Wat Indonesië er van zegt Teleurstelling op teleurstelling — Geen coördinatie in kabinet — Volk hecht meer aan persoonlijkheden — Vier elementen in Indonesië: Democratie, weermacht, communisme en president — Quo Vadis ? TJ ET meer en meer op c; voorgrond tredende blad „Abadi” oefent tezamen met twee andere belangrijke bladen, de „Pedoman” en de „Keng Po” scherpe critiek uit op de regering. Teleurstellingen „Abadi” schrijft o.m., dat onder de door de regering-Sukiman genomen stappen nog geen enkele maatregel is te bespeuren, die goede resultaten heeft afgeworpen. Het blad geeft enkele voorbeelden :een uitgevaardigde instructie van de minister van Binnenlandse Zaken inzake de regeringsordonnantie no. 39, welke instructie werd teniet gedaan door Soekiman; de affaire-Yamin en kortgeleden de boodschap van Soekiman via de radio inzake net Lebaran-plan, dat geheel afwijkt van wat door de minister van Economische Zaken is beloofd, zodat er nog een grotere teleurstelling is ontstaan. Deze teleurstellingen worden verzwaard door de benoemingen van verscheide gouverneurs en de burgemeester van Djakarta Raya. De bezwaren, die thans zijn gerezen kunnen niet worden gebagatelliseerd. Klakkeloos.' Het blad vervolgt: De critiek dat het kabinet-Soekiman klakkeloos is gaan optreden, heeft geen vaste grond aangezien de besluiten die door het kabinet zijn genomen beslist zijn voorafgegaan door rijp beraad van de ministers. Wij vragen ons af — aldus „Abadi” — voor hoe lang wenst het kabinet stappen te nemen en maatregelen te treflen, die de publieke opinie aan het wankelen brengt. Denkwijze van het volk In een ander artikel wijst „Abadi” op een zekere tegenstelling in de denkwijze van het volk, dat meer hecht aan persoonlijkheden dan aan politieke beginselen. Het coalitie-kabinet is uitsluitend samengesteld uit vertegenwoordigers van diverse partijen, waarbij dus in de eerste plaats niet de vraag is gesteld of de betrokken personen aantrekkelijk zijn Voor het volk. Vier elementen De „Pedoman” schrijft een uitvoerig artikel over de huidige toestand in Indonesië, waarin ae nadruk wordt gelegd dat deze hoe langer hoe moeilijker wordt. In dit verband oefent het blad scherpe critiek uit op het Soektman-kabinet en wordt dit betiteld als zijnde een „volledig incompetent” kabinet. Het uitvoerige „Pedoman”-artikel wordt onderverdeeld in vier elementen, n.t.. de democratie, de weermacht, het communisme en de president. Over de democratie schrijft „Pedoman”, dat er tekenen zijn van achteruitgang en van een morele crisis. Wat de weermacht betreft, zegt „Pedoman”, dat ofcieel de weermacht niet doet aan politiek. In de praktijk echter ontwikkelt de weermacht hoe langer hoe krachtiger politieke invloed, zodat de eens geuite »rpmerking van een parlementslid: „het leger is de grootste politieke partij”, wel aan te nemen is. Inzake de communisten hier te lande zegt het blad o.m.: De communisten hebben slechts éen dr»o1‘ ATT» Qt»n Hp mar.ht te. kn- doel: om aan ae macni ie k.omen. Om dit te bereiken doen de fanatiekelingen onder hen slechts één ding: het bevorderen van de materiele en morele ontwrichting in dit land. Bung Karno Over de president schrijft „Pedoman”, dat Bung Karno een constitutioneel staatshoofd is. doch achter de schermen oefent hij een grote politieke invloed uit. „Pedoman” vervolgt: Momenteel staat de president nog aan de zijde van de democratie, maar de mogelijkheden, die thans nog verborgen zijn, zijn vele, en zij zijn