Subardjo: Zelfstandigheidspolitiek R.L. door MSA niet geschonden Uit nationaal oogpunt is overeenkomst zeer nuttig Gelegenheid op grote schaal om materiaal aan te kopen üe ex-ininister van Buitenlandse Zaken tüdens het Sukiman-kabinet, mr. A. Subardjo, heeft een breedvoerige beschrijving over de buitenlandse politiek, de buitenlandse hulp, de M.S.A. en over „Waarom het kabinet-Sukhnan aftrad’’, gegeven. Deze beschrijving is volledig opgenomen in „Berita Indonesia” en in „Merdeka” van Dinsdag j.1. Wij laten hieronder enkele der voornaamste passages volgen: Het parlement heeft nog met de n gelegenheid gehad een uitspraak te k doen over de MSA. Het vorige kabi- d net van dr. Sukiman trad af voor- o dat deze kwestie in het parlement li werd behandeld. Het kabinet van Wi- IV lopo heeft zich ook nog niet uitgesproken over zijn standpunt ten aanzien van de inhoud en de consequen- a ties van de Indonesisch—Amerikaan- s se overeenkomst betreffende de MSA. Schending van de zelf- r standigheidspolitiek? ij Mr. Subardjo vraagt zich af of de ! mening van bepaalde personen, dat j de Indonesisch-Amerikaanse overeen- ; komst een schending betekent van de : zelfstandigheidspoltiek, correct is. Of 1 was deze bewerking slechts een vorm van agitatie met het doel het kabinet ! Sukiman te laten vallen? Wijkt de 1 buitenlandse politiek van het kabinet 1 Hatta? 1 Hier moet het parlement zich over ( beraden, zodat het publiek voorgeiicht 1 wordt over de stand van zaken en zich 1 een objectieve mening kan vormen van wat eigenlijk de achtergrond is ge- j weest van de overeenkomst tussen ’ Indonesië en de V.S. Begrip buitenlandse politiek j Mr. Subardjo gaat vervolgens in op het begrip buitenlandse politiek en hij zegt dan dat men op het gebied van de buitenlandse politiek niet mag af- I wijken van de gekozen basis. Beslissingen in het verleden dienen zoveel mogelijk te worden uitgevoerd, hce vaak de kabinetten ook wisselen. | : Mr. Subardjo wijst er op, dat de | ] buitenlandse politiek de houding van een staat, naar buiten bepaalt. Zij be- , paalt tevens de verhouding van de ene staat tot de andere. Indien de koets ( die een staat volgt telkens verandert zal dit een ongunstige reactie in het buitenland kunnen veroorzaken. Achterdocht en teleurstelling worden dan niet allen opgewekt bij de j betrokken landen maar bij de gehele internationale wereld. De buitenlandse politiek van elke staat is in vredestijd gebaseerd op goodwill, samen- . werking en internationaal begrip. Tweeslachtige maatregelen van een staat, kunnen gemakkelijk misnoegen, wantrouwen en verwarring veroorzaken in de wereld, terwijl de buitenlandse politiek juist gericht moet zijn op de wereldvrede. Morele basis gewenst. Naast de basis van continuïteit in de internationale verhouding is eenmorele basis gewenst, zoals dat ook het geval is bij individuele verhoudingen. Wat zal de waarde zijn van een overeenkomst tussen twee staten, indien één der partijen deze niet eerbiedigt? Het internationaal recht kent de plicht van „pactasunt servanda”, dat is het uitvoeren van gemaakte overeenkomsten. Een overeenkomst kan worden gewijzigd, indien deze niet aan de omstandigheden voldoet dan wel in strijd is met de motieven die hebben gegolden bij het sluiten van de overeenkomst. De achting voor de Republiek Indonesië op internationaal gebied is boog, juist omdat deze staat de basis respecteert van de internationale verhoudingen. Buitenlandse hulp op basis van continuïteit Mr. Subardjo wijst er vervolgens op dat Indonesië op basis van continuïteit van zijn beleid na de souvereiniteits-overdracht hulp heeft ontvangen van de ECA. In overeenstemming met de nationale