De Burgemeester van Zwolle gevoelt zich De Burgemeester van Zwolle gevoelt zich gedrongen zijn dank te betuigen aan de ingezetenen dezer gemeente voor de opgewekte en ordelijke wijze, waarop zij den 70en verjaardag van Z. M. den Koning hebben gevierd, en tevens aan allen, die door het aanbrengen van versieringen tot opluistering van dat feest hebben bijgedragen. Zwolle, 21 Februari 1887. De Burgemeester voornoemd, VAN NAHDIJS. --- BUITENLAND. Algemeen overzicht. Maandag 21 Febr. Heden hebben in Duitschland de verkiezingen voor den Rijksdag plaats en men zal dus weldra kunnen beoordeelen of de pogingen der regeeringspartij, om een onafhankelijke meerderheid te verkrijgen, met eenig gevolg zullen bekroond woi-den. De uitwerking der brieven van msgr. Jacobini en den nuncius te München, waarvan men zich zooveel had voorgesteld, blijkt vooralsnog niet groot geweest te zijn. Slechts ée.i bisschop spoorde zijn geestelijkheid aan om voor het septennaat te werken, terwijl éen andere zijn onderhoorigen totgroote gematigdheid aanspoorde. De overigen zagen in bedoeld schrijven geen aanleiding om de staatkundige vrijheid hunner geestelijken en der kiezers aan banden te leggen en zelfs de bisschop van Osnabriick, msgr. Höting, weigerde aan een regeeringsverzoek te voldoen en de candidatuur van Windthorst te bestrijden. Of het tweede middel, het Fransche oorlogsspook, meer invloed zal gehad hebben, moet nog blijken. Tot het laatste oogenblik werd daarmede gedreigd. Zoo gaf de K'óln. Ztg. gisteren nog een overzicht van al het hout, dat voor oorlogsbarakken in de laatste weken voor Fransche rekening is aangekocht: Van 6 tot 12 Februari werden 360 wagenvrachten over de grenzen naar Frankrijk vervoerd, voornamelijk naar Nancy, Toni, Verdun, Commercy, enz.; van 9 Jannari tot 12 Februari bedroeg het getal wagenvrachten balken en planken 1118. Maar ook Rusland koopt groote voorraden hout op te Kamienice, Podolski, Proskiroff, enz. Daarenboven heeft het groote leverantien van graan op korten termijn gegund tot 20 a 25 kopeken boven de marktprijzen en werden, als uitzonderingsmaatregel, ook Israelieten toegelaten daaraan mede te doen. Dit laatste zal zeker de anti-semieten te Berlijn, die ontevreden zijn dat de candidatuur van den hofprediker Stocker aldaar niet gesteld mocht worden, wel doen inzien, dat zij toch maar goed doen om te Berlijn voor de regeeringscandidaten te stemmen. Deze hebben trouwens in de hoofdstad niet veel kans om de zegepraal te behalen. Het Journal de St. Petersbourg protesteert tegen de beschuldiging van de Standard, dat de vertraging der Bulgaarsche quaestie aan Rusland te wijten is. De Russische regeering heeft in haar nota, welke 10 December van het vorige jaar in het regeeringsblad werd medegedeeld, haar standpunt duidelijk uiteengezet. Het blauwe boek, dat de Engelsche regeering over de Bulgaarsche quaestie heeft openbaar gemaakt, toont volgens het blad duidelijk, van welken kant het twistvuur wordt aangestookt en wie de schuld draagt, dat de Bulgaarsche quaestie nog niet is opgelost. De officieuse Ntzavissima Bolgaria van Zaterdag bevat een artikel, waarin ernstig op een herkiezing van vorst Alexander aangedrongen wordt. De Engelsche liberalen, die Gladstone getrouw gebleven zijn, hebben bij de stembus op nieuw een overwinning behaald. Te Burnley is Zaterdag hun candidaat Stagg tot lid van het Lagerhuis verkozen met 5026 stemmen, terwijl er op den conservatieven tegencandidaat Thursby, die door de afgescheiden liberalen en grooten plaatselijken invloed werd gesteund, slechts 4481 stemmen werden uitgebracht. De Fransche Senaat maakte Zaterdag een aanvang met de algemeene beschouwingen over het budget. De minister van financien was niet tegenwoordig, hetgeen den senator Fresneau aanleiding gaf om verdaging van het debat voor te stellen. Dit werd afgestemd, waarop Fresneau het budget in beginsel bestreed en het de eer eener ernstige behandeling niet waardig keurde. Leon Say achtte het slechts een budget