nog moeilijk te definiëren. Quo Vadis? Deze vier elementen, aldus Pedoman, zijn bezig elkanders krachten te beproeven. „Pedoman” somde de „1.001 moeilijkheden” op, die in dit land heersen en stelt de vraag: Wat zal er gaan gebeuren, wanneer de democratie deze toestanden met realiseert en geen snelle verandering aan brengt? Is zij nog niet tot het inzicht gekomen, dat het huidige kabinet absoluut incompetent is, zodat het van het allerhoogste belang om naar andere wegen te zoeken teneinde dit land te redden? Het blad eindigt zijn uitvoerig artikel met te waarschuwen, dat wanneer het verweer der democratie steeds zwakker wordt de communisten naar de macht zullen grijpen en als zij hierin zouden slagen, is het niet moeilijk zich voor te stellen hoe het dan met dit land zal gaan. Zwak „Keng Po” schrijft over de spanning in het kabinet, tengevolge van de benoemingen van gouverneur van West-Tava. Tn een hoofdartikel zegt „Keng Po” o.m. dat in de laatste tijd hoe langer hoe duidelijker is geworden dat het kabinet Soekiman-Soewirjo zwak is. Er is — zelfs een buitenstaander kan dit onmericen — in het ivheel veen coördinatie in het kabinet. Elke minister neemt eieen maatregelen. zonder dat overleg wordt genleeed. Deze toestand t's zonder meer humoristisch te noemen. Het lijkt precies op een cabaret. Bekeken uit het oognunt van de huidige situatie van het land echter, is deze toestand geenszins humoristisch. Verscheidene ministers hebben bravourW'kies vertoond, die algemene ooschudding hebben veroorzaakt, zowel m bet parlement als daart*mt“n. Reeds van de beginne pf hebben wii — aldus Keng Po — ons hart vastgehouden en beV-ben wii ons afgevraagd of bet V'oekiman-Soewirio-Vabinet * wel caoabel is. Thans is on^e veronderstelling luist gebleken en bet zal ons geenszins verwonderen als hoe langer hoe meer mensen bun gedachten laten gaan over “en eventuele wïizïnïno tn bet kabinet en de mogelijkheid dat Haffa ferttg zal komen om d“ premlersftin“tie te vervullen, aldus „Keng Po”. --- Grotere exportproductie eerste noodzaak INDONESIË’S DEVIEZEN: Uit jaar zal met recht moeilijkheden opleveren \ 7 VN gezaghebbende zijde heeft men P.I.-Aneta medegedeeld, dat op grond va.j de weergegeven resultaten in het eerste halfjaar van 1951 te verwachten is, dat de deviezeninkomsten uit de export boven de 3.000 millioen deviezenrupiahs zullen komen te liggen. Deze verklaring geschiedde naar aanleiding van recente publicaties waarin er de aandacht op werd gevestigd, dat de economie van Indonesië in belangrijke mate afhankelijk is van haar export van agrarische- en münbouwproducten, en dat in verband met de aanzienlijke dalingen van de wereldmarktprijzen voor deze producten bepaalde veronderstellingen werden geuit ten aanzien van de eventuele gevolgen daarvan voor de deviezen-positie van Indonesië. Hogere export eerste noodzaak Tegelijkertijd wees men van deze zijde er op, dat er niet voldoende de nadruk op kan wórden gelegd dat een voortgezette stijging van de exportopbrengsten een conditio sine qua non moet worden genoemd voor een voldoende ruime goederen-voorziening voor Indonesië. In dit verband verklaarde men, dat een invoerprogramma van 3.500 millioen deviezenrupiahs noodzakelijk wordt geacht voor een redelijke behoefte-bevrodiding; factoren als koopkracht van de bevolking, liquiditeit van de bedrijven en credietcapaciteit van de banken maken het echter waarschijnlijker dat men, ongerekend de algemene prijsstijging van de