Openbare kennisgeving. De Burgemeester der gemeente Zwolle, Gelet op de aanschrijving van den heer Commissaris des Konings in deze provincie, dd. 22 April jl., 4e afd „ no. 1243/1023, j Verwittigt de in deze gemeente wonende militienverlofgangers der lichting 1883, behoorende tot het torns ponteniers, dat zij op Woensdag den 28 Juli, en van de lichting 1884, hen die bchooren tot het le reg. vesting-artillerie, 7e en 8e comp., en het 4e reg vesting -artillerie, 7e en 8e comp., dat zij op Maandag den 9 Augustus e.k., op het uur, door den burgemeester te bepalen, bij hun korps moeten tegenwoordig zijn, gekleed in uniform en voorzien van de kleeding- en uitrustingstukken, hun bij het vertrek met verlof medegegeven, alsmede van hun zakboekje en verlofpas, ten einde onder de wapenen te komen. Zij moeten zich vooraf en wel twee dagen,te voren, vooriniddags tusschen 9 en 12 ure, bij den Burgemeester hunner woonplaats aanmelden, voorzien van hun verlofpas, ten einde de noodige biljetten, alsmede daggeld, indien zij dit verlangen en daarop recht hebben, te ontvangen. . , . , Degenen, die per spoor reizen, moeten zich minstens een half uur vóór het vertrek van den trein aan het station aanmelden. , . Zij, die niet aan de oproeping voldoen, worden als deserteurs behandeld; terwijl degenen, die door ziekte verhinderd worden op den bepaalden dag onder de wapenen te komen, van die omstandigheid, onder overlegging van een verklaring van den geneesheer, tijdig kennis behooren te geven aan den burgemeester. Na hun herstel vervoegen zij zich bij hun korps. Zwolle , den 15 Mi 1886. De Burgemeester voornoemd, VAN NAHUIJS. --- BUITENLAND. Algemeen overzicht. Maandag 19 Juli. De verkiezingen in Engeland zijn thans afgeloopen. Van de 670 leden, die het Parlement telt, zijn er 317 conservatief, 76 afgescheiden liberaal, 191 liberaal met Gladstone en 86 volgelingen van Parnell. Aan de conservatieven zal dus de taak worden opgelegd om een nieuw kabinet te vormen. Naar aanleiding der verkiezingen heeft mrs. Favcett, de weduwe van den oud-minister, een redevoering gehouden in het Genootschap voor vrouwen -stemrecht te Londen. Zij constateerde daarin dat 320 leden van het nu gekozen Parlement op de hand van het genootschap zijn. Reeds in het vorige Parlement telde deze zaak veel voorstanders, doch het was zoo spoedig ontbonden, dat de quaestie niet aan de orde kon komen. Het is mogelijk dat dit nu weder het geval is, doch het is zeker dat de voorstanders in getalsterkte toenemen en het dus eenvoudig een quaestie van tijd is. Mevrouw Fawcett acht het volgende jaar — het halve eeuwfeest van Yictoria's regeering — een zeer geschikte tijd om het vrouwen-stemrecht in te voeren. Het duel van den Franschen minister van oorlog en den monarchalen Senator heeft, zooals te begrijpen is, niet weinig opzien gebaard. Vrijdag kwamen de getuigen bijeen om te zien of de zaak nog geschikt kon worden, doch dit bleek onmogelijk en Zaterdag had het duel plaats. Baron Lareinty had met den degen willen vechten, doch generaal Boulanger koos, als beleedigde partij, het pistool en op 25 pas (een afstand die het gevaar voor raken werkelijk niet groot maakte!) schoten beiden op elkander. Lareinty schoot dan ook mis en Boulanger schoot in het geheel niet, omdat zijn pistool weigerde. De partijen verklaarden toen dat aan de eer was voldaan, de duellanten gaven elkander de hand en de minister ging weder naar zijn departement, waar hij van alle zijden gefeliciteerd werd met den afloop. Hij is thans eerst recht de held van den dag geworden? De president Grévy is nog niet naar zijn zomerverblijf te Mont-sous-Vaudrey in de Jura vertrokken, daar zijn schoonzoon "Wilson vrij ernstig ongesteld is. De agrarische Ereu%zeitung, die tegenwoordig op de groote industrieelen in de Pruisische Rijnstreek, wegens hun onwillige houding tegenover de ontworpen nationale tentoonstelling in 1888 te Berlijn, zeer verstoord is, verklaart dat het in Duitschland op onaangename wijze de opmerkzaamheid getrokken heeft, dat Krupp te Essen bij een aanbesteding van spoorwegrails te Altona voor de mededinging eener Engelsche firma de vlag heeft moeten strijken. Nadat echter diezelfde Krupp, die zich in Duitschland door Engeland liet verslaan, onmiddellijk daarop bij een aanbesteding van rails in Holland toewijzing verkregen had, moet men (zoo zegt het blad) dit duidelijk op den voorgrond tredende streven om de prijzen in het binnenland geregeld hooger te houden dan in het buitenland, ten scherpste afkeuren. De Kreuzieitung eindigt als volgt; //Indien deze firma's in het buitenland met het buitenland concurreeren kunnen, zoo moet haar dit ook in het binnenland mogelijk zijn." Bij den Egyptischen ministerraad is een voorstel aanhangig om Damiette tot een haven van den eersten rang te maken. Te Caïro zou men dit met leede oogen aanzien, daar men vreest dat dit den handel van Alexandrie aanmerkelijk zou benadeelen en de inkomsten van de haven en den spoorweg daardoor zouden verminderen, welke inkomsten verpand zijn