belangen heeft Indonesië de overeenkomst tussen Amerika en Nederland betreffende ECA-hulp aan het voormalige Nederlands Indië, overgenomen, welke overname werd bekrachtigd door het kabinet Natsir. Op basis van deze overeenkomst heeft Indonesië technische en economische hulp ontvangen in de vorm van meteriaal voor de opbouw van de staat en voor de verbetering van de volksgezondheid, Deze overeenkomst bestond nog tijdens het bewind van het kabinet Sukiman. Naast de technische en economische hulp ontving Indonesië militaire bijstand in de vorm van uitrusting ten behoeve van de politie. De overeenkomst voor de laatste vorm van bijstand werd tussen Indonesië en Amerika gesloten op 15 Augustus ’50. De toenmalige premier, tevens minister van Buitenlandse Zaken, was drs. Moh. Hatta. Ingevolge de continuïteit werd deze overeenkomst gehandhaafd ten tijde van de regeringen van Natsir en Sukiman. De MSA schendt Zelfstandigheidspolitiek niet De oud-minister van Buitenlandse Zaken neemt vervolgens de wijziging van de Amerikaanse hulp onder de bepalingen van de ECA onder de loupe en wijst op het besluit van het Amerikaanse congres om de Amerikaanse hulp aan het buitenland voortaan te verstrekken via de MSA. Indonesië kan langs deze weg ook verdere hulp ontvangen van Amerika ten behoeve van de staatspolitie. Daarnaast werd de mogelijkheid geopend om de militaire bijstand aan de Indonesische land-, zee- en luchtmacht te vergroten, door het betrekken van uitrusting uit Amerika, zonder dat men zich bindt aan het een of andere militaire pact, zoals het Atlantische pact of een pact voor het Midden-Oosten. In het kort: de zelfstandigheidspolitiek van Indonesië wordt niet aangetast door het ontvangen van Amerikaanse hulp via de MSA. Mr. Subardjo betoogt, dat dit de meest gunstige gelegenheid is om militaire uitrusting te krijgen voor de Indonesische weermacht. Indonesië kan deze militaire uitrusting op legale wijze kopen na onderhandelingen tussen de regeringen der betrokken landen. Indonesië behoeft dan geen vertegenwoordigers meer te zenden naar de andere landen om te trachten de benodigde militaire uitrusting daar te kopen. De MSA schonk Indonesië de gelegenheid op grote schaal het materiaal te kopen dat Indonesië zo hard nodig heeft. In dit verband brengt mr. Subardjo in herinnering, dat hij voor het verkrijgen van militaire uitrusting besprekingen heeft gevoerd met de Amerikaanse ambassadeur in Indonesië, Merle Cocbran. Ongegronde vrees De bereikte overeenkomst noemde hij uit nationaal oogpunt zeer nuttig. De bezwaren tegen deze overeenkomst noemt hij niet reëel. De ongerustheid, dat Indonesië door het sluiten van deze overeenkomst de zelfstandigheidspolitiek moet loslaten, is overbodig. Niemand kan bewijzen, dat de souvereiniteit van het land aan banden wordt gelegd door het sluiten van deze overeenkomst, of dat de regering zich daardoor niet meer vrij zal kunnen bewegen. Men vreest, dat door deze overeenkomst met Amerika, Indonesië zich geplaatst zal zien tegenover het Russische blok. Deze vrees is niet gegrond omdat de houding van Indonesia tegenover deze landen niet verandert. Moeten wij dan onze plicht als vrije en souvereine natie om ons te versterken verzaken, alléén omdat wij worden bezield door deze vrees?, zo vraagt mr. Subardjo zich af, en hij vervolgt met te zeggen, dat ook Rusland met genoegen Amerikaanse hulp op technisch, economisch en militair gebied ontving, toen dat land hulp nodig had van het buitenland. Dergelijke hulp werd verleend op basis van de lend-lease overeenkomst van 1941. De opbouw van Rusland voor de tweede wereldoorlog geschiedde ook WVJt tfc-il \JVFl Utkl lJlfcl (IC