DELFTSCHE COURANT van Donderdag 21 Maart 1929 88e Jaargang No. 68 Tweede blad Binnenland Postauto geplunderd Een geldtrommel gestolen Te Amsterdam hebben eenige „handige" dieven een stout stukje uitgehaald. Ze stapten gisteravond in een postauto, die voor het nostkantoor aan de Saxen Weimarlaan stond, en reden er mee weg. Niemand heeft hen in zien stappen. De individuen moeten zich v an den auto hebben meester gemaakt toen twee postbeambten bezig waren met in dezen auto posttrommels te laden en zij rich even in het kantoor hadden begeven. Eiken avond rijden verschillende postauto's elk langs drie of vier bijkantoren en agentschappen der posterijen om de in geldtrommels weggesloten des daags geïnde bedragen over te brengen naar het hoofdpostkantoor aan den N.i. Voorburgwal, waar de trommels dan in een groote kluis geborgen worden. De bewuste auto was gisteravond eerst geweest aan het bijkantoor in de Van Ëeghenstraat en was daarna gereden naar het bijkantoor in Saxen Weimarlaan. Toen de trommel van dit laatste kantoor in geladen en de ijzeren kast waarin hij geschoven was, afgesloten was, moest de begeleidende besteller nog even naar binnen. De chauffeur verklaart dat hij op straat op hem stond te wachten met zijn rug naar den auto toe, zoodat hij dien niet in het oog heeft gehouden. Plotseling hoorde hij, dat de wagen wegreed en zag hij hem, zich omkeerende, om den hoek van de straat verdwijnen De auto teruggevonden Bij het politie-onderzoek dat natuurlijk dadelijk na het verdwijnen van den auto begon, verklaarden eenige getuigen dat een der mannen, die met den auto er vandoor waren gegaan, chauffeursuniform droeg, althans een chauffeurspet. Maar méér was er omtrent de daders, die klaarblijkelijk de zaak goed voorbereid hadden, niet bekend. Bovendien is het nog lang niet zeker dat deze verklaringen betrouwbaar zijn. Op het oogenblik dat de auto wegreed, was er namelijk niemand voor het postkantoor dan de chauffeur van' den auto. De taak van den postauto bestond hierin, dat de geldtrommels en belangrijke bescheiden van de bijkantoren van Ëeghenstraat en Saxen Weimarlaan en die van het post-agentschap op den Overtoom weggehaald en naar net hoofdpostkantoor overgebracht en daar in de kluis opgeborgen moesten worden. De stukken van den Overtoom zijn na den diefstal met een extra auto afgehaald. , , , In den postauto worden de trommels, enz., opgeborgen in een stalen kast, die yan buiten af te bereiken is door een met een Lips- en een hangslot afgesloten deur. Deze deur bevindt zich in een der zijwanden van de auto, naast den chauffeur. De maatregelen van de politie, die getroffen werden door den commissaris der 9e sectie, den heer D. Dijkstra (bureau Overtoom), beoogden in de eerste plaats het bewaken van de buitenwegen om de gestolen auto op haar vlucht te kunnen tegenhouden. Voorts werd de politie van de omliggende gemeenten gewaarschuwd en de diefstal oer radio bekend gemaakt. Het was halfnegen toen eenige surveilleerende agenten van de rijwielbrigade de gestolen postauto in de Apollolaan bij het August Allebéplem onbe heerd aantroffen. Het Lipsslot uitgebroken Het onderzoek wees uit, dat het Lipsslot van de stalen autokast, waarin de geldtrommels zaten, uitgebroken en het hangslot geforceerd was. Aanvankelijk vreesde men dat de beide trommels, die tezamen meer dan f 16.000 bevatten, gestolen waren. Eén der geldtrommels — die van He Saxen Weimarlaan — bleek echter nog aanwezig te zijn, maar die van de Van Ëeghenstraat was verdwenen. Hoeveel