voor amortisatie van de staatsschuld. Dit bericht komt over Londen, waar men waarschijnlijk veel bezorgder voor de geregelde rentebetaling en schulddelging is dan te Cairo zelf. Te New-Tork zijn berichten ontvangen uit Mexico, waarin gemeld wordt dat aldaar langs den Rio Grande en voornamelijk in Tamanlipas oproerige bewegingen zijn uitgebroken. Volgens een depeche uit Camargo van 15 dezer hadden de opstandelingen de stad Agualeguas ingenomen, bij welke gelegenheid vijf burgers het leven verloren. De revolutionaire partij schijnt belangrijk in sterkte toe te nemen. De keizer van Duitschland zal heden op zijn reis van Mainau naar Gastein, anderhalf uur te München vertoeven en daar door den prinsregent van Beieren begroet worden. De Czaar en zijn gemalin gaan naar Polen, doch zullen te Warschau niet stilhouden; zij gaan direct naar het jachtslot Lubochenki. De kroonprins van Oostenrijk met zijn vrouw zullen dan een paar dagen hun gast zijn. Terzelfder tijd wordt prins Wilhelm van Pruisen ei verwacht. Graaf Kalnoky, de Oostenrijksche rijkskanselier, gaat naar Kissingen om een paar dagen bij Bismarck door te brengen. Ook dit laatste bezoek geldt voor zuiver vriendschappelijk. Toch ligt het vermoeden voor de hand, dat de beide staatsmannen het niet bij een praatje over het weer laten zullen! Het echtscheidingsproces, waarin zijdelings sir Charles Dilke betrokken is, wordt dezer dagen op nieuw door het hof te Londen behandeld. De liberale ex-minister, die bij de eerste behandeling op raad zijner advocaten en vrienden gezwegen had, heeft nu onder eede verklaard, dat er nooit iets onbehoorlijks tusschen hem en lady Crawford voorgevallen is. Een staaltje van de parlementaire zeden in de Vereenigde Staten meldt een depeche uit Washington. In de Kamer van volksvertegenwoordigers heeft Zaterdag een formeele vechtpartij plaats gehad tusschen Laird, republikeinsch afgevaardigde van Nebraska, en Cobb, democratisch vertegenwoordiger van Indiana. Laird maakte Cobb uit voor een leugenaar en herhaalde in het portaal der vergaderzaal dat scheldwoord, onder bijvoeging van een vloek. Cobb antwoordde met de opmerking dat Laird een vervloekte meineedige was. Nu gaf Laird aan Cobb een vuistslag, waardoor den democraat het bloed uit neus en mond spoot. De beide wetgevers werden toen door hun ambtgenooten gescheiden. Het Berlijnsch postmuseum is nu verrijkt met het couvert van een brief van gewoon gewicht, die 100 jaar geleden uit Philadeïphia naar Sternberg werd gezonden. De omslag draagt de poststempels: Philadeïphia, Londen, Calais, JJrussel, Den Haag, Amsterdam en Hamburg, waaruit de postenloop van dien tijd blijkt. De brief was ongefrankeerd en volgens aanteekeningen op het couvert moest er niet minder dan f 10.80 aan port voor betaald worden. In 1870, bij het uitbreken van den oorlog met Frankrijk, trok zekere Breitenbach, een gehuwd landweerman uit Welterod in de Pruisische provincie St. Goarshausen, mede te velde en geraakte hij bij een der slagen in Fransche krijgsgevangenschap. Wegens een vergrijp tegen de krijgstucht werd hij tot 24 jaar dwangarbeid in Algerie veroordeeld. Dit jaar, en wel 26 April jl., slaagde hij er in te ontvluchten en na eenige avonturen kwam hij dezer dagen in zijn dorp terug. Hij was daar reeds lang in vergetelheid geraakt en als dood beschouwd. Zijn vrouw, die inmiddels hertrouwd was, herkende hem echter terstond. Breitenbach beweert dat er nog een Duitscher, Koch genaamd, in Algerie gevangen gehouden wordt. Bij gelegenheid van het congres van oogheelkundigen te Heidelberg, den 8en Augustus a.s., zal voor het eerst de groote gouden Grafemedaille uitgereikt worden. De Utrechtsche hoogleeraar Donders zal deze medaille met een plechtige toespraak aan Helmholtz overhandigen. --- FEUILLETON. DO UT DES. 32) ROMAN. Naar het Duitsch van O. Heller. ZESTIENDE HOOFDSTUK. De equipage van mevrouw Markus stond voor de deur; een elegant, gemakkelijk rijtuig met twee prachtige vossen bespannen. Bereniceliet Lucie instappen en beval den koetsier den weg naar de Zegelaan in te slaan. Het was een heerlijke Septemberdag, warm als midden in Juni en toch niet drukkend. Alleen het gemis der zangvogels herinnerde weemoedig aan het scheiden van den schoonen zomertijd. De zon liet haar stralen tusschen de gekleurde bladeren spelen, alsof zij zelf genoegen vond in de afwisselende tinten van geel, groen en rood. Het was juist het uur, waar hier de voornamen en rijken der stad in de nieuwste toiletten elkander ontmoeten, eenwederkeerige tentoonstelling in rijtuigen, te paard en te voet, waarbij over het algemeen zijde, fluweel en gekleurde stoffen de aandacht meer trekken dan de natuur in haar schoon herfstkleed. Berenice lette weinig op beide, de menschen en de landelijke omgeving waren zulk een gewoon gezicht voor haar, de dames en heeren nauwelijks interessanter dan boeren! Zij had niet het oog van een schilder of het gevoel van een dichter, daarin was zij geheel de nicht van mevrouw Markus. In kunstwerken wist zij de schoonheden van