importgoederen, uit zal hebben te gaan van een taxatie van 2800 millioen deviezenrupiahs. Daar het aandeel van de lubber in de totale uitvoer 52% bedraagt kan men een verandering in de opbrengsten van dit product van beslissende aard achten voor het totaal. Stelt men de prijs van de rubber per 1 Januari 1950 (New York-notering) op lOO dan geven de kwartaalgemiddelden over 1950 het volgende verloop te zien: le kwartaal 105 3e kwartaal 273 2e kwartaal 152 4e kwartaal 375 Terwijl zich dus gedurende de eerste helft van 1950 in de notering een langzame stijging vooionder meer als gevolg van de eerst het tweede halfjaar een uitzonderlijk snelle toeneming op, onder meer als gevolg van üe geoeurtemssen m ivo; ca. De grootste toeneming kwam ' in de tweede helft van 1950 in welke periode het grootste gedeelte van de 1.135 millioen meer-opbrenst werd getoucheerd. Men mag de conclusie Hekken, aldus deze van gezaghebbende zijde verstrekte uiteenzetting, dat de gunstige prijsontwikkeling in de tweede helft van 1950 voor het belangrijkste gedeelte in 1951 eerst tot uitdrukking komt. De bovenomschreven indexmethode toepassend voor de rubbernoteringen in het eerste halfjaar van 1951, komt men tot de volgende kwartaalgemiddelden. Ie kw.'51 389 2e kw. ’51 278 In een grafische voorstelling van het prijsverloop sedert 1 Januari 1950 = 100 ziet men een stijging tot 401 in November 1950 en een daling tot 240 in Juni 1951. Eerst wanneer deze daling zich zou voortzetten tot het laagste punt van 100 per ultimo 1951, zal men in de loop van 1952 met een geduchte afname van het deviezenbezit rekening dienen te houden, aldus de uiteenzetting. Het bewijs van de juistheid Van de hier omschreven uitgangspunten wordt — aldus de uiteenzetting — gevonden in ae cijfers van de gerealiseerde exporten gedurende de eerste vier maanden van 1951. Terwijl de gemiddelde maandopbrengst van de export over 1950 183 millioen bedroeg was dit cijfer voor de eerste vier maanden van 1951 ten minste 292 millioen. Op grond van de resultaten in het eerste half jaar van 1951 — welke resultaten eerst voor wat betreft de eerste vier maanden omcjeei /.Ijl 1 . maakt — is te verwachten, dat de deviezeninkomsten uit de export dit jaar boven de 3.000 millioen zullen komen te liggen. 1 Anderzijds — aldus vervolgt , deze uiteenzetting — kan er niet c voldoende de nadruk op worden \ gelegd, dat een voortgezette stij- ’ ging van de exportopbrengsten < een conditio sine qua non moet ) worden genoemd voor een vol- , doende ruime goederenvoorzie- , ning voor Indonesië. Er wordt ( een invoerprogramma van 3.500 ( millioen noodzakelijk geacht , voor een redelijke behoeftebew 5 vreaigmg. masr een voiaoenae bezit aan deviezen is het volume van importen ook gebonden aan koopkracht van de bevolking en — ten aanzien van de invoer van kapitaalgoederen — aan de liquiditeit van de bedrijven en de credietcapaciteit van de banken. Dit jaar met recht moeilijkheden. Bij de import worden leveringscontracten afgesloten, die in de regel een veel langere looptijd hebben dan exportcontracten. In de loop van 1951 worden derhalve vele goederen geïmporteerd, waarvan de aankoop in 19’0 geschiedde en waarvoor thans de deviezen worden uitgelegd. Gelet op de hoge afgifte van importvergunningen in het laatste kwartaal 1950 en de eerste maanden van 1951 is dan ook te verwachten, dat het primair noodzakelijk geachte contingent, tot een waarde van ± 2600 millioen, zal worden bereikt en ook geheel uit