van overgang en zou dus met de ontwikkeling zijner denkbeelden tot de volgende begrooting wachten; hij klaagde over vermindering van inkomsten als een gevolg van de groote toegeeflijkheid der ambtenaren. Hij bestreed voorts de regeering in het algemeen : v "Wordt het tegenwoordige régime voortgezet, dan komt men tot anarchie in het binnenland, tot isolatie tegsnsver het buitenland en tot een ledige schatkist." In de kamer van afgevaardigden werd de behandeling van de voorstellen betreffende de graanrechten voortgezet en hield men zich nog voortdurend met art. 1 bezig. Het nieuwe Italiaanse he ministerie is gereed en zal als volgt zijn samengesteld: Depretis, president; De Robilant, buitenlandsche zaken; Saracco, binnenlandsche zaken; Magliani, financien; Brin, marine; Grimaldi, openbare werken; Bonghi, onderwijs, en Bartole Viole, oorlog. Beide laatstgenoemde en Saracco zijn nieuwe leden; alle overigen behoorden reeds tot het vorige kabinet en behielden hun vorige portefeuille, behalve de president, die daarin met do leiding der binnenlandsche zaken was belast en thans als minister zonder portefeuille optreedt. In een Spaansche regeeringsdepeche uit Manilla wordt het volgende gemeld aangaande de expeditie van generaal Terreros naar Mindanao (a-_n der Phillippijnsche eilanden), om de inboorlingen te tuchtigen voor de buitensporigheden jegens de Europeanen: ,/Utto is op 14 dezer genomen en in de asch gelegd, na een hardnekkig gevecht, waarbij de verliezen der Spanjaarden betrekkelijk gering zijn. Den dag te voren waren verschillende met geschut beplante verschansingen genomen, welke den omtrek van Utto bestreken." TuSschen de patroons en de werkstakers van de twee groote steenkolenmijnen in het Schotsche district Lanarkshire is een schikking getroffen, daar de patroons zich tot concessien aan de werklieden hebben bereid verklaard. In den omtrek van Chemnitz en in het Ertsgebergte zijn in den laatsten tijd weder verscheiden Mormoonsche zendelingen werkzaam om de bevolking tot landverhuizing naarüthah te bewegen. De Duitsche bladen vreezen dat de overredingskracht dezer apostelen op de eenvoudige en goedgeloovige landelijke bevolking niet zonder uitwerking blijven zal en waarschuwen er nadrukkelijk tegen. Daarbij komt nog dat zij die zich door de leer van de ,/Heiligen der laatste dagen" mochten aangetrokken voelen, omdat zij de aartsvaderlijke veelwijverij toelaat, zich in hun verwachtingen bedrogen zouden vinden als zij in Uthah aankwamen. De president der Vereenigde Staten, Cleveland, heeft namelijk niet alleen, als zoo velen zijner voorgangers, beloofd dat hij aan de polygamie een einde zou maken maar werkelijk bij het congres een wetsontwerp daartoe ingediend, dat Vrijdag aangenomen werd. Of aan die wet ook werkelijk de hand zal kunnen gehouden. worden, moet nog nader blijken. Door een gasontploffing in de kolenmijn Goleh-Rhondathal (in Wales) werden Zaterdag 53 mijnwerkers in den schoot der aarde bedolven. Van hen werden 27 nog tijdig gered, terwijl er 16 liet leven verloren. Van de overigen is liog geen bericht ontvangen. : " Het schilderachtig gelegen dorpje Dabo bij Phalzburg in de Vogeezen is Vrijdag bijna geheel een prooi der vlammen geworden. Er zijn 87 huizen verbrand en 120 huisgezinnen zijn zonder dak. Het vuur kwam des nachts aan in de woning van een schrijnwerker; de brandspuit van Dabo bleek onbruikbaar, daar zij terstond bevroor. Men moest haar in de steek laten en zij werd zelf een prooi der vlammen. De wind was zoo hevig dat een woning, 250 M. buiten het dorp gelegen, door de vonken in brand gestoken werd. Van de 87 verbrande huizen waren er nauwelijks 20 verzekerd; meer dan 30 koeien en 100 varkens kwamen in de vlammen om. Men schat de schade op ruim 600,000 francs. De bekende Duitsche sociaal-democraat Most die te New-York tot een boete van 500 dollars en subsidiair tot gevangenisschap veroordeeld werd en sedert eenigen tijd dan ook gevangen zit, zal 28 Maart weder op vrije voeten gesteld worden, daar men dan de vereischte som bijeen heeft om de boete te betalen. Te Hirschberg in Silizie werd 14 Juni 1884 zekere Engler tut 7 jaar tuchthuisstraf veroordeeld wegens straatroof. Dezer dagen was er aanleiding om tot een nader onderzoek der zaak over te gaan en Zaterdag vond de jury den beschuldigde onschuldig, en beval de rechter zijn onmiddelijke in vrijheid stelling. Hij heeft dus bijna 2f jaar onschuldig gevangen gezeten. --- FEUILLETON. 