren wereld op Zijn priesterhart droeg " Wij plaatsen Maria niet vóór haar Zoon, gelijk Protestanten en ook deze schrijfster nog meenen: zij Is slechts de middelares. „Christus is onze eenige Middelaar, omdat Hij ons verlost heeft. Maria is slechts in zooverre middelares, als ons op haar voorspraak, op haar smeekingen, de verdiensten van Christus worden toegepast. Wanneer Maria voor ons bidt, dan bidt ze slechts ln den naam van Jezus Christus, onzen Zaligmaker, aan Wien ze zelf alles te danken heeft, wat ze bezit. M.a.w. Maria's middelaarschap is slechts een uitvloeisel van het middelaarschap van Christus"! Maar als zoodanig ook zoo machtig. Op het feest van O. L. Vrouw van Lourdes hebben wij gisteren nog eens extra voor de vrede gebeden. Deze zal komen. Door de offers der menschen, de Liefde van Christus en de voorspraak van Maria. De les uit het Boek der Openbaring van den H. Apostel Joannes zei het ons zoo sterk en schoon: „Gods tempel ging open in den hemel, en de ark des verbonds werd gezien in zijnen tempel en er volgden bliksemstralen en stemmen, en aardbeving en zutore hagel. En een groot teeken verscheen aan den hemel: Eene vrouw lichtend als de zon, de maan onder hare voeten en op haar hoofd een kroon van twaalf sterren. En ik hoorde eene stem in den hemel die zeide: Nu is het heil gekomen en de kracht en het rijk van onzen God en de macht van zijnen Gezalfde." --- De organisatie der Fransche regeering Voedselpositie van 't onbezette Frankrijk Vichy, 11 Febr. (D.N.B.) — Maarschalk Pétain heeft een decreet uitgevaardigd, waarin de opbouw en de organisatie van de regeering als volgt wordt vastgelegd: Artikel 1. Een zeker aantal van bij decreet bepaalde staatssecretarissen heeft de prerogatieven van minister. Ieder minister bij decreet heeft tot taak de werkzaamheid van een zeker aantal staatssecretarissen te coördineeien en te controleeren ten aanzien van de toepassing der principieele beslissingen en der beslissingen ten opzichte van de algemeene politiek der regeering Artikel 2. Een der ministers wordt bij decreet benoemd tot vice.president, (reeds geschied). Onder het hooge gezag van den maarschalk, chef van den staat en chef van de regeering, leidt en controleert hij de werkzaamheid der ministers en staatssecretarissen in alles, wat de toepassing betreft van de princi. pieele beslissingen en de beslissingen ten opzichte van de algemeene politiek dre regeering. Artikel 3. De ministerraad komt bijeen onder voorzitterschap van den chef van den staat. De chef van den staat kan zich bij dit voorzitterschap doen vertegenwoordigen door den vicepresident. In dit geval moet de vice-president den chef van den staat rapport uitbrengen over de beraadslagingen van den ministerraad. De staatssecretarissen kunnen opgenomen worden in den ministerraad wanneer problemen, die hun staatssecretariaat interesseeren ter bestudeering aan den raad worden voorgelegd. Artikel 4. De kabinetsraad, die ministers en staatssecretarissen omvat, wordt gepresideerd door den vice-president. Artikel 5. Bij het vice-presiöentschap wordt het secretariaat-generaal voor voorlichting, pers en radio aangesloten. Atikel 6. De artikelen 3 en 4 van de wet van 6 September 1940 betreffende de organisatie van de regeering worden opgeheven. Artikel 7. De bovenstaande bepalingen worden in het Journal Officiel gepubliceerd en als staatswet ten uitvoer gelegd. De voedselpositie van het onbezette Frankrijk WORDT OVER EEN MAAND KRITIEK. Washington, 11 Febr. (A.N.P.) — De Fransche ambassadeur, Heiiri Haye, heeft in een onderhoud president Roosevett verzocht levensmiddelen naar het onbezette Frankrijk te zenden, vóór de voorraden broodgraan geheel verbruikt zijn. Na het onderhoud verklaarde de ambassadeur tegenover de per3, dat de voedseltoestand in het niet-bezette Frankrijk ongeveer midden Maart kritiek zou worden. --- DUITSCHLAND De Duitsche oorlogvoering HET IS DE GEEST, DIE DE WAPENS LEIDT. Berlijn, 11 Febr. (D.N.B.) — Het Nuernberger Acht Uhr Abentblatt wijst er op, dat de geheele wereld de Duitsche militaire prestaties bewondert en dat zelfs in de vijandelijke