Schmidt noemt getuige een „goed gedresseerde papegaai” Reacties op getuigenis van Manoch „Getuige vertelt ons onbewust hoe de zaak is opgezet” Manoch persisteert bij alle af gelegde verklaringen Op de dertiende zitting van de pengadilan in Djakarta ter behandeling van het proces tegen de heer Schmidt, werd de verdediging in de gelegenheid gesteld om getuige Manoch te vragen naar uitleg over duistere punten in zijn verklaringen. De beklaagde legde een verklaring af over zijn reactie op hetgeen Manoch als getuige had verklaard op de vorige zittingen. Op deze zitting van Dinsdag was de publieke belangstelling wederom nihil. Van de zijde der Amerikaanse ambassade was aanwezig de heer Mac Quaid. Nadat Manoch was voorgeleid en de rechter hem had herinnerd aan zijn eed welke hem verplicht de waarheid te zeggen en niets dan de waarheid, vroeg de rechter getuige wanneer de droppings plaatsvonden. Getuige antwoordde dat deze plaatsvonden in het tijdvak tussen de jaren 1951 en 1953. Desgevraagd bevestigde getuige dat hij slechts één maal direct een opdracht van beklaagde had gekregen, namelijk die ene keer voor het infiltreren bij het O.M. Hierna stelde de voorzitter de beklaagde in de gelegenheid zijn antwoord te formuleren op hetgeen Manoch had verklaard. De beklaagde had voor dit doel enkele notities gemaakt. „Gedresseerde papegaai’' De beklaagde verklaart onder meer het volgende; „Het doet mij oprecht leed voor Indonesië, het land waar ik ondanks alles nog veel van hou, dat men om een perkara tegen ons op te zetten heeft gemeend dit te kunnen en te mogen doen via wezens als Harris, Tomasoa, Manoch e.a. Dacht ik oorspronkerijk tijdens de confrontatie dat Manoch een fantast of een psychopaat was, al'engs is deze mening gewijzigd. Hij is zeer zeker géén fantast. Hij is een goed gedresseerde papegaai die juist dat uitkraamt wat men hem wil laten zeggen. Eigenlijk moeten we hem dan ook dankbaar zijn, want deze man alleen al — hoewel onbewust daarvan — vertelt ons precies hoe de zaak is opgezet, als de inspecteurs Enduh en Moenaf hem laten zeggen op bladzij 211 en 215 en later, dat de doelstellingen van de NIGO o.m. zijn: le. „Supaja Sjahrir mendapat kedudukan dalam pemerintahan Indonesia.” (Opdat Sjahrir een positite krijgt in de regering van Indonesië). 2e. „Membantu negara Islam berdiri, karena negara Islam memberi keuntungan bagi blok Barat. Itu sebahnja NIGO ini mendapat tundjangan dari negara2 dari blok Barat’’ (De oprichting van de Islamietiscbe staat te steunen, aangezien de Islamitische staat voordeel brengt voor het Westerse blok. Dat is de reden dat deze NIGO de steun krijgt van de landen van het Westerse Blok). 3e. De diverse aanvallen op kapitalisme en imperialisme die er alleen en uitsluitend op uit schijnen te zijn, om Indonesië ten val te brengen. 4e. Zien wij verder de naamlijsten die hij weet te verschaffen — later nog aangevuld door andere getuigen. Daarop komen voor, diverse officieren van leger en luchtmacht, ook politieofficieren, diverse vooraanstaande en alom geachte Indonesiërs en daarnaast veel rijke en vooraanstaande Kuomintang-Ohinezen en natuurlijk Hollanders en Amerikanen, 5e. Zelfs ontziet men zich niet op bladzij 233 de djaksa agung ervan te beschuldigen, de aanval op Tjiandjur met Lebaran 1952 mede georganiseerd te hebben, al laat men hem later zeggen, dat een andere man schertsenderwijze djaksa agung werd genoemd, omdat hij daar zou werken, hetgeen vermoedelijk niet juist is. Een aardige uitvlucht waarvan ik er nog een paar zal noemen.” Aldus beklaagde die verder het volgende zegt. „Geeti fantasie’’ „Het is zonneklaar als wij dit alles lezen en horen, dat een en ander geen fantasie is van Manoch. Men laat hem dit zeggen. En als wij dan zien dat de beschuldigingen en insL nuaties niet alleen tegen Nederland, doch