Koning Ibn Saud naar Indonesië Koning Ibn Saud van Saudi-Arabië zal op 7 augustus een staatsiebezoek van tien dagen brengen aan Indonesië op uitnodiging van de Indonesische regering. Dit bezoek is een tegenbezoek voor het bezoek dat president Soekarno vorig jaar aan Saudi Arabië heeft gebracht. Koning Ibn Saud zal in Indonesië o.m. de viering van de onafhankelijkheidsdag op 17 augustus meemaken. Hij zal vergezeld worden door 40 personen, onder wie 5 prinsen, 2 koninklijke adviseurs,. 3 voorzitters van de Koninklijke Raad. 1 generaal 6 kolonels, 3 ceremoniemeesters en ambtenaren van het protocol en 2C andere begeleiders. Het bezoek duuri van 7 tot en met 17 augustus. --- Universiteitsstad bij Bukittinggi Regent Harus Alrasjid, die in zijn hoedanigheid van voorzitter van het comitee tot de oprichting van een medische en wis- en natuurkundige faculteit in Baso (Tl km van Bukittinggi in de richting van Pajakumbuh) nadere besprekingen heeft gevoerd met betrokken instanties in Djakarta, verklaarde aan PIA, dat hij van de regering voor de bouw van localiteiten van genoemde faculteiten voor dit jaar Rp. 6 miljoen toegezegd heeft gekregen. Ir. Pramudji van ’s lands gebouwendienst van bet ministerie van openbare werken en energie zal naar Baso vertrekken voor de eerste werkzaamheden ter uitvoering van dit plan, terwijl ook bezoek verwacht wordt van de minister van openbare werken en energie zelf na diens inspectie in Noord-Sumatra. Baso in de toekomst Volgens regent Harun Alrasjid ligt het in de bedoeling om van Baso een hele universiteitsstad te maken in het raam van een vijf- a tienjarenplan, waarvoor naar raming een bedrag benodigd is van Rp- 150 miljoen voor de bouw van de complexen plus de internaten voor 5.000 studenten --- Directoraat economische betrekkingen Premier Ali Sastroamidjojo, als minister van buitenlandse zaken a.i, reikte maandag tijdens een korte plechtigheid op het ministerie van buitenlandse zaken diploma's uit aan 25 studenten van de Akademi Dinas Hubungan Ekonomi Luar Negeri fADHEIN), die de driejarige studie met goed gevolg hebben doorlopen. De premier wees in een korte rede op het belang van de taak die voor de afgestudeerden ligt, er de nadruk op leggend, dat Indonesië een dringende behoefte heeft aan deskundige krachten voor het contact met de internationale economische wereld. De plechtigheid werd o.m. bijgewoond door vice-minister van economische zaken Umbas, de acting secretaris-generaa] van het ministerie van buitenlandse zaken, dr. Subandrio, mr. Kami, het hoofd van de AD HEIN, en andere functionarissen van het ministerie van buitenlandse zaken. De afgestudeerden zullen worden tewerkgesteld op het directoraat internationale economische betrekkingen om geleidelijk aan, naar gelang de behoefte, in het buitenland geplaatst te worden als commercieel attaché. Van de 31 candidaten werden er 6 afgewezen. De namen der 25 geslaagden zijn: Alirachmat Prawira di Nata, Bambang Sutisnjo, I. Gusti Ngurah Santawirja, E. Suihardy, Sanadji, Oetarjo Soetarjodinoto, Hadi Soetarso, Muslim, L. Sumatri, Samsi, Yuda, Jasin, Tobing, Sukirno, Muljadi, Toman Hutagaiung, Irawan, Pudjikuntarso, Suripto, Sajogo, Muharam, Mardanus. Jacob Piay, Soeharto. Op het ministerie van buitenlandse zaken heeft premier mr. AH Sastroamidjofo aan 25 geslaagde studenten van de Akademi Dinas Hubungan Ekonomi Luar Negeri de diploma’s uitgereikt. Op de foto: een der studenten ontvangt uil handen van de premter zijn diploma. --- Ampliiebisciie oorlogvoering in Ine onesie „De geografische gesteldheid van Indonesië vraagt onze speciale aandacht voor de verhoging van onze kennis in de amphie-bisohe oorlogsvoering”, aldus verklaarde kapitein ter zee Ali Sadikin, de kommandant van het opleidingscentrum van het Korps kommando van de Indonesische zeemacht (ALRI) in Surabaja aan de pers. Hij voegde er aan toe, dat