de deviezen'inkomsten van 1951 zal kunnen worden gefinancierd, met dien verstande, dat voor een nog niet vaststaand bedrag aanvullende contingenten uit ECA en EXIM-bank—toewijzingen zullen worden ontvangen. Dit echter neemt niet weg, aldus besluit de uiteenzetting, dat reeds thans het oog dienl gericht te worden op het jaar 1951, aangezien eerst dan recht moeilijkheden zich zullen kunnen voordoen om de handelsbalans in evenwicht te houden. Er is alle aanleiding om met de grootste aandacht de productie in het algemeen en de exportproductie in het bijzonder te stimuleren en alle invloeden, welke daaraan in de weg staan, te elimineren. --- Een van de lokalen van de opleidingsschool voor fotografen. Deze Een van de lokalen van de opleidingsschool voor fotografen. Deze school staat onder leiding van de heren Ch. Edw. Noz en F. Bod- mer. Naast de theorie wordt natuurlijk veel aandacht besteed aan de praktijk. (Foto Aneta) --- Passagiers op Kemaioran De volerendo passagiers arriveerden uit het buitenland op Kemajoran: Donderdag, 28 Juni Per K.L.M. uit Amsterdam: V.B. Clausen, F. Daasma, mevr. L. Dinger. P. J. van Dalen, A. de Graaf. G. Haspels. E. Kortenoever, H. T Huele, J. C Klinkspoor en echtg., F. F. Rudolph. J. Schols. C. J. Schaap, Spekenbrink. F. Versteegh. J. van Vemde. H Wedman. W. Walstra. Uit Calcutta: Dr. V. Raghu. E. F. Kroner. VrUdag, 29 Juni Per K.L.M uit Amsterdam: Adam, Djojohadikusumo Fransen. Haarsma. Bartman, De Jong, v. Joolingen. Kenkeler, Lie Kian Joe en echtg.. Limburg, mevr Maartense-Akkerman. Peters. Roorda. Smeelen, Smeden, mej. Smeelen. fam. Terpstra. mej The Lang Ing. Uit Geneve: T Mahmud. Uit Karachi: M Saleem. Uit Bangkok: Lorand. Naar hot buitenland vertrokken: VrUdag, 29 Juni Per K.L.M naar Amsterdam Oei Bie San. mevr. C. Ch. Dietz. D. N. Dietz R. L. Calame. Naar Rome: H. M Ch. Poort man. Naar Cairo: Suharjono. 30 Juni arriveerde de volgende passagiers uit het buitenland op Kemajoran. Per K.L.M uit Amsterdam: J Brons: HWB de Bruin en echtg F. van Lune: J Patton; G. C. Shaw; M. Siebesma; W J Stol 1: J. van Vliegen. A Voorwinden Uit Bangkok: J. G. van Laar Per K L.M* naar Amsterdan * D Hartog; j l Balt en fam. : mevr H C. de Iongh: H. de Iongh: mevr M H. W Boel aars: m^v C. L Boelaars; mevr. Goei Thwsn Djlen. J. List; mevr. Ch. J. Olive; --- Veiligheid in de lucht boven Indonesië Binnenkort technische hulp van 1CAO WAN de „International Civil Aviation Organizatinn” TCAO’ in Montreal wordt vernomen, dat op 10 Juli de heer I ittle john, een expert op het gebied van veiligheid b:_' het luchtverkeer, naar Indonesië zal komen. De komst van de heer Littlejohn vormt in het kader van de technische bijstand, zoals opgenomen in de conventie voor het internationale luchtvaartverkeer, een technische hulp, die aan de landen die lid zijn van de TCAO wordt gegeven, indien deze landen hieraan behoefte hebben. Veiligheid verzekeren De ligging van Indonesië is dusdanig, dat ze belangrijk is voor het internationale luchtverkeer, waardoor het de plicht is van Indonesië om te zorgen voor zodanige faciliteiten voor het luchtverkeer, dat de veiligheid van het internationale luchtverkeer in Indonesië is verzekerd. Op het ogenblik is Indonesië nog niet in staat deze faciliteiten te verzorgen zoals het behoort. Daarom heeft de ICAO üe heer Littlejohn naar Indonesië gezonden, om de mogelijkheid te be- j studeren op welke wijze aan de I behoeften in de kortst tmgelijke tijd kan worden voldaan De