woud, water en hemel beter te waardeeren, wist onmiddellijk te zeggen of het coleriet goed was of niet; de ontwikkeling van haar smaak, een zekere kennersblik vormde een bestanddeel der zorgvuldige opvoeding, die zij had ontvangen. Zij sprak met Lucie over de musea der Rijnsteden, die zij zeer goed kende, en liet zich vertellen van het leven der schilders in Dusseldorf, hun gezellige bijeenkomsten in de Kunstenaarsvereeniging. Veel nieuws hoorde zij niet, want Lucie had dergelijke feesten nooit bijgewoond en kende ze slecht van hooren zeggen. Toen begon Berenice van Freienwalde en de villa te spreken, en gaf te kennen, dat het als van zelf sprak, dat de zuster van den opzichter tegenwoordig zou zijn bij het feest, dat gegeven zou worden als het huis onder dak was. w Heeft u al wel eens zulk een feest meegemaakt, juffrouw Erler? Neen? Ik ook nog nooit. Ik weet alleen, dat er toespraken bij worden gehouden en glazen gebroken en dat de metselaars geld in gekleurde doeken krijgen. Wij willen de kroon heel mooi maken en het geheele gebouw met gekleurde vaantjes laten versieren, dat staat aardig. z/Waar de tafel opgeslagen wordt, zullen de behangers ons een confortable salon inrichten. Of ik misschien, zooals de landvrouw bij het oogstfeest, met den bouwknecht het bal open of met een metselaar dansen moet, weet ik nog niet zeker. z/U danst met den architect," zei Lucie op eenigszins bitteren toon. Berenice hield de parasol voor het gezicht om haar blos te verbergen. ,/Willen wij uitstappen en wat wandelen?" vroeg zij. Een eindweegs gingen zij zwijgend naast elkander. Eindelijk zei Berenice: //U sprak zoo even van mijnheer Robert. Sedert wij uit Freienwalde terug zijn, heeft hij zich bij mijn tante niet laten zien. Weet u iets van hem? Of hij soms ziek is, meen ik?" Neen, ziek was Robert niet, zooveel wist Lucie wel, zij had kort geleden op straat nog een groet met hem gewisseld. //Dan is hij zeker boos," zei Berenice. ,/Maar ik weet waarlijk niet, waarmee ik of tante hem hebben kunnen beleedigen!" //Hij heeft het misschien heel druk," antwoordde Lucie verontschuldigend. Toen bedacht zij, hoe dwaas het van haar was, Robert bij Berenice te verdedigen; als juffrouw Markus zijn teruggetrokkenheid verkeerd opvatte of kwalijk nam, wat was dat dan nog! Op dit oogenblik werden de dames door een heer, die op hen toekwam, zeer eerbiedig gegroet. Het was baron Lenningen. Hij sprak Berenice aan, betreurde het bij zijn bezoek niet de eer genoten te hebben... zeer verheugd, het gelukkig toeval denkbaar, dat hem vergunde hier mejuffrouw Markus te spreken... Was het veroorloofd de dames een eindweegs op hun wandeling te geleiden?" //Baron Lenningen, juffrouw Lucie Erler/' stelde Berenice voor. De ontmoeting was haar niet zeer aangenaam, maar zij was niet van plan Lenningen den bons te geven, omdat haar tante een veroordeel tegen hem had; eigenzinnigheid en ij delheid noopten haar die kennismaking voort te zetten. Lenningen vroeg naar haar rij oefeningen. Maakte zij dikwijls uitstapjes te paard in den Dierentuin ? i/O neen," antwoordde de jonge dame. //Mijn tante zou dat niet gaarne zien. En wie zou mij ook begeleiden ? Mijn neef Henri rijdt wel en zou de eenige zijn, in wiens gezelschap ik mij zou kunnen vertoonen, maar " Zij eindigde den zin door een schouderophalen, dat noch voor Henri's rijkunst, noch voor zijn persoon zeer streelend was; Lenningen glimlachte veelbeteekenend. z/Ook heb ik geen eigen rijpaard. Queen Elisabeth, de goudvos, welk een prachtig dier was dat! Nu kan ik niet meer op een manegepaard rijden." ff Maar juffrouw, ik ben zoo verbaasd! Geen eigen rijpaard!" ? ,0, mijn tante zou mij er een koopen, zoodra ik het wenschte, zeker! Maar ik weet nog volstrekt niet, of ik het rijden voortzet. Ik ben zeer capricieus, mijnheer van Lenningen." Dat wilde mijnheer Lenningen volstrekt niet gelooven. Het rijden opgeven — dat was onbegrijpelijk, als men zoo te paard zat en het dier zoo in de hand had als juffrouw Markus! Hij kende verschillende, uitmuntende damespaarden, die te koop waren. Daar had men de vos Carlo Broschi, een prachtig dier, wel wat dun van pooten, maar zoo elegant gebouwd, dan de Theodora — van Almansor en de Tetania — dan Bandietenbruid, halfbloed, maar een schoon dier Berenice vond het paardegesprek zeer ver_ velend. Zij maakte er een einde aan door Lucie voor te slaan om te keeren en de wandeling per rijtuig voort te zetten. Daarmee kreeg Lenningen zijn afscheid. Toen hij de dames bij het instijgen hielp, vroeg hij wanneer hij wel het geluk kon hebben juffrouw Markus thuis te treffen, en Berenice noemde in gedachten den volgenden voormiddag; eerst toen hij zijn onderdanigen dank voor het vriendelijk verlof had betuigd en met een vurigen handkus bezegeld, viel het Berenice in dat zij hem ondoordacht een concessie had gedaan, die haar tante zeker niet zou goedkeuren. Maar het was nu eenmaal geschied. De baron kwam, toen mevrouw Markus en Berenice juist aan de ontbijttafel zaten; ongastvrij was de oude dame nooit; zij