deze oorlogsvoering inhoudt het uitvoeren van landingen van zee uit- Verwijzende naar de ervaringen, o-pgedaan tijdens de operaties, die gehouden werden om de verzetsaktie van de voormalige kapitein Andi Aziz te onderdrukken en de landingen die uitgevoerd zijn voor de onderdrukking van de opstand van de ,,RMS” in de Molukken. legde kapitein Sadikin er nogmaals de nadruk op dat de Indonesische strijdkrachten grote aandacht aan deze amphiebisohe oorlogsvoering dienen te besteden. „Bij deze operaties hebben wij een grote militaire macht ingezet, doch technisch is het niet te verantwoorden, doordat wij ten achter zijn wat betreft de organisatie van een amphiebisohe oorlogsvoering”, aldus kapitein Sadikin. Hij verklaarde verder dat de oprichting van het Korps Komando van de ALRI (KKO) in 1951 ten doel had, de organisatie van de strijkrachten voor deze oorlogsvoering op een hoger peil te brengen. „Dit onderdeel van de strijdkrachten heeft, in verband met zijn taak, de eigenschappen van de drie machten (land-, zee- en luchtmacht) en veel technische kennis is vereist, omdat deze krijgskunst tot de ingewikkeldste behoort”. Onderhoud Korps Konimando Het onderhoud van het Korps Kommando van de ALRI ondervindt op dit. ogenblik volgens kapitein Sadikin nog vele moeilijkheden, doch deze moeilijkheden kunnen overwonnen worden, zodra er een defensiewet tot stand zal zijn gekomen, die een afbakening geeft van de taken van de drie machten. Deze wet is nodig voor de integrale ontwikkeling van de strijdkrachten en om#te voorkomen, dat de drie machten naar hun eigen goeddunken te werk gaan. Het opleidingscentrum van het Korps Kommando van de ALRI in Surabaja geeft, naast de opleiding van nieuwe krachten, ook herscholingen aan leden van het korps. De opleiding voor zee-officieren wordt gegeven aan het Instituut voor de Zeemacht (Instituut Angkatan Laut) in Surabaja. De instrukteurs van het KKO opleidingscentrum bestaan uit Indonesische officieren, die in het buitenland hun opleiding hebben genoten. Vier lichtingen zijn door dit opleidingscentrum reeds afgeleverd; de officieren zijn thans verspreid over de maritieme • gebieden in Indonesië. --- Straalvliegtuig voor G.I.A. ? Een vliegtuig van de Vickers Viscount Coy. is maandag op het vliegveld Kemajoran geland op zijn vlucht van Londen naar Australië. Dit vliegtuig, dat in Engeland is gebouwd, wordt voortbewogen door straalaandrijving (turbo-propellers), • Het was de eerste keer dat een vliegtuig van dit type in Djakarta landde. Dit toestel kan 65 personen vervoeren en een snelheid bereiken van 1.300 km per uur. De president-direkteur van de Garuda Indonesian Airdays, ir. Sutoto, maakte de vlucht met het toestel tot Den Passar mee. Naar van de vertegenwoordiger van de Vickers Viscount Coy., de heer H. Sharp, werd vernomen, zullen in de naaste toekomst met de GIA besprekingen worden gevoerd inzake een eventuele aankoop van dit type vliegtuigen door de Indonesische luchtvaartmaatschappij. De kosten van een Vickers Viscount vliegtuig van dit model bedragen 400.000 pond sterling (d.iomgerekerid tegen de officiële koers Rp, 12.800.000.—). Op het ogenblik zijn er twaalf luchtvaartmaatschappijen in het buitenland die gebruik maken van dit type vliegtuigen. Het in Kemajoran gelande vliegtuig, dat bestemd is voor de Trans Australian Airlines, is na een oponthoud van een uur doorgevlogen naar Den Passer. Op Kemajoran landde onlangs een straalvliegtuig van de Vickers Viscount Coy. Het was het eerste vliegtuig van dit type, dat ooit op Kemajoran arriveerde. Op de foto: ir. Soetoto, directeur van de G.I.A., met enige leden van zijn staf, die met het vliegtuig meereisden tot Den Pasar. --- P.N.I. wenst functie gouverneur van Bank Indonesia De algemeen voorzitter van de P.N.I., S. Mangunsarkoro, verklaarde woensdag aan de pers, dat het in de lijn ligt, dat de