IIUip vuil s Amerikaanse technische deskundigen. Wie is gebonden aan MSA? Dat Amerika zijn buitenlandse po- > itiek richt op de verdediging van zijn :igen belangen, zo vervolgt mr. Su- J >ardjo, is zijn goed recht. Het is het ; echt van Amerika als ook van elk :s inder vrij en souverein land om zijn :igen lot te bepalen. Dat Amerika de wet voor de uitvoering van deze politiek de MSA-wet roemt is ook zijn eigen zaak, deze wet I * ïad ook wel anders kunnen heten, j bijvoorbeeld ABC of XYZ. Degene die gebonden is aan de MSA is niet het Indonesische volk, naar wel het volk van Amerika. Deze nationale Amerikaanse wet is slechts geldig binnen het Amerikaanse terri- ' toir. Wat het Indonesische volk bindt is niet de MSA als nationale wet van Amerika maar de concrete tekst van de overeenkomst, dus de inhoud van de overeenkomst die is gesloten tussen Amerika en Indonesia, op basis van de notawisseling op 4 en 5 Januari 1952. Waarom MSA werd ondertekend Volgens mr. Subardjo ligt de reden waarom Indonesië de MSA-overeenkomst ondertekende in het belang van Indonesië zelf. Op welke manier kan Indonesië inhoud geven aan zijn vrijheid? Welke weg moet worden bewandeld om zo spoedig mogelijk het beoogde doel te bereiken? Wat moeten wij aanwenden om de opbouw van de staat op korte termijn te verwezenlijken? Met buitenlandse hulp hoopt Indonesië voorlopig zijn doel te bereiken, namelijk het stichten van een nieuwe staat, op hetzelfde peil als de andere landen in de wereld op het gebied van | wetenschap, techniek, economie enz. Om dit doel te bereiken hebben wij tijd nodig en voorts veiligheid en vrede zowel in binnen- als in buitenland. Waarom kabinet Sukiman aftrad Het kabinet Sukiman trad niet af, omdat het de MSA-overeenkomst afwees. Het heeft zich zelf ontbonden in verband met de situatie in het binnenland, aldus de oud-minister. Dat de minister met betrekking tot deze overeenkomst niet de goedkeuring van het kabinet wegdroeg, behoefde voor het kabinet geen reden te zijn om zijn taak neer te leggen. Immers, er kon een andere persoon worden aangewezen ter vervanging van de afgetreden minister. Men kon echter niet verwachten dat vruchtbare resultaten zouden worden bereikt met de uitvoering van het programma van het kabinet Sukiman, omdat het „team-work” tussen de partijen, waarop het kabinet steunde, niet zo gunstig was. Hierom vond dr. Sukiman het beter zijn mandaat terug te geven aan de president. Onzuivere toestand Het rumoer rondom de MSAkwestie verhoogt het aanzien van de Indonesische staat niet. Het wijst op een onzuivere toestand, waaruit men zou kunnen afleiden dat het Indonesische volk zich nog niet bewust is van zijn eigen belangen, en deze indruk is niet in overeenstemming met de werkelijkheid. Want het Indonesische volk slaat in de internationale wereld bekend als een volk, dat het karakter van een groot volk bezit, aldus besluit mr. Subardjo zijn beschouwing. --- PARKI: Concrete stappen nodig voor gezagsherstel Beroep op overheid om zichzel f te corrigeren De „Partai Kebangsaan Indonesia”, (PARKI), een politieke partij, opgericht in de „pre-federale tijd” met afdelingen in West-Java, heeft naar aanleiding van de jongste rede van president Soekarno een bekendmaking gepubliceerd, waarin voorstellen worden gedaan om de door de president gesignaleerde gezagscrisis in het huidige Indonesië op te heffen. In de bekendmaking wordt gezegd dat de kern van de rede van de president op 17 Agustus de alinea is, waarin hij zeide, dat er een gezagscrisis bestaat in het huidige Indonesië en dat er stappen moeten worden gedaan om het gezag te herstellen. De Parki is van mening, dat deze gezagscrisis de