geld hij bevatte kon niet direct worden vastgesteld, daar een onderzoek van de boeken van het bijkantoor Van Ëeghenstraat nog niet mogeluk was. De inhoud werd op + 10 mille geraamd, maar zekerheid bestaat er daarover nog niet. De dief had voor het openbreken van de autokluis gebruik gemaakt van het chauffeursgereedschap, dat onder de chauffeurszitplaats lag. De werktuigen lagen nog op de bank achter het stuurrad verspreid. Ook vond men er een pet. De politiemannen zochten tevergeefs den omtrek af om wellicht nog eenig spoor van den dader te vinden ; van de vingerafdrukken, die men vond, zijn reed foto's genomen. Er heeft zich later bij de politie nog een telegrambesteller aangemeld, die gezien heeft dat een man bezig was op het Allebéplein, temidden van de donkere onbebouwde ruimte, den auto leeg te halen. Een bepaald signalement van den dief kon hij evenwel niet geven. Later op den avond werd ook nog met politiehonden een onderzoek aangevangen.: De geheime documenten Vertrouwensvotum voor de Bolgisobo regeering In de Belgische Kamer k gisterenmiddag gestemd over de moties, die Dinsdag waren ingediend naar aanleiding van de interpellatie over de Utrechtsche documentenzaak. De socialisten vroegen en kregen prioriteit voor de stemming over de door hun partijgenooten Vander velde, Huysmans en Fischer onderteekende motie, luidend: ,,De Kamer, akte nemend van de verklaringen der regeering en van haar voornemen, de noodige sanctiemaatregelen te treffen, gaat over tot de dagorde." Deze motie werd bij opstaan en zitten blijven verworpen, waarna op dezelfde ma.nier een motie van den katholieken minister van staat Vandevijvere en den liberalen oud-minister Neujean werd aangenomen. Deze motie luidde: „De Kamer, akte nemend van de verklaringen der ïegeering, gaat over tot de dagorde". Hiermede heeft de regeering dus een vertrouwensvotum gekregen. Eenige dagen geleden heeft minister Hymans in zijn rede in den Belgischen senaat een bescheiden toespeling gemaakt op twee nota's, die de Belgische regeering aan de regeering van Den Haag heeft gezonden en die nog onbeantwoord zijn gebleven. Omtrent deze nota's kunnen wij het volgende mededeel en: De eerste nota dateert van Januari. Zij vestigt in hootdz?ak de aandacht der Nederlandsche regeering op scheepvaartmoeilijkheden in het Hellegat en op eenige technische kwesties betreffende de bevaarbaarheid van de Schelde. De tweede nota is van Februari en vult feitelijk de eerste aan. Zij vestigt de aandacht op de talrijke schipbreuken in het Hellegat. Sindsdien is er niets geschied, geen notawisseling noch eenige bespreking. De Belgische regeering heeft bij wijze van documentatie aan de regeeringen te Parijs en Londen afschriften van deze nota's doen toekomen Onze ..contra-spionnage" Vragen van den heer Marshant Minister Jaspar heeft bij zijn verklaringen in de Belgische Kamer getracht de Beschuldiginvgen, die tegen het spionnage-systeein werden ingebracht, af te wenden door te zeggen dat ons land er een spionnage-dienst op na houdt, die nog heel wat uitgebreider is dan de Belgische. Het lid der Tweede kamer, de neer Marchant, heeft in verband daarmede aan den minister van financiën, voorzitter van den raad van ministers, de volfende vragen gesteld: Is juist de verlaring, volgens de dagbladen door Hen minister Jaspar in het Belgische parlement afgelegd op 19 Maart 11., dat ,,in Nederland de contra-spionnaged lenst nog veel belangrijker is dan bij ons"? Zoo ja, wat verstaat de regeering onder ,,contra-spionnagedienst", hoe is deze dienst georganiseerd, is het een militaire of ten burgerlijke dienst en uit welk artikel van w' hoofdstuk der rijksbegrooting worden de kosten van den dienst bestreden? Indische pensioenen Rekesten aan de koningin Gistermiddag heeft de koningin ten Laleize in het Noordeinde te 's Graven hage ontvangen de heeren luit.