tegen alles en iedereen gericht zijn die de aanhangers van Moskou en misschien gedwongen „fellow travellers” niet welgevallig waren, is het duidelijk, van wie Manoch de spreektrompet is. Evenals zijn voorgangers, weet ook Manoch bij; elke volgende zitting zaken die font bleken te zijn of konden worden geverifieerd, tijdig te verzwijgen of daar een handige draai aan te geven. Indien men merkt dat mr. Bouman als bewijs van Manochs leugenachtigheid een afschrift van de betalingstaat van Serpong over Januari 1953 heeft, wordt plotseling, ruim een half jaar later, deze staat een falsificatie genoemd. Merkt men evenzo, dat het in alle verhoren en zittingen steeds genoemde autonummer B. 7046 geverifieerd ls en een nummer van een politiemotor blijkt te zijn, dan wordt dit misschien meer dan 200 maal genoemde nummer nu ineens B. 7064 en levert hij daarvan zelfs een foto in. Toen tijdens een mijner verhoren 'k per ongeluk de cijfers verwisselde met 7064, werd ik prompt gecorrigeerd met het „juiste” nummer 7046. Het kan toch uitgesloten worden geacht dat hij als chauffeur van deze vagen, en daarbij nog wel in het bedt van een foto die hij heeft ingeleverd als bewijs aan de politie, toch stug door, bijna twee jaar lang, zich in dit nummer vergist. Eveneens, dat de politie dit nooit zou zijn opgevallen. Ook heeft men deze foto nooit overgelegd als bewijs en toch ;at men verlegen om bewijzen”. De beklaagde noemt verder in zijn verklaringen, dat getuige de aanbiedingen van mr. Cohen en mr. Bouman van fl. 150.000 en Brazilië en dergelijke zegt te hebben afgeslagen. Zulk een aanbod zou zelfs door een minister niet zijn afgeslagen, aldus meent de beklaagde. Weet huisadres niet De beklaagde vervolgt: „Zeer van pas vergeet hij ook, dat hij in Juni 1951 een briefje van kapitein Van Wieringen naar mij in Bandung moest brengen en mij daar in een toen al niet bestaand makelaarskantoor, 20 meter voorbij de viersprong bij Denis ontmoet en later in een niet bestaand restaurant tussen Denis en Rathkamp. Het is bijna overbodig om verder op al zijn onzinnige en onlogische verklaringen te wijzen. Zoals het „zeer geheime" briefje, „-a; hij mij echter geopend in Hotel Homan komt afgeven en waarvoor hij eventjes Rp. 1.500,— krijgt; de kist goud die eveneens open mee wordt gegeven voor kolonel Maurenbrecher, zodat hij kan zien dat er ook 100 kilogram goud in zit (een waarde van Rp. 6 millioen); het feit, dat hij en zijn „kontjo's” (vriendjes) alleen, mij vier jaar lang bijna, in auto’s zien rondtoeren. Nooit hebben mijn vrienden zoiets gezien”, aldus beklaagde, die er verder op wijst dat deze verklaring verder ook nooit is geverifieerd door bijvoorbeeld na te gaan of men hem benzine zag tanken, of de auto liet repareren, of hij een nummer- en rijbewijs had e.d. De beklaagde vervolgt met er op te wijzen, dat „hoewel hij goed bevriend heet te zijn met mij en mij ongeveer tien maal steeds, hoewel onvoorbereid in een hotellobby ontmoet, hij niet eens weet, waar mijn woning was. Van ieder ander weet hij de woning wèl.’’ „Tenslotte beschuldigt hij diverse personen van moord en opzet tot moord, enz. enz. Vele van deze personen zijn inderdaad gearresteerd en weer vrijgelaten o.a. enkelen, die een doorslaand alibi voor mij kunnen geven. Bestaan daar geen processen verbaal of een getuigenverhoor van?” aldus beklaagde. Hij eindigt zijn verklaring met een verzoek. „Zou het niet in het belang van een gezonde en onpartijdige rechtspraak zijn, als U Hoogedel ach tbare deze verklaringen aan de politie opvraagt om aan U over te leggen? , aldus besluit beklaagde Sohmidt. Getuige persisteert De rechter laat aan de hand van de aantekeningen van beklaagde opschrijven hetgeen hij van belang acht. Daarna vraagt hij aan de getuige, wat hij heeft te zeggen op de verklaring van beklaagde. Blijft hij