noodigde Lenningen dus uit met hen te ontbijten. Later zeide zij tot haar nicht, dat de baron nooit een invitatie van haar zou krijgen, voordat zij wist welken naam hij onder de menschen van zijn stand genoot. Bij deze gelegenheid hoorde Berenice wat haar tante aan Olga's broeder had opgedragen. vlk dacht als de Descamps den baron in hun huis ontvangen, dan zou dat ook voor u een genoegzame garantie zijn, tante", zeide zij, eenigszins uit haar humeur. „Adelheid is familie van hem, dus een avonturier zal hij wel niet zijn. En bij ons komen zooveel menschen, wier verleden en karakter u nooit hoofdpijn bezorgd hebben. Zoodra een bekende u een vreemdeling voorstelt, noodigt u hem uit. Het is ook volstrekt niet de mode bij ons in Duitschland, eerst overal te vragen wat er op de menschen te zeggen is." ( Wordt vervolgd.) --- BINNENLAND. Officieele berichten. Marine. De luit. ter zee le kl. S. K. Sybrandi en de luit. ter zee 2e kl. G. F. Tydeman worden met 22 dezer geplaatst in de rol van Zr. Ms. wachtschip te Willemsoord en gedetacheerd aan boord van de Gier. eerstgenoemde als commandant. — Dusver zijn wegens den minder gunstigen financieelen toestand — behalve voor die te Gonnchem — geen gelden aangevraagd voor het 6tichten der bijzondere strafgevangenissen, vermeld in art. 7 der gestichten-wet, noch voor het bouwen van een cellen vleugel in het tuchthuis te Leeuwarden. Tegen verwachting van den wetgever zullen dus op 1 September, als het nieuwe strafwetboek in werking treedt, voor de bijzondere strafgevangenissen nog geene gebouwen zijn gesticht of ingericht. Daarom heeft de regeering een aanvulling voorgesteld van de overgangsbepaling in de gestichtenwet, strekkende om den Koning bevoegdheid te verleenen tijdelijk de bijzondere strafgevangenissen met andere strafgevangenissen of met rijksopvoedingsgestichten in één gebouw te vestigen, of de hier bedoelde veroordeelden tijdelijk in gewone gevangenissen te doen opnemen. Dit laatste doelt voornamelijk op de vrouwen, die, zoolang de bijzondere gevangenis te Eindhoven niet gebouwd is, zeer goed voor den huisdienst in andere gevangenissen kunnen worden gebruikt. Tevens heeft de regeering thans om finaneieele redenen voorgesteld om te bepalen dat de bijzondere strafgevangenissen, bestemd tot opneming van hen die een gevangenisstraf van meer dan 3 maanden moeten ondergaan, nog niet den 18jangen leeftijd hebben bereikt en gemeenschappelijk moeten worden opgesloten, in plaats van te Ommen en te Amersfoort, zullen gevestigd zijn te Den Bosch en te Montfoort. — De regeering heeft opnieuw ingediend de reeds in de vorige zitting aangeboden w ij z ig i n g in het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering met eenige veranderingen. De regeering verklaart dat ter bekwamer tijd partieele herziening noodig is van andere bepalingen van dit wetboek. O. a. de voorschriften omtrent de termijnen van appèl en van cassatie. Een uitgave te maken van onze wetboeken in de nieuwe spelling, acht de minister van justitie niet aanbevelenswaard, niet alleen om de vele bezwaren van practischen en legislatieven aard, maar ook omdat de gewenschte gelijkheid in spelling, met het oog op de tallooze speciale wetten in de oude spelling vervat, toch niet zou bereikt worden. De aangebrachte wijziging in 't ontwerp strekt om in art. 79 B. Rv., aan ieder der verschenen partijen het recht toe te kennen om verstek wegens niet-verschijning aan de niet-verschenen partij te doen beteekenen. — Aan de Kamer is ingediend een wetsontwerp tot bekrachtiging eener overeenkomst met de maatschappij ,/De Schelde" te Vlissingen, tot voortzetting der erfpacht van het voormalig Marine-etablissement aldaar, die zonder deze nadere overeenkomst op 8 September 1886 zou eindigen. — Bij de Tweede Kamer is ingediend een onteigeningsontwerp voor de verbetering van het Scheur ter wederzijden van de haven van Maassluis. Ofschoon dit verbeteringswerk deel uitmaakt van het ontwerp der staatscommissie voor de verbetering van den Rotterdamschen Waterweg, staat het geheel op zichzelf. Uitstel van deze onteigening zou haar later veel kostbaarder maken, indien de belanghebbenden bij deze gronden ze tegen den stroom gingen verdedigen. De kosten worden nu geraamd op f 1,376,000. — Mede is op nieuw in hoofdzaak onveranderd ingediend het wetsontwerp houdende nadere bepalingen omtrent den suikeraccijns. Alleen is daaraan nog toegevoegd de bepaling nopens het invoerrecht op suikerhoudende goederen, voorgesteld bij art. 2 van het ontwerp tot wijziging van het tarief van invoerrechten. Blijven de uitkomsten der wet van 20 Juli 1884 gunstig, toch vindt, de minister van financien vooreerst geen vrijheid de verlaging van deze belasting voor te stellen met 't oog op den toestand der schatkist. Aan het verzoek van de raffinadeurs om de polarisatie-percenten met de bevonden hoeveelheid glucose te vermeerderen, kan, zegt de minister, niet worden voldaan, daar die verhooging in strijd zou zijn met de wijze, waarop in andere gevallen, met betrekking tot de