faciliteiten, die in Indonesië nog niet aan de normen voldoen, zullen van alle kanten worden bekeken in samenwerking met de civiele luchtvaart met het doel de huidige situatie te vervolmaken en te verbeteren, speciaal ter bevordering van het internationale luchtverkeer. Opleiding van naiiorvde krachten Mogelijk zal deze technische hulp zich niet alleen beperken tot de komst van de heer l.rttlejohn, maar zullen in de toesornst op aanwgzicg en advies van de heer I.ittlejohn, door de IC VO ook andere experts naar Indonesië worden gezonden. Van groot belang voor Indonesië is het opleiden van nationale krachten tot deskundigen op dit gebied, aldus de afd'Ting voorlichting van het ministerie van Verkeer. — De laatste dagen ondervindt nen in de districten Sukaredja en i’atikredja van het regentschap Janjumas, veel overlast van muilen. Tientallen hectaren padi, nais en ketella zijn reeds verheid. --- Wet inzake salarissen leden goedgekeurd PARLEMENTSVARIA \7RIJDAG 29 Juni om half(St twaalf eindigde in het parlement de laatste openbare vergadering van deze zitting; het parlement is thans tot 10 Juli op reces. Wet inzake salarissen leden aanvaard Bij de opening van de vergadering bracht de voorzitter Mr. Sartono het wetsvoorstel tot regeling der financiële positie det parlementsleden — aangevuld met amendementen van de regering — in stemming, waarbij de regeringsamendementen werden goedgekeurd. De wet is met terugwerkende kracht van 1 Januari 1951 af, geldig. Ondermeer is hierdoor bepaald dat een parlementslid dat in een bepaalde maand (tenzij wegens ziekte e.d.) minder dan Je nelft der vergaderingen bijwoont, slechts de helft van het bedrag (R. 1000.—) ontvangt. verslag parlementair? missie Vervolgens bracht de parlementaire missie naar Engeland en Pakistan verslag uit van de reis. Mr. Sunarjo sprak als voorzitter van de missie in Engeland, de heer Prawoto als voorzitter in Pakistan en de heer R. Rondonuwu als secretaris der missie. Overal, ook onderweg bij de bezoeken aan Bankok, Karachi en Cairo werd de missie gunstig ontvangen. In verband met de Godsdienstplichten werd de vergadering om half twaalf gesloten. Het uitbrengen van verslag zal na het reces worden voortgezet. Nieuwe malies Inmiddels zijn twee nieuwe mot; ;s voorgesteld die na het reces zullen worden besproken. Behalve de vroegere motie inzake opheffing van de omzetbelasting zullen dus op de agenda komen de motie Werdojo cs. waarin wordt gevraagd om opheffing van het militaire decreet nr. 1/1951 takingsverbod-Red.), en de motie Tengku Hassan cs. In deze laatste wordt aan de regering gevraagd om instelling van een Staatscommissie voor Mijnwezen, zoals men elders in dit blad kan lezen. Vragen over rubber export Door een der parlementsleden zijn schriftelijke vragen aan de regering gesteld in verband met de krantenberichten over ongeregeldheden bij de export van rubber uit Sibolga, waarbij een betere kwaliteit zou zijn uitgevoerd dan was opgegeven. In de vragen wordt geïnformeerd naar de juistheid van deze berichten en naar de stappen van de regering indien de berichten juist zijn. --- Mevr. Moedigdo stelde vragen Het parlementslid mevr. Moeiigdo, heeft aan de regering enige ichriftelijke ctagen gesteld in verend met de publicaties van het e Djakarta verschijnende blad ,Suara Rakjat inzake de terechtitelling van het dessahoofd van Jurade in het district DjampangSulon, regentschap Sukabumi. Terechtstelling In het desbetreffende bericht /an „Suara Rakjat” werd geneld, dat de betrokken lui ah in 5 pril j.1. dooi de politie werd gearresteerd onder verdenking rela:ies te onderhouden met een ze King. S.L.P Metzger, 25.4 sec., 3 Spencerold P.B.G., 25.6 sec., lot» Rp. 8.50. Ren 6 Vlakke baan Grey hounds 322 meter: 1 Swallow. C G. Antonissen, 28 3 sec., 2 Snow drift. F Muller. 