-generaal b. d. H. A. R. Swart, oud-vice-president van den raad van Indië en mr. J. H. van Hasselt, voorzitter van den bond van eigenaren van Nederlandsch-lndische suikerondernemingen, zulks als vertegenwoordigers van de in Inaië en in Nederland gevestit. comité's voor actie tot gelijkstelling van de pensioenen der oud-strijders. De rekesten, aan de koningin aangeboden, bevatten het verzoek, liet daarheen te leiden, dat de pensioenen en gagementen der militairen, die voor 1 Januari 1920 het Nederlandsch-Indische leger verlieten, zoo spoedig mogelijk een zoodanige verandering ondergaan, dat zij in werkelijkheid gelijk worden aan de militaire pensioenen, die sedert genoemden datum worden verleend. Het Indische rekest is voorzien van 30.000 en het Nederlandsche van bijna 10.000 handteekeningen. Tegelijk is aangeboden een in gelijke richting gaand rekest met memorie van toelichting van het verbond van vereenigingen van oud-onderofficieren van het Nederlandsch-Indische leger. Militaire mutaties Wie wordt chef van den staf? Generaal-majoor H. A. Seyffardt, commandant van de eerste divisie te''s-Gravenhage, tevens bevelhebber in de iste militaire afdeeling, zal zeer waarschijnlijk tot chef van den generalen staf worden benoemd, ter vervanging van luit.-gen. Van der Palm, die met i Mei als zoodanig aftreedt. Hoewel de officieele benoeming van generaal-majoor Seyffardt nog me't is afgekomen, is zijn plaats als commandant der eerste divisie reeds ingenomen door kolonel jhr. W. Roëll, tot nu loe comnjandant der vierde brigade artillerie, die tegelijkertijd den titel van generaal-majoor heeft ontvangen. Jhr. Roëll is in 1873 geboren. Hij bezocht ^ de H. B. S. te 's-Gravenhage, werd in 1892 na zijn eindexamen, volontair aan den toenmaligen artillerie-cursus te Delft tot opleiding van officieren der artillerie en 1 October 1895, tweede luitenant bij het ie reg. vesting-artillerie te Utrecht. In 1912 werd hij kapitein en in 1913—1914 werd hij gedetacheerd bij den chef van den generalen staf. In September 1925 werd hij, ter vervulling van troependienst als hoofdofficier (hij was inmiddels luitenant-kolonel geworden) commandant van het 6e reg. veld-artilierie te Leiden en sedert 1 Oct. 1926 is hij als kolonel-commandant der 4e artilIene-brigade te Amersfoort, thans bestaande uit ie en 5e reg. veld-artillerie in het nieuwe (in 1927 opgerichte) 2e reg. onbereden (motor) artillerie. Kolonel Roëll deed als spreker en publicist herhaaldelijk van zich hooren. Hij heeft ook journalistieken arbeid ten bate der weermacht verricht. Hij is o.a. voorzitter van den militairen bond (van Chr. Mil. Tehuizen), in welke iunctie hij in 1921 den heer J. J. C. van Dijk bij diens optreden als minister van oorlog, is opgevo'.gc. Hij is officier in de orde van OranjeNassau, officier van het legioen van eer, ridder ut de kroonorde van België, en draagt de medaille van verdienste 3e kl. van Chili. Ook is hij eere ridder der Jnhanniterorde. Weer brandstichting? Verdachte omstandigheden Onlangs waren er te Rotterdam kort na elkaar vele branden, voornamelijk in pakhuizen, die alle onder verdachte omstandigheden waren ontstaan. Zelfs heeft men enkele malen gezien, dat