functie van gouverneur van de Bank Indonesia toegewezen wordt aan de P-N.I., daar deze partij nog geen vertegenwoordiger heeft in de Monetaire raad. terwijl dit wel hét geval is met de Masjumi en de N.U. Mangunsarkoro verklaarde verder dat voor genoemde funktie een deskundige en ervaren kracht moet worden aangesteld, daar de gouverneur van de Bank Indonesia, als lid van de Monetaire raad, ook deelneemt aan de vaststelling van de politiek van de staat op monetair terrein. Op het ogenblik zitten als leden in de Monetaire raad twee vertegenwoordigers van de Masjumi, t.w. mrJusuf Wibisono en mr. Sjafruddin Prawiranegara, en een veitegenwoordiger van de N.U., t.w. mr. BUrhanudin. De P.N.I., die thans ook verantwoordelijk is voor het orieid van de regering, zo niet gezegd „an worden dat deze partij een voorname rol speelt in de huidige regering, moet dus ook een vertegenwoordiger hebben in de Monetaire raad, die tevens de leiding van de Bank Indonesia in handen moet hebben. De P.N.I- heeft voor deze funktie een deskundige en ervaren kandidaat in de persoon van mr. Lukman Hakim. Ten slotte verklaarde Mangu.1sarkoro, dat indien later een vakature openkomt voor direkteur van de Bank Indonesia, deze funktie ook vervuld moet worden door een deskundige kracht, en niet door „de eerste de beste” persoon. --- Ondernemingsarbeiders gearresteprd Dezer dagen werden IV* ari-eidets van de tabaksonderneming Batang i Kwis, circa 15 km ten zuiden van j Medan, door de politie gearresteerd , en in Tandjong Morawa in voorarrest gezet. Zij zijn sohuldig bevonden, de gebruikte tabaksgronden, die door de onderneming zijn vrijgegeven en inmiddels verdeeld zijn onder de op de zogeriaamde „tanah djaluran” recht hebbende bevolking, onrechtmatig te hebben willen bezetten. --- Import van films Het Biro Devisen rerdagangan (Handelsdeviezenbureau) maakt bekend, dat inzake de goederen die uitsluitend door nationale importeurs mogen worden ingevoerd, ten aanzien van belichte films voor cinemafotografisohe vertoningen, met uitzondering van z.g. blue-prints, nader is bepaald, dat dit slechts geldt voor de import van films op „flat”-basis, zodat de niet nationale importeurs, die hun films importeren op „recette”basis (K.U.R.N.I.), het recht behouden o»n deze fiims op de gebruikelijke wijze in te voeren. --- Herdenking van dr. Ratulangi Op initiatief van de KRIS (Kebaktian Rakjat Indonesia Sulawesi) werd zaterdagavond de sterfdag herdacht van dr. G. S. S. J. Ratulangi, een nationale vrijheidsheld. Dr. Ratulangi stierf op 30 juni 1949. Hij behoorde o.m. tot de groep die de Indonesische onafhankelijkheid proclameerde en stond bekend als een vurig nationalist en onafhankelijkheidsstrijder. Na de proclamatie van de Republik Indonesia in 1945 werd hij aangesteld tot eerste gouverneur van Sulawesi. Op de herdenkingsbijeenkomst die in het testaurant Garden Hall werd gehouden, en waar o.m. premier Ali Sastroamidjojo, vice-minister van economische zaken, Umbas, oud-gouverneur van Maluku mr. Latuharhary en vele vooraanstaande Minahassers, vrienden en kennissen van wijlen dr. Ratulangi en leden van Minahassische gemeenschap in Djakarta. aanwezig waren, werd door verschillende sprekers een schets gegeven van de verdiensten van de overledene. Op deze bijeenkomst werd besloten een resolutie te overhandigen aan het gemeentebestuur van Djakarta Raya, om de djalan Asam Baru waar dr. Ratulangi is gestorven de naam te geven van dr. Sam Ratulangi. Burgemeester Sudiro die op deze bijeenkomst zou spreken deelde in een brief mede, verhinderd te zijn. Hij deed voorts in deze brief bet voorstel dat de regering verzocht zal worclen om het huis in Makassar waar dr. Ratulangi woonde toen hij gouverneur was van Sulawesi ter beschikking te stellen als een soort museum waar alle geschriften, uitspraken etc. van dr. Ratulangi bewaard zullen worden. --- CHR. H.B.S- TE