bij zijn getuigenis? Getuige blijft bij zijn getuigerus. De rechter vraagt hoe het zit met die kwestie van de djaksa agung. De getuige zegt, dat hij reeds verklaarde tijdens het vooronderzoek in de war te zijn en vele onjuiste verklaringen aflegde. De rechter wil alleen maar weten, wie met djaksa agung werd bedoeld. De echte of niet. Getuige weet het niet, Flamand had het over de djaksa agung, doch wie hij hiermede bedoelde, dat weet getuige niet. Rechter: Was dat autonummer 7046 of 7064? Get: 7064. Rechter: Waar is de foto die beklaagde zojuist noemde? Getuige antwoordt dat deze foto waarschijnlijk door de politie in beslag zal zijn genomen, want hij vroeg aan de politie om zulks te doen. Hij had de foto aan een familielid gegeven, waarvan hij de naam liever niet noemt. Later zag hij dat de politie inderdaad de foto had. De rechter, getuige er aan herinnerend dat hij steeds verklaarde Schmidt te hebben gezien bij Jungschlager dan wel in hotels, vraagt of hij niet weet waar Schmidt woonde. Get.: Dat weet ik niet. De rechter wil weten hoe getuige de beklaagde dan kon vinden. Getuige zegt, dat hij de beklaagde nooit zocht. Het was altijd een opdracht voor een ontmoeting, of hij werd afgehaald. Voor een ontmoeting nam hij nooit zelf het initiatief. Officier van justitie De heer Soenario verklaart naar aanleiding van de getuigenis over de infiltratie, dat hij in 1951 of 1952, wanneer weet hij niet meer precies, van een tournee thuiskomend vernam, dat er tijdens zijn afwezigheid vier Ambonezen bij hem thuis waren geweest. Later hoorde hij telefonisch op kantoor van Warela dat een bende zich in de Kota of Djatinegara — dat wist hij ook niet meer precies — wilde overgeven. Hij gaf dit bericht door aan de staatsapparaten. Op kantoor werd voorts ook bericht ontvangen, dat wapens uit het buitenland op het eiland Naguna waren gebracht met het doel naar Java te worden gesmokkeld. Hiervan kon hij echter niet voldoende bewijzen in handen krijgen. Niettemin rapporteerde hij deze kwestie. Later toen hij Manoch zag als arrestant, meende hij hem eerder te hebben gezien, doch hij kon zich niet meer herinneren waar dit was geweest. Hij zei dit ook tegen Manoch. De beklaagle merkte nogmaals op, dat hij nooit een auto had bezeten, noch in bruikleen gehad of anderszins, en nooit heeft kunnen sturen. „Ik tart de politie om zelfs maar één vriend oL goede kennis van mij te vinden, die kan verklaren, mij zelf te hebben zien rijden”, aldus beklaagde Schmidt. Rechter: Dus U kunt volgens U helemaal niet rijden, met uitzondering van op een bromfiets ? Beklaagde antwoordt bevestigend. Vragen van verdedigster Mevrouw Bouman, verwijzend naar het proces-verbaal van het vooronderzoek, wijst op een verklaring van getuige, dat hij de djaksa tinggi wel ontmoette, terwijl de officier van justitie zojuist ter zitting verklaarde de getuige niet te hebben ontmoet. Wat heeft getuige hierop te zeggen ? Getuige zegt dat hij reeds eerder verklaarde dat de eerste poging om contact te krijgen met de djaksa tinggi faalde. Hij kreeg wel contact met djaksa Pamoentjak, de eerste keer, maar niet met de heer Soenario. De tweede poging gelukte wel, door tussenkomst van Jusuf Warela. Over de tocht naar de woning van de heer Soenario verklaarde getuige, dat hij inderdaad met Warela, Joban Tulaseket en Wim Eko op een avond trachtte contact te krijgen met de djaksa tinggi, bij hem thuis aan djalan Maluku. De heer Soenario bleek echter niet thuis te zijn. Wèl of niet ontmoet? Mevrouw Bouman wijst aan de hand van de verhoren in het vooronderzoek op tegenstrijdigheden welke zij meent te hebben gevonden in de verklaringen van getuige over deze ontmoeting. In het proces verbaal van 30 April 1954 verklaart getuige de heer Soenario wel te hebben ontmoet. In het proces verbaal van 21 Juni 1954 zegt