iemand brandende stukken papier door vensters en deuren naar binnen wierp. Er werd toen een man op heeterdaad betrapt, die trachtte een krantenkiosk in brand te steken. Het blijkt evenwel dat er meer personen zijn die er deze vreemde en gevaarlijke liefhebberij op na houden. Er is nu weer op volkomen onverklaarbare wijze brand uitgebroken in het pand Nadorststraat 120a, waar gevestigd is de uitdragerij van den heer J. Pelz. Dit „onverklaarbaar'' wil zeggen: het is zoo goed als onmogelijk dat de brand door een toeval is ontstaan. De heer Pelz was, toen de brand ontstond, niet thuis. Hij was om ongeveer halféén weggegaan. Voorbijgangers zagen de vlammen uitslaan en waarschuwden de brandweer, die onder leiding van den hoofdman A. J. Kruis met twee stralen den brand tot de uitdragerij en de daarachter gelegen woning kon beperken. De uitdragerij en de woning gelijkvloers zijn geheel uitgebrand. Brandweerdeskundigen verklaarden dadelijk, toen de omstandigheden hun waren medegedeeld, dat iemand dezen brand moest hebben gesticht. Ook gisterenavond werd de brandweer weer gealarmeerd voor een verdachten brand in het pand Vlaggemanskade 47. Dit perceel maakt deel uit van een heel blok onbewoonde huizen en staat ongeveer in het midden daarvan. Het vuur woedde op de bovenverdieping. De brandweer had veel moeite om bij den vuurhaard te komen. Er werden gaten in het aak gemaakt en zoo slaagde men er in den brand tot het pand te beperken. Van de naastbij gelegen panden waren de muren doorgebrand doch verder waren de vlammen niet gekomen. Bij onderzoek bleek, dat de deuren van alle zes panden op slot waren, behalve van het pand waar de brand gewoed heeft, zoodat ook hier weer het vermoeden voor de hand ligt, dat de brand aan kwaadwilligheid moet worden toegeschreven. De politie zet haar onderzoek naar de(n) geheimzinnige(n) brandstichter(s) met verdubbelden ijzer voort. KINDERARBEID IN DEN LANDBOUW Verschenen is het voorloopig verslag der Eerste kamer over het wetsontwerp tot voorbehoud der bevoegdheid tot toetreding tot het ontwerp-verdrag betreffende den leaftijd, waarop kinderen mogen worden toegelaten tot den arbeid in den landbouw. Sommige leden konden de wenschelijkheid van toetreding tot dit ontwerpverdrag niet inzien. De gang van zaken maakt op hen den indruk, alsof het er het internationaal arbeidsbureau meer om te doen is wederom de goedkeuring van een verdrag te verkrijgen dan om de essentieele doeleinden van het tractaat algemeen ingang te doen vinden. Voorts achtten zij toetreding voor ons land overbodig. Vele andere leden konden in een en ander geen aanleiding vinden om zich tegen de toetreding te verzetten. --- Advertentie Ingezonden med^deelingen den lentetijd, als de . „jw nagaat wat noodig is om nieuwen luister bij te zetten aan haar „home", vervult men een harer liefste wenschen door completeering van haar collectie ZILVER 4321 90 --- Omtrek PIJNACKER Poldervergadeifing De stemgerechtigde ingelanden van de droogmaking in den Zuidpolder van Delfgauw zullen een vergadering houden op 27 Maart, ten huize van den heer P. van Schie. Behandeld zullen worden: Vaststelling der rekening over 1928, en der begrooting voor 1929. Verzoek van den sluiswachter N. J. Notenboom om vergrooting zijner woning. Het aangaan geldleening. Oranjevereeniging Het bestuur der oranjevereeniging „Pijnacker" heeft besloten den naam dier vereeniging te veranderen in Comité voor Volksfeesten. --- Gemengd DE ZAAK-ORLOW De voormalige Russische staatsraad Orlow en de