pers een hevig raden naar het „geheim van de Duitsche overwinning is begonnen. De oplossing van dit raadsel bestaat naar het blad schrijft in het volgende: In honderden dissertaties lezen wij honderden theorieën over den tegen Polen en Frankrijk gevoerden bliksemoorlog. Ieder weet een ander „toeval" waardoor wy de overwinning behaald zouden hebben. Dan weer is het het akelige luchtwapen geweest, dan weer de vijfde colonne, dan de angstaanjagende doodsverachting van Hitler's legioenen en dan weer de blindelingsche gehoorzaamheid. lederen dag een andere theorie en iederen dag een verkeerde. En omdat deze menschen met hun gedachten nog in het verleden vertoeven, daarom bladeren zij ijverig terug en zoeken zij naar „historische parallellen". Want voor hen is er in de wereld in de laatste oorlog gewonnen omdat het zegevierende Duitsche volk een groot idee. dat de menschen vereenigde, een toekomstideaal miste. Onze tegenstanders merken in het geheel niet, dat de beslissing in den strijd tegen hen al lang gevall enis, zelfs lang voor de bewapening van Duitschland. Wapens alleen brengen geen overwinning. Het is de geest, die de wapens leidt. Engeland heeft deze eeuw verslapen en daarom vecht het thans voor een schrikbeeld, dat door honger, werkloosheid, onderdrukking en bloed vergezeld wordt. De Duitsche Verliezen bij Malta ZES IN PLAATS VAN NEGENTIG STUKA'S. Berlijn, 11 Febr. (D.N.B.) — De Britsche minister-president heeft in zijn laatste radiorede beweerd, dat van in totaal 150 Stuka's, die Malta in den afgeloopen nacht hebben aangevallen, er niet minder dan negentig door de Royal Air Force vernietigd zijn. Naar aanleiding hiervan wordt van bevoegde Duitsche zijde er op gewezen, dat de Duitsche berichten op ondubbelzinnige wijze opheldering verschaffen over de werkelijke verliescijfers. Van de in de periode van 10 tot 27 Januari gemelde verliescijfers, die voor het Middellandsche Zeegebied en het Engelsche luchtgebied in totaal 22 bedragen, zijn er in het geheele Middellandsche Zeegebied elf vliegtuigen verloren gegaan, waaronder slechts zes Stuka's. Zes in plaats van negentig, voorwaar een klein verschil. Geen Duitsche vliegers in Albanië Berlijn, 11 Febr. (A.N.P.) — Het zenden van een Duitsch vliegercorps naar Italië heeft aan. leiding gegeven tot veelvuldige geruchten, die betrekking hebben op de gebieden, waar de Duit sche vliegers in den strijd worden geworpen. Zoo is o.m. beweerd, dat ook in Albanië eenheden van een Duitsch vliegercorps optreden. In politieke kringen alhier wordt deze bewering onjuist genoemd. —*­ --- Zweedsche skipatroullle behaalde een overwinning bij de wereldskikampioeuschappen te Cortina Zweedsche skipatroullle behaalde een overwinning bij de wereldskikampioeuschappen te Cortina (Foto Wagenborg.) --- AZIE Indische troepen aan de Thailandsche grens Sjanghai, 11 Febr. (D.N.B.) — De Chineesche pers wrjdt veel aandacht aan de concentratie van meer dan' 15.000 man Indische troepen aan de Thailandsche grens. Zij ziet hierin een teeken van een mogelijke verscherping van de Angelsaksisch-Japansche spanning in het Verre Oostep, die wel eens tot het uitbreken van een openlijk conflict zou kunnen leiden. Buitenlandsche-politieke waarnemers te Sjanghai achten het niet uitgesloten, dat de concentratie van Indische troepen gezien moet worden als een rechtstreeksche Engelsche tegenzet in verband met de vredesonderhandelingen, welke op het oogenblil: te Tokio gevoerd worden en mogelijk tot aansluiting van Thailand bij de as-mogendheden zou kunnen leiden. --- Weermachtsberichten Engeland, Malta en havens in Cyrenaica bestookt Britsche aanvallen op N.-Frankrijk Vlaanderen en N.