getuige de heer Soenario niet te hebben ontmoet. En thans op de zitting zegt getuige weer, dat hij de heer Soenario wel heeft ontmoet. De rechter laat van alle verklaringen aantekening maken. Mevrouw Bouman merkt vervolgens op, dat getuige op de zitting van de vorige dag verklaarde, dat hij tijdens de eerste vijf maanden van zijn arrestatie verklaringen aflegde, waai volgens hem zelf geen waarde aan kan worden gehecht. Hetgeen hi; toen tegenover de politie verklaarde, ( Vervolg op Dag. 2) --- Proces tegen H. C. J. G. Schmidt begon een jaar geleden Het was Dinsdag 6 September, toen de pengadilan negeri in Djakarta onder -voorzitterschap van rechter Rochjani voor de dertiende maal in zitting bijeenkwam ter behandeling van het proces tegen de heer H. C. J. G. Schmidt, precies een jaar geleden, dat dit proces tegen hem een aanvang nam. Op 6 September 1954 werd namelijk de eerste zitting van de pengadilan negeri gehouden in het proces tegen ' Schmidt. Voorzitter was toen mr. G. Kh. Liem en openbare aanklager de heer J. B. Siahaan. Op de volgende zitting trad als officier van justitie op de heer Soenario, djaksa tinggi in Djakarta, die sindsdien ononderbroken als openbare aanklager in dit proces fungeerde. Verdedigers waren mr. H. A. Bouman en C. J. Boegheim. In dit proces zouden ruim 30 getuigen a charge worden gehoord, waarvan er thans zes zijn voorgekomen. Het dossier van de politie telde circa 400 foliovellen. In het . belang van het onderzoek werd op 12 October een bezoek gebracht aan de onderneming Dramaga. Toen aan dit proces zeven zittingen waren gewijd onder voorzitterschap van rechter Liem, moest de behandeling worden uitgesteld, omdat rechter Liem in November drie maan Ier, met ziekteverlof moest gaan. Op 17 Februari 1955 kwam de heer Jungschlager voor. Niet lang hierna onstonden de moeilijkheden met mr. Bouman, die uiteindelijk uitweek. Intussen had mr. Boegheim in verband met de werkzaamheden op kantoor en als verdediger in het proces Bagdjanegara, zich teruggetrokken als verdediger van de heer Schmidt. Toen op 7 Maart 1955 weer een aanvang werd gemaakt met het proces tegen dé heer Schmidt, trad als rechter op de heer Rochjani en als verdediger mevrouw Bouman. De zaak werd geheel opnieuw in behandeling genomen. De heer Schmidt werd, zoals bekend, op 18 December 1953 aangehouden. --- De nieuwe leden van de Katholieke studentenvereniging ,,Gerakan Mahasiswa De nieuwe leden van de Katholieke studentenvereniging ,,Gerakan Mahasiswa Katholik” te Djakarta werden Woensdagavond ontgroend. Al dansende hadden de .groentjes een dot in de mond. --- Kolonel Simbolon chef-staf van de landmacht? De regering heeft besloten om kolonel Sinibolon, de commandant van het eerste territorium (Noord-Sumatra), tot chef-staf van het Indonesische leger te benoemen, aldus vernam het dagblad „Indonesia Raya’’ van gewoonljjk betrouwbare kringen. Volgens „Indonesia Raya”, zou president Soekarno zelf reeds zijn goedkeuring aan de benoeming van kolonel Simbolon gehecht hebben, zulks in tegenstelling met het standpunt, dat hij innam voor de 27 Juni' affaire. Zoals bekend, wees president Soekarno toen de benoeming van kolonel Simbolon tot chef-staf van de hand, en gaf de wens te kennen om kolonel Bambang Utoyo hiervoor aan te stellen. Kolonel Simbolon zal bevorderd worden tot de rang van generaal-majoor en naar „Indonesia Raya’’ vernam, zal hij met ingang van 5 October zijn functie aanvaarden. Van kringen, die dicht bij het kabinet-Harahap staan, vernam het blad voorts nog, dat de benoeming van kolonel Simbolon tot chef-staf in overeenstemming is met het Jogjahandvest en ook met het beleid van het kabinet Harahap fn de afwikkeling van de legef-kwestie, wat op basis van het Jogja-handvest geschiedt. Nog geen officiële verklaringen Ten aanzien van het bericht, dat