hoofdoorzaak is van de ongewenste toestanden. Ongewenste toestanden Onder de ongewenste toestanden wordt in de bekendmaking onder meer het volgende verstaan: het feit, dat personen, die gezag dragen, geen verantwoordelijkheidsbesef bezitten en het feit, dat mensen met verantwoordelijkheidsbesef juist niet over gezag beschikken; het feit, dat er ontevredenheid heerst, hetgeen bij bepaalde groepen de vorm aanneemt van wrok. Dit gevoel van ontevredenheid is ook ontstaan door het voortbestaan van de tegenstelling tussen „non” en „co”, waardoor bij bepaalde bevolkingsgroepen in Borneo, Celebes, Sumatra en ook W. Java (bij de Sundanezen) sentimenten zijn aangewakkerd. Deze sentimenten hebben bij bepaalde groepen zelfs geleid tot antiJavaanse gevoelens, welke gevaarlijk zijn voor de Indonesische eenheid, aldus de bekendmaking. Er zijn echter nog andere ongewenste toestanden, en wel ordeverstoringen door gewone misdadigers, maar ook ordeverstoringen, die de vorm aannemen van een opstand met politiek-ideologische achtergrond; het hoogtij vieren van cor- 1 ruptie en andere misdaden in diverse rangen en gelederen; het proces bij het kleine volk; het verdwijnen van de geest der vrijheidsproclamatie van 17 Augustus 1945; apathie onder de bevolking etc. Beroep op Overheid De Parki is van mening, aldus de bekendmaking, dat het gezag slechts kan worden hersteld „als bovengenoemde ongewenste toestanden verdwenen zijn”. Het gezag kan immers slechts worden hersteld op basis van goed beleid, eerlijkheid, rechtvaardigheid en vertrouwen. De Parki doet daarom een beroep op de overheid, om zich zelf te corrigeren en om „wanbeheer” uit de weg te ruimen. Naast het streven om de veiligheid te herstellen dient de overheid harde maatregelen te nemen tegen elke vorm van corruptie. Controle van rijkdommen Bij verordening dient te worden bepaald dat de betrokkenen moeten kunnen aantonen, hoe zij in het bezit zijn gekomen van hun huidige rijkdommen. Er kan hiervoor een periode worden vastgesteld van 29 December 1949 (de souvereiniteitsoverdracht) of de aanvang van de Japanse bezetting in 1941 tot heden. Verder dient de overheid concrete stappen te doen om de volkswelvaart te bevorderen, een sociale en agrarische wetgeving te ontwerpen, kortom de voorwaarden te scheppen, om de publieke opinie gunstig te stemmen. De bekendmaking, gedateerd 25 Augustus, is ondertekend door de heren S. Suradiradja, voorzitter, en Erom, tweede secretaris van de partij. --- President Soekarno heeft pre mier Nehru van inaia Deaamu voor diens gelukwens ter gelegenheid van de Indonesische onafhankelijkheidsdag- --- De overdracht der bevoegdheden van hel Corps Polisi Militer bataljon III te De overdracht der bevoegdheden van hel Corps Polisi Militer bataljon III te Bandung. Foto: Kapitein Moh. Dradjat ondertekent de overdrachtspapieren. --- Massa-demonstraties in Surabaja op 7 September PROBLEEM AUGUSTUS-ARREST ANTEN Doel: Spoedige vrijlating van gevangenen Surabaja, 27 Aug. Op een Dinsdagmorgen in de pressroorn te Surabaja gehouden persconferentie heeft het comité voor slachtoffers van de Augustus razzia’s medegedeeld, het plan te hebben om Zondag 7 September met medewerking van alle bij de Sobsi aangesloten organisaties en andere groeperingen die hiermee sympathiseren een massademonstratie te houden voor de woningen van de gouverneur van OostJava en van de commandant van de Brawidjaja-divisie. Doei van de demonstratie Het doel van deze demonstratie is kracht bij te zetten aan de eis van het comité om alle Augustus-arrestanten in geheel Indonesië spoedig vrij te laten. Tijdens deze demonstraties zal aan de gouverneur en aan de divisiecommandant een