160) EEN SOCIALIST. Reeds eenige minuten lang had het Mutimer moeite gekost, zich. te doen verstaan door het rumoer, dat de uitroepen, zoowel van vrienden als van vijanden, herhaaldelijk veroorzaakten. Nu was voortgaan echter geheel onmogelijk. Een man klom op de schouders van twee anderen en begon op zijn beurt een toespraak te houden, waarbij hij zijn stem zoodanig verhief, dat de omstanders wel op hem moesten letten. Hij maakte zich bekend als een van degenen, die door Mutimer waren bestolen; al wat hij gedurende zeven maanden had bespaard, was weg; hij was nu zonder werk en zijn gezin moest van honger sterven. Richards bloed begon te koken, toen hij deze woorden hoorde. ,/Je liegt!" bulderde hij hem tegemoet. //Ik ken je wel. Gij zijt het, die mij gister avond toeriep, dat ik mijn biezen zou pakken en niet op de vergadering zou komen. Toen heb ik je een schurk genoemd; nu noem ik je een leugenaar. Je hebt mij zesmaaal drie stuivers toevertrouwd, en meer niet. Het geld, datje hadt kunnen besparen, hebt ge Jbesteed aan drank. Je geld ligt voor je klaar; je hebt het maar te tomen halen. En hetzelfde zeg ik tot jelui allen. Ik ben bereid al het geld terug te betalen; en niet alleen het geld, maar tevens de rente." //Natuurlijk!" schreeuwde de ander. ;/ Je kunt het niet stelen en daarom biedt je aan het terug te geven. Wij kennen dat spelletje." Dat tooneel was het sein tot de uiterste verwarring. Honderd stemmen trachtten aan het woord te komen; het was of een plotselinge golving door de menigte ging. Mutimer zag een woelende zee van dreigende aangezichten voor zich — ieder man zou in zijn plaats bij dien aanblik zijn verbleekt. Aan alle zijden zag hij vuisten opgeheven en hoorde hij vloeken en verwenschingen tegen zich uiten. Men spotte met zijn verklaringen. Klaarblijkelijk schaarde het meerendeel der aanwezigen zich aan de zijde zijner tegenstanders. Een derde spreker werd op de schouders zijner vrienden geheven ; niet tevreden met zijn zitplaats, eischte deze, dat hem een plek op den wagen zou worden ingeruimd. Na een korte worsteling met Mutimers volgelingen, zag hij a -n zijn eisch voldaan. Toen hield het rumoer plotseling op, opdat men den nieuwen redenaar zou kunnen verstaan. w Ziet gij dien man?" riep hij, terwijl hij op Mutimer wees, die zich zoover van hem verwijderde, als de omvang van den wagen toeliet. w Hij heeft jullie verteld, wat hij gedaan heeft, toen iemand hem geld had nagelaten. Hij heeft maar éen ding vergeten, en weet ge wat dat is? Toen hij een werkman was zooals wij, zou hij trouwen met een arm meisje uit onzen stand. Maar wat deed hij, toen hij geldjkreeg? Hij liet haar aan haar lot over en trouwde met een mooie dame, die hem nam, omdat hij rijk was — op die manier kiezen de dames altijd hun man, ziet ge?" Bij die woorden verhief zich een afgrijselijk gehuil, dat hem noodzaakte even op te houden; maar weldra wist hij zich door heftige gebaren op nieuw gehoor te verschaffen. //Wacht even, kameraden; ik ben nog niet klaar. Hij liet het arme meisje in den steek niet alleen, maar deed nog veel erger. Hij strooide een praatje rond, dat zij zich niet goed had gedragen en niet waard was, de vrouw te worden van een eerlijk man. En dat alles was een verd ... leugen, zooals wij allen hier weten. Wat denkt ge daarvan nu wel? Dat heet een vriend van het volk! Dat is nu iemand, die jullie belangen zal behartigen! Als hij zoo iets kon doen, waarom zou hij dan jullie spaarpenningen niet stelen?" Zoodra Mutimer had bemerkt, welk onderwerp de man ter