kolonel Simbolon benoemd zal worden tot chef-staf van het leger, is er nog geen officiële bekendmaking uitgegeven. Niemand der hoge functionarissen wenste dit bericht te bevestigen of te ontkennen. In gewoonlijk welingelichte kringen deelde men mede, dat, indien de ministerraad haar volledige goedkeuring heeft gegeven aan de benoeming van kolonel Simbolon, de president de benoeming van kolonel Simbolon en zijn bevordering tot generaal-majoor zeker zal goedkeuren. --- Arudji wenst verdragen te annuleren De vice-voorzitter van het parlement en voorzitter van het executieve :omité van de PSII, Arudji Kartawinata, verklaarde in Padang, dat de vertraging in het scheppen van een welvarend Indonesië na tien jaren onafhankelijkheid een gevolg is van de RTC-overeenkomst, die de Republiek Indonesië vastbindt en de Nederlanders bevoordeelt. De afwezigheid van een compacte nationale eenheid vertraagt de terugkeer van West-Irian tot het grondgebied van Indonesië en de bezetting van West-Irian door de Nederlanders kan op elk moment een grote ramp veroorzaken door de aanwending van dit gebied als basis van bun land-, zee- en luchtstrijdkrachten voor een aanval op Indonesië. Arudji verklaarde voorts, dat om de verlangde welvaart te verwerven, genoemde bindende verdragen volledig geannuleerd dienen te worden. Om dit te kunnen doen is een hechte nationale eenheid nodig. Tenslotte onthulde Arudji, dat de PSII aan het kabinet Harahap heeft deelgenomen met de bedoeling er toe te zien, dat de algemene verkiezingen niet worden vertraagd. --- Vice-premier Harsono sprak over „politieke bandieten” Maandag heeft de politie in het kader van de bestrijding van de corruptie een huiszoeking gedaan bij een bekende zakenman in Surabaja. Een aantal boeken en andere documenten zijn in beslag genomen. In verband met het onderzoek kan de naam van de betrokken zakenman nog niet gepubliceerd worden. Aan de betrokken persoon is door de politie medègedeeld, dat hij zich te allen tijde ter beschikking van de politie moet stellen. Pati Uit Kudus meldt P.I.A., dat het hoofd van de dienst voor industrie in de residentie Pati, R. Mudajat, op 3 September in het kader van de bestrijding van de corruptie gearresteerd is. Hij werd om 23.30 -uur door de CPM uit zijn huis in Kudus gehaald. Tot laat in de middag werd zijn huis bewaakt daar de CPM, alle kasten werden verzegeld, terwijl direct de volgende morgen R- Mudajat weer naar zijn woning gebracht werd voor de huiszoeking, waarbij diverse boeken en waardevolle goederen i-n beslag zijn genomen. In verband met deze arrestatie werden door de CPM ook in beslag genomen een auto merk Ford Consul model 1952 ter waarde van Rp. 125.000,—. toebehorende aan de gearresteerde. Verder zijn ook in het belang van het onderzoek drie kwitanties ten bedrage van Rp. 75.000,—, Rp. 50.000 en Rp. 35.000 in beslag genomen. Banjuwangi Ook in Banjuwangi zijn enkele arrestaties verricht op grond van de verdenking van het plegen van corruptie. Volgens „Pewarta Surabaja’’ is o.a. gearresteerd Mochtar, directeur van „Soponjono-Veem”, in verband met een rijstkwestie. Voorts is gearresteerd Mudassir, leider van de Serikat Tani Islam Indonesia en lid van de kabupatenraad van Banjuwangi. Deze arrestatie houdt vermoedelijk verband met een padi-opkoop-affaire. „Pewarta Surabaja” meldt verder, dat in de desa Karangredjo in Banja- wangi negen lslamietiscne geestelijKen zijn gearresteerd, die zich hebben uitgegeven voor Nabi s -(profeten) en voornemens waren zonder vergunning een organisatie te stichten. „Saneringsproces” De „Java Post’ spoort de politieke partijen aan, om de door de regering en de staatsapparaten genomen maatregelen tegen corrupte personen positief te steunen en deze maatregelen te beschouwen als een waardevolle bijdrage voor de partijen, waarvan de corrupte