DJAKARTA Geslaagd voor het eindexamen-A: Ruby le Duc. Grace Khouw, Tineke Leunissen, Lien Liem, Hans Lim, Oen Kiong Tjoan en Albert Woewoengan. Afgewezen: Geen. Geslaagd voor het eindexamen-B: Ang Hin Liang, Ted Bangert, Piet van Berkum, Charles Gerrits, Ismail Ibrahim, Koo Siu Ling, Jany Lie, Rudy Liem, Ineke Lim, Brüce Pelupessy, Sjahruzad Sjahrudin, Tan Djoen Swan, Tan Kiem Tjoe, Thung Ing Sjoen en Thung Tjiang Ling. Afgewezen: Drie. --- Volgens uit Toli-toli ontvangen berichten, heelt de politie daar enkele dagen geleden 14 prauwen van smokkelaars aangehouden, die copra wilden vervoeren. De politie heeft de zaak nader in onderzoek. --- Parlement over locale raden in overgangstijd Het parlement heeft maandag een | lanvang gemaakt met de behandeling j van het initiatiefvoorstel van dr. Isa j :.s. inzake de vorming van regionale : volksvertegenwoordigende raden in j overgangstijd. De zitting begon om 11.15 uur en werd bijgewoond door 161 parlementsleden. Voorzitter mr. Sartono leidde de vergadering. Van regeringszijde waren aanwezig de minister van binnenlandse zaken mr. Scenario, de minister van ekonomisehe zaken mr. Burhanuddin, de minister van staat voor veteranenaangelegenheden Dachlan Ibrahim en de minister van staat voor algemene zaken Rusli Abdulwahid. Door enige fracties in het parle- i ment zijn zes amendementsvoorstellen in gediend. Peris Pardede | Het lid Peris Pardede (PKI) gaf I een uiteenzetting van de redenen j waarom hij het voorgestelde wetsont- j werp met de amendementen niet kon aanvaarden. Hij verklaarde dat het oorspronkelijke wetsontwerp veel beter was dan het op vrijdag j.1. gewijzigde ontwerp. Het eerste wetsontwerp bepaalt, dat de raden in overgangstijd in heel Indonesië gevormd zullen worden, terwijl het gewijzigde ontwerp de provincies Sulawesi, Maluku en Nusa Tenggara hiervan uitsluit. Het eerste ontwerp baseert voorts de vorming van de raden op de resultaten van de algemene verkiezingen voor de Konstituante, terwijl het gewijzigde ontwerp deze baseert op de algemene verkiezingen voor het parlement, Amendementen Het lid Imam Sutardjo (Partai Buruh) diende namens zijn fraktie en de frakties PRI, PRIM, PRI, Murba, PIR-Hazairin, Nasional Progressif, DPRD en Acoma verschillende amendementen in. Deze amendementen houden in, de gelegenheid te geven aan de kleine partijen om ook vertegenwoordigd te zijn in de raden in overgangstijd door vaststelling van het minimum-aantal van de wettige stemmen die door deze partijen en organisaties zijn behaald.^ Elke partij of organisatie die dit minimum aantal heeft bereikt dient een zetel te krijgen. Dit minimum aantal is voor het kiesgebied van de provincie of van gebieden die op dit niveau staan, 10.000 stemmen, voor een regentschap 2.000 stemmen en voor kleine steden 1.000 stemmen. Het lid Soejaningpradja (N.U.) stelde namens zijn fraktie amendementen voor, die betrekking hebben op redaktionele wijzigingen. Het lid Ahmad Dara Sjaharuddin (Masjumi) stelde voor om in de administratieve gebieden waar geen DPRD meer bestaat, ook regionale raden in overgangstijd te vormen. Het lid H. Senduk van de Parkindo verklaarde, dat hij in principe geen bezwaar heeft, dat het voorgestelde wetsontwerp ook van kracht zal zijn in de gabieden die niet vallen onder de werking van de regeringsiverordening van 1950 No. 39, onder voorwaarde, dat de termijft . van de regionale raden in overgangstijd en de bestuurskolleges niet langer is dan een jaar. C.A.S.