belasting ten aanzien van dat bestanddeel, gehandeld wordt. Wat den uitvoer van basterd betreft, meent de minister nog niet aan den wensch der raffinadeurs te mogen voldoen. — Ook het wetsontwerp tot wijziging van eenige artikelen der gemeentewet is op nieuw ingediend. Alleen is in art. 6 een bepaling bijgevoegd omtrent de vereischten van benoembaarheid tot ambtenaar van den burgerlijken stand, nl. dezelfde als in art. 96 gemeentewet gesteld ten aanzien van de benoembaarheid tot gemeente-secretaris. — De oud-conservatieven, zegt de N. Jt. Ct., doen tegenwoordig geregeld dienst als ultramontaansche hulptroepen. In Almelo is Oorver Hooft sinds jaren de candidaat der ultramontanen. In Den Haag was het in Juni Van Sypesteyn, in Alkmaar Hartsen. Thans weder treedt in Amersfoort graaf schimmelpenninck als ultramontaansch candidaat op. Waar de mannen van den Syllabus niet met een uit hun eigen midden voor den dag durven komen, daar wordt het met conservatieven beproefd. De Amersfoortsche ultramontanen — meent de N. Jt. — kunnen er zeker van wezen, dat zij in graaf Schimmelpenninck een trouw en onderworpen volgeling zullen vinden. Onverklaarbaar genoeg, zegt het blad, schijnen te Amersfoort sommigen zich gevleid te hebben met de meening, dat zulk een candidaat ook bij liberalen steun zou kunnen vinden! Noch bij eerste stemming, noch bij herstemming heeft graaf Schimmelpenninck al ware het maar op éene liberale stem te rekenen. Liberaal candidaat in het district is jhr. mr. J. E. Huydecoper van Nigtevecht, bankier te Utrecht, die ook candidaat was bij de verkiezingen in Juni en toen bij 861 kiezers steun vond. Het blijkt inmiddels dat graaf Schimmelpenninck aan de R. K. kiesvereeniging //Recht voor Allen" heeft te kennen gegeven geen candidatuur tegenover of liever naast den heer Keuchenius te moeten aannemen. De kiesvereeniging beveelt hem niettemin aan en de Tijd acht het plicht van alle katholieke kiezers in het district, dat zij morgen op graaf Schimmelpenninck stemmen. — Prof. Buys Ballot dringt in een artike^ in de Amsterd. er op aan, dat öf de hooge regeering öf de Staten-Generaal een enquête doe houden, welke gedragslijn men ten aanzien van Atjeh te volgen hebbe, en dat inmiddels het leger in Indie zoo versterkt worde, dat het in staat zij ons gezag te herstellen en den maatregel, dien men als den besten zal erkennen, uit te voeren. z/Laat ons — zegt hij aan 't slot — onszelven niet langer paaien met de voorstelling dat het wel beter zal gaan, maar zorgen wij met voorzichtigheid en door krachtsbetoon, dat het werkelijk beter ga, eer het te laat is en zoover gekomen is, dat zelfs een dubbele krachtsinspanning zou blijken onvoldoende te zijn." — 's Konings wederantwoord op het adres van de Eerste Kamer der Staten-Generaal ter beantwoording van de troonrede luidt: //Mijne heeren! w Ik verneem met welgevallen, dat de Eerste Kamer der Staten-Generaal de taak, die haar wacht, onder Gods zegen met ijver hoopt te vervullen. ,/Ik verzoek u, mijne heeren, aan de Eerste Kamer mijnen dank over te brengen voor haar adres van antwoord." — Naar het D. D. verneemt bestaat er kans dat de gezamenlijke uitstalling der Deventer koek-, banket-, brood- en suikerbakkers, voor de te houden bakkerij tentoonstelling bestemd, vooraf in de vestibule van het stadhuis zal worden ter bezichtiging gesteld. — Naar men verneemt bestaat bij het departement van marine het voornemen om op een terrein aan den ingang van het Noordzeekanaal gebouwen te plaatsen voor do inrichting tot inschieten van torpedo's. — Is de Haagsche correspondent van de Mtdd. Cour. goed ingelicht, dan zou onze regeering er ernstig aan denken, om een soort van socialistenwet in het leven te roepen. Indien ik goed ben ingelicht, zegt de correspondent, dan zou reeds het gevoelen van den Raad van State over een dergelijken stap zijn ingewonnen. Het is te hopen, «egt hij verder, dat men niet de onhandigheid zal begaan om zulk een uitzonderingswet voor te stellen, want het kan niet anders of zij zal werken als olie in het vuur. Een repressief optreden kan noodig zijn, maar daarvoor is onze strafwetgeving voldoende, terwijl daarentegen het plaatsen van de sociaal-democraten onder een bijzondere preventieve wet, dus buiten de gemeene wetgeving, een tegenovergesteld gevolg zou hebben dan men er door wil bereiken. Toch, zegt hij, is mijn zegsman van zoodanig gehalte, dat ik vrees weldra een stap in die gevaarlijke richting te zullen zien doen. — Uit Bern wordt getelegrafeerd, dat het tractaat tot regeling van het internationaal goederenvervoer op de spoorwegen door de vertegenwoordigers der negen staten, welke aan de beraadslagingen hebben deelgenomen, is geteekend. — Het stoomschip Edam, van Amsterdam naar New-York, passeerde 18 Juli Dover; Leerdam vertrok 17 Juli van New-York naar Rotterdam; Prins Frederik is 16 Juli St. Vincent gepasseerd naar Amsterdam; Koningin Emma is 17 Juli van Suez vertrokken naar Amsterdam; Zuidholland, van Rotterdam naar Java, vertrok 16 Juli van Marseille; Soerabaya