personen lid zijn. De arrestatie en de berechting van deze mensen helpt de partijen zuiveren van alle parasieten, die alleen maar de naam en de eer van de betrokken partijen schaden. Vooral met het oog op de algemene verkiezingen dienen partijen, waarvan leden gearresteerd zijn op beschuldiging van corruptie ten nadele van de staat en het volk, deze zuivering te zien als een natuurlijk saneringsproces. Hierdoor zullen deze partijen eerlijke en zuivere leiders als candidaten naar voren kunnen brengen, aldus de „Java Post ’. „Politieke bandieten’’ Op een door de P.S.l.I. gehouden massa-bijeenkomst op het plein voor de moskee in' Malang gaf vieë-premier Harsono Tjokroaminoto een uiteenzetting over o.m. de door de regering gehouden corruptie-bestrijding. Hij zei, dat er iemand is die in zes maanden tijd 18 millioen rupiah binnen heeft kunnen halen. Dat gebeurt nergens anders ter wereld, zeide de vicepiremier. Voorts zei de vice-premier, dat de voornaamste bron van de corruptie het K.P.U.1. was en andere diensten, die te maken hebben met de economie. Daarom heeft de regering het K.P.U.1. bevroren. Vice-premier Harsono zei ook ervan overtuigd te zijn. dat er hier te lande nog satellieten van kolonialen als Van der Plas en Van Mook zijn. Er zijn er zeker, die politieke bandieten zijn geworden en zich niet om de belangen van het volk bekommeren, zo zei hij. --- Verkiezingen worden toch op 29 September gehouden De ministerraad heeft zijn op Dinsdagavond onderbroken zitting, ter bespreking van kwesties rondom de komende algemene verkiezingen, op Woensdagavond voortgezet. De zitting van Woensdagavond duurde tot ongeveer twaalf uur ’s nachts. Na de zitting werd geen communiqué uitgegeven. Desgevraagd verklaarde de minister van Voorlichting, dat de algemene verkiezingen toch op 29 September a.s. plaats zullen vinden; in principe zullen zjj in alle gebieden in Indonesië tegelijkertijd worden gehouden. De kabinetszitting van Dinsdagavond duurde tot circa 01.45. Onderwerp van bespreking was de kwestie van de uitvoering der algemene verkiezingen. Aan de vergadering hebben ook deelgenomen de plaatsvervangend chefstaf van het leger, kolonel Z. Lubis, het hoofd van de staatspolitie Sukamto, de chef van de centrale D.P.K.N., hoofdcommissaris Umar Chatab, hoofdcommissaris Rijadi en adjuncthoofdcotnmissaris Suprapto van het Bureau Veiligheid. De secretaris van de ministerraad, mr. Abdulwahab, kwam pas op de vergadering, nadat de leden van de raad voor de veiligheid de zitting hadden verlaten. Na afloop van de kabinetszitting legde de minister van Voorlichting, Sjamsuddin St. Makmur, geen officiële verklaring af. Hij zeide alleen, dat het kabinet de rapporten van de commissie ad hoe voor de algemene verkiezingen heeft besproken en in verband hiermede de kwestie van de veiligheid. --- Hoofd dienst industrie M.-Java gearresteerd Strijd tegen de corruptie Woensdagochtend hebben de C.P-M. en de Semarangse politie een onderzoek ingesteld in het kantoor van de dienst voor de industrie Midden-Java (Djawatan Perindustrian Djawa Tengah). Het hoofd van genoemde dienst, de heer Soekatmo, is aangehouden op beschuldiging corruptie te hebben gepleegd. Tijdens het onderzoek in genoemd kantoor werd de ambtenaren verboden het kantoor binnen te treden. Zjj kregen de instructie op het erf van het gebouw te wachten. • Een aantal documenten uit het kantoor is in beslag genomen. Nog geen bewijzen Na de overrompelende arrestaties in Djakarta en Surabaja stelt men in Medan de vraag: „Wanneer komt men ook in Medan tot arrestaties?” In verband met deze vraag verklaarde men in politiekringen, dat de vraag eigenlijk overbodig is, daar het de taak van de politie is, waar en wanneer ook, maatregelen te nemen tegen alle soorten van ongerechtigheid, dus ook tegen corruptie, aldus meldt de