sprake wilde brengen, zonk hem alle moed in de schoenen. Hij stond daar als een misdadiger, die onwederlegbaar getuigenis tegen zich hoort afleggen. Hij gevoelde, dat hij bleek was; dat elke trek van zijn gelaat zijn schuld verried. Te vergeefs trachtte hij de menigte aan te zien en minachtend te glimlachen. Onwillekeurig sloeg hij de oogen neder; zijn lippen bewogen zich, maar hij was niet bij machte, een enkel woord te uiten. Het gehuil begon op nieuw en duurde voort; ditmaal echter niet als gevolg van de beschulging, tegen Richard ingebracht. Toen de aanklager door zijn vrienden op den wagen werd geplaatst, verspreidde zich onder de meer verwijderde omstanders het gerucht, dat er een aanval gedaan werd op Mutimer en zijn aanhangers. Dit gerucht bereikte ook de plek, waar Redgrave stond te spreken. Terstond zagen al de hoorders naar den kant, waar de worsteling heette plaats te hebben. Redgrave zelf sprong op den grond en riep alle aanhangers van Mutimer op om hem te volgen. Twee menigten drongen op elkaar in; van daar het immer voortdurend gehuil. Het oproer was begonnen. Schilder ze, als ge kunt, die verontwaardigde menigte, bezield met den wensch, de eerlijkheid te verdedigen en de beleedigde deugd te wreken! Demos was wakker; hij was het moede, langer naar kunstig saamgevoegde taal te luisteren; hij wilde zijn natuurlijke stem laten hooren en bloed proeven. Er was bijna geen gelaat in de menigte, of het had zich verwrongen in den dierlijksten, wreedsten trek, dien het menschelijk gelaat aannemen kan. Mutimer, ziende hoedanig de toestand was, sprong van den wagen. Onmiddellijk werd hij een eindweegs medegevoerd door een stroom, die met onweerstaanbare kracht op hem aandrong. Het was hem en zijn vrienden niet mogelijk te blijven staan; het getal hunner bestrijders was te groot; al wat zij konden doen was zich aaneen sluiten en gebruik maken van elke gelegenheid om te wijken, terwijl zij zich uitsluitend tot verdediging bepaalden. Een voldoend aantal manschappen der politie was niet op het plein aanwezig; het oproer zou niet in zijn loop belemmerd worden door de gehuurde knechten der kapitalisten. Redgrave baande zich al vechtende een weg tot nabij Mutimer en bracht een klein, maar dapper en vastberaden troepje met zich. Van alle kanten hoorde men slagen vallen, en het verontwaardigde geschreeuw van de weinigen, die de orde trachtten te herstellen, werd overstemd door het gebrul der strijdenden. Demos was opgestaan; de rede zag zich haar macht ontnomen; het recht van den sterkste slechts werd geëerbiedigd. (Wordt v»rvolgd.) --- BINNENLAND. — Reeds onder onze telegrammen werd Zaterdag avond gewag gemaakt van den goeden gang der feestelijkheden in Amsterdam, Den Haag en Utrecht. Gelijk de dag is begonnen zoo is hij ook voortgezet en ten einde gebracht. Overal is op de ondubbelzinnigste wijze gebleken dat het Nederlandsche volk met hart en ziel gehecht is aan het huis van Oranje en koning Willem III; overal wedijverde groot en klein, rijk en arm, om den 70en verjaardag van den Koning tot een feest te maken. Het is natuurlijk onmogelijk om zelfs, wat de hoofdzaken betreft, gewag te maken van 't geen in de verschillende plaatsen van 't land heeft plaats gehad. Zelfs is het moeilijk alles op te nemen wat ons uit onze provincie en meer onmiddellijke omgeving wordt toegezonden. Men stelle zich dus met deze algemeene mededeeling tevreden. Een uitzondering maken wij van Amsterdam en wel voor dit deel van de stad, waar in Juli jl. de betreurenswaardige ongeregeldheden voorvielen. Met genoegen toch kan worden geconstateerd dat de feestvreugde daar even hartelijk aan den dag is gelegd als altijd als het den Koning geldt. De bewoners van dat deel van Amsterdam waren altijd vurige vrienden van Koning en Oranje en die liefde heeft niets geleden. Tegen elven trok een talrijke stoet, mannen, vrouwen en kinderen, allen — en sommigen van boven tot onder — met oranje versierd, naar de woningen der gebrs. Mens en brachten daar een