-LYCEUM EINDEXAMENS Afd. Gymnasium (Alpha): Poppy Slamet. Afgewezen: geen. Afd. Gymnasium (Bèta): Bea van Elten, Lilly Nienbuis, Mieoeke Weinreb. Afgewezen: geen. Afd. H. B. S-A: Henk ten Broecke, Didi Kami, Joyce van Krieken. René Latenstein van Voorst, Jenny Manuputty, Elly Moerman, Han Ong, Rein v.d. Sar, Trautie Sigmund, Wim Vredevoogd. Afgewezen: 3. Afd. H B.S-B: Nita Adinegoro. Xander Bax, Jan Boellaard van Tuyl, Ine Broere, Wesley de Bruyn, Juda Khazam, Liem Tiong Hoo, Teddy Oei, Flora Oen, Boeti Tadjoedin, Phoa Yan Eng, Tan King Han, GeorI ge Oey. Liza Rassad. Afgewezen: 1. --- Regeling opvanging bendeleden die zich hebben overgegeven Preventieve zijde van oplossing probleem der veiligheid De woordvoerder van ds landmacht, luitenaut-kolonel R. Pirngadie, heeft inzake de opvanging van gewapende benden, die zich aan de staatsapparaten hebben overgegeven, de volgende verklaring afgelegd: De regering heeft reeds op duidelijke wijze te kennen gegeven, dat tegen benden, die gewapenderhand de orde en rust verstoren, maatregelen zullen worden genomen volgens de in het land geldende wetten. Doch de regering besteedt ook haar volle aandacht aan de preventieve zij* de van het vraagstuk, in het kader van de snelle afdoening van het veiligheidsprobleem, zodat indien van de zijde van de gewapende benden het verlangen kenbaar wiordt gemaakt, dat ze weer in de normale maatschappij wensen terug te keren, de gelegenheid daartoe voor hen nog steeds bestaat. In dit verband zal de regering de nodige stappen nemen, zowel op materieel als op ideëel terrein om de betrokkenen te vrijwaren van een verdere dirük van hun organisaties. Ingeval ze bereid zijn om zich aan j de staatsapparaten over te geven, is de regering de mening toegedaan, dat ze een goede behandeling moeten genieten in overeenstemming met de bestaande wetten. Nationale taak Deze gedragslijn ten aanzien van de gewapende benden werd vastgesteld op een bijeenkomst op het presidentiële paleis op 3 december 1955 tussen de Twee-eenbeid, de regering en de chefs van de staven van land, zee en luchtmacbt. Dit beleid is verder zoals reeds eerder door de regering is bekendgemaakt, door de Indonesische volksvertegenwoordiging bereids goedgekeurd, zodat de uitvoering hiervan niet alleen een plicht is van het leger, maar een nationale taak is geworden. Persoonlijke gevoelens of groepsbelangen moeten daarbij terzijde gezet worden terwille van het streven om zo spoedig mogelijk de veiligheid in heel Indonesië te herstellen volgens de gedragslijn die door het Indonesische parlement is goedgekeurd. En reeds zijn er gevallen waarbij verschillende gewapende benden tot inzicht zijn gekomen en weer teruggekeerd zijn naar de normale samenleving; er zijn er zelfs, die hun krachten dienstbaar willen maken aan het herstel van de binnenlandse veiligheid. Voor hun opvanging zijn door de regering konkrete stappen genomen, die in overeenstemming zijn met de bovengenoemde gedragsregel. In dit verband kan het volgende naar voren worden gebracht: a. Deze tot inkeer gekomen leden van de gewapende benden zullen naar de normale maatschappij worden afgevloeid als gewone staatsburgers; b. Uit militair oogpunt is het echter bezwaarlijk, om deze personen onmiddellijk in militaire organisaties op te vangen, wat echter niet inhoudt, dat de mogelijkheid om bij de gewapende macht te dienen, voor hen voor goen gesloten Wordt, daar op grond van de militie-plicht, de wet op de vorming van een vrijwilligersleger, de regeling voor de verplichte militaire training etc. de mogelijkheid daartoe ook voor hen nog steeds open staat. De uitvoering van bovengenoemde gedragslijn heeft reeds plaats gehad in Zuid-Kalimantan en Zuid-Sulawesi- Binnenkort zullen konkreter gegevens worden verstrekt met betrekking tot de afdoening van kwesties inzake de T.K.R., Andi Makkulau, de aanhangers van de K.R.J.T., e.a. De legerleiding heeft het volste vertrouwen dat de door haar genomen maatregelen de steun hebben van de gezagsapparaten en de samenleving, aldus de verklaring van overste R. Pirngadie. --- Culturele delegaties Binnenkort zal, een culturele overeenkomst worden gesloten met Tsjechoslowakije. Voorbereidende besprekingen hiertoe worden reeds gehouden door een