journalist Pawlónowski zijn thans ter beschikking van de justitie te Berlijn gesteld. Orlow wordt beschuldigd van poging tot oplichting van den Amerikaanschen journalist Knickerbocker en oplichting van den vroeger Russischen, thans Pruisischen staatsburger Sievert, wien hij een vervalschten brief zou hebben verkocht, die naar het heette deel uitmaakte van een correspondentie tusschen de Gpoe en vertegenwoordigers der Sovjetregeering in het buitenland. De overige gearresteerde Russen zullen vermoedelijk niet worden vervolgd, daar het bij hen in beslag genomen materiaal niet op vervalschingen betrekking blij hechtenis. had 1 . Zij blijven echter voorloopig in Te Hamburg zijn nog drie Russen aangehouden, maar ook de in hun woning in beslag genomen documenten schijnen eveneens slechts betrekking te hebben op hun werkzaamheid voor zekere politieke berichtendiensten. DE ONMENSCHELIJKHEDEN DER SOVJETS Het volgende verhaal geeft een teekenend beeld van de toestanden in het tegenwoordige Rusland. Een groep van zestien arme drommels, die in station te Slawjansk tegen de koude beschutting hadden gezocht werd door een militieafdeeling, die de mannen van misdadige plannen beschuldigden, gearresteerd en meer dan 24 uur lang in een onverwarmd vertrek opgesloten. Daarna werden zij voor den militie-chef, Minoechin, geleid, die van oordeel was, dat er maar eens definitiet een einde moest worden gemaakt aan de „toestanden" in het station van Slawjansk en daarom bevel gaf de gearresteerden buiten de stad te brengen, hen daar eens geducht af te ranselen en de mannen vervolgens de steppe in te drijven. De militie-afdeeling aan wie deze opdracht werd gegeven, voerde toen de werkloozen in het holle van den nacht en bij een vorst van 25 graden buiten de stad, en bij een boerderij gekomen, gelastte zij den stakkers het op een loopen te zetten in de richting van de steppe, waarbij met zweepen en sabels op de werkloozen werd ingeslagen. Sommigen hunner, die terugschrokken voor de vreeselijke koude in de steppe, verzetten zich echter en vluchtten de boerderij binnen. De sovjet-soldaten Iegdou daarop hun geweer aan en dreigden met onmiddellijk^ executie, indien hun bevel 'met werd opgevolgd. Na tal Van zweepslagen wareol de slachtoffers ten slotte allen in de donkere steppe verdwenen, waarna de militieafdeeling rechtsomkeert maakte e.i ta Slawjansk rapport ging uitbrengen over den „goeden afloop van de onderneming". Den volgenden dag bleek maar al te zeer op welk een verschrikkelijke wi; o de werkloozen hadden geleden. Van verscheidenen hunner waren de voeten et» handen bevroren en van een der mishandelden was een oog ten gevolge van ejn zweepslag ernstig gekwetst." De mannen waren dermate geterroriseerd en van angst vervuld, dat slechts twee het waagden iets tos te laten over de onder;-, ua mishandelingen. Hierdoor werd het beestachtig optreden der sovjet-militairen bekend en een ingesteld onderzoek bracht toen aan het licht, dat dezen steeds luit» arrestanten op gruwelijke wijze mishandelden. Tegen de leden der militie-afdeeling is thans eindelijk een vervolging ingesteld. DE IMMIGRATIE IN DE" VEREENIGDE STATEN De laatste wet, die president Coolidge voor zijn aftreden heeft onderteekend, is de wet, waarbij alle immigranten, die voor den derden Juni 1921 naar NoordAmerika zijn geëmigreerd, en omtrent wier wettige toelating nog geen beslissing is genomen, als rechtmatig toegelaten zullen worden beschouwd. De wet treedt op 1 Juli 1929 in werking. Na dezen datum kunnen alle