aubade, bescheiden natuurlijk — men zong het Wilhelmus — maar blijkbaar innig gemeend. Jammer dat Leendert, die als Broeder van den Nederlandschen Leeuw de parade moest bijwonen, al vertrokken was. Een man die onvoorzichtig genoeg was geweest een zwarte cocarde op de pet te zetten en den stoet tegenkwam, werd in een ommezien door een dertigtal vrouwen omringd en moest het onder niet malsche bedreigingen dulden, dat een harer hem de cocarde afrukte en die onder den voet vertrapte. Een der correspondenten van het Otr. Dbl. geeft nog de volgende grappige beschrijving van 't feestje: Bij Christina van der Woude, de heldin, die het leven van een inspecteur van politie redde en daarvoor een eervolle vermelding tot belooning kreeg, wapperde een vlag uit het venster, in welks middenbaan haar naam was geborduurd. Het was een geschenk van eenige dames, vertelde zij, om haar lofwaardig gedrag, en de burgemeester had haar nog in de gelegenheid gesteld, haren bezoekers behoorlijk een glas wijn aan te bieden. ,/In de Willemstraat was het buitengewoon rumoerig. Daar werd gedanst en gesprongen bij met oranje prijkende draaiorgels; vooral toen een dezer instrumenten post vatte tegenover de woning eener familie, van welke een zoon ook tot de steenengooiers behoord had en daarvoor nu zijn straf ondergaat, steeg de opgewondenheid ten top. Het orgel speelde een populair lied en heel de menigte hief mede aan om te besluiten met een hiep, hiep, hiep! ter eere van het hoofd van het gezin, die vandaag ook jarig was en ter gelegenheid van dit dubbele feest niet alleen had gevlagd, maar ook een ehassinet met een lang gedicht boven zijn deur had gesteld. Op een herhaling van het lied werd aangedrongen, maar eerst nam de orgeldraaier, die ook volksredenaar schijnt, het woord. ,/Leve de Koning!" zoo begon hij, „Leve de Koning, Koningen moeten er zijn en Koningen zullen er blijven, zoo waar als ik hier voor je sta. Een land zonder Koning is nog erger dan een Koning zonder land en daarom (op het portret van Z. M. boven zijn orgel wijzende), daarom driemaal hoerah voor Zijne Majesteit. Hiep, hiep, hiep!" w De jongens vulden de rest aan en toen aan zijn bevel voldaan was, riep hij: En nou hiep, hiep, hiep! voor den ouden droppel!" De w oude droppel" was het jarige hoofd van 't gezin, dat au grand couplet boven uit de ramen hing en dankbaar voor zooveel onverwachte hulde de menigte op straat minzaam toewuifde. „Middelerwijl had een paarschkatoenen dame eenige cavaliers aan het bezwijken gebracht door het uitvoeren van eenige grillige dansen op de straatsteenen, dansen waarbij armen en beenen evenveel en soms even hoog in beweging waren, tot dat zij zelve eindelijk //door het draaien" zoo akelig werd, dat eenige oudere dames het gepast achtten, haar naar huis te geleiden. „Hoe later het werd, hoe drukker en levendiger de menigte; er heerschte een vroolijke opgewekte geest." — Dat Z. M. de Koning bij gelegenheid van zijn» 70en verjaardag uit alle oorden des lands en uit het buitenland adressen, brieven en telegrammen van gelukwensching heeft ontvangen ligt voor de hand. Met honderden en honderden werden zij ten paleize aangeboden. — Over het ongeval, H. M. en 't princesje Zaterdag overkomen, schrijft men ons 't volgende : De Koningin reed a la Daumont en de jockey viel door het steigeren van het paard up den grond, zoodat beide paarden geheel zonder besturing voortholden. Het was een angstig gezicht, dat voortvliegende rijtuig met de Koningin en haar kind. Het publiek ontwaarde eerst dat de paarden op hol waren op den oogenblik dat zij voorbijvlogen en het dus reeds te laat was om de dieren te grijpen. Door de aangeheven kreten werden de verder staanden echter gewaarschuwd, en werd het gevaar gekeerd. Toch was het reeds een heel eind hollen geweest, bijna de gaansche Zeestraat en het deel Noordeinde van de brug af tot de Koningspoort, een paar huizen voor men aan 't paleis komt. De Koningin met 't schreiende kind op den arm, begeleid door enkele