vertrok 17 Juli van Rotterdam naar Batavia; Drenthe , van Java Via Marseille naar Rotterdam, is 17 Juli in den Nieuwen Waterweg aangekomen. — Door de Staten van Gelderland is aan het hoofdbestuur der Geld. Overijs. maatschappij van landbouw, voor de commissie tot verbetering van het paardenras in Gelderland, een subsidie van f 2000 toegestaan. — Naar de Asser Ct. verneemt schijnen de plannen voor het in het leven roepen van een stoomtramweg van Assen naar Wildervank hun verwezenlijking te naderen. Als commissarissen noemt men de hh. W. A. baron van der Feltz en mr. J. Linthorst Homan, van Assen, en de hh. mr. M. v. d. Tuuk, J. Duintjer Ez. en J. Wilkens Kz., van Veendam; als directeur den heer Kortman, concessionaris. — Uit Stadskanaal schrijft men aan het D. v. N. : Een vreemd gebruik is in deze streken aan de turfgraverij verbonden, een gebruik, dat wel tot het verleden mocht behooren. Yroeg in het voorjaar, zoo vroeg als het maar om de vorst mogelijk is, gaan de arbeiders veldwaarts. Des nachts te twee of drie uur beginnen zij te werken tot 's middags 3, 4, 5 of 6 uur, al naar gelang hun krachten het moeilijke werk toelaten. Des nachts overnachten zij in zoogenaamde hutten. Zij werken zoo voort tot het einde der werkzaamheden, omstreeks dezen tijd van 't jaar, doch met een beklemd gemoed, daar zij niet weten wat hunne verdiensten zijn. Wel krijgen zij nu en dan wat in mindering op rekening, meestal in den vorm van koloniale en andere waren, die de veenboeren hun verkoopen, doch wat zij eigenlijk verdienen worden zij eerst bij de afrekening gewaar. Tegen het einde daarvan bepalen de patroons in een vergadering wat de eigenlijke verdienste moet zijn van ieder //dagwerk" of //Stobbe." Het spreekt van zelf, dat dit zoo weinig mogelijk wordt. Dit jaar was het buitengewoon laag. Zou de werkman niet met veel meer lust werkzaam zijn, wanneer hij, voor hij met de werkzaamheden begon, wist, wat zijn verdienste was? Zou het niet veel voordeeliger voor hem zijn, wanneer hem zijn verdiensten in contanten werden uitbetaald? Zouden de werkgevers niet dagelijks met veel meer genoegen naar hunne venen kunnen gaan? Want aan dit laatste hapert somtijds veel. Inderdaad, dit gebruik geraakt uit den tijd. — Naar aan de N. G. C. uit Den Haag bericht werd, zou daar gisteren een meeting worden gehouden van kleermakers om te beraadslagen over een adres aan de regeering om door 't heffen van een hoog invoerrecht op gemaakte kleedingstukken en een verbod van kleermakerij in de gevangenissen, de leden van het //gilde" voor achteruitgang te behoeden. — De aanleg van het Ruineplein — zoo schrijft men uit Leiden aan de Avondp. — nadert zijn voltooiing. Er worden een dertigtal gaslantaarns aangebracht en den 1 Aug. zal het voor het publiek toegankelijk worden gesteld. Een en ander ziet er onberispelijk uit en vooral de aanleg rondom het standbeeld van v. d. Werff is zeer fraai en verrassend te noemen. Dit beeld is in den laatsten tijd weer eens besproken geworden, vooral wat plaatsing als anderszins betreft, maar vermakelijk vooral is het wat in de voorgaande week daarmede plaats vond. Men vertelde toen dat tengevolge van het alhier zwaar gewoed hebbende onweder de bliksem op het beeld was geslagen en ongeveer over de geheele lengte een barst had veroorzaakt. Een tweede verhaalde weder dat het beeld door een of ander ongeval was //gesprongen" en men zelfs duidelijk op de hangebrug den knal had gehoord. (Historisch.) Honderden van menschen kwamen zich dan ook van deze feiten overtuigen. Tot ieders verbazing echter was spoedig het beeld hersteld, dank zij den nog altijd heerschenden Leidschen „schoonheidszin" in casu van twee stadswerkers. Een vogel had vermoedelijk op het beeld gezeten of had het in zijn vlucht besmet, waardoor een witte streep was ontstaan! En die witte streep alleen bracht honderden gemoederen in beweging! — In den nacht van Vrijdag op Zaterdag is te Rotterdam uit het kantoor van den heer B. Hausmann in de Sleutelsteeg een bedrag van f 7000 uit de brandkast ontvreemd. Er lagen in de kast ook effecten, maar de dieven hebben ze laten liggen, 't zij dat ze vreesden dat deze tot ontdekking zouden leiden, of dat ze er de waarde niet van kenden. Een kistje met afgetelde centen in rolletjes hebben zij mede onaangeroerd gelaten. Met hun f 7000 schenen zij het daarbuiten wel te kunnen stellen, 's Ochtends vond men onderscheidene eindjes kaars en de bewijzen dat de dieven de fijnste sigaren, die ze hadden kunnen vinden, aangesproken en er een glaasje frambozen-brandewijn bij gebruikt hadden. Ze schenen het aan den tijd gehad te hebben. Op Zaterdag 17 dezer hield de Nederlandsche Entomologische Vereeniging haar 41e zomervergadering in de societeit //de Eendracht" te Winterswijk. Uit alle oorden des lands waren leden opgekomen om deze vergadering bij te wonen. Voorzitter der vergadering was dr. J. G. H. Rombouts van Groesbeek, een der nog in leven zijnde oprichters der vereeniging. Nadat de president van het bestuur, dr. A. W. M. van Hasselt, verslag