Indonesische delegatie, die voor dit doel in Tsjechoslowakije vertoeft. De ondertekening van de overeenkomst zal in Djakarta geschieden. Ook met de Philippijnen worden nog inleidende besprekingen gevoerd voor het aangaan van een culturele overeenkomst, aldus verklaarde men in kringen van het ministerie van onderwijs. Indonesië heeft reeds culturele overeenkomsten met Thailand, Egypte en India. Voorts worden besprekingen gevoerd met verschillende AA-landen voor het sluiten van een dergelijke overeenkomst, in overeenstemming met de geest van de AA-eonferentie voor een samenwerking op verschillend gebied. Binnenkort wordt een Egyptische culturele delegatie verwacht. Culturele contacten en of een uitwisseling van culturele missies waren er reeds met de Chinese Volksrepubliek, Tsjechoslowakije en India. Sinds 1953 hebben Indonesische culturele missies bezoeken gebracht aan het buitenland, zoals aan Colombo, Europa, de V.S., etc. Thans zijn er plannen voor het sturen van een culturele missie naar de Philippijnen en worden ook voorbereidingen getroffen voor een missie naar India als tegenbezoek, aldus verklaarde men in bovengenoemde kringen. Indonesië heeft thans culturele attaché’s in India, Egypte, de Chinese Volksrepubliek, Nederland en Parijs. Bij een uibreiding van dit aantal zal voorrang worden gegeven aan landen waarmee Indonesië reeds sinds lang hechte culturele banden heeft. --- Bespreking van rijstsituatic op hoog niveau Onder leiding van eerste vice-premier mr. Moh. Roem is zaterdagochtend op het ministerie van binnenlandse zaken een bespreking gehouden over de rijstsituatie. Aan deze bespreking namen deel de ministers van binnenlandse zaken, economische zaken en landbouw en voorts de gouverneurs van Midden- en Oost-Java. en een vertegenwoordiger van de gouverneur van West-Java. Mr. Roem verklaarde desgevraagd aan PIA, dat het doel der bespreking was de opkoop van beras in het binnenland te stimuleren, om te komen tot een voldoende reserve-voorraad van de JUBM. Voor dit jaar is vastgesteld, dat 700.000 ton moet worden opgekocht als voorraad die nodig wordt geacht voor de JUBM, om de prijzen te kunnen stabiliseren. Mr, Roem verklaarde, dat er naar gestreefd zal worden de prijzen terug te brengen tot het normale niveau en ze stabiel te houden. Betreffende de productie verklaarde hij, dat die dit jaar goed is geweest, zodat slechts opkoop en distributie goed geregeld moeten worden. Amerikaanse surplusrijst Mr. Roem verklaarde voorts dat bericht is ontvangen uit New York, dat van de 250.000 ton rijst die Indonesië volgens de surplusovereenkomst uit Amerika betrekt, de verscheping van 70.000 ton reeds geregeld is, zodat deze 70.000 ton omstreeks september in Indonesië verwacht kunnen worden. Voor de overblijvende 180.000 ton is een regeling getroffen betreffende het vervoer van 45.000 ton door de Djakarta Lloyd. Ook deze hoeveelheid zal nog dit jaar in Indonesië arriveren. Betreffende de verscheping van 135.000 ton zijn nog besprekingen gaande met de internationale scheepvaartmaatschappij Bunge, en de mogelijkheid is groot, dat deze lading ook nog dit jaar in Indonesië arriveert. Routine-aankopen Mr. Roem verklaarde voorts, dat de róutine-aankoop van 300.000 ton uit de V.S. ook goed loopt, en dat de verscheping hiervan reeds in orde is. Mr. Roem verzekerde dat de rijstsituatie de aandacht van de regering heeft en dat al het mogelijke zal worden gedaan, om een stijging van de prijzen tegen te gaan. --- Seminar Gadjah Mada beëindigd De eerste culturele seminar in Indonesië die door de Gadjah Mada universiteit in Jogja was georganiseerd, is beëindigd. De seminar heeft aanbevelingen gedaan om de grammatica pas in de hoogste klassen van de SMP in te voeren. Betreffende de desa-opbouw is men de mening toegedaan, dat hiervoor een speciale seminar moet worden gehouden, waaraan deskundigen