heeren, die geadsisteer-i hadden, ging rechtstreeks huiswaarts, dankend voor de verleende hulp, en een goed kwartier daarna reden de beide op nieuw uit, daarmee het beste bewijs gevende dat beide geheel ongedeerd waren. Ditmaal werd echter niet a la Daumont gereden, maar in open rijtuig van den hoogen bok en met twee lakkeijen achterop. Het publiek stelde het natuurlijk zeer op prijs dat H. M. dadelijk weder verscheen en juichte moeder en kind daverend toe. Ook op den avondrit, toen H. M. een paar der meest versierde wijken is doorgetrokken, door den burgemeester voorafgegaan, was het gejubel algemeen. Op de Princessegracht, ten hutée van den minister van justitie, recht over het Malieveld, heeft H. M. het vuurwerk aanschouwd. De Koning was door het aardig kindergezang voor zijn paleis getroffen, en heeft den burgemeester zijn leedwezen betuigd, dat hij niet mocht uitrijden. Hij heeft kort geleden zijn Wildunger waterkuur moeten staken om de een of andere reden, en zonder dat schijnt hij dadelijk pijnlijk te worden in de nierstreek. Overigens is Z. M. wel. — Yan een laaghartige streek maakt de N. R. C. melding: Men heeft Zaterdag hier en daar een valscli bulletin verspreid, de tijding inhoudende dat Z. M. de Koning plotseling overleden zou zijn. Het bulletin is in een massa exemplaren uit Rotterdam per post verzonden, geheel of gedeeltelijk onder kluisband, aan bepaalde personen geadresseerd. Het was gedrukt in een rouwrand en bovenaan stond gedrukt: Bulletin van de Nieuwe Rotterdammer Courant. Geheel de vorm was er op aangelegd om te misleiden, blijkbaar met de bedoeling om in het feest stoornis te brengen. Ongetwijfeld zal een gestreng onderzoek door de justitie worden ingesteld. Hier en daar hebben enkele personen gevaar geloopen klappen te krijgen of wel werkelijk een pak slaag gehad, omdat zij iets zeiden dat van weinig belangstelling voor de feestviering getuigde. De politie heeft te Utrecht twee mannen moeten beschermen omdat zij opruiende woorden hadden geuit en 't volk hen te lijf wilde. In Den Haag liep het voor den betrokkene minder goed af. Hij kreeg een pak slaag en werd, toen hij huiswaarts vluchtte, nagezeten onder den zang: //Jij komt van avond de deur niet meer uit!" een vooispelling die waarschijnlijk wel juist zal geweest zijn. Voor zoover de sociaal-democraten propaganda voor hun beginselen meenen te moeten maken door beleediging van den Koning, zal 't hun gebleken zijn dat het volk in dat opzicht althans van hun voorlichting nog niet gediend is. — Volgens den Haagschen correspondent van de Midd. Ct. heeft de regeering van de verschillende hoven opgaven gevraagd van het aantal der in de laatste jaren behandelde strafzaken, waarschijnlijk met het doel om een paar hoven, die het minst te doen hebben, op te heffen. Nu die colleges, voor wat strafzaken betreft, door de nieuwe wetgeving uitsluitend hoven voor appèl zijn geworden, zijn hun werkzaamheden natuurlijk zeer afgenomen en zou dus een vermindering van hun aantal niet onmogelijk zijn. — Het stoomschip Burgemeester dm Tex vertrok 18 Februari van Marseille naar Amsterdam. Zaandam vertrok 19 Februari van Amsterdam naar New-York. Batavia , van Java naar Rotterdam, vertrok 17 Februari van Port Said. Madttra, van Amsterdam naar Batavia is 17 Februari te Southampton aangekomen. Prins van Oranje is 17 Februari van Marseille vertrokken naar Batavia. Sumatra vertrok 19 Februari van Batavia naar Amsterdam. — De heer E. Douwes Dekker, Multatuli, is Zaterdag te Nieder-Ingelheim in Hessen overleden. Hij bereikte den ouderdom van G7 jaar. Niet in enkele woorden is het leven te schetsen van den zoo rijk begaafden man, die thans van deze wereld is gescheiden. MeL kent hem en zijn werk. Men weet uit de ,/Max Havelaar" hoe hij in Indie heeft gediend en welke de reden zijn die hem noopten zich te doen ontslaan. Ook is het bekend hoe hij later — na zijn vergeefsch beroep op de publieke opinie — in vele geschriften zijn denkbeelden onder het volk heeft