had gedaan van den toestand der vereeniging en de rekening van het vorige, benevens de begrooting van dit jaar waren onderzocht en goedgekeurd, werden er door eenige. leden zeer belangrijke mededeelingen gedaan op entomologisch gebied. Vele, voor onze fauna nieuwe soorten zijn sedert de vorige bijeenkomst ontdekten werden aan de aanwezigen vertoond. Zeer belangrijk was o. a. de mededeeling van het lid mr. A. Brants van Arnhem, dat een, vroeger hier te lande zeldzame vlindersoort ( Plusia moneta) zich sedert eenige jaren hoe langer hoe meer op enkele plaatsen van ons land, o. a. te Arnhem, begint te vertoonen. Deze mededeeling is vooral daarom van belang, omdat spreker op een industrietentoonstelling in Zwitserland zijde had gezien, gesponnen uit de cocons dezer soort. De rups leeft op de ;/ Aconitum Napellus" (Monnikskap) een plant, welke zeer vergiftig is, doch veel in boerentuinen voorkomt, zoodat het zeer wel mogelijk is, dat deze vlindersoort zich nog meer zal verspreiden, terwijl, mocht het blijken dat de zijde aan alle eischen voldoet, het kweeken van dit insect veel voor de toekomst belooft. Na afloop der vergadering werd het gemeenschappelijk diner gehouden, dat evenals alle jaren door menig geestig woord en toast werd gekruid. Den volgenden dag vereenigden zich alle opgekomen leden tot een gezamenlijke excursie naar het Woold, een prachtige streek ten zuiden van Winterswijk. Door prachtig weder begunstigd werd ruimschoots van de heerlijke natuur genoten en menig insect, 't zij zeldzaam 't zij nieuw, voor onze fauna gevangen. Tijdens de vergaiering werd nog bepaald, dat de volgende zomervergadering te Maastricht zal worden gehouden, terwijl mr. B. A. Maurissen aldaar tot voorzitter van die vergadering werd gekozen. Door den heer J. H. Taat, gezagvoerder van het stoomschip Edam van de Ned. Amerik. Stoomv.-maatsch., zijn eenige fraaie exemplaren van den grooten Amerikaanschen brulvorsch (,/Bull-frog") meegebracht. De brulvorsch leeft deels in stroomende wateren, deels in moerassen van Canada en het grootste gedeelte der Vereenigde Staten en behoort tot de grootste soort kikvorschen die tot nog toe zijn aangetroffen. Het eigenlijke lichaam kan een lengte van 21 cM. bereiken, de achterpooten daarentegen een lengteafmeting van 26 cM. De dieren, thans in het Aquarium van de Amsterdamsche diergaarde overgebracht, hebben deze grootte echter nog niet bereikt, doch overtreffen reeds de afmetingen van onzen gewonen groenen kikvorsch. De brulvorsch heeft (gelijk de naam aanduidt) een sterk brullend stemgeluid, dat zich bij deze soort niet alleen gedurende den paartijd doet hooren, doch gedurende het warmere jaargetijde steeds kan worden vernomen. Merkwaardig is de sterk ontwikkelde vraatzucht dezer vorschen. Niet alleen verslinden zij andere kleinere kikvorschen, doch zelfs jonge eenden, kuikens en visschen worden bij voorkeur als voedsel genuttigd, zoodat zij dan ook door de Amerikaansche kolonisten en vischkweekers inderdaad als groote vijanden worden beschouwd en als zoodanig behandeld. Hiertegenover staat echter dat de achterste ledematen van den brulvisch voor vele menschen in Amerika een groote lekkernij zijn, zoodat voor een zestal volwassen dieren in Amerika gewoonlijk 50 cents (f 1.25) en meer wordt betaald. In sommige streken der Vereenigde Staten heeft men zelfs getracht de kikvorschen voor de consumptie op kunstmatige wijze te teelen en wel over het algemeen met goed succes. In zeker letterkundig tijdschrift, zoo leest men in het Dompertje van den ouden Valentijn, dat op een aantal knappe medewerkers roemt, — we zullen maar niet zeggen welk, 't mocht ons soms weer eens kwalijk genomen worden — lezen wij, als aanhef van een artikel over Hof. dijk, de volgende zeer juiste opmerking, die wij hier zonder woordverdraaiing overschrijven; w Toen Willem Hofdijk, zich gaarne naar zijn vader noemende: Willem Jacobszoon Hofdijk, den 27 Juni 1816 te Alkmaar het levenslicht zag, zal hij hoogstwaarschijnlijk niet het minste voorgevoel gehad hebben van de hooge roeping, die hij eenmaal vervullen zou." Hoogstwaarschijnlijk inderdaad! ZWOLLE, 19 Juli. — Den geheelen dag heeft men heden ijverig op het terrein, waar de landbouwtentoonstelling wordt saamgebracht, gewerkt en het laat zich voorzien, dat het geheel zich morgen uitstekend zal voordoen. Een reeks van planten zijn in smaakvolle groepen geschikt, de fontein is in orde gebracht, de ballons voor het electrisch licht geplaatst, de hokken voor het pluimgedierte gereed, de landbouwtent van de noodige werktuigen voor. zien, kortom het geheel toont reeds nu wat het morgen zijn zal. Heden is ter inleiding der festiviteiten een tochtje gemaakt naar Wapenvelde. De heer W. G. Boele had de beleefdheid gehad de leden der Maatschappij uit te noodigen een bezoek te brengen op zijn buitenverblijf Jacoba-Hoeve, In een achttal rijtuigen zijn tegen 10 uur een 30tal leden van het hoofdbestuur der Geld. Overijss. Maatsch. en van de afdeeling derwaarts vertrokken. De heer Boele ontving zijn gasten op de meest heusche wijze en stelde ze in de gelegenheid kennis te maken met de resultaten van zijn systeem van landbouw en zijn zeer belangwekkende proeven van ensilage, terwijl ze zich konden overtuigen met hoeveel graagte het vee deze spijs verorberde. 