28.5 sec., * Car mer, F. Muller. 28.4 sec.. Tot» Rp. 5.50. Ren 7 Vlakke baan whippets 322 meter: 1 Fieno, S.B. Rockett 25.5 sec., 2 Tosto. R.A.A. Hil rrian Diajadiningrat, 25.6 sec.. 3 Bright Breeze. G.J Schotman. 25.6 sec., Toto Rp. 4.50. Ren 8 Vlakke baan whippet 322 meter: 1 Cycloon. S Tim mermans, 24 — sec., 2 Lilly. J. Dyker, 24.5 sec., 3 Joli, Ihr. J W.0 v.d. Bosch, 24.5 sec.. Toto Rp. 17.—. Ren 9 Vlakke baan Greyhounds 322 meter: 1 Albina, E. F. Jahn, 24.— sec.. 2 Hurricane, Gouw Sioe Ham, 26.2 sec., 3 Swallow, Loe Tjoan Hok, 26.3 sec , Toto Rp. 5.50. Ren 10 Vlakke baan Greyhounds 322 meter: 1 Mick, E.F. Jahhn, 23.9 sec., Flyaway, Loe Tjoan Hok, 25.2 sec., 3 Aida, Mevr. N Antonissen, 25.2 sec., Toto Rp. 3.—. Ren 11 Hindernisren baan Greyhounds 322 meter 1 Bonny Arjuna, B. Galstaun, 24,9 sec., 2 I Trix met Cvuoon (eig. hr Timmermans) na de vlakke baanren voor whippet ren, Cycloon kwam als eerste in aeze ren aan, met een tijd van 24 sec (F >to Muller) Janet, C. v Valkenburg 25.1 sec., 3 Rigoletto, C.G Antonissen 25,2 sec.. Toto Rp. 3.—. Ren 12 Vlakke baan whippets 322 meter: 1 Rapida, M C.M. Verwoord 22,9 sec., 2 Duschka, Jhr. J W O. v.d Bosch, 23.5 sec., 3 Andantino, M. C. L, Verwoord, 24.— sec., Toto Rp. 3.—. De snelste Greyhound is Mick, E.F lahn, 23.— sec. de snelste whippet Rapida, M.C.L.. Verwoord, 22 9 sec. --- Hoe krijgt Indonesië de nodige deviezen ? Nuchter toekomstbeeld: Meer en harder werken Drs. F. H. de visser, auviscu. > van de Industriële Bond, wijdt in | een mededeling aan de leden een . uitvoerige beschouwing aan de | invloed van de recente daling van < de prijzen voor Indonesische exportproducten. Hij komt hierin tot de conclusie, dat de deviezenopbrengsten over 1951 zijn te ia- i men op 1.800 millioen deviezen- f rupiahs, terwijl naar raming de ^ totale uitgaven voor 1*951 in de , richting van circa 2.500 millioen < deviezen-rupiahs zullen liggen; Bij 1 dit laatste cijfer is dan bovendien : nog geen rekening gehouden met de zeer belangrijke, niet in de : handelsstatistiek verwerkte, importen ten behoeve van de weermacht. Deze cijfers zijn berekend op basis van de werkelijke prijzen gedurende de eerste vier maanden van 1951 en naar de prijzen van Mei 1951 voor de overige 8 maanden, èn op basis van te exporteren hoeveelheden, die gelijk zijn aan die van 1950. Meer en harder werken Het parool voor de naaste toekomst zal dan ook moeten zijn „meer en harder werken”, teneinde de productie ten behoeve van de buitenladse markt op te voeren, zodat hogere deviezenontvangsten ontstaan, en tegelijkertijd de productie ten behoeve van de buitenalndse markt op te verhogen, zodat anderzijds lagere deviezen-uitgaven resulteren, al,1 \/:„mi* i r-> ai'in K<»cr*hnn. dus drs. Visser in zijn besenouwing. „Een uitermate belangrijk deel van de binnenlandse behoefte van Indonesië moet bevredigd worden uit middelen verkregen uit de export van agrarische producten”, stelt drs. Visser vast. „Zowel voor de voorziening van de bevolking met consumptiegoederen, als voor de aanschaf van grondstoffen en kapitaal-goederen, is Indonesië grotendeels op de import aangewezen. Zijn de baten verkregen