verspreid. Het oordeel over hem en zijn werk is zeer verschillend. Terwijl de een hem ten hemel verheft, ziet de ander in hem bijna een misdadiger of iemand erger dan dit. Als het graf boven hem gesloten is, zal het oordeel wellicht gunstiger gaan luiden. Multatuli heeft ontzaglijk veel gewerkt en hij is voor ons land op maatschappelijk en litterair gebiéd een geweldig man geweest. Nog niet lang geleden kwam van de hand van Busken Huet een van veel waardeering getuigende studie over Multatuli voor in de z/Hedendaagsche Letterkundigen" van den heer Jan ten Brink. Vosmaer wijdde in zijn boekje „Een Zaaier" hem een hulde vol innige piëteit. Wij laten uit laatstgenoemde schets hier enkele zinsneden volgen: //Multatuli is denker, dichter, satiricus, criticus, moralist, hervormer. Schrijver in de hoogste beteekenis van 't woord, niet omdat de kracht bij hem zit in de pen, die hij overigens behandelt beurtelings als penseel, als degen en als houweel, maar omdat zijn middel het woord is. Die kracht, neen, zoek haar niet in de gemakkelijkheid en juistheid van zic'a uit te drukken, m den gloed der verven, in de compositie en voorstelling. Dat zijn middelen en vormen en ze worden hier dienstbaar gemaakt aan het rijk des geestes; maar die kracht, die geweldige kracht zit in de kennis van mensch en wereld, in de overtuiging, in den moed om waarheid te zien en te zeggen, in het hart, in éen woord in de waarde zijner geheele persoonlijkheid." — De uitslag van den Zaterdag gehouden quartet-zangwedstrijd is als volgt. Eerste prijs, vijf gouden medailles en een groote als banierprijs, werd behaald door de //Utrechtsche Mannenzangvereeniging;" de tweede, dito verguld zilv. med., door de liedertafel //Zang en Vriendschap" te Haarlem; de derde, dito zilveren med., door de Mannenzangvereeniging ,/Crescendo" te Haarlem. De vierde prijs, dito zilveren medaille, werd aan het Mannenkoor //Caecilia" te Amsterdam, buiten het programma, toegekend. — Het had weinig gescheeld of een dronken man, — een sujet waaraan niet veel verloren scheen, naar de uitdrukkingen uit den volksmond te oordeelen — had Zaterdag te Arnhem een aantal menschenlevens gevergd. Tijdens de parade was hij op de breede Lauwergracht aan het uitvoeren van waaghalzerijen. Het eind was, dat hij tot zijn hals door het ijs zakte. Een vriend trachtte hem te hulp te komen, maar geraakte ook te water. Toen zag men een dame den steilen wal af ijlen en zich op het ijs uitstrekken om den drenkeling te helpen. Het ijs brak en ook de dame had nu zelve bijstand noodig. Weder snelden een tiental mannen te hulp, waarvan er vier a vijf te water geraakten. Eerst toen men ladders en stokken had gehaald, kon men alleman redden. De dronken drenkeling was bijna verdronken. Hij werd naar 't ziekenhuis gebracht, waar hij spoedig bijkwam. — Door het bestuur der Noord- en Zuidhollandsche reddingmaatschappij is besloten de te Huisduinen geplaatste reddingsboot te doen vervangen door een vlet, welke het model zal hebben van een groote trekkersboot en voldoende van waterdichte kokers zal worden voorzien. Men vertrouwt dat een dusdanig vaartuig veel voordeelen zal blijken te bezitten, tegenover de meermalen ondoelmatig gebleken boot. — Naar aanleiding van de openbaar gemaakte verslagen der enquête-commissie betreffende de fabrieken van de firma Regout te Maastricht, heeft de heer Louis Regout, gelijk dezer dagen werd medegedeeld, verzocht nogmaals gehoord te worden. De commissie weigerde dit, omdat volgens haar oordeel hem op 20 Januari 1.1. alle vragen gesteld zijn, die noodzakelijk waren o«t hem, tijdig en bij de commissie zelf, de gelegenheid te geven tot verdediging op ingebrachte grieven. De heer L. Regout, van oordeel dat het hem, die den omvang der beschuldigingen toen niet kende en de ware strekking der vragen dus ook niet kon begrijpen, onmogelijk was op voldoende wijze alle aantijgingen, die reeds gedaan waren en later nog zouden worden gedaan, te weerleggen, heeft thans een open brief aan de