correspondent van P.I.A. uit Medan. Op een vraag of men in Medan, evenals in Djakarta, spoedig zal overgaan tot het nemen van krachtige maatregelen, verklaarde men het volgende: „Op dit ogenblik kunnen wij nog niets ondernemen, daar wij nog niet over voldoende bewijzen beschikken, om over te gaan tot krachtige stappen. Maar geloof ons, wij beschikken over de gegevens en inderdaad hebben wij ook een lijst van namen en f wanneer de tijd daar is, zullen ook wij ^ onze maatregelen nemen zonder aan- g zien des persoons. Doch wij kunnen n niet roekeloos te werk gaan”. fc „Wacht maar aF’ tl Desgevraagd verklaarde men verder, dat ten aanzien van arrestaties t de politie niet eerst instructies van é de procureur-generaal hoeft af te r wachten, doch gemachtigd is geëigende maatregelen te nemen. Ten aanzien van overtredingen van I economische bepalingen werd gezegd, dat de politie steeds een oog in het zeil houdt, en dat thans reeds een aantal processenverbaal zijn opgemaakt. „De sensationele arrestaties in Djakarta stellen onze stappen ter plaatse in de ‘ schaduw en worden niet opgemerkt, [ doch wacht maar tot de zaken voor de rechtbank worden voorgebracht”. ( aldus de politie, die verder zeide, j „dat de rechtsgedingen weldra zullen komen, zodra de economische rech- ^ ter er is”. | Ten aanzien van de terreur in ( Atjeh verklaarde men, dat deze 1 doorgaat, in tegenstelling tot de genichten, als zouden de bende-activiteiten, als gevolg van het ontstaan j van het nieuwe kabinet, thans ver- | minderd zijn. ( --- Nieuwe arrestatie in Surabaja Woensdag is de heer Sudjito. ambtenaar van de Inspeksi Djawatan Perindustrian Djawa Timur (dus ondergeschikte van de eerder aangehouden Sumidjan. hoofd van de Inspeksi Djawatan Perindustrian Djawa Timur), gearresteerd. Hij zou betrokken zijn in hetgeen Sumidjan tenlaste wordt gelegd, t.w. het plegen van corruptie. De „Java Post" weet te melden, dat verschillende ondernemers in de stad Surabaja de laatste tijd moeilijk te ontmoeten zijn. Het antwoord van hun employé’s op vragen, waar hun werkgevers zich zouden bevinden, is veelal, dat deze de stad uit zijn. Ir dit verband wordt gemeld, dat een zekere L. S. L.. een bekende handelaar in Surabaja er lid van een grote politieke partij, de aandacht op zich gevestigd heeft door te „vluchten” naar bel buitenland. --- Silas Papare Volk van West-Irian wenst geen kolonialisme Silas Papare, parlementslid en na van het Bureau Irian, heeft aan de pers in Djakarta verklaard, dat de pogingen van de Nederlandse gouverneur van West-Irian, om adviesraden te vormen, op een mislukking zijn uitgelopen. Op 9 Augustus j.1. heeft de Nederlandse gouverneur van West-Irian namelijk het besluit genomen, om in de steden Hollandia, Manokwari en Sorong Doom deze adviesraden in te stellen. Verder zouden ook raden gevormd worden voor de onderafdelingen Serui-Japan, de gebieden van Noord- en Zuid-Biak, Supiori en Bosnik in de onderafdeling Schouteneiland. Het volk van West-Irian verzet zich tegen de leden van deze raden, daar ze niet langs democratisch-parlementaire weg, doch onder dwang werden gekozen. Kolonialisme De Nederlandse regering heeft nog een andere maatregel genomen om het kolonialisme in West-Irian te handhaven, door de permanente vertegenwoordigers in de V.N., t.w. dr. Emilio Nunez Portuonde van Cuba en dr. Francisco Urutia van Colurnbia, vergezeld van de 1ste secretaris van de Nederlandse ambassade in Spanje, mr. Van Heemstra, uit te nodigen, de steden Hollandia. Biak en Manokwari te bezoeken. Doch deze gasten werden door het volk van West-Irian met koelheid ontvangen. Velen verstopten zich, toen het gezelschap arriveerde, of sloegen de gasten slechts van een grote afstand gade. Amerikaanse steun Amerika heeft aan de Nederlandse regering 15 watervliegtuigen overgedragen in het belang