't Is natuurlijk niet mogelijk hier een eenigg. zins voldoende beschrijving van het geheel te geven. Wij moeten ons bepalen tot de opmerking dat alles door de bezoekers met de meeste belangstelling werd gade geslagen en dat de woorden van dank, den vriendelijken gastheer toegesproken door den voorzitter der Geld.Overijsselsche Maatschappij, den heer Sickesz, algemeen instemming vonden. Terugkeerende werd een bezoek gebracht aan het terrein der tentoonstelling op de Turfmarkt Heden avond te zeven ure ontvangst der leden van 't Hoofdbestuur in het Odeon. — In de Zaterdag te Assen gehouden vergadering van den geneeskundigen raad van Overijssel en Deventer, die te 10 uur door den inspecteur van het geneesk. staatstoezicht, dr. D. Lubach, geopend werd, is o. a. voorgelezen een adres van de Vereeniging tegen de Kwakzalverij aan den minister, strekkende tot beperking van de uitoefening der geneeskunde en artsenijlevering tot de wettelijk bevoegden. Het werd voor kennisgeving aangenomen. Besloten werd een onderzoek in te stellen naar vervalsching van jenever; aan Ged. Staten te schrijven over de uitvoering van de voorschriften betreffende ontsmetting; in Nederland te waarschuwen tegen het eten van vleesch van nuchteren kalveren. Nog werd gehandeld over middelen ter vermindering van het gevaar, ontstaande van de zijde der tegenwoordig veelvuldig voorkomende bijtzieke honden en de vergadering ten half twee ure gesloten. — Tot klerk op de secretariën der gemeenten Kamperveen en Zalk, IJsselmuiden, Wilsum en Grafhorst is benoemd de heer W. Meijer, beambte ter secretarie van Zwollerkerspel. — Ook de kamer van koophandel en fabrieken te Rijssen heeft hare adhaesie betuigd aan het adres, door de kamer van Arasterdam aan den minister van waterstaat enz. gezonden, betreffende het verhoogde telegraaftarief. * Lochem , 18 Juli. De raad van commissarissen der Geldersch-Overijsselsche Stoomtrammaatschappij zal in een eerlang te houden buitengewone vergadering van aandeelhouders een voorstel doen om een wijziging in de statuten te brengen en af te zien van het maken der daarbij voorgeschreven lijn Lochem-Station der Staatsspoorwegmaatschappij. De groote kosten, voor dien aanleg vereischt, vooral omdat daarvoor twee bruggen belangrijk versterkt moeten worden, zullen niet gedekt worden door meerdere opbrengst. Ook voor reizigers zal deze verbinding weinig nut opleveren, daar de dienstregeling in hoofdzaak gebaseerd is op doorgaand verkeer Deventer-Borculo, in aansluiting met den Geldersch-Overijsselschen Locaalspoorweg. Na het besluit, dat geen truc-vervoer zal plaats hebben, is reeds meermalen te kennen gegeven dat op de aansluiting te Lochem aan de Staatsspoorwegmaatschappij geen prijs wordt gesteld en de belangen der trammaatschappij daarbij niet gebaat zouden worden. * Deventer , 18 Juli. In de heden gehouden openbare vergadering van den raad werd een verzoek van de wed. Toereers, tot aankoop van een stukje grond, aangehouden, eveneens dat van J. W. Dolman, om een stukje grond aan het Bergschild voor een tuintje te mogen huren, en dat van G. Berghuis e. a., tot gedeeltelijke doorhaling eener inschrijving voor een uitgang, en dat van Jac. van Gorsel, om een perceel land onderhands te huren. Aan den heer W. J. Kolkert werd op diens verzoek een verklaring afgegeven, dat hij voldaan heeft aan de voorwaarden van aankoop van bouwterrein. De aankoop door B. en W. van eenige perceelen in de Syzebaan werd goedgekeurd. Benoemd werden tot onderwijzer aan school C H. van Dijk, aan school D J. H. G. Nachtweh, aan school E H. G. C. Kreiken en aan school E A. J. Temmink, tot onderwijzeres aan school B mej. E. C. van Groningen. — De aannemers van den onderbouw der spoorwegbrug zijn heden begonnen met de betonstorting voor den linker rivierpijler. Dit is de laatset storting die nog plaats moet hebben. * Zwartsuis , 18 Juli. De arbeider J. Zandbergen alhier, die gisteren in het hooiland van de wed. W. v. d. B. bezig was een voer hooi te laden, is bij het onverwachts vooruit rijden van den wagen gevallen en daarbij zoo ongelukkig op de achter den wagen aanslependen boom terecht gekomen, dat hij heden aan de gevolgen daarvan is overleden. De overledene was een oppassend man. Hij was heden juist 64 jaren oud. * Harlin'gen, 19 Juli. Door de werklieden van een stoombaggermolen is uit de haven alhier een tabaksdoos uit het water gehaald, die verleden jaar verloren was door een persoon uit Achlum, die door de duisternis in de haven was gevallen. In die doos bevond zich een bankbiljet van zestig gulden en de eigenaar had den eerlijken vinder toenmaals een belooning van f 10 toegezegd. Door de politie verwittigd, dat het verlorene was teruggevonden, heeft hij aan den vinder f 12.50 als cadeau gegeven. ---