-Duitschland DUITSCH WEERMACHTSBERICHT Berlijn, 11 Februari ,D.N.B.) — Het opperbevel der weermacht deelt mede: Gewapende verkenningsvliegtuigen hebben bomtreffers geplaatst op de havenwerken eener stad aan de Engelsche Oostkust. Gevechtsvliegtuigen hebben in den afgeloopen nacht Britsche vliegvelden aangevallen, elf op den beganen grond staande vijandelijke vliegtuigen vernield en een aantal beschadigd. Het leggen van mijnen voor Britsche havens werd voortgezet. In het Middellandsche Zee gebied heeft de Duitsche luchtmacht met succes aanvallen ondernomen op militaire inrichtingen op het eiland Malta en op een haven aan de kust van Cyrenaica. Verkenningsvliegtuigen hebben waargenomen, dat in het Suez-kanaal als gevolg van het optreden van gevechtsvliegtuigen twee koopvaardijschepen gezonken zijn. Pogingen van den vijand, overdag met door jagers beschermde gevechtsvliegtuigen het bezette gebied aan de Kanaalkust binnen te vliegen, mislukten als gevolg van den krachtigen afweer door jagers en luchtdoelartillerie. Behalve eenige slachtoffers onder de burgerbevolking ontstond slechts geringe schade in woonwijken .Bij deze aanvallen verloor de vijand zes vliegtuigen in luchtgevechten en drie door het afweergeschut. In de avonduren en in den nacht herhaalde vijandelijke aanvalspogingen hadden geen succes. Britsche oorlogsschepen, die in den nacht de Vlaamsche kust beschoten, werden door kunstbatterijen van het leger gedwongen het vuren te staken en zich te verwijderen. De vijand heeft in den nacht van 10 op 11 Februari op 9 plaatsen in Noord-Duitschland, waaronder ook Hannover, hoofdzakelijk brandbommen geworpen. De branden, welke uitbraken, konden snel gebluscht worden. Er is geen schade aan voor den oorlog belangrijke bedrijven of militaire schade ontstaan. De aanval heeft echter een aantal dooden en gewonden onder de burgerbevolking geëischt. De nachtelijke afweer bleek bijzonder doeltreffend. Nachtjagers hebben 8 en het luchtdoelgeschut 4 der aanvallende vliegtuigen neergehaald. Marineartillerie heeft aan de Noorsche Westkust een vijandelijk vliegtuig neergehaald. De verliezen van den vijand bedroegen dus gisteren en in den afgeloopen nacht in totaal 33 vliegtuigen. Twee eigen vliegtuigen worden vermist. Luitenant-kolonel Moelders heeft voor de 56e maal in een luchtgevecht de overwinning op zijn tegenstander behaald. --- Luchtgevechten en bombardementen in Albanië Strijd in den sector van Cheren voortgezet ' ITALIAANSCH WEERMACHTSBERICHT. Rome, 11 Febr. (Stefani). — Het 249e weermachtsbericht luidt: Aan het Grieksche front optreden van patrouilles en artillerie. Talrijke formaties onzer luchtmacht hebben wegen, opslagplaatsen, vloot- en luchtbases, spoorwegstations en installaties van den vijand krachtig gebombardeerd. Op het vliegveld van Janina zijn verscheidene vliegtuigen beschadigd en vernield. Bij luchtgevechten, die zich tijdens deze aanvalsacties hebben afgespeeld, zijn in totaal 12 vijandelijke vliegtuigen brandend neergehaald. In Noord-Afrika niets belangrijks te melden. In Oost-Afrika artillerieactie in den sector van Cheren. In den Boven-Soedan hebben onze troepen ter rechterzijde van de rivier de Omo vijandelijke aanvallen, welke door strijdwagens gesteund werden, afgeslagen. Onze luchtformaties hebben vijandelijke troepen gebombardeerd. In den afgeloopen nacht hebben vijandelijke vliegtuigen boven enkele plaatsen op Sicilië en in Zuid-Italië gevlogen en eenige bommen laten vallen, welke lichte schade hebben aangericht in eei plaatsje in Apulie en in de omgeving van Avellino, waar vier personen gedood en enkele anderen gewond werden. Door het luchtafweergeschut te Battipaglia is een Engelsch vliegtuig neergeschoten. De bemanning, die zich fnet de parachute in veiligheid had gebracht, is gevangen genomen. --- VEREENIGDE STATEN Snelle hulp aan Engeland VERKLARING VAN WILLKIE. Washington, 11 Februari (D.N.B.). — Voor de Senaatscommissie van buitenlandsche zaken heeft Wendell Willkie verklaard, dat de eenige mogelijkheid om Engeland snel te helpen gelegen is in aanneming van de leenen pachtwet met bepaalde wijzigingen. Engeland heeft terstond en op langen termijn hulp noodig. Willkie stelde een maandelijksche levering van vijf tot tien Amerikaansche torpedojagers aan Engeland voor, daar Engeland ondanks de vijftig reeds afgestane jagers er nog meer noodig heeft. Voor de aflevering aan Engeland moeten deze torpedojagers op Amerikaansche werven gereviseerd worden. Bovendien heeft Engeland behoefte aan vliegtuigen, munitie en schepen, zoo voegde Willkie hieraan toe. Hij