resolutie worden aangeboden. De afdeling Surabaja van de Sobsi heeft het comité reeds volle medewerking toegezegd. Het comité neemt de volle verantwoordelijkheid voor deze demonstraties op zich, aldus werd o-p de persconferentie medegedeeld. Delegatie bij premier en min. v. Defensie Op de persconferentie gaf mej. Sulami, secretaresse van het comité, die deel uitmaakte van de delegatie die onlangs een bezoek aan Djakarta bracht om daar inlichtingen in te winnen bij de regering over het tot van de arrestanten, een uiteenzetting. Zij zeide dat minister-president Wilopo op 19 Augustus aan de delegatie had medegedeeld, dat hij geen datum kon noemen, waarop de gevangenen zullen worden vrijgelaten. De premier had hier volgens haar aan toegevoegd, dat het probleem van de arrestanten thans de volle aandacht van de regering heeft. Er zullen besprekingen gevoerd worden met de minister van Defensie, tot wiens competentie deze kwestie hoort. Naar aanleiding van berichten over een geheime instructie voor vrijlating van de gevangenen, verklaarde de minister-president, dat er slechts één instructie bestaat en dat is de instructie, die destijds in het parlement is voorgelezen. Op de 20ste Augustus had de delegatie een onderhoud met de minister van Defensie. Deze verklaarde bereid te zijn te zoeken naar een oplossing voor het arrestanten-probleem. Hij zegde toe, besprekingen te zullen voeren met de betreffende instanties Er is iets niet in de haak Mej. Sulami verklaarde op de persconferentie, dat er met de vrijlating van de arrestanten iets niet, in de haak is. Dit, aldus mej. Sulami, is een gevolg van „de bankroet-politiek van de regering Sukiman-Wibisono”. Hiervoor is thans de regering Wilopo verantwoordelijk. Mej. Sulami achtte de kans groot, dat de beloften van de regering, die thans gegeven werden, slechts holle phrasen zullen blijken te zijn. Indien dit juist is, zal het vertrouwen van het volk in de regering geschokt worden, zeide zij. Mej. Sulami zeide verder van oordeel te zijn, dat de oorzaak van dit alles gezocht moet worden in de RTC-overeenkomst, waarvan de Sukiman/Wibisono-politiek een gevolg is. Dit politiek is er op gericht het volk te onderdrukken. In verband hiermede is het comité van oordeel, dat nu de tijd gekomen is, om de vrijlating van de gevangenen te verwezenlijken door de strijd van het gehele volk. Immers, zo zeide zij, de Augustus-razzia’s waren in wezen niets anders dan een algemene aanval op het Indonesische volk, dat consequent anti-imperialistisch is. Desgevraagd deelde mej. Sulami mede, dat de actie ook gevoerd wordt in het belang van de dertien Chinese staatsburgers, die op grond van de SOB gevangen worden gehouden De demonstraties Het comité, zo werd verder verklaard, is er zich ten volle van bewust, dat de demonstraties die 7 September zullen plaats hebben, mogelijk ernstige gevolgen zullen hebben. Zo zal het wel eens kunnen gebeuren dat de massa niet in bedwang zou kunnen worden gehouden. Natuurlijk zal door het comité alles gedaan worden om de demonstraties rustig te laten verlopen, zo werd verklaard. De demonstranten, aldus de plannen, zullen zich om 9 uur des morgens verzamelen op het Taman Surija (het plein voor het gemeentehuis). In Oost-Java bevinden zich thans nog 62 SOB-arrestanten, onder wie dertien Chinese staatsburgers, in arrest. Zij zijn ondergebracht in het kamp Bubutan en in de gevangenis te Malang. --- R.I. consul-generaal in Hongkong als getuige opgeroepen DE S.S. „TASIKMALAJA”-KWESTIE Oproep ingetrokken vanwege diplomatieke immuniteit De Hongkongse districtsrechter bepaalde Maandag, dat de Indonesische consul-generaal in de Kroonkolonie, de heer Kwee