commissie gericht, ten einde zich w van de blaam te zuiveren, die men ter officieele plaatse ten aanzien van het geheele land op hem trachtte te werpen." Hij bepaalt zich in zijn betoog tot de behandeling der twee hoofdpunten van beschuldiging, n.1. de ovens en de ondersteuningsfondsen en beweert dat hem in deze geen billijke verwijten kunnen worden gedaan. — De remonte-commissie, thans in Groningen werkzaam, heeft daar reeds 25 paarden opgekocht. KWÖL.1.E, 21 Februari. — Uit bijna iedere gemeente in onze provincie ontvingen wij beschrijvingen nopens de feestviering. Hoe ongaarne ook, moeten wij ons voor heden bepalen tot het feest in onze stad. Wilden wij alle stukken plaatsen die ons gezonden zijn, wij zouden de dubbele ruimte noodig hebben die ter onzer beschikking staat. Alleen zij vermeld dat geen enkele wanklank uit onze provincie tot ons komt. Nimmer is — aldus ongeveer luidt het slotwoord van de meeste mededeelingeu — nimmer is hier zulk een opgewektheid gezien als bij dit feest. — Op den IJssel bij het Katerveer wa3 heden blank water. — De stoomboot Stad Kampen is gister ochtend van Vreeswijk vertrokken en is heden middag alhier aangekomen. — Men meldt ons uit Zalk dat in de rivier weinig drijfijs is; de overtocht heeft per pont en schuit plaats. Van even boven Wilsum tot Kampen zit het ijs nog vast. — In een voor eenigen tijd gehouden vergadering van het vereenigd college van het waterschap Mastenbroek werd besloten, met het oog op de ongunstige tijden voor den landbouwer, Ged. Staten uit te noodigen de jaarwedden van den dijkgraaf en de heemraden te verlagen. Thans hebben Ged. Staten daarop een besluit genomen, waarbij te kennen wordt gegeven, dat er geen aanleiding bestaat om aan dat verzoek te voldoen, aangezien de motieven, waarop de tegenwoordige tractementen in 1877 en 1878 zijn vastgesteld, niet vervallen zijn. — In ons nommer van 27 October j.1. werd melding gemaakt dat een verzoek van mevrouw de wed. Wicherlink, geb. Pruimers, om verandering in den dijksligger wat betreft de ter naam stelling harer in Mastenbroek gelegen eigendommen, om advies in handen van het dagelij ksch bestuur van het waterschap Mastenbroek was gesteld. Dit verzoek — gebazeerd op een vermeende misstelling of gepleegd verzuim — is bij besluit van het vereenigd college van gemeld waterschap 16 November van de hand gewezen. Van dit besluit is mevr. de wed. Wicherlink, geb. Pruimers, in hooger beroep gekomen bij Gedep. Staten dezer provincie, welk college bij beschikking van 17 Februari 1887 het besluit van het vereenigd college heeft gehandhaafd en wel op grond dat blijkens een ingesteld onderzoek het gebleken is dat de dijksligger van het waterschap te haren opzichte in volkomen overeenstemming was met den kadastralen ligger. — Het voor heden avond in het Odeon aangekondigde concert van mej. W. Beumer en prof. De Sivert kan niet doorgaan, maar wordt tot nader te melden datum uitgesteld, daar de artisten heden ochtend te Antwerpen den trein naar Holland gemist hebben. * Leeüwakden , 21 Febr. Het Koningsfeest, 't welk den ganschen dag duizenden menschen op de been had gebracht en 't geen als bijzonder goed geslaagd mag worden beschouwd, zou hier zonder wanklank zijn afgeloopen, indien niet eenigen van de alhier gedetacheerde huzaren zich in den namiddag aan dronkenschap en wanordelijkheden hadden schuldig gemaakt. Op de Voorstreek en later nabij de stallen in den Arendstuin geraakten -zij met het volk slaags en maakten daarbij, als gewoonlijk, gebruik van hunne wapenen, zoodat verschillende burgers, de een meer, de ander minder, verwond geraakten. Nadat allen door de politie waren aangehouden, achtte do commissaris van politie het, in overleg met den commandant der huzaren, noodig, het gansche detachement gedurende den verderen avond en nacht te consigneeren, om zoodoende verdere verbittering en rustverstoring te voorkomen. De verwondingen zijn gelukkig niet van ernstigen aard en een gestreng onderzoek is aangevangen. ---