voor o Juni 1921 in Noord-Amerika onwettig geïmmigreerden zoowel als hun gezinsleden een paspoort krijgen, evenals een vergunning om de gezinsleden, van wie zij gescheiden leven, naar de Vereenigde Staten te laten overkomen. HET EINDE VAN DEN OPSTAND IN MEXICO De Amerikaansche regeering stelt zich in verband met het naderend einde van den opstand, op het standpunt, dat aan Mexicaansche opstandelingen asyl zal worden verleend op Amerikaansch gebied. Daarbij wordt echter vooropgesteld dat die opstandelingen zullen worden ontwapend en geïnterneerd. Overigens zullen de Vereenigde Staten zich niet met de Mexicaansche zaken in laten. Stappen om den vrede te herstellen werden te Washington niet gedaan en zullen ook niet gedaan worden. Een telegram van gisteren uit NewYork behelst, dat het leger der Mexicaansche opstandelingen onder Escobar, noordwaarts is getrokken van Escalon naar Jiminez. Generaal Calles, die het bevel voert over de regeeringstroepen, heeft thans zijn hoofdkwartier gevestigd te Torreon. Hij treft toebereidselen voor de vervolging van de opstandelingen. HET RIJNSCHE SLACHTVELD De afgevaardigde Barthe (soc.), die in de Fransche Kamer de interpellatie nopens de talrijke sterfgevallen onder de Fransche bezettingstroepen heeft ingediend en bij het debat omvangrijk materiaal heeft verstrekt, heeft aan den minister van oorlog Poinlevé een brief geschreven, waarin hij er op wijst, dat de militaire autoriteiten een onderzoek instellen naar de bronnen, waaruit hij dat materiaal heeft geput. Barthe verzoekt den minister het staken van een dergelijk onderzoek te gelasten. TREINBOTSING IN CANADA De Canadeesche spoorweg-autoriteiten deelen mede, dat tengevolge van een botsing tusschen twee treinen te Parry Sound (Ontario) zeventien personen zwaar werden gewond. Het ongeluk had plaats op een lijn met enkel spoor. Een trein, die gewoonlijk stopte in een bocht op een zijspoor, zette zijn reis op enkelspoor voort en liep op een anderen trein, die van den tegenovergestel den kant kwam. EEN PARIJSCH GEVALLETJE Toen onlangs de heer en mevrouw Parrara, die een fraaie Lat in de Avenue Victor Hugo te Parijs bewonen, voor een verblijf naar het zuiden vertrokken, besloot hun kamenier, wie de zorg der woning was toevertrouwd, het leven eens met volle teugen te genieten. Zij deed eenige juweelen en een van mevrouws mooiste avondjaponnen aan en begaf zich naar een dancing in de nachtelijke stad. Daar gaf ze zich uit als gravin de Granados en deed een beroepsdanser ontbieden om met haar te dansen. Gelijk zoo vela „professionals" onder de dansers, werd ook hij spoedig de minnaar van zijn leerlinge, van wie hij tal van juweelen ten geschenke kreeg. De politie verbrak de idylle. Ofschoon de danser verzekerde dat hij niets afwist van. de herkomst der cadeau gekregen sieraden werd hij zoowel als de „gravin'" in de Santé-gevangenis opgesloten. TURKIJE PAKT DEN VRIJGEZEL AAN Het Turksche kamerlid Sirry bey heeft een wetsontwerp ingediend, inhoudende, dat aan vrijgezellen van 25 tot 45 jaar, vrijgezellinnen van 20 tot 35 jaar, weduwnaars en weduwen zonder kinderen eert belasting zal worden opgelegd gelijkstaande met alle andere door hen ta betalen belastingen. EEN STORM IN EEN GL'AS WATER Uit Monaco wordt gemeld, dat een vergadering van 700 kiezers het aftreden van den regeerenden vorst van Monaco, prins Louis, heeft geëischt ten gunste; van zijn schoonzoon. Indien binnen een half jaar aan de wenschen van de burgers van Monaco geen gehoor is gegeven, zullen zjj zelf de