uit de export onvoldoende, dan ontbreken hierdoor de middelen om voor een voldoende import zorg te dragen”. „Leverde de export in 1949 een opbrengst van circa 1.200 m.m. deviezen-rupiahs op, in 1950 was dit cijfer opgelopen tot circa 2.200 m.m. Zo ontstond over 1950 zelfs een uitvoer-overschot van 800 m.m. deviezen-rupiahs, tegenover een tekort van 500 m.m. deviezenrupiahs over 1949. Hierbij dient bedacht te worden dat het tekort op de betalingsbalans, indien dit tekort in 1950 van dezelfde orde van grootte was als in 1949 ongeveer 500 m.m. deviezen-rupiahs bedroeg. Per saldo resulteerde derhalve in 1950, een deviezen-overschot van circa 300 m.m. rupiahs. Het uitvoer-overschot in 1950, en dit (Onder deviezen-rupiahs te verstaan, rupiahs die tegen de officiële koers (1 op 1 voor de gulden) omgezet kunnen worden in buitenlands courantO- is het belangrijke, is echter niet bereikt bij een ook maar eniger- ] mate bevredigend peil van de 1 import: in de binnenlandse behoeften kon slechts voor een deel voorzien wórden”. » Indonesië onvoldoende geprofiteerd „Het is zeer spijtig”, aldus ] drs. Visser, „dat Indonesië de c gelegenheid om te profiteren | van de nu eenmaal normale c discrepantie in de ontwikkeling c van de prijzen van oer-producten t en eind-producten niet voldoende heeft kunnen benutten. De im- | nort-baten hadden een groter ( import-volume mogelijk gemaakt, dan thans het geval zal , zijn. Wel heeft de regering van Indonesië door tal van maatreee- j Ien gepoogd de import te sti- | muleren (o.a.9' door invoering van de free list), en valt inderdaad het laatste half-iaar een steeds toenemende beste!-positie van importeurs te constateren. QQnlznnnmoo'f'HiVhpHp.n in het buitenlp^H worden echter steeds moeilijker en de levertijden langer. Het nrobleem, kort geformuleerd, bliift: Hoe voor de beschikbare deviezen, buitenlandse producten te verkriisen?” Vervolgens beziet drs. Visser in het licht van bovenstaande uiteenzetting de situatie zoals deze zich thans bii een daling van de nriizen der evnoctnroducten. voordoet, er nadruTkeliik op wiizend dat het uitermate moeiliik is in Indonesië enig cijfermateriaal ter beschikking te kronen. Zo men al, door persoonliike informatie, bier en daar gegevens weet te verzamelen, ziin zij vaak onvoldoende en weinig betrouwbaar, PV. cüfers in b»t onderstaande genoemd dienen derhalve met de grootste voorzichtigheid gehanteerd te worden”, aldus drs. Visser. Mogeliik ongunstige ommekeer „Een tendenz valt er ondertussen misschien toch wel te rrmstateren. En wel deze. dat. hiizondere omstandigheden voorbehouden, de huidige situatie de grot" mogelijkheid in zich bergt, dat binnen afzienbare tiid een omkering van de h'ervnor genoemde probteemstelh'ng zal plaats vindep: dat het niet meer is „hoe de buiteo’andse producten. voor de beschikbare deviezeo te verkriigep”. doch ..boe voor de buitenlandse producten, de poodzal-elijke deviezen te bemachtigen”. --- 100 Locomotieven voor Indntipsië ir. APauimuttaiiD van net ministerie van Verbindingen verklaarde aan PT Aneta, dat Indonesië een order heeft geplaatst voor 100 locomotieven in Westnnitsland. De eerste locomotief zal begin Augustus worden afgeleverd. Hij verklaarde verder dat onderzocht zal worden of deze 'ocomotief aan de gestelde eisen voldoet. --- Protestanten raakten slaags voor kerkgebouw TUMULT IN SURABAJA : Overdracht van gebouw aanleiding tot tweespalt flP29 Juni hebben zich bij de Protestantse kerk op Bobiitan