van de regering, de universiteit en de maatschappij moeten deelnemen. Betreffende nijverheid doet de seminar de aanbeveling, om deze met steun van de regering te activeren, terwijl over de kunst de seminar van mening is dat er een museum voor beeldende kunsten moet komen en dat de ontwikkeling van de kunst geactiveerd moet worden. De seminar werd gehouden op verzoek van de Unesco. Twaalf personen w.o. enige hoogleraren hebben praeadviezen gegeven. --- Nationalisatie drukkerij Makassar Het comité tot het nationaliseren van de drukkerij Makassar heeft kortgeleden een delegatie afgevaardigd naar de regering en het plaatselijk be' stuur van Makassar voor nadere besprekingen betreffende genoemde kwestie. Aan de hand van de door de delegatie bereikte resultaten is op een pleno-vergaderir.g van het comitee eenstemmig besloten er bij de directie van de drukkerij Makassar op aan te dringen om gebaseerd op de door beide partijen bereikte overeenkomst, twee vertegenwoordigers van het comité op te nemen in de directie van het bedrijf. --- Wetsontwerp dienstverband voor militairen Aan het parlement is voorgeleigd een wetsontwerp inzake de regeling van het aangaan van een vrijwillig dienstverband bij dr Indonesische strijdkrachten. Dit wetsontwerp is bedoeld als gedeeltelijke uitvoering van de defensiewet en ter aanvulling van de thans bestaande reglementen over het aangaan van een militair dienstverband. In de memorie van toelichting op dit wetsontwerp wordt ondermeer naar voren gebracht, dat in de huidige fase van de opbouw van de Indonesische strijdkrachten het nodig wordt geacht om uitvoering te geven aan de bepalingen die vervat zijn in de defensie-wet van de Republiek Indonesië. In het bijzonder wordt de behoefte gevoeld om een wet in het leven te roepen, die nadere regelingen geeft inzake het vrijwillige militaire dienstverband. Dit wetsontwerp spreekt, in tegenstelling tot de defensiewet, niet van een „vrijwillige overeenkomst”, doch van een „vrijwillig dienstverband”, aangezien, laatstgenoemde term beschouwd wordt meer aan het doel te beantwoorden dan de eerste, daar elke wettige overeenkomst reeds een vrijwillig karakter heeft. Principes Bij de opstelling van dit wetsontwerp is de regering o.m. van de volgende principes uitgegaan: Degenen die dienst willen nemen bij de strijdkrachten op basis van vrijwillig dienstverband moeten van te voren op de hoogte worden gesteld van de duur van hun dienstneming bij de strijdkrachten. Tn principe mag een vrijwillige militair nooit voor onbepaalde tijd of voor zijn hele leven gebonden zijn, De regering beschouwt een levenslang dienstverband niet praktisch en niet efficiënt, daar de regering hierdoor geen voldoende vrijheid heeft, op elk willekeurig ogenblik de sterkte van de strijdkrachten te herzien. Daarnaast bestaat de mogelijkheid dat er een afzonderlijke klasse militairen zou worden gevormd, hetgeen in strijd zou zijn met de hoofdbedoeling van de defensie-wet, die aan iedere staatsburger de gelegenheid geeft, deel te nemen aan de landsverdediging. Doch omgekeerd kan geen militair apparaat met een hoog peil worden opgebouwd indien dit apparaat uit personen bestaat, die elk ogenblik de militaire dienst kunnen verlaten of slechts voor een beperkte tijd zijn gebonden. Ongehuwd In het wetsontwerp wordt voor het eerst de eis gesteld dat voor de aanneming van nieuwe militairen op vrijwillige basis slechts personen in aanmerking komen, die niet zijn gehuwd. Deze eis wordt gesteld in verband met de opleiding die de betrokkenen zullen krijgen. Uitzonderingen kunnen in bepaalde gevallen worden gemaakt door de minister van defensie of een door deze aangewezen funktionaris. Administratieve rechtspraak In het wetsontwerp zijn verder bepalingen opgenomen inzake de administratieve rechtspraak voor de afwikkeling van geschillen tussen ambtenaren (ook