heeft zware verwoestingen in Noord-Engelsche industriesteden gezien. Indien de Vereenigde Staten zich zouden isoleeren, aldus spr., dan zou het voortbestaan van Engeland wel moeilijk worden. Willkie stelde vervolgens aanneming van de leen- en pachtwet voor, verklaarde evenwel, dat deze wet tot Engeland, China en Griekenland beperkt dient te worden. Indien de Amerikaansche hulp zonder uitwerking zou blijven, zoo herhaalde Willkie, dan zal Engeland waarschijnlijk ten gronde gaan, --- BULGARIJE Churchill tegengesproken Sofia, 11 Febr. (D.N.B.) — Tegenover de beweringen van den Britschen premier in zijn radiorede van 9 Februari, dat de Duitschers Bulgarije zouden zjjn binnengedrongen en dat Bulgaarsche vliegvelden door hen zouden zijn bezet etc., is het Bulgaarsche Telegraafagentschap (Bulga) gemachtigd tot de verklaring, dat al deze beweringen niet in overeenstemming zijn met de waarheid. --- De Kroonprins van Italië bij de beproeving De Kroonprins van Italië bij de beproeving van een nieuw wapen. (Foto Wagenborg.) --- ZUID-AMERIKA Verdragen tusschen Argentinië, Bolivië en Paraguay Buenos Aires, 11 Febr. (D.N.B.) — Ter gelegenheid van de aanwezigheid der ministers van buitenlandsche zaken van Bolivië en Paraguay op hun terugreis van de La Plata-conferentia heeft Argentinië met de beide nabuurlanden verscheidene verdragen gesloten, die reeds geruimen tijd waren voorbereid. Het voor Argentinië belangrijkste besluit is de definitieve ondertee. kening van het bedrag betreffende den spoorwegbouw van Yacuiba in Argentinië naar het Boliviaansche petroleumgebied van Santa Cruz en den aanleg van een olieleiding van de Boliviaansche hoogvlakte naar de noordelijke provincie Salta. In een tweede verdrag is besloten tot internationaliseering van de rivier Pilcomavo, die den waterweg vormt van Bolivië naar de monding van de La Plata en de grensrivier tusschen Argentinië en Paraguay. Het goederenverkeer van Bolivië en Paraguay dat door de geographlsche ongunstige ligging, zonder toegang naar zee, sterk geremd is, moet hiermede tot nieuw leven gebracht worden. --- Advertentie Verduisteringstijden ZONSONDERGANG 12 Febr 18.47 uur ZONSOPKOMST 13 Febr. 9 01 uur Gedurende de tnsschenliggende tijden moet worden verduisterd. --- Het ontslagverbod In het algemeen niet toepasselijk op landbouwbedrijven De Hooge Raad heeft uitspraak gedaan in zake een beroep van den Officier van Justitie te Groningen tegen een vonnis der rechtbank aldaar, waarbij J. A„ landbouwer te Bellingwolde van het te zijnen laste bewezen verklaarde van rechtsvervolging is ontslagen. Dit bewezen verklaarde behelsde, dat hij als leider van een landbouwonderneming zijn werknemer S. heeft ontslagen en toen dit ontslag niet heeft ingetrokken, aangezien dit op 1 Juli 1940 nog was gehandhaafd, terwijl dit ontslag niet was goedgekeurd door den directeur-generaal van den arbeid. Ten laste was nu gelegd overtreding van het eerste uitvoeringsbesluit van den secretaris-generaal van het departement van sociale zaken ingevolge de verordening no. 8, 1940 van den Rijkscommissaris betreffende het beperken van werk d.d. 11 Juni 1940. De beslissing der rechtbank berustte nu hierop, dat genoemd uitvoeringsbesluit in de Duitsche redactie, welke authentiek is, het bedoelde verbod slechts richt tot de leiders van „Gewerbebetrieben". De rechtbank was van meening, dat derhalve het besluit niet van toepassing is op landbouwondernemingen. De Hooge Raad heeft thans overwogen, dat, nu bedoeld uitvoeringsbesluit het begrip .Gewerbebetriek" niet nader omschrijft, dit moet worden opgevat in de gewonen zin, waarin het in het spraakgebruik wordt gebezigd. De rechtbank is daarvan ook uitgegaan en heeft — aldus de Hooge Raad — terecht aangenomen, dat „Gewerbebetrieben" een minder ruim begrip is dan „ondernemingen" en dat niet alle ondernemingen van landbouw reeds naar haar aard daaronder vallen. Terecht is dan ook aangenomen, dat het bewezen verklaarde, waarin gesproken wordt van „een landbouwonderneming" niet onder het verbod valt. Het cassatieberoep van den Officier van Justitie is op dezen grond verworpen. ---