Djie Hoo, diende te worden opgeroepen om getuigenis af te leggen tijdens het gerechtelijke onderzoek betreffende het buiten werking stellen van de „Writs of Summons”, (de wet tot oproep van getuigen voor een rechtbank) bij de gerechtelijke vordering, die tegen de Indonesische regering is ingediend. Het rechterlijke besluit werd evenwel niet uitgevoerd, omdat de juridische raadsman van de Indonesische regering nieuwe argumenten naar voren bracht. De raadsman verklaarde, dat de heer Kwee diplomatieke immuniteit bezit, omdat hij de hoogste vertegenwoordiger van zijn regering is in Hongkong. Tevoren had de rechtskundige adviseur betoogd, dat de „Writs of Summons” niet van kracht moest worden verklaard, omdat de rechtsvordering een buitenlandse regering betrof, die niet bereid is zich te onderwerpen aan de jurisdictie van de Hongkongse gerechtshoven Waar het om ging De oorspronkelijke oproep was uitgevaardigd in verband met twee gerechtelijke vorderingen aangaande het eigendom van het s.s. „Tasikmalaja”, dat vroeger onder Panamese vlag voer roor rekening van de maatschappij „Juan Ysmael” in Manilla. Het schip werd onder Indonesische vlag geregistreerd tengevolge van een in Maart gesloten koop. De „Ysmael maatschappij” vordert echter het schip op, omdat zij verklaart alleen-eigenaar te zijn van de „Tasikmalaja”. De andere vordering gaat over een bedrag van 25.586 Hongkong-dollars verschuldigd voor aan het schip geleverde benodigdheden. Deze vordering was ingediend door een firma in Hongkong. --- In Surabaja Rumoerige conferentie van opvoedkundigen Het is op de 25 Aug. te Surabaja gehouden conferentie van vertegenwoordigers van de „Djawatan Pendidikan Masjarakat” van de gemeente Surabaja wat rumoerig toegegaan. De eerste moeilijkheden ontstonden, toen de heer S. D. Prajitno, lid van de gemeenteraad, die de burgemeester vertegenwoordigde, verklaarde dat mensen, die analphabeet zijn, te vergelijken zijn met dieren en slechts de vorm met mensen gemeen hebben. Over deze opmerking ontstond grote verontwaardiging. Vele aanwezigen trokken uit de uitlating van de heer Prajitno de conclusie, dat hij van mening is, dat de voorouders van alle aanwezigen dieren waren. De voorzitter van de conferentie wist de gemoederen weer tot bedaren te brengen. Tweede incident Kort voor het einde van de besprekingen deed zich opnieuw een incident voor, toen de heer Djais, één van de vertegenwoordigers van de wijken, verklaarde, dat z.i. alle aanwezigen denken als kleine kinderen en geen snars van opvoeding afweten. Men eiste, dat de heer Djais zijn woorden zou terugnemen of anders de vergadering zou verlaten. Opnieuw moest de voorzitter bemiddelend optreden. --- Commissie tot nationalisatie is met haar taak gereed JAVASCHE BANK Ontwerpstatuut circulatiebank De persdienst van net ministerie van Economische Zaken deelt mede: „De Commissie tot nationalisatie van de Javasche Bank heeft haar taak beëindigd. De Commissie heeft haar voorstellen over de nationalisatie ingediend. Zij heeft zich tevens van haar taak gekweten om een wetsontwerp voor de nationalisatie samen te stellen en •een statuut voor de nationale circulatiebank te ontwerpen. Deze ontwerpen heeft de Commissie bij de minister van Financiën ingediend. De minister van Financiën heeft deze ontwerpen inmiddels bestudeerd. Er zijn enkele wijzigingen, aanvullingen in de ontwerpen aan gebracht en het geheel is thans aan het kabinet aangeboden. Zodra het kabinet, als geheel, de ontwerpen heeft bestudeerd en aangenomen, zullen de wetten ter bekrachtiging aan de volksvertegenwoordiging worden voorgelegd.” --- Duidelijke activiteiten van Engelse patrouilles IN GRENSGEBIED SERAWAK - W.