van de verdediging van het Nederlandse kolonialisme in West-Irian en om de nationale beweging van het volk van dit gebied té onderdrukken. Voor de bediening van deze vliegtuigen werden 26 leden van de Nederlandse marine opgeleid, terwijl er nog meer zullen volgen. De vliegtuigen Zijn van het type BPM-5A en hebben de naam „Martin Mariner”, aldus S. Papare. --- Voorbereiding details der verkiezingen De Gerwani afdeling Djomblang eeft dezer dagen een comité opgeicht dat tot taak zal hebben een z.g. inderbewaarplaats op te richten tijlens de verkiezingen. Het doel is de noeders in de gelegenheid te stellen iet stemmen bij de verkiezingen op ustige wijze te doen. Hun kinderen .unnen zij dan bij .genoemde kinderlewaarplaats zolang in verzorging ;even. Naar P.I.A. van officiële zijde verlam. heeft het verkiezingscomité van le stad Surabaja besloten om schoieren van de S.M.A. en studenten als ïulpkrachten voor de handhaving van ie orde en veiligheid bij de algemene verkiezingen te mobiliseren. Op elk temkantoor (Tempat Pemungutan Suara) zullen acht van de jongelui geitationneerd worden. --- Ali Sastroamidjojo over de verkiezingen Op een Maandagavond in het gebouw van de Jajasan Taman Kebudajaan te Surabaja gehouden openbare vergadering van de B.N.I. zeide ex-premier Ali Sastroamidjojo o.m., dat de PN1 als oppositie partij niets anders te doen heeft dan voor de belangen van volk en maatschappij op te komen en ervoor te zorgen, dat het volksbelang de aandacht heeft van de regering. Over de algemene verkiezingen zeide spreker o.m. dat het tha.n, niet op zijn plaats is om elkaar aan te vallen. Wij dienen allen er voor te zorgen dat de algemene verkiezingen op de vastgestelde tijd uitgevoerd kunnen worden, aldus mr. Ali. --- Patil: „Indonesiërs zijn onze goede vrienden" Indiase politicus over W.-Irian S.K. Patil, lid van het Indiase parlement, tevens president van het Bombay Congress, president van de Brihad Bharatiya Samaj (Indiase Overzese Liga) en president van de Indian Motion Pietures Producers’ Association, verklaarde aan PIA, dat zijn bezoek aan Indonesië verband houdt met de Indiase Overzese Liga, welke de belangen behartigt van de 5 millioen Indiërs in ongeveer 50 landen. Deheer Patil is Dinsdag in Djakarta aangekomen. Zijn taak is voornamelijk, de Indiërs in het buitenland te verzoeken, goede nationalisten te zijn en goede ingezetenen van het land, waar zij verblijven, alsmede de politiek van premier Nehru te steunen. „Wij zijn in India verheugd, dat de Indonesiërs onze goede vrienden zijn. Wij hebben dezelfde doelstellingen en hebben derhalve Indonesië geëerd door Bandung te kiezen als zetel van de A.A.-conferentie”. De heer Patil zei verder, dat hij reeds enige partijleiders ontmoet heeft en dat hij de indruk heeft gekregen, dat er in Indonesië te veel partijen zijn. Bij een twee-partijen systeem zou een neiaeroer beeld verkregen kunnen worden en derhalve zou een vermindering van het aantal partijen raadzaam zijn. „Dit is de beste manier voor de democratie”, aldus Patil. ..Wij in India hebben ook te veel partijen en zien dit niet gaarne”. Goa en Irian Gevraagd omtrent de Goa-kwestie, vertelde Pati], dat Goa binnen twee jaar een integraal gedeelte van India zal vormen, want het maakt deel uit van India. „We willen geen geweld, we willen dit doen langs vreedzame methoden met de zegen van God en de sympathie der mensen”. T.a.v. het Irian-probleem geloofde de Indiase politicus, dat Irian zelf zou bepalen wat het wil. Hij is van mening, dat het er de voorkeur aan zou geven binnen het Indonesische rijk te komen. S. K. Patil zal slechts kort in Indonesië vertoeven, aangezien hij op 9 September het Ali Ceylon-India Congress in Colombo moet bijwonen. Voor zijn komst naar Indonesië heeft hij Burma, Thailand, Zuid-Vietnam en Malakka bezocht. ---