militairen) en de regering. i De wet voorziet in de instelling van een administratieve rechtbank, die in eerste instantie een beslissing zal nemen over administratiefrechterlijke geschillen in personeelsaangelegenheden voor militairen. De wet is bedoeld als een integrale regeling. De uitvoering geeft echter de mogelijkheid tot differentiatie van de diensttijden en de gevolgen van dien. Als integrale regeling geldt deze wet ook voor personen, die bij de inwerkingtreding van deze wet reeds in militaire dienst zijn. Dë differentiatie die verschillende gevolgen met zich mee brengt treft men ook in het buitenland aan, hetgeen bekend is onder de naam „short commission”. --- Evacuees uit Bone Dezer dagen kwamen zes zeilprauwen uit Bone (Zuid-Sulawesi) in de haven van Lombok aan met 93 passagiers aan boord, het merendeel bestaande uit vrouwen en kinderen. Zij verklaarden, dat zij door de toenemende onveiligheid in Bone deze streek hebben verlaten, om naar elders te evacueren. Er zouden reeds 100 prauwen uit Bone zijn vertrokken met evacué’s aan boord naar Sumbawa, Birna, Lombok, Kalimantan en andere eilanden. Het plaatselijk bestuur in Lombok treft in samenwerking met de gemeenschap maatregelen om de evacué’s op te vangen. --- Canadese nationale dag Ter gelegenheid van de Canadese nationale dag hielden de ambassadeur van Canada en mevrouw Heasman maandagavond in de ambtswoning van de ambassadeur aan de djalan Diponegoro in Djakarta een druk bezochte receptie. Premier Ali Sastroamidjojo en ambassadeur Heasman brachten de gebruikelijke toasten uit op de gezondheid van de staatshoofden van beide landen. --- „Studieduur aan universiteit Gadjah Mada veel te lang” Op de seminar voor wetenschap en cultuur van de universiteit Gadjah Mada in Jogjakarta gaf de burgemeester van Jogja, mr. Sudarisman Purwokusumo, een ,uiteenzetting van de wederzijdse invloeden tussen de Gadjah Mada universiteit en de maatschappij, en merkte o.a. op, dat de Gadjah Mada Universiteit een revolutionnaire universiteit is. Betreffende haar invloed op de maatschappij verklaarde mr. Sudarisman, dat de universiteit de levensstandaard van de stad hoger heeft gemaakt, doch aan de andere kant geeft zij aan de stadsbevolking een nieuwe bron van bestaan. Over de invloed op sociaal terrein verklaarde mr. Sudarisman, dat de universiteit een stimulans vormt voor scholieren en ambtenaren, om hun studie voort te zetten, terwijl de politieke invloed hierin bestaat, dat de studenten een object vormen voor de invloedsstrijd van de politieke partijen. Aan de andere kant vormt de stad Jogja een goede leerschool voor de politieke activiteiten van de studenten. Om het contact tussen de universiteit en de maatschappij te stimuleren zou het goed zijn, indien de regeringsdiensten en de kampongs en desa's een object voor de studenten vormen, waar zij hun theorie aan de practijk kunnen toetsen. Volgens mr. Sudarisman duurt de studie aan de Gadjah Mada universiteit veel te lang in verhouding tot de behoeften van de maatschappij aan academisch gevormde krachten. De studenten moeten opgeleid worden tot practisch gevormde academici, aldus dr. Sudarisman. Tenslotte deed hij het voorstel, om de Nederlandse studieboeken te vervangen door Engelse en Indonesische studieboeken. --- Onderzoek auto’s na overval De grote weg naar de Puntjak vertoonde zondag tot 12.30 uur ’s middags op het traject tussen Kedung Halang en Bogor een ongewoon beeld van een lange file van auto’s van allerlei soort. Dit kwam door een onderzoek, dat de verkeerspolitie instelde bij alle wagens die zondag van Djakarta in de richting van Bogor reden. Volgens verkregen inlichtingen was de politie tot het onderzoek overgegaan nadat een bende een overval op Tugu -bad gedaan enkele dagen tevoren. Voorzover bekend, is de politie zondag bij het onderzoek tot geen enkele arrestatie overgegaan. ---