-BORNEO Brits vaartuig aangehouden en weer losgelaten Niettegenstaande men van Engelse zijde in Scrawak verklaard heeft, dat het lioofdbwarticr van de onruststokers in dit gebied niet is gevestigd in Pontianak, zijn duidelijk activiteiten van Engelse patrouilles in bet grensgebied tussen Serawak en West-Borneo waar te nemen, aldus meldt de correspondent van „Merdeka”, die een reis maakt langs liet grensgebied tussen West-Borneo en Brits Scrawak. De correspondent meldt verder, dat l Engelse Iegcr-patrouilles bun kamp hebben opgcslagen langs de rivier Sekajain nabij Balai Karangan, gelegen in bet regentschap Sanggao, welk gebied onder bet gezag van de Indonesische regering staat cn enkele kilometers verwijderd is van de grens met Brits Serawak. In een onderhoud met de Indonesische procureur-generaal hebben autoriteiten in Serawak medegedeeld, dat de grens tussen Serawak en WestBorneo gesloten is verklaard en dat reeds een noodwet is afgekondigd, waarin overtreders en personen, die beschuldigd worden van samenwerking met de onruststokers met de doodstraf worden bedreigd. Doch ondanks het bestaan van deze wet gaat men aan | Engelse zijde voort met het overbrengen van personen van Chinese landaard naar het gebied van de Republiek Indonesia, zonder dat hiervoor toestemming van het Indonesische consulaat-generaal in Singapore is gevraagd. Deze mensen zijn allen voorzien van een door het bestuur in Brits-Serawak uitgegeven visum, echter zonder dat goedkeuring _is verkregen van de Indonesische immigratiedienst, aldus de correspondent van „Merdeka”. Naar tenslotte wordt gemeld zijn de Indonesische autoriteiten hiervan reeds op de hoogte. Een correspondent van „Indonesia Raya” meldt uit Pontianak, dat een Brits patrouille-schip „Margharetta” kortgeleden werd aangehouden door een Indonesisch patrouille-schip in de Indonesische wateren van West-Borneo. Het bleek een schip te zijn, dat enige autoriteiten van het bestuur en van de politie van Serawak vervoerde naar Pontianak. Het Britse patrouilleschip werd na onderzoek door de Indonesische politie naar Pontianak opgebracht. De commandant van het schip bleek niet in het bezit te zijn van een reis-opdracht. De politie trof een aantal „Lee Enfield”-geweren en Colt-pistolen op het aangehouden schip aan. De Britse autoriteiten verklaarden naar de Indonesische wateren te zijn gekomen, om contact op te nemen met autoriteiten van West-Borneo. Zij hadden echter geen geldige papieren bij zich. Inmiddels heeft het bestuur van West-Borneo een telegram ontvangen van het ministerie van Binnenlandse Zaken, waarin officieel mededeling werd gedaan van de komst van de Britse autoriteiten naar Pontianak. In opdracht van het ministerie werd aan de commandant van het Britse schip toestemming verleend om ae Indonesische wateren weer te verlaten. Besprekingen aan boord van „Amgkhuig” ln een communiqué van de voorlichtingsdienst van West-Borneo werd mededeling gedaan over de besprekingen tussen Indonesische en Britse autoriteiten, die aan boord van het Indonesische patrouille-schip „Angklung” op 21 Augustus zijn gehouden. Verklaard werd, dat het gebeurde in Serawak en de handhaving van de wederzijdse veiligheid de onderwerpen zijn geweest van deze besprekingen. Indonesië werd op deze bijeenkomst vertegenwoordigd door de procureur-generaal Suprapto, de residentcoördinator van West-Borneo, Suparto, het hoofd van de centrale recherche, het waarnemend hoofd van de staatspolitie en de commissaris van politie Susito. Van Britse zijde werd spijt betuigd in verband met de door Reuter gelanceerde berichten, dat de opstandige beweging in Serawak haar hoofdkwartier