regeering op zi ü nemen en da republiek uitroepen, VROUWEN VECHTEN OM MORFINE Eenigc weken geleden betrad dr. Marguerite Champagne, een jeugdige vrouwelijke dokter te Parijs, de studeerkamer van dr. Gobert, eveneens een dokteres, en bracht haar met een dolk eenige ernstige verwondingen toe. De reden van dit optreden was dat dr. Champagne, die onder haar patiënten een kankerlijderes had, wier pijnen zij wilde verzachten, een hoeveelheid morfine trachtte te krijgen, grooter dan krachtens de strenge wettelijke bepalingen mogelijk is. Zij maakte zich toen aan een zeer ernstig bedrog schuldig door eenige recepten met den naam harer collega, dr. Gobert, te onderteekenen. Deze verweet haa' haar gedrag, er ontstond een woordenwisseling, die op een drama uitliep. Aanvankelijk werd gedacht dat dr. Champagne zélf moriiniste was en het verdoovende middel voor zich zelf had willen gebruiken, doch dit bleek niet het geval te zijn. Zij had gehandeld, meegesleept door een gevoel van medelijden voor haar patiënte. De rechtbank veroordeelde haar voorwaardelijk tot drie jaar gevangenisstraf en het betalen van 10.000 francs schadeloosstelling. NIEUWE WOELINGEN IN INDIË Te Calcutta, Allahabad, Lucknow, Bombay, Poona en in andere plaatsen in Britsch-Indië zijn een aantal Indische communisten, en ook een Engelsche communist gearresteerd, die er van worden beschuldigd te ageeren tegen het Britsche gezag. Dit als het gevolg van de ontdekking van een groote samen.w ing te Meeroet, in de vereenigde provincies van Agra en Oudh. Te Bombay hebben twintigduizend fabrieksarbeiders het werk neergelegd in verband met de arrestatie van arbeidersleiders. EEN WREEDE STRAF Te Canterbury in Engeland is een 20jarg meisje, dat twee pond sterling van haar werkgever gestolen had, veroordeeld om het gestolene terug te betalen, bovendien mag zij gedurende twee jaar geen dansgelegenheden bezoeken. Jurken en dansen hadden haar tot haar misdrijf gebracht.Ze was dol op dansen en daar hoorden natuurlijk mooie jurken bij. Plet meisje viel flauw, toen de rechter dit wreede vonnis uitsprak. WERKLOOSHEID ÏN ENGELAND Ifet aantal in Groot-Brittannië ingeschreven werkloozen bedroeg 11 Maart 2.268.800, of 118.532 minder dan in de voorafgaande week, doch 197.065 meer dan in dezelfde periode van het vorige jaar. OOK DE BADPLAATSEN WILLEN HEM NIET Naar de Berlijnsche bladen melden, hebben verscheiden Duitsche badplaatsen, o. a. ook Wiesbaden, geprotesteerd tegen de toelating van Trotzki. Zij motiveeren hun protest door er op te wijzen, dat het verblijf van Trotzki in een Duitsche badplaats maar al te gemakkelijk aanleiding zou kunnen geven tot politieke incidenten. DE HEERSCHAPPIJ DER „ONDERGRONDSCHEN" In Brooklyn ontstond twist tusschen twee beruchte smokkelaarsbenden, dit ontaardde in een hevig gevecht, waarbij do 12 betrokkenen ruim 50 schoten losten. Een politieman, die met de wapenen ingreep, werd doodgeschoten. Nadat tenslotte versterking was aangerukt, konden de raddraaiers worden gevangen genomen. HET DRAMA TE LIEGNITZ Allengs wordt de verdenking die op den zoon van den te Liegnitz vermoorden graaf Stollberg Wirnigerode rustte, ontzenuwd en thans spreekt men openlijk de meening uit, dat men niet met een moord, doch wellicht slechts met een ongeluk te doen. De mogelijkheid wordt namelijk niet uitgesloten geacht, dat de gearresteerde zoon van den ouden gVaaf het betreffende jachtgeweer heelt schoongemaakt en dat daarbij het schot per ongeluk is afgegaan. De jonge graal Christiaan zou dit echter