zou hebben in Pontiana-k. Men deelde mede, dat deze berichten niet van het bestuur van Serawak afkomstig waren. Verder werd officieel mededeling gedaan van de Britse maatregelen inzake de sluiting van alle verkeer tussen Serawak en Indonesisch West-Borneo. De procureur-generaal verklaarde aan „Indonesia Raya” bij terugkeer in Djakarta rapport te zullen uitbrengen over de gevoerde besprekingen. „The Times” heeft verhouwen „The Times” te Londen publiceerde naar aanleiding van de recente ontwikkelingen in Serawak een hoofdartikel onder de titel „Communisme in Indonesië”, aldus de Britse voorlichtingsdienst in Djakarta. In dit hoofdartikel wordt gezegd: „Men meent in Serawak, dat het zogenaamde Indonesische volksbevrijdingsleger voor Serawak, een Chinese organisatie, die pamfletten heeft verspreid en de Chinese gemeenschap in Serawak heeft gedwongen geldelijke bijdragen te leveren, zijn basis heeft in de Indonesische provincie WestBorneo. De Indonesische regering is overtuigd, dat deze mening ongefundeerd is. Het lijkt echter twijfelachtig, dat er tijd genoeg is geweest om de activiteiten van de Chinese kolonie in Pontianak (nabij de grens van Serawak), die wellicht reeds lang gaande waren voordat ze plotseling aan het licht werden gebracht door de botsing met de politie-patrouilie in Serawak, te onthullen. „Als de Indonesische regering inderdaad bewijzen zou vinden dat er een terroristische groep bestaat onder de Chinese kolonie in Pontianak, dan kan aan haar toevertrouwd worden, dat zij doeltreffende maatregelen zal nemen. De Indonesische regering tracht onderscheid te maken tussen het communisme als een systeem van politieke en economische principes, waarvan leden van de intellectuele klasse, die Indonesië regeren deel uit mogen maken, en het communisme als een subversieve macht, wier aanhangers trachten de regering omver te werpen. In Djakarta heeft men een erkende communistische fractie in het parlement, die nog onlangs de zijde koos van degenen, die premier Wilopo een motie van vertrouwen gaven. Naast deze „constitutionele” communisten bestaat er een grotere groep, die van tijd tot tijd een open oorlog tegen de regering voert. Vorig jaar ontdekte de regering nog een grote samenwering, gericht op de omverwerping van de staat, die zij moest breken door massa-arrestaties op Java en Sumatra. Mogen de Indonesische autoriteiten door de nieuwe terroristische uitbarsting in Serawak wederom op hun hoede zijn”, --- Verbeten gevecht bij Garat Vier uur lang heeft er in de omgeving van het plaatsje Wanaradja (in het Garoetse) een verbeten strijd gewoed tussen de manschappen van het Bataljon 319 en een zwaar gewapende bende. Het gevecht dat omstreeks liet middaguur ontbrandde in de kampong Beër, duurde tot vier uur ’s middags, waarna de bende uiteen werd geslagen en de terroristen hun heil in de vlucht zochten. Aan de zijde der militairen sneuvelden drie man en ook een dessawachter liet het leven. De bandieten verloren bij deze actie echter minstens tien man, zoals later bleek, toen hun lichamen werden aangetroffen in een vers gedolven massa-graf. Een der terroristen viel levend in handen van het leger. Aan wapens werden op de terroristen een bren, een stengun en een Lee Enfield veroverd. De achtervolging van de bende duurt nog voort. --- Kantoor B.P.M. in Tarakan door brand vernield ben verlaat pericnt meuit dat op 14 Augustus jl. brand uitbrak in een kantoor van de B.P.M. in Tarakan. Verschillende afdelingen van het kantoor brandden af. De schade is op Rp. 300.000.— begroot. Er deden zich bij de brand geen persoonlijke ongelukken voor. Over de oorzaak van de brand tast men nog in het duister. ---