niet onmiddellijk hebben willen bekennen, daar hij dacht, dat toch niemand hem zou gelooven. Om die reden zou hij 'het onweerschijnlijk klinkende verhaal van den overval door twee mannen hebben verzonnen. Tot dusverre blijft graaf 'Christiaan dit laatste verhaal echter handhaven. De jongere broer van den gearresteerde bevestigde, dat Christiaan vaak de geweren schoonmaakte. Voorts verklaarde de rentmeester, die met graaf Christiaan zeer goed bevriend is, dat deze kort na het gebeurde naar buiten is komen Ioopen en heeft uitgeroepen: „In godsnaam, er is wat gebeurd! Ik heb wat uitgehaaldI" Ondertusschen worden allerlei omstandigheden met den plotse'ingen dood van den ouden graaf m verband gebracht, en haalt men het geheele privé leven van de grafelijke familie overhoop. Zoo wordt gemeld, dat het landgoed zwaar hypothecair belast was en er nog 60.000 mark achterstallige belastingschulden waren. Het majoraatsrecht kwam echter pas na den dood van den ouden graaf te vervallen. Het was een publiek geheim dat de bedrijfsmethoden van den vermoorde zijn huisgenooten niet bevielen en de jonge graaf heeft meermalen zijn voornemen te kennen gegeven om na zijns vaders dood groote terreinen van het 8000 morgen groote landgoed te verkooepn om zich contanten te verschaffen. Moeder en zuster waren het hiermee volkomen eens en beklaagden zich dikwijls over de te groote goedheid van den ouden graaf. Een oogenblik is er zelfs sprake geweest dat de justitie ook de gravin en de oudste dochter zouden arresteeren. Doch op grond van andere overwegingen is dat nagelaten. BRAND TE OSLO Woensdagavond, op den vooravond van de vorstelijke bruiloft, is in het centrum van Oslo een geweldige brand uitgebroken, die het gebouw van de manufacturen firma Steen & Stroem, dat bijna een geheel huizenblok omvat, volkomen verwoestte. De totale schade bedraagt waarschijnlijk ongev. 5,000,000 kronen. De goederenaf deelingen zijn verzekerd voor 1,9 millioen kronen. Verscheidene brandweerlieden hebben lichte verwondingen opgeloopen bij het instorten van den gevel. Ook het in de nabijheid liggende Noorsche hoofdtelegraafkantoor is door den brand beschadigd. De oorzaak van den ramp schijnt kortsluiting te zijn. EEN „NIEUWE" ZIEKTE Een geheimzinnige ziekte, die in het Lotharingsche dorp Lafrimbolle binnen eenige etmalen veertien dooden eischte, is thans, dank zij de onderzoekingen van den directeur van den gewestelijken gezondheidsdienst, dr. Boulangié, en van den bacterioloog dr. Koestel, met groote waarschijnlijkheid van juistheid gedefinieerd. Men heeft hier te doen met een epidemie van infectueuze griep, vaak vergezeld gaande van longontsteking of bronchitis. De ziekte neemt thans trouwens snel af. DE SPRINHANEN ETEN, DE MENSCHEN NIET ' De sprinkhanenzwermen, die de Kenya kolonie in Oost-Afrika geteisterd hebben, zijn thans uit dit gebied verdwenen, doch hebben zich nu neergelaten in Tanganyika, waar zij den oogst ernstig bedreigen. In Kenya heerscht hongersnood. Volgens een regeeringsverklaring zijn 130.000 inboorlingen volkomen van voedsel verstoken, daar de geheele graanoogst is vernietigd. De wetgevende vergadering heeft een bedrag van 200.000 pond sterling uitgetrokken voor onmiddellijke hulpverleening. COMMUNISTEN BIJ DE BRUILOFT Volgens berichten uit Oslo was tegen Donderdag, gedurende het huwelijk van kroonprins Olaf met prinses Martha, een communistische betooging